De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Presenterenpresenteren n n 33 miljoen presentaties per dag n n presenteren is het presenteerblaadje van het bedrijf.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Presenterenpresenteren n n 33 miljoen presentaties per dag n n presenteren is het presenteerblaadje van het bedrijf."— Transcript van de presentatie:

1 presenterenpresenteren n n 33 miljoen presentaties per dag n n presenteren is het presenteerblaadje van het bedrijf

2 Korte oefening n Neem je laatste presentatie, voordracht, optreden of spreekbeurt in gedachten n Kijk de uitleg van ‘Presenteren’ n Ga na welke vuistregels je destijds wel of niet hebt toegepast

3 presenterenpresenteren n n non-verbaal – –zenuwen – –houding – –plaats – –stem-volume n n verbaal – –voorbereiden – –structureren – –informeren / overtuigen – –levendig maken – –activeren van publiek

4 doelen van een voordracht n n informeren – –overbrengen van informatie – –toelichten – –opfrissen van het gelezene – –belangstelling wekken voor paper n n overtuigen – –opstarten van een discussie n n combinatie van informeren en overtuigen

5 informereninformeren n n 3 tot 5 kernpunten of hoofdvragen – –bijv. vaste structuur n n set – –inhoud – –geloofwaardigheid – –sfeer n n SSAP – –support – –sequence – –access – –polish

6 overtuigenovertuigen n n herhaling van stellingname / doel – –bijv. inleiding met daarin het doel argument 1 herhaling doel argument 2 herhaling doel argument 3 herhaling doel / afronding n n echte stellingname n n niet te veel argumenten – –kies de belangrijkste argumenten n n set en SSAP

7 opbouw van een voordracht n n kop pakkende opening n n kern logisch betoog n n staart sprekende afsluiting

8 kopkop n n opening: aangeven van het onderwerp n n doel n n motiveren: belang voor de luisteraars aangeven n n overzicht n n noodzakelijke voorinformatie voorbeelden: Leren Communiceren hoofdstuk 8

9 kernkern n n 3 tot 5 kernpunten aangeven n n logische opbouw – –bijv. vaste structuren n n aanvullingen – –anecdotes – –illustraties – –cijfermateriaal

10 staartstaart n n samenvatting n n conclusie n n toekomst – –oproep tot actie – –opsomming van wat niet behandeld is – –opsomming van toepassingsmogelijkheden in de toekomst n n uitsmijter – –bijv. afronding door terug te koppelen naar opening

11 activeren van publiek n n vooraf verdiepen in de doelgroep n n anticiperen op problemen n n duidelijke vraag stellen (eventueel toelichten) n n omgaan met vragen n n omgaan met interrupties n n reageren op signalen uit het publiek

12 zeven stappen n n bepaal de context n n bepaal het onderwerp en het doel n n bepaal de doelgroep n n bepaal de kernpunten en de opbouw n n optimaliseer de kans op aandacht door de keuze van een goede invalshoek n n ontwerp de inleiding en de afsluiting n n maak de hulpmiddelen klaar, inclusief spreekschema

13 spreekschemaspreekschema n n inleiding n n lijn, rode draad n n definities n n trefwoorden n n overgangszinnen n n slot n n media n n tijd voorbeelden: Leren Communiceren hoofdstuk 8

14 beoordelingformulierbeoordelingformulier n n inhoud – –opening – –structuur – –afsluiting n n taalgebruik – –informatiedichtheid – –levendigheid n n spreekgedrag – –articulatie – –zenuwachtigheid n n interactie met publiek n n mediagebruik

15 ontwerpstructuurontwerpstructuur (ONTWERP IS IETS WAT JE MAAKT) n n waartoe dient het ? n n aan welke eisen moet het voldoen ? n n welke middelen worden er gekozen ? n n hoe ziet het ontwerp eruit ? n n wat is de waarde van het ontwerp ?

16 maatregelstructuurmaatregelstructuur (MAATREGEL = ACTIE, VOORSTEL) n n wat is de maatregel precies ? n n waarom is de maatregel nodig ? n n hoe wordt de maatregel uitgevoerd ? n n wat zijn de effecten van de maatregel ?

17 bordbord n n maak vooraf een bordplan n n zorg voor een overzichtelijke lay-out – –links: lesdoel – –midden: klad n n geef onderlinge relaties aan n n markeer visueel n n zorg voor een goede techniek – –leesbaar schrijven – –er niet voor gaan staan – –met gezicht naar publiek blijven spreken

18 transparanttransparant n n goede leesbaarheid – –7 tot 10 regels – –woorden niet in hoofdletters – –brede marges – –consequent zijn met lay-out en kleur n n let op correct gebruik – –lichtsterkte – –deels bedekken – –aanwijzen

19 dia’sdia’s n n diaserie is beeldverhaal n n cruciaal is de erbij gesproken tekst

20 videovideo n n bepaal welke delen je wilt gebruiken n n geef verwerkingstijd tijdens en achteraf n n indexeer vooraf n n geef kijkopdrachten n n voorkom discussie over kwaliteit van videoproduktie n n leg verband met ander leermateriaal n n zorg voor geschikte voorbeelden

21 boeken en diktaten n n verwijs ernaar waar mogelijk onder vermelding van plaats

22 handoutshandouts n n beknopt houden n n herkenbaar maken (docent, vak, datum, onderwerp) n n doel aangeven n n indien samenvatting, dan aan het eind indien transparanten, dan aan het begin

23 flipoverflipover n n visuele ondersteuning n n aanvullende informatie n n inventarisaties n n groepswerk n n een onderwerp per vel n n alleen trefwoorden

24 computerschermencomputerschermen n n zorg voor back-ups op transparanten n n zet niet te veel info op een scherm n n sterk afhankelijk van apparatuur

25 mediagebruikmediagebruik n n bord n n tranparant n n dia’s n n video n n handouts n n flipover n n computerschermen n n boek / diktaat


Download ppt "Presenterenpresenteren n n 33 miljoen presentaties per dag n n presenteren is het presenteerblaadje van het bedrijf."

Verwante presentaties


Ads door Google