De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: 1- 18 Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: 17-40 Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Welkom Voorganger:ds.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: 1- 18 Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: 17-40 Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Welkom Voorganger:ds."— Transcript van de presentatie:

1 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Welkom Voorganger:ds. K.P.A. Moedt Organist:br. M. Jansma Eventuele opmerkingen kunt u melden bij de leden van het BeamTeam: Derk Rouwhorst, Dennis Smit, Oebele Spriensma en Pieter Wiltjer. De Bijbelteksten die worden geprojecteerd, zijn ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling © Nederlands Bijbelgenootschap 2004/2007. Mededelingen of aankondigingen op de beamer? Voor vrijdag uur mailen naar:

2 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Wij hebben voor de komende twee weken (zondag 19 en 26 augustus) geen organistenvoorziening. Kunt u spelen of weet u iemand? Neem contact op met Machiel van de Bos. Tel.nr.:

3 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 i.v.m. vakantie van onze koster. Is er komende zaterdag (18 augustus) geen collectemunt verkoop in de kerk.

4 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

5 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Gezang 175b Votum en zegengroet On-zehulpisindenaamvandeHE-RE, diehe-melenaar-dege-maaktheeft.A-men.

6 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

7 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Psalm 150: 1, 2 1Looft de HEER uw God alom, looft Hem in zijn heiligdom. Looft Hem, maakt zijn naam bekend, looft Hem in zijn firmament. Looft de HEER om al zijn deugden. Looft Hem om zijn sterke macht. Looft Hem die zijn werk volbracht. Looft de HEER met grote vreugde.

8 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Psalm 150: 1, 2 2Looft de HEER, brengt Hem uw dank, looft Hem met bazuingeklank. Looft Hem met de harp en luit, looft Hem met de trom en fluit. Looft de HEER, elk moet Hem eren. Looft Hem, laat de cimbels slaan. Looft Hem, vangt de reidans aan. Al wat ademt, looft de HERE!

9 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

10 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen 1 Koningen 19: 1-18 Elia op de Horeb 1 Achab vertelde Izebel alles wat Elia had gedaan, ook dat hij alle profeten ter dood had gebracht. 2 Toen liet Izebel Elia de volgende boodschap overbrengen: ‘De goden mogen met mij doen wat ze willen als u morgen om deze tijd niet hetzelfde lot ondergaat als zij.’ 3 Elia werd bang en vluchtte om zijn leven te redden. Bij Berseba in Juda aangekomen liet hij zijn knecht achter

11 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen 1 Koningen 19: en zelf trok hij één dagreis ver de woestijn in. Daar ging hij onder een bremstruik zitten, verlangend naar de dood, en zei: ‘Het is genoeg geweest, HEER. Neem mijn leven, want ik ben niet beter dan mijn voorouders.’ 5 Hij viel onder de bremstruik in slaap, maar er kwam een engel, die hem aanraakte en zei: ‘Word wakker en eet wat.’ 6 Elia keek op en ontdekte naast zijn hoofd een brood, in gloeiende kooltjes gebakken, en een kruik water. Nadat hij had gegeten en gedronken ging hij weer onder de struik liggen.

12 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen 1 Koningen 19: Maar de engel van de HEER kwam terug, raakte hem opnieuw aan en zei: ‘Sta op en eet wat, anders is de reis te zwaar voor je.’ 8 Elia stond op, en toen hij had gegeten en gedronken liep hij, gesterkt door dit voedsel, veertig dagen en veertig nachten door de woestijn, tot hij bij de Horeb kwam, de berg van God. 9 Daar ging hij een grot binnen om er de nacht door te brengen. Toen richtte de HEER zich tot hem met de woorden: ‘Elia, wat doe je hier?’

13 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen 1 Koningen 19: Elia antwoordde: ‘Ik heb me met volle overgave ingezet voor de HEER, de God van de hemelse machten, maar de Israëlieten hebben uw verbond met hen naast zich neergelegd, uw altaren verwoest en uw profeten gedood. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien.’

14 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen 1 Koningen 19: ‘Kom naar buiten,’ zei de HEER, ‘en treed hier op de berg voor mij aan.’ En daar kwam de HEER voorbij. Er ging een grote, krachtige windvlaag voor de HEER uit, die de bergen spleet en de rotsen aan stukken sloeg, maar de HEER bevond zich niet in die windvlaag. Na de windvlaag kwam er een aardbeving, maar de HEER bevond zich niet in die aardbeving. 12 Na de aardbeving was er vuur, maar de HEER bevond zich niet in dat vuur. Na het vuur klonk het gefluister van een zachte bries.

15 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen 1 Koningen 19: Toen Elia dat hoorde, sloeg hij zijn mantel voor zijn gezicht. Hij kwam naar buiten en ging in de opening van de grot staan, en daar klonk een stem die tot hem sprak: ‘Elia, wat doe je hier?’ 14 Elia antwoordde: ‘Ik heb me met volle overgave ingezet voor de HEER, de God van de hemelse machten, maar de Israëlieten hebben uw verbond met hen naast zich neergelegd, uw altaren verwoest en uw profeten gedood. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien.’

16 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen 1 Koningen 19: De HEER zei tegen Elia: ‘Keer terug en ga naar de woestijn van Damascus. Daar aangekomen moet je Hazaël tot koning van Aram zalven. 16 Jehu, de zoon van Nimsi, moet je zalven tot koning van Israël, en Elisa, de zoon van Safat, uit Abel-Mechola, moet je tot je eigen opvolger zalven. 17 Wie ontkomt aan het zwaard van Hazaël, zal gedood worden door Jehu. En wie ontkomt aan het zwaard van Jehu, zal gedood worden door Elisa.

17 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen 1 Koningen 19: Ik zal in Israël niet meer dan zevenduizend mensen in leven laten, alleen degenen die niet voor Baäl hebben geknield en hem niet hebben gekust.’

18 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

19 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Psalm 77: 1-3 1Roepend om gehoor te vinden, om bij God gehoor te vinden, roep en smeek ik onverpoosd maar mijn ziel blijft ongetroost. Nu de druk mij overmande, hef ik tot de Heer mijn handen, maar 't gedenken is mij pijn, nu ik zonder God moet zijn.

20 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Psalm 77: 1-3 2's Nachts doet Gij mijn ogen staren. Denkend aan het spel der snaren, aan de dagen van weleer, vindt mijn hart geen woorden meer. En ik vraag aan mijn gedachten: laat de Heer voor immer smachten? Neemt Hij hen die smekend staan niet meer in genade aan?

21 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Psalm 77: 1-3 3Zou de Heer zijn volk verstoten? Heeft de toorn zijn hart gesloten? Is zijn gunst voorgoed voorbij? Blijft niet wat Hij eenmaal zei? Kan God zijn gena vergeten? Heb ik steeds vergeefs geweten, dat des Allerhoogsten kracht stand houdt tot het laatst geslacht?

22 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

23 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen Hebreën 11: Door zijn geloof kon Abraham, toen hij op de proef werd gesteld, Isaak als offer opdragen. Hij die de beloften had ontvangen, was bereid zijn enige zoon te offeren. 18 Terwijl er tegen hem gezegd was: ‘Alleen door Isaak zul je nageslacht krijgen,’ 19 zei hij bij zichzelf dat het voor God mogelijk moest zijn iemand uit de dood op te wekken, en daarom kreeg hij hem ook terug, bij wijze van voorafbeelding. 20 Door zijn geloof zegende Isaak Jakob en Esau, en hij dacht daarbij aan wat er in de toekomst zou gebeuren.

24 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen Hebreën 11: Door zijn geloof kon Jakob op zijn sterfbed de beide zonen van Jozef zegenen; daarna knielde hij neer, steunend op de greep van zijn stok. 22 Door zijn geloof sprak Jozef aan het eind van zijn leven al over de uittocht van het volk van Israël en gaf hij opdracht zijn gebeente dan mee te nemen. 23 Door hun geloof konden Mozes’ ouders hem na zijn geboorte drie maanden verborgen houden. Ze vonden hun kind erg mooi en waren niet bang voor het bevel van de koning.

25 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen Hebreën 11: Door zijn geloof weigerde Mozes, toen hij volwassen werd, aangesproken te worden als zoon van een dochter van de farao. 25 Liever werd hij even slecht behandeld als het volk van God dan dat hij vluchtig voordeel had bij de zonde; 26 omdat hij uitzag naar de beloning waardeerde hij de smaad van Christus hoger dan de schatten van Egypte. 27 Door zijn geloof verliet hij Egypte zonder angst voor de woede van de koning; hij volhardde, als zag hij de Onzienlijke.

26 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen Hebreën 11: Door zijn geloof liet hij het pesachfeest vieren, en de deurposten met bloed besprenkelen opdat de doodsengel hun eerstgeborenen geen haar zou krenken. 29 Door het geloof kon het volk door de Rode Zee trekken als over droog land; toen de Egyptenaren dat ook probeerden werden ze verzwolgen. 30 Door dat geloof vielen de muren van Jericho toen het volk er zeven dagen lang omheen getrokken was.

27 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen Hebreën 11: Door haar geloof ontving de hoer Rachab de verkenners gastvrij in haar huis en is ze niet met de ongehoorzame bewoners van haar stad omgekomen. 32 Wat valt hier nog aan toe te voegen? De tijd ontbreekt me om te vertellen over Gideon en Barak, Simson en Jefta, David en Samuel, en over de profeten, 33 die door hun geloof koninkrijken overwonnen, gerechtigheid lieten gelden, en kregen wat hun beloofd was; die leeuwen de muil toeklemden,

28 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen Hebreën 11: aan vuur de laaiende kracht ontnamen en ontkwamen aan de houw van het zwaard; die hun zwakheid krachtig overwonnen, in de oorlog machtige helden werden en vijandelijke legers op de vlucht joegen. 35 Vrouwen kregen hun doden terug doordat die uit de dood opstonden. Anderen werden gemarteld tot de dood erop volgde en wilden van geen vrijlating weten, omdat ze uitzagen naar een betere opstanding. 36 Weer anderen kregen te maken met bespotting en geseling, zelfs met arrestatie en gevangenschap.

29 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen Hebreën 11: Ze werden gestenigd of doormidden gezaagd, of stierven door een moordend zwaard. Ze zwierven rond in schapenvachten of geitenvellen, berooid, vernederd en mishandeld. 38 Ze doolden door verlaten oorden en berggebieden en verscholen zich in grotten en holen onder de grond. Ze waren voor de wereld te goed. 39 Al deze mensen, die van oudsher om hun geloof geprezen worden, hebben de belofte niet in vervulling zien gaan

30 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lezen Hebreën 11: omdat God voor ons iets beters had voorzien, en hij hen niet zonder ons de volmaaktheid wilde laten bereiken.

31 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

32 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Tekst Hebreën 12: Nu wij door zo’n menigte geloofsgetuigen omringd zijn, moeten ook wij de last van de zonde, waarin we steeds weer verstrikt raken, van ons afwerpen en vastberaden de wedstrijd lopen die voor ons ligt. 2 Laten we daarbij de blik gericht houden op Jezus, de grondlegger en voltooier van ons geloof: denkend aan de vreugde die voor hem in het verschiet lag, liet hij zich niet afschrikken door de schande van het kruis. Hij hield stand en nam plaats aan de rechterzijde van de troon van God.

33 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Tekst Hebreën 12: Laat tot u doordringen hoe hij standhield toen de zondaars zich zo tegen hem verzetten, opdat u niet de moed verliest en het opgeeft.

34 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

35 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lied 328: 1-3 1Here Jezus, om uw woord zijn wij hier bijeengekomen. Laat in 't hart dat naar U hoort uw genade binnenstromen. Heilig ons, dat wij U geven hart en ziel en heel ons leven. 2Ons gevoel en ons verstand zijn, o Heer, zo zonder klaarheid, als uw Geest de nacht niet bant, ons niet stelt in 't licht der waarheid. 't Goede denken, doen en dichten moet Gij zelf in ons verrichten.

36 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Lied 328: 1-3 3O Gij glans der heerlijkheid, licht uit licht, uit God geboren, maak ons voor uw heil bereid, open hart en mond en oren, dat ons bidden en ons zingen tot de hemel door mag dringen.

37 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

38 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Tekst Hebreën 12: Nu wij door zo’n menigte geloofsgetuigen omringd zijn, moeten ook wij de last van de zonde, waarin we steeds weer verstrikt raken, van ons afwerpen en vastberaden de wedstrijd lopen die voor ons ligt. 2 Laten we daarbij de blik gericht houden op Jezus, de grondlegger en voltooier van ons geloof: denkend aan de vreugde die voor hem in het verschiet lag, liet hij zich niet afschrikken door de schande van het kruis. Hij hield stand en nam plaats aan de rechterzijde van de troon van God.

39 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Tekst Hebreën 12: Laat tot u doordringen hoe hij standhield toen de zondaars zich zo tegen hem verzetten, opdat u niet de moed verliest en het opgeeft.

40 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

41 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Blijf de marathon van het geloof lopen! 1zie de vele getuigen om je heen. 2kijk naar de Here Jezus.

42 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek In de marathon van het geloof zijn geen verliezers

43 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Blijf lopen!

44 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Er is geen directe verbinding tussen de geloofsgetuigen en ons

45 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Abraham bleef God vertrouwen

46 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Je staat er niet alleen voor, kijk naar de tribune!

47 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Hoe kijken je kinderen tegen je aan?

48 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek De kerk: een gemeenschap

49 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Kijk ook naar de geloofsgetuige Elia

50 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Blijf de trainingen trouw volgen!

51 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Gooi alle overbodige ballast weg

52 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Probeer de ander mee te trekken

53 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek God ontmoedigt je nooit

54 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Blijf de marathon van het geloof lopen! 1. zie de vele getuigen om je heen. 2. kijk naar de Here Jezus.

55 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Jezus liep het wedstrijdparcours foutloos

56 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek Richt je blik op de volmaakte Coach!

57 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Preek God geeft je kracht om te blijven lopen

58 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

59 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Psalm 89: 7, 8 7Hoe zalig is het volk dat U de lofzang zingt, dat uitbreekt in gejuich als de bazuin weerklinkt. Uw lichtend aangezicht zal altijd hen geleiden. Zij zullen in uw naam zich dag aan dag verblijden, zij gaan in vrede voort, zij wandlen voor uw ogen, want uw rechtvaardigheid zal hen voorgoed verhogen.

60 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Psalm 89: 7, 8 8Gij, HERE, die de glans van onze sterkte zijt, geeft luister aan uw volk, en hoge heerlijkheid. Uw welgevallen doet ons grote dingen wagen en met geheven hoofd de kroon der ere dragen. Gij Heilge Israëls, Gij zelf hebt ons ten leven een koning naar uw wil, een schild van heil gegeven.

61 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

62 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Gezang 107: 1, 4 1Ere zij aan God, de Vader, ere zij aan God, de Zoon, eer de Heilge Geest, de Trooster, de Drie-eenge in zijn troon. Halleluja, halleluja, de Drie-eenge in zijn troon! 4Halleluja, lof, aanbidding brengen englen U ter eer, heerlijkheid en kracht en machten legt uw schepping voor U neer. Halleluja, halleluja, lof zij U, der heren Heer!

63 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

64 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Collecte Onderhoud & Rente & Aflossing

65 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

66 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Gezang 119: 3-5 3God houdt zijn kerk in leven, hoe ook bespot, verdrukt, door dwalingen omgeven, verscheurd, uiteengerukt. Al roepen van de tinnen de wachters nog: Hoe lang? Straks gaat de dag beginnen en 't klagen wordt gezang.

67 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Gezang 119: 3-5 4In rampspoed, moeit' en zorgen, in 't heetste van de strijd, wacht zij de grote morgen, de vrede voor altijd. Tot eens haar hunkrend' ogen aanschouwen, blij ontroerd, hoe God haar komt verhogen en tot victorie voert.

68 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Gezang 119: 3-5 5Nog weet zij zich verbonden in haar drieëenge Heer met wie zij trouw bevonden, de strijders van weleer. Een wolk van Godsgetuigen omringt ons in de strijd, tot wij met hen ons buigen, gekroond met heerlijkheid.

69 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5

70 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Gezang 182d Amen A-men,a-men,a-men.

71 Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5


Download ppt "Liturgie Ps.150: 1, 2 Lz.1Kon. 19: 1- 18 Ps.77: 1-3 Lz.Hebr. 11: 17-40 Ld.328: 1-3 T.Hebr. 12:1-3 Ps.89: 7, 8 Gz.107: 1, 4 Gz.119: 3, 4, 5 Welkom Voorganger:ds."

Verwante presentaties


Ads door Google