De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

1 opdracht 2 a. Ze was koningin van Egypte (51-30 v. Chr.). b. Sinds de verovering van Egypte door Alexander de Grote (332) maakte Egypte deel uit van.

Verwante presentaties


Presentatie over: "1 opdracht 2 a. Ze was koningin van Egypte (51-30 v. Chr.). b. Sinds de verovering van Egypte door Alexander de Grote (332) maakte Egypte deel uit van."— Transcript van de presentatie:

1 1 opdracht 2 a. Ze was koningin van Egypte (51-30 v. Chr.). b. Sinds de verovering van Egypte door Alexander de Grote (332) maakte Egypte deel uit van de hellenistisch-Griekse cultuur. De eerste koning na Alexander was een Griekse generaal. Zijn nakomelinge Cleopatra was dus ook een Griekse. c. Vanaf ca. 50 v. Chr. kregen de Romeinen veel invloed in Egypte. Cleopatra moest veel moeite doen om haar rijk zelfstandig te houden. Ze heeft intensieve politieke en persoonlijke contacten gehad met de belangrijkste Romeinen van haar tijd, onder wie Caesar en de latere Augustus. d. Eigen uitwerking. 1

2 2 opdracht 3 a. Beschaving: zelfs als we de Griekse beschaving laten beginnen rond 2000 v. Chr. (Minoïsche beschaving), dan nog waren de Mesopotamische en Egyptische beschavingen veel eerder (in ieder geval al rond 3100 v. Chr.). b. Landbouw: ca v. Chr. in Syrië al landbouw (zie hoofdstuk 1, bron 13); rond 7500 v. Chr. leefden bijna alle culturen in het Nabije Oosten van de landbouw. In Nederland (Zuid-Limburg) zijn al agrarische nederzettingen gevonden van rond 5300 v. Chr. (hoofdstuk 1, p. 25). c. Rechtspraak: de Mesopotamische en Egyptische samenlevingen hadden rond 3000 v. Chr. al een uitgebreide bureaucratie. Rechtspraak zal daar zeker bij gehoord hebben. De oudste gevonden wetsteksten staan op naam van de Babylonische koning Hammoerabi ( ) d. Zie onder a 2

3 2.1 Denken over mens en natuur

4 4 Wanneer je een Atheens burger was mocht je meebeslissen over de politiek. –eerst alleen rijke mannen (je moest wapenuitrusting kunnen kopen) –later ook de armere mannen (zij konden roeien op de oorlogsvloot) 4

5 5 Soort democratie directe democratie 5

6 Perikles: ‘iemand die het politieke leven mijdt, is een nutteloos mens.’ Iedere Atheense burger moest actief zijn in de politiek van de stad.

7 Er waren ook tegenstanders van dit idee, waaronder Plato. Hij vond dat niet iedereen geschikt was om zich met politiek bezig te houden. (bron 10)

8 88

9 9 Wetenschap: Filosofie (Socrates, Plato) Astrologie Geschiedenis (Herodotus) Medische wetenschap (Hippocrates) 9

10 Niet alleen kritisch nadenken over politiek, ook over natuurwetenschappen. (medicijnen) Observatie voor diagnose. Idee: 4 temperamenten –4 lichaamsvochten: bloed, slijm, gele gal, zwarte gal (deze moesten in balans zijn) –Bron 13 Chirurgie: verbonden met oorlogsvoering

11 11 hvITohttp://www.youtube.com/watch?v=xEH4ih hvITo 11

12 VRAAG: 1 t/m 5


Download ppt "1 opdracht 2 a. Ze was koningin van Egypte (51-30 v. Chr.). b. Sinds de verovering van Egypte door Alexander de Grote (332) maakte Egypte deel uit van."

Verwante presentaties


Ads door Google