De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

op deze tweede adventzondag

Verwante presentaties


Presentatie over: "op deze tweede adventzondag"— Transcript van de presentatie:

1 op deze tweede adventzondag
WELKOM op deze tweede adventzondag

2 Welkom door de ouderling van dienst Aansteken tweede adventskaars
Orde van de dienst (1 van 3) Voorganger ds. H. de Bruijne Welkom door de ouderling van dienst Aansteken tweede adventskaars Mededelingen Zingen gezang 126 Stil gebed Votum en groet Zingen psalm 25 : 1 en 2 Tien geboden

3 Eerste bijbellezing Richteren 8 :33 – 9 :21 Zingen psalm 43 : 1
Orde van de dienst (2 van 3) Voorganger ds. H. de Bruijne Zingen psalm 25 : 9 en 10 Gebed Eerste bijbellezing Richteren 8 :33 – 9 :21 Zingen psalm 43 : 1 Tweede bijbellezing Richteren 9 :22 – 49 Zingen psalm 43 : 2 Derde bijbellezing Richteren 9 :50 – 57 Zingen psalm 43 : 5

4 Zingen ‘O Wijsheid’: 1, 2, 3 en 4 Gebeden Kerstproject bijbelklas
Orde van de dienst (3 van 3) Voorganger ds. H. de Bruijne Preek Zingen ‘O Wijsheid’: 1, 2, 3 en 4 Gebeden Kerstproject bijbelklas Zingen ‘Een lichtje aan de horizon’: 1 en 2 Collecten Zingen ‘O Wijsheid’: 5, 6 en 7 Zegen

5 De woorden van de goddelozen zijn een
Spreuk van de week De woorden van de goddelozen zijn een dodelijke hinderlaag, wat oprechten zeggen, is een bevrijding. (Uit: Spreuken van koning Salomo 12 : 6)

6 AGENDA komende weken (1 van 2):
Vanmiddag uur dienst met avondmaal (voorganger ds. H. de Bruijne). Volgende week zondag: uur kinderdienst; 17.00 uur dienst met medewerking van Gospelkoor REJOICE uit Vleuten - De Meern. In beide diensten voorganger ds. H. de Bruijne. Vrijdag 21 december 2012: uur advent- en kerstbijeenkomst voor iedereen (zie med.blad). Zondag 23 december 2012: en uur. In beide diensten voorganger ds. A.Th. Van Olst. Maandag 24 december 2012: uur kerstfeest met de kinderen.

7 AGENDA komende weken (2 van 2):
Dinsdag 25 december 2012: uur KERSTdienst. Zondagochtend 30 dec. 2012: uur dienst (voorganger ds. H. de Bruijne). Zondagmiddag 30 december 2012: uur in de REHOBOTHKERK een gezamenlijke dienst met de leden van de beide Utrechtse Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt. Maandagavond 31 december 2012: uur OUDEJAARSdienst. Dinsdagochtend 1 januari 2013: uur NIEUWJAARSdienst.

8 Welkom en mededelingen door de ouderling van dienst

9 Aansteken van de tweede adventskaars door Maaike Roorda
Het is drie weken uitzien naar het grote festijn, want als Hij bij ons thuis is, zal het bruiloftsfeest zijn.

10 Verwacht de komst des Heren, o mens, bereid u voor:
Gezang 126 : 1, 2 en 3 Verwacht de komst des Heren, o mens, bereid u voor: reeds breekt in deze wereld het licht des hemels door. Nu komt de Vorst op aard, die God zijn volk zou geven; ons heil, ons eigen leven vraagt toegang tot ons hart.

11 Bereid dan voor zijn voeten de weg die Hij zal gaan;
Gezang 126 : 1, 2 en 3 Bereid dan voor zijn voeten de weg die Hij zal gaan; wilt gij uw Heer ontmoeten, zo maak voor Hem ruim baan. Hij komt, bekeer u nu, verhoog de dalen, effen de hoogten die zich heffen tussen uw Heer en u.

12 Een hart dat wacht in ootmoed is lieflijk voor de Heer,
Gezang 126 : 1, 2 en 3 Een hart dat wacht in ootmoed is lieflijk voor de Heer, maar op een hart vol hoogmoed ziet Hij in gramschap neer. Wie vraagt naar zijn gebod en bidden blijft en waken, in hem wil woning maken het heil, de Zoon van God.

13 Stil gebed Votum en groet

14 HEER, ik hef mijn hart en handen op tot U, beslecht mijn zaak.
Psalm 25 : 1 en 2 HEER, ik hef mijn hart en handen op tot U, beslecht mijn zaak. Weer van mij de smaad en schande van mijns vijands leedvermaak. Ja, zij worden zeer beschaamd die de goede trouw verachten, maar wie uw gebod beaamt, mag gelovig U verwachten.

15 door uw Woord en Geest bekend; leer mij, hoe die zijn gelegen
Psalm 25 : 1 en 2 HERE, maak mij uwe wegen door uw Woord en Geest bekend; leer mij, hoe die zijn gelegen en waarheen G'uw treden wendt; leid mij in uw rechte leer, laat mij trouw uw wet betrachten, want Gij zijt mijn heil, o Heer, 'k blijf U al den dag verwachten.

16 Tien geboden

17 Sla op mijn ellende d'ogen, zie mijn moeite, mijn verdriet,
Psalm 25 : 9 en 10 Sla op mijn ellende d'ogen, zie mijn moeite, mijn verdriet, neem mijn zonden uit meedogen gunstig weg, gedenk die niet. Red mij en bewaar mijn ziel, wil, mijn God, mij niet beschamen, want ik schuil bij U, ik kniel met uw ganse volk tezamen.

18 Mogen mij toch steeds behoeden vroomheid en waarachtigheid.
Psalm 25 : 9 en 10 Mogen mij toch steeds behoeden vroomheid en waarachtigheid. Hoopvol is het mij te moede, U verwacht ik t'allen tijd. Here God van Israël, red uw volk in tegenspoeden! Toon uw goddelijk bestel, dat uw hand ons toch behoede!

19 Gebed

20 De eerste bijbellezing is Richteren 8:33 – 9:21
(in de Herziene StatenVertaling).

21 Richteren 8:33 – 9:21 33 Maar het gebeurde, toen Gideon gestorven was, dat de Israëlieten zich afkeerden en als in hoererij achter de Baäls aan gingen. En zij maakten voor zich Baäl-Berith tot een god. 34 En de Israëlieten dachten niet meer aan de HEERE, hun God, Die hen gered had uit de hand van al hun vijanden van rondom.

22 Richteren 8:33 – 9:21 35 En zij bewezen het huis van Jerubbaäl – dat is Gideon – geen goedertierenheid voor al het goede dat hij voor Israël had gedaan. 1 En Abimelech, de zoon van Jerubbaäl, ging naar Sichem, naar de broers van zijn moeder, en hij sprak tot hen en tot heel het geslacht van de familie van zijn moeder:

23 Richteren 8:33 – 9:21 2 Spreek toch ten aanhoren van alle burgers van Sichem: Wat is beter voor u? Dat zeventig mannen, allemaal zonen van Jerubbaäl, over u heersen, of dat één man over u heerst? Bedenk daarbij dat ik uw beenderen en uw vlees ben. 3 Toen spraken de broers van zijn moeder ten aanhoren van alle burgers van Sichem al deze woorden over hem.

24 Richteren 8:33 – 9:21 En hun hart neigde zich naar Abimelech, want zij zeiden: Hij is onze broeder. 4 Zij gaven hem zeventig zilverstukken uit het huis van Baäl-Berith, en daarmee huurde Abimelech lichtzinnige leeglopers in, die hem volgden.

25 Richteren 8:33 – 9:21 5 Toen kwam hij in het huis van zijn vader in Ofra en doodde zijn broers, de zonen van Jerubbaäl, op één en dezelfde steen: zeventig mannen. Maar Jotham, de jongste zoon van Jerubbaäl, bleef over, omdat hij zich had verborgen. 6 Daarop verzamelden zich alle burgers van Sichem en heel Beth-Millo. Zij gingen op weg en maakten Abimelech koning bij de hoge eik die bij Sichem staat.

26 Richteren 8:33 – 9:21 7 Toen zij dit Jotham verteld hadden, ging hij op de top van de berg Gerizim staan, en hij verhief zijn stem en riep en zei tegen hen: Luister naar mij, burgers van Sichem! Dan zal God naar u luisteren. 8 Eens gingen de bomen op weg om een koning over zich te zalven. Ze zeiden tegen de olijfboom: Wees koning over ons!

27 Richteren 8:33 – 9:21 9 Maar de olijfboom zei tegen hen: Zou ik mijn olie opgeven, die God en de mensen in mij prijzen, en zou ik weggaan om boven de andere bomen te zweven? 10 Toen zeiden de bomen tegen de vijgenboom: Komt u, wees koning over ons! 11 Maar de vijgenboom zei tegen hen: Zou ik mijn zoetigheid en mijn goede vrucht opgeven, en zou ik weggaan om boven de andere bomen te zweven?

28 Richteren 8:33 – 9:21 12 Toen zeiden de bomen tegen de wijnstok: Komt u, wees koning over ons! 13 Maar de wijnstok zei tegen hen: Zou ik mijn nieuwe wijn opgeven, die God en mensen vrolijk maakt, en zou ik weggaan om boven de andere bomen te zweven? 14 Ten slotte zeiden al de bomen tegen de doornstruik: Kom, weest u koning over ons!

29 Richteren 8:33 – 9:21 15 En de doornstruik zei tegen de bomen: Als u mij naar waarheid tot koning over u zalft, kom dan en neem de toevlucht in mijn schaduw. Maar zo niet, laat er dan vuur uitgaan van de doornstruik, dat de ceders van de Libanon zal verteren.

30 Richteren 8:33 – 9:21 16 Welnu, als u naar waarheid en in oprechtheid gehandeld hebt, toen u Abimelech koning maakte, en als u goed gehandeld hebt met Jerubbaäl en zijn huis, en als u met hem hebt gedaan overeenkomstig de verdienste van zijn handen

31 Richteren 8:33 – 9:21 17 – mijn vader heeft immers voor u gestreden, zijn leven gewaagd en u uit de hand van Midian gered; 18 maar ú bent deze dag in opstand gekomen tegen het huis van mijn vader en hebt zijn zonen, zeventig mannen, op één en dezelfde steen gedood, en u hebt Abimelech, de zoon van zijn slavin, koning gemaakt over de burgers van Sichem, omdat hij uw broer is –

32 Richteren 8:33 – 9:21 19 als u dan op deze dag naar waarheid en in oprechtheid gehandeld hebt met Jerubbaäl en zijn huis, verblijd u dan over Abimelech, en laat ook hij zich verblijden over u.

33 Richteren 8:33 – 9:21 20 Maar zo niet, laat er dan vuur uitgaan uit Abimelech, dat de burgers van Sichem en Beth-Millo verteert, en laat er vuur uitgaan van de burgers van Sichem en Beth-Millo dat Abimelech verteert. 21 Toen ging Jotham haastig op de vlucht. Hij ging naar Beër en woonde daar vanwege zijn broer Abimelech.

34 O God, kom mijn geding beslechten, verlos mij van wie U versmaadt,
Psalm 43 : 1 O God, kom mijn geding beslechten, verlos mij van wie U versmaadt, Boosdoeners willen met mij rechten, die niet aan trouw en waarheid hechten. Doe mij ontkomen aan hun haat, o HEER, mijn toeverlaat.

35 De tweede bijbellezing is Richteren 9 : 22 – 49
(in de Herziene StatenVertaling).

36 22 Toen Abimelech drie jaar over Israël geheerst had,
Richteren 9 : 22 – 49 22 Toen Abimelech drie jaar over Israël geheerst had, 23 zond God een boze geest tussen Abimelech en de burgers van Sichem. De burgers van Sichem handelden trouweloos tegen Abimelech,

37 Richteren 9 : 22 – 49 24 opdat het geweld tegen de zeventig zonen van Jerubbaäl en hun bloed zouden neerkomen op hun broer Abimelech, die hen gedood had; en op de burgers van Sichem, die hem aangemoedigd hadden om zijn broers te doden.

38 Richteren 9 : 22 – 49 25 De burgers van Sichem plaatsten mannen in hinderlaag tegen hem op de toppen van de bergen, en die beroofden iedereen die over de weg langs hen heen kwam. En het werd aan Abimelech verteld. 26 Gaäl, de zoon van Ebed, kwam ook met zijn broeders, en zij kwamen over naar Sichem. En de burgers van Sichem vertrouwden op hem.

39 Richteren 9 : 22 – 49 27 Zij gingen de stad uit, het veld in, en zij plukten hun wijngaarden leeg, traden de druiven en zongen feestliederen. Daarna gingen zij het huis van hun god binnen, aten, dronken en vervloekten Abimelech. 28 Toen zei Gaäl, de zoon van Ebed: Wie is Abimelech, en wat is Sichem, dat wij hem zouden dienen?

40 Richteren 9 : 22 – 49 Is hij niet de zoon van Jerubbaäl en is Zebul niet zijn bevelhebber? Dien liever de mannen van Hemor, de vader van Sichem, want waarom zouden wíj hem dienen? 29 Och, had ik dit volk maar in mijn hand! Dan zou ik Abimelech wel verdrijven. Ook zei hij tegen Abimelech: Vergroot uw leger en trek uit!

41 Richteren 9 : 22 – 49 30 Toen Zebul, de overste van de stad, de woorden van Gaäl, de zoon van Ebed, hoorde, ontstak hij in woede. 31 Heimelijk stuurde hij boden naar Abimelech om te zeggen: Zie, Gaäl, de zoon van Ebed, en zijn broers zijn in Sichem gekomen, en zie, zij zetten de stad tegen u op. 32 Welnu dan, sta vannacht op, u en het volk dat bij u is, en leg een hinderlaag in het veld.

42 Richteren 9 : 22 – 49 33 En laat het 's morgens, als de zon opgaat, zo gebeuren: u moet vroeg opstaan en deze stad overvallen; en zie, als hij met het volk dat bij hem is, tegen u uittrekt, doe dan met hem zoals uw hand vindt om te doen. 34 Toen stond Abimelech, met al het volk dat bij hem was, 's nachts op, en zij legden zich in een hinderlaag tegen Sichem, in vier groepen.

43 Richteren 9 : 22 – 49 35 En Gaäl, de zoon van Ebed, kwam naar buiten en ging bij de ingang van de stadspoort staan. Daarop stond Abimelech op uit de hinderlaag, met het volk dat bij hem was. 36 Toen Gaäl het volk zag, zei hij tegen Zebul: Zie, er komt volk van de bergtoppen naar beneden. Zebul zei echter tegen hem: U ziet de schaduw van de bergen voor mensen aan.

44 Richteren 9 : 22 – 49 37 Maar Gaäl sprak opnieuw en zei: Zie, daar komt volk naar beneden vanuit het midden van het land, en één groep komt uit de richting van de Waarzeggerseik. 38 Toen zei Zebul tegen hem: Waar is nu die grote mond van u waarmee u zei: Wie is Abimelech, dat wij hem zouden dienen? Is dit niet het volk dat u veracht hebt? Trek nu toch de stad uit en strijd tegen hem!

45 Richteren 9 : 22 – 49 39 En Gaäl trok voor de ogen van de burgers van Sichem de stad uit en streed tegen Abimelech. 40 Maar Abimelech jaagde hem na, want hij vluchtte voor hem weg. En velen vielen er dodelijk gewond neer tot bij de ingang van de stadspoort.

46 Richteren 9 : 22 – 49 41 En Abimelech bleef in Aruma, en Zebul verdreef Gaäl en zijn broeders, zodat zij niet meer in Sichem konden wonen. 42 En het gebeurde de volgende dag dat het volk de stad uittrok, het veld in, en men vertelde het aan Abimelech. 43 Toen nam hij zijn manschappen, verdeelde hen in drie groepen en legde een hinderlaag in het veld.

47 Richteren 9 : 22 – 49 Daarna zag hij, en zie, het volk trok de stad uit. Daarop viel hij hen aan en versloeg hen. 44 Terwijl Abimelech en de groepen die bij hem waren, hen overvielen en bij de ingang van de stadspoort bleven staan, overvielen de twee andere groepen allen die in het veld waren, en versloegen hen.

48 Richteren 9 : 22 – 49 45 Die hele dag streed Abimelech tegen de stad. Hij nam de stad in, en het volk dat daarin was, doodde hij. Hij brak de stad af en bestrooide die met zout. 46 Toen alle burgers van Migdal-Sichem dit hoorden, gingen zij de schuilplaats van het huis van El-Berith in.

49 Richteren 9 : 22 – 49 47 En Abimelech werd verteld dat alle burgers van Migdal-Sichem zich daar verzameld hadden. 48 Vervolgens ging Abimelech de berg Zalmon op, hij en al het volk dat bij hem was. Abimelech nam een bijl ter hand, hakte een tak van de bomen, pakte hem op en legde hem op zijn schouder.

50 Richteren 9 : 22 – 49 En tegen het volk dat bij hem was, zei hij: Wat u mij hebt zien doen, haast u dat ook te doen, net als ik. 49 Daarop hakte ook eenieder van het volk zijn tak af en zij gingen Abimelech achterna. Zij legden de takken tegen de schuilplaats en staken daarmee de schuilplaats in brand. Zo stierven ook alle mensen van Migdal-Sichem, ongeveer duizend mannen en vrouwen.

51 Zijt Gij dan niet mijn burcht gebleven,
Psalm 43 : 2 Zijt Gij dan niet mijn burcht gebleven, de sterke vesting van mijn hart? Waarom hebt Gij dan nu mijn leven aan mijn belagers prijsgegeven? Waarom ga ik gebukt van smart, gekleed in somber zwart?

52 De derde bijbellezing is Richteren 9 : 50 - 57
(in de Herziene StatenVertaling).

53 Richteren 9 : 50 – 57 50 Daarna ging Abimelech naar Tebez. Hij sloeg zijn kamp op bij Tebez en nam het in. 51 Maar er stond een sterke toren in het midden van de stad, en alle mannen en vrouwen, ja, alle burgers van de stad vluchtten daarheen. Zij sloten de deur achter zich en klommen op het dak van de toren.

54 Richteren 9 : 50 – 57 52 Toen kwam Abimelech bij de toren en bestormde die. Maar toen hij de ingang van de toren naderde om die in brand te steken, 53 wierp een vrouw een stuk van een molensteen op Abimelechs hoofd, en zij verbrijzelde zijn schedel.

55 Richteren 9 : 50 – 57 54 Toen riep hij snel de knecht die zijn wapens droeg en zei tegen hem: Trek uw zwaard en dood mij, want anders zullen zij over mij zeggen: Een vrouw heeft hem gedood. Daarop doorstak zijn knecht hem, zodat hij stierf. 55 En toen de mannen van Israël zagen dat Abimelech dood was, gingen zij terug, iedereen naar zijn woonplaats.

56 Richteren 9 : 50 – 57 56 Zo liet God het kwaad van Abimelech, dat hij zijn vader aangedaan had door zijn zeventig broers te doden, op zijn hoofd terugkeren. 57 Evenzo liet God al het kwaad van de mensen van Sichem op hun hoofd terugkeren. En de vloek van Jotham, de zoon van Jerubbaäl, kwam over hen.

57 Mijn ziel, hoe zijt gij zo verslagen,
Psalm 43 : 5 Mijn ziel, hoe zijt gij zo verslagen, mijn hart, wat kwelt gij u zozeer? Vertrouw op 's Heren welbehagen. Hij doet weldra de morgen dagen. Ja, ik zal zingen tot zijn eer: mijn redder is de Heer.

58 De kinderen kunnen naar de bijbelklas gaan.
Daar wordt – in het kader van het kerstproject - verteld over Ruth de Moabitische (Ruth 2).

59 Preek

60 ‘De schreeuw’ (Edvard Munch, 1893)

61 Op aarde plant het kwaad zich voort,
‘O Wijsheid’ : 1, 2, 3 en 4 Sapientia Op aarde plant het kwaad zich voort, de waanzin voert het hoogste woord, het zaad verdort, de oogst wordt schraal, o wijsheid daal als vruchtbare taal! O kom, ja kom, Immanuël ! Verblijd uw volk, uw Israël !

62 Verlichte wolk en lopend vuur, zo waart gij eens op aarde hier,
‘O Wijsheid’ : 1, 2, 3 en 4 Adonai Verlichte wolk en lopend vuur, zo waart gij eens op aarde hier, die onze Heer en Meester zijt, zie neer en kom in Majesteit! O kom, ja kom, Immanuël ! Verblijd uw volk, uw Israël !

63 verlos ons van de tirannie, van alle goden dezer eeuw,
‘O Wijsheid’ : 1, 2, 3 en 4 Radix Jesse Ja kom, gij wortel Isaï, verlos ons van de tirannie, van alle goden dezer eeuw, o Herder, sla de boze leeuw! O kom, ja kom, Immanuël ! Verblijd uw volk, uw Israël !

64 Ontsluit, gij die de sleutel zijt, die opendoet en niemand sluit,
‘O Wijsheid’ : 1, 2, 3 en 4 Clavis David Ontsluit, gij die de sleutel zijt, die opendoet en niemand sluit, het huis van dood en duisternis waarin uw volk gekluisterd is! O kom , ja kom, Immanuël ! Verblijd uw volk, uw Israël !

65 Gebeden

66 BIJBELKLAS Kerstproject 2012 ‘Brood in Bethlehem’ Vandaag (tweede adventzondag): Oogsten in het veld van Betlehem.

67

68

69

70 Projectplaten verschijnen op korenaar
Klik om af te sluiten

71 Einddia

72

73

74

75

76

77

78 Er wordt gecollecteerd voor:
1. Emeritikas. 2. (Singelkerk). De collecte voor de emeritikas betreft de oudedagsvoorziening voor predikanten. Ook langdurig zieke predikanten, predikantsweduwen en –wezen vallen onder de emeritikas.

79 Daag op, o grote dageraad, licht aan , wij zijn ten einde raad,
‘O Wijsheid’ : 5, 6 en 7 Oriens Daag op, o grote dageraad, licht aan , wij zijn ten einde raad, verjaag de nacht van onze nood en maak uw toekomst rozerood ! O kom, ja kom, Immanuël ! Verblijd uw volk, uw Israël !

80 Koning der volken, heers alom en, eerste van de aarde, kom !
‘O Wijsheid’ : 5, 6 en 7 Rex gentium Koning der volken, heers alom en, eerste van de aarde, kom ! Gij hoeksteen, maak ons samen één, verzamel allen om U heen ! O kom, ja kom, Immanuël ! verblijd uw volk, uw Israël

81 Zegen het volk dat vrede wil, maak Israël gerust en stil,
‘O Wijsheid’ : 5, 6 en 7 Immanuël Zegen het volk dat vrede wil, maak Israël gerust en stil, wees uw belofte, neem ons aan, Immanuël, bewijs uw naam ! O kom, ja kom, Immanuël ! Verblijd uw volk, uw Israël !

82 Zegen, te beantwoorden met:

83 Vanmiddag om 17.00 uur vanuit dit kerkgebouw opnieuw een kerkdienst
(met avondmaal). Voorganger is ook dan ds. H. de Bruijne.


Download ppt "op deze tweede adventzondag"

Verwante presentaties


Ads door Google