De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Het effect van hartmassage en intrathoracale drukverschillen op end-tidal CO 2 spanning in patiënten met een uit-hospitaal hartstilstand Jan FIERENS Promotor:

Verwante presentaties


Presentatie over: "Het effect van hartmassage en intrathoracale drukverschillen op end-tidal CO 2 spanning in patiënten met een uit-hospitaal hartstilstand Jan FIERENS Promotor:"— Transcript van de presentatie:

1 Het effect van hartmassage en intrathoracale drukverschillen op end-tidal CO 2 spanning in patiënten met een uit-hospitaal hartstilstand Jan FIERENS Promotor: Prof. Dr. K. Monsieurs

2 Achtergrond a.Mechanismen van cardiopulmonaire resuscitatie (CPR) Cardiaal pompmechanisme Thoracaal pompmechanisme

3 b.Het gebruik van end-tidal CO2 (P et CO 2 ) in reanimatie Correcte plaatsing van de endotracheale tube Weerspiegelt de cardiale output en coronaire perfusiedruk ProgNEEstische waarde voor terugkeer van spontane circulatie van tijdens CPR

4 Doelstelling Kwantificeren van beide pompmechanismen in individuele patiënten Modelleren van veranderingen in PetCO2 mbv parameters die een pompmechanisme beschrijven Voorspellen van het effect op PETCO2 door veranderingen in de parameters van beide pompmechanismen

5 Materialen en methoden Prospectieve observationele studie van patiënten met een uit-hospitaal hartstilstand tussen oktober 2010 en de helft van april 2011 De diepte en snelheid van hartmassage wordt gemeten via een accelerometer tussen het sternum en de hand van de reanimator Patiënten worden endotracheaal geïntubeerd Continue mainstream capnografie maakte het mogelijk om een exacte P et CO 2 te meten op het einde van elke expiratie Er werden druksensoren gebruikt om de distale (tip van de endotracheale tube) en de proximale (het proximale einde van de endotracheale tube) intratreacheale druk te meten. Deze laatste komt overeen met de intrathoracale druk

6 Mainstream P ET CO 2 sensor Defibrillator pads met accelerometer

7 Bakje met druksensoren, -versterker en -logger Volledige opstelling van disposable met P et CO 2 sensor

8 Uitlezen van de Zoll defibrillator en druklogger met de thoracale drukdata (links) en Zoll bestand met P et CO 2 data en compressie data (rechts)

9 Integratie en synchronisatie van alle data in MS Excel

10 Data analyse Gebruikte variabelen: mediaan en gemiddelde berekend in een tijdsinterval van 5,10, 15 en 20 s voor iedere PetCO2 Compressiediepte (CD) Compressiesnelheid (#C) Ventilatiedruk (P vent ) Piekdruk ΔCP (intrathoracaal drukverschil) Area Under the Curve (AUC) van de piekdrukken Totale intrathoracale druk(P IT ) Voor elke variabele werd ook een sommatie uitgevoerd in een tijdsinterval van 5, 10,15 en 20 s voor elke PetCO2

11 Illustratie van de gebruikte data P et CO 2 Compressiediepte – aantal compressies AUC compressiepieken P IT Peak pressure P vent ΔCP

12 Statistische analyse per patiënt Enkelvoudige lineaire regressie van alle variabelen in functie van P et CO 2 Modellering met UNIANOVA – Zo laag mogelijk correlatie tussen de gebruikte variabelen in het model – Een zo hoog mogelijk R² bekomen: beschrijft de mate waarin het gevonden model veranderingen in P et CO 2 verklaart – Combinaties maken van variabelen die zowel een cardiale als thoracale pomp kunnen beschrijven

13 Resultaten Illustratie van enkelvoudige lineaire regressie

14 Illustratie van enkelvoudige regressie Enkelvoudige lineaire regressie toonde een superioriteit voor het gebruik van de mediaan in vergelijking met het gemiddelde van de variabelen Enkelvoudige regressie toonde een superioriteit voor de variabelen gemeten in 20 s voor elke P et CO 2. Geen verbetering meer in R² bij verhogen van tijdsinterval

15 Categorisering per patiënt (n=27) Compressiediepte (CD) Compressiesnelheid (#C) Cardiale pompmechanisme ΔCP Thoracale pompmechanisme ΔCP met CD of #C AUC compressiepieken Beide mechanismen Pvent PIT Neutrale variabelen

16 Relatie tussen #C en/of CD en P et CO 2 Relatie tussen ΔCP en P et CO 2 Relatie tussen AUC compressie- pieken en P ET CO 2 N (%) Categorie 1NEE 3 (11%) Categorie 2JANEE 8 (30%) Categorie 3NEEJANEE1 (4%) Categorie 4JA 11 (41%) ParameterN (%)ΔP et CO 2 (in mm Hg) Compressiedieptepos relatie14 (52%)1 – 12 neg relatie4 (15%)2 – 14 Compressiesnelheidpos relatie6 (22%)3 – 12 neg relatie1 (4%)4 ΔCPpos relatie10 (37%)1 – 19 neg relatie5 (19%)0 – 9

17 Patiënten die een negatieve relatie tonen tussen ΔCP of CD en P et CO 2, tonen eveneens een negatieve relatie tussen P vent of P IT en P et CO 2. 5/11 (45%) en 2/10 (20%) tonen een positieve relatie tussen resp P IT en P vent en P et CO 2. 6/11 (55%) en 8/10 (80%) tonen een negatieve relatie.

18 Discussie Alle patiënten kregen CPR volgens huidige reanimatierichtlijnen, toch gebruikt slechts een minderheid een thoracaal pompmechanisme. Veranderingen in de ventilatiewijze kan mogelijks dit mechanisme toegankelijk maken in de andere patiënten Excessieve intrathoracale druk is geassocieerd met een lagere P et CO 2 door inhibitie van de veneuze retour waardoor bijgevolg de cardiale output daalt Het aantal compressies vormt een belangrijke factor voor P et CO 2. In de patiënten waar deze parameter meegenomen is, kan een toename leiden tot een significante toename in P et CO 2 Grote patiëntheterogeniciteit maakt het moeilijk om één groot statistisch model te maken

19 Beperkingen van deze studie Pilootstudie met een beperkte populatie Minder patiënten met VF/VT in vergelijking met standaardpopulatie Populatie Enkelvoudige en multiple lineaire regressie/UNIANOVA hebben nood aan voldoende range van de variabelen UNIANOVA gaat uit van ongerelateerde variabelen Methodologie

20 PetCO2 enkel gelimiteerd door veranderingen in CO in lage flow situaties Toch geopteerd tot exclusie van deze patiënten Manueel geventileerde patiënten PetCO2 sensor Vergeten aanbrengen van de drukleidingen Verstopte drukleidingen door secreties Ventilatorproblemen Technische moeilijkheden

21 Besluit ΔCP vormt een wijze om een thoracaal pompmechanisme te beschrijven en te optimaliseren Tijdens reanimatie zijn veranderingen in compressiediepte en intrathoracale drukken geassocieerd met veranderingen in P et CO 2 Verder onderzoek in een grotere populatie en op een interventionele wijze is noodzakelijk


Download ppt "Het effect van hartmassage en intrathoracale drukverschillen op end-tidal CO 2 spanning in patiënten met een uit-hospitaal hartstilstand Jan FIERENS Promotor:"

Verwante presentaties


Ads door Google