De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Begrippen erfelijkheid Locus= plaats van een gen in een chromosoom Homologe chromosomen komen overeen in lengte en vorm, maar ook in loci Allel= gen dat.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Begrippen erfelijkheid Locus= plaats van een gen in een chromosoom Homologe chromosomen komen overeen in lengte en vorm, maar ook in loci Allel= gen dat."— Transcript van de presentatie:

1 Begrippen erfelijkheid Locus= plaats van een gen in een chromosoom Homologe chromosomen komen overeen in lengte en vorm, maar ook in loci Allel= gen dat voorkomt op een bepaalde locus. Voor een erfelijke eigenschap kunnen verschillende allelen bestaan, bv. voor sluik en voor krullend haar Homozygoot is een persoon voor een bepaalde eigenschap als het genenpaar voor die eigenschap uit twee gelijke allelen bestaat. Bv. twee allelen voor sluik haar Heterozygoot is een persoon als het genenpaar uit ongelijke allelen bestaat. B.v. een allel voor sluik en allel voor krullend haar. Bij een heterozygoot persoon komt slechts één van beide allelen tot uiting in het fenotype. Dit is het dominante allel. Het andere allel is recessief.

2 Notatie: dominante eigenschap: hoofdletter (A, B) recessieve eigenschap: corresponderende kleine letter (a, b) Homozygoot dominant: AA Homozygoot recessief: aa Heterozygoot Aa (!Hoofdletter altijd vooraan!) Kruisingsschema: PAAxaa GeslachtscellenAa F1Aa AaxAa GeslachtscellenA of aA of a F2 Aa AAa a aa

3 Typen kruisingen: Monohybride: één eigenschap met twee allelen. B.v. AA x aa (zie vorige dia) Dihybride: twee eigenschappen die op verschillende chromosomen liggen en dus onafhankelijk overerven. B.v. AaBb x Aabb Kruisingsschema: PAaBbxAabb GeslachtscellenAB, Ab, aB,abAb, ab F1 ABAbaBab AbAABbAabbAaBbAabb abAaBbAabbaaBbaabb

4 Vormen van overerving: Onvolledig dominant= recessieve allel komt toch enigszins tot uiting in het fenotype. B.v. iets lichtere bruine ogen bij iemand die heterozygoot is voor die eigenschap. Intermediair fenotype= géén van beide is recessief, beide allelen zijn als het ware even sterk. B.v. een allel voor een rode bloemkleur en een allel voor een witte bloemkleur geven samen roze bloemen. Notatie: A w A w en A r A r Multiple allelen= een eigenschap waar drie of meer verschillende allelen voor bestaan. B.v. de eigenschap voor bloedgroepen. Twee genen zijn dominant (co-dominant) en één is recessief. Notatie: I A I A of I B I B of I A I B of I a i, ii X-chromosomale overerving: de genen die in het x-chromosoom liggen komen niet voor op het y-chromosoom. Notatie: X A X a, X a Y Letale factoren: er is bij de overerving een allel betrokken dat in homozygote toestand geen levensvatbaar individu oplevert. Gekoppelde overerving: twee genenparen liggen op hetzelfde chromosoom en erven dus gezamenlijk over. Notatie: GN gn


Download ppt "Begrippen erfelijkheid Locus= plaats van een gen in een chromosoom Homologe chromosomen komen overeen in lengte en vorm, maar ook in loci Allel= gen dat."

Verwante presentaties


Ads door Google