De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Een overzicht van de Beschrijvende Statistiek Inhoud: 1. Beschrijvende Statistiek 2. Frequentieverdelingen 3. Maatstaven voor ligging en spreiding (m.i.v.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Een overzicht van de Beschrijvende Statistiek Inhoud: 1. Beschrijvende Statistiek 2. Frequentieverdelingen 3. Maatstaven voor ligging en spreiding (m.i.v."— Transcript van de presentatie:

1 Een overzicht van de Beschrijvende Statistiek Inhoud: 1. Beschrijvende Statistiek 2. Frequentieverdelingen 3. Maatstaven voor ligging en spreiding (m.i.v. de normale verdeling) 4. Indexcijfers

2 Hoofdstuk 1: Beschrijvende Statistiek Begripsomschrijving en taak Het verzamelen van gegevens Samenstelling van de steekproef Primair en secundair statistisch onderzoek Enquêtes

3 Statistiek leer en methode om d.m.v. cijfers inzicht te krijgen in massale verschijnselen  meetresultaten  aantallen  rangnummers Begripsomschrijving en taak

4 Beschrijvende statistiek De meeste statistische informatie in de media bestaat uit gegevens die zó zijn samengevat en gepresenteerd, dat de lezer/kijker ze eenvoudig kan begrijpen. Dergelijke samenvattingen van gegevens, zowel in tabellen, grafieken als getallen, vallen onder de beschrijvende statistiek Wiskundige statistiek Levert middelen om aan de hand van steekproef- gegevens uitspraken te doen over de ganse populatie (met een bepaalde foutenmarge) Begripsomschrijving en taak

5 Hoofdstuk 1: Beschrijvende Statistiek 1. Begripsomschrijving en taak 2. Het verzamelen van gegevens 3. Samenstelling van de steekproef 4. Primair en secundair statistisch onderzoek 5. Enquêtes

6 Bronnen Definities en begrippen verzamelen: wat? waar? wanneer? hoe tellen? criteria voor het rangschikken?  kenmerken: - continu - discontinu, discreet - alternatief, dichotoom  kwalitatief vs. kwantitatief Het verzamelen van gegevens

7  4 types meetschalen indeling in functie van hun eigenschappen: 1. ondubbelzinnige rangschikbaarheid 2. een meeteenheid bezitten 3. een nulpunt bezitten met reële betekenis (een absoluut nulpunt) definities en begrippen (1)

8 definities en begrippen (2.a) 4 types meetschalen:  verhoudingschaal  intervalschaal  ordinale schaal  nominale schaal eigenschappen: 1,2 en 3 1 en 2 1 geen

9 definities en begrippen (2.b) 4 types meetschalen:  verhoudingschaal  intervalschaal  ordinale schaal  nominale schaal eigenschappen: 1,2 en 3 1 en 2 1 geen kwantitatief niveau kwalitatief niveau

10 definities en begrippen (3)  populatie verzameling van alle dingen waarvan we een eigenschap willen bestuderen (N)  steekproef deelverzameling van alle elementen uit de populatie waarvoor waarnemingen zijn uitgevoerd (n)  categorsich systeem elk element van de populatie of steekproef heeft voor het beschouwde kenmerk één en slechts één uitkomst

11 definities en begrippen (4)  afronden - afgeronde waarden 84,3 kg: 84,25 kg < X ≤ 84,35 kg - afrondingsinterval 0,01 kg - categorisch systeem!

12 Hoofdstuk 1: Beschrijvende Statistiek 1. Begripsomschrijving en taak 2. Het verzamelen van gegevens 3. Samenstelling van de steekproef 4. Primair en secundair statistisch onderzoek 5. Enquêtes

13 volledig vs. gedeeltelijk verzamelen populatie-onderzoek  steekproef verzameltechnieken (samplingtechnieken) ndz. aselect: elk element van de populatie heeft dezelfde kans om te worden opgenomen in de steekproef Samenstelling van de steekproef aselect zuiver representatief

14 samplingtechnieken 4 speciale lotingstechnieken om de representativiteit te bevorderen: 1. de systematische keuze 2. de volkomen toevallige keuze 3. de Monte Carlo-methode 4. de gestratificeerde steekproef

15 samplingtechnieken 1. de systematische keuze 4 stappen: elementen rangschikken en nummeren bepalen van het skipinterval: i=N/n volkomen willekeurige keuze van het eerste element volgende elementen telkens een skipinterval verder nemen

16 samplingtechnieken 1. de systematische keuze voorbeeld: Hogeschool Gent, departement BMER N = 1864  n = 50 skipinterval: 1864/50 = 37,28  37 willekeurig eerste element: 612 volgende elementen: 649, 686, 723, …

17 samplingtechnieken 1. de systematische keuze voordelen: - snel en eenvoudig - willekeurig - de ganse populatie wordt doorlopen nadelen: - niet te gebruiken als er systematiek zit in de populatie

18 samplingtechnieken 4 speciale lotingstechnieken om de representativiteit te bevorderen: 1. de systematische keuze 2. de volkomen toevallige keuze 3. de Monte Carlo-methode 4. de gestratificeerde steekproef

19 samplingtechnieken 2. de volkomen toevallige keuze = het loterijsysteem met teruglegging b.v. het Jokergetal: zonder teruglegging b.v. Lotto: (4)

20 samplingtechnieken 2. de volkomen toevallige keuze voordelen: - snel en eenvoudig - kansberekening: regels van de combinatieleer nadelen: - menselijke factor (beredeneerde keuze)

21 samplingtechnieken 4 speciale lotingstechnieken om de representativiteit te bevorderen: 1. de systematische keuze 2. de volkomen toevallige keuze 3. de Monte Carlo-methode 4. de gestratificeerde steekproef

22 samplingtechnieken 3. de Monte Carlo-methode  methode met random digits: tabellen met willekeurig gegenereerde cijfers (0-9) - worden gegroepeerd om de leesbaarheid te bevorderen - je mag om het even waar in de tabel beginnen - je mag lezen in om het even welke richting en met om het even welk systeem (b.v. paardensprong van rechts naar links)

23 samplingtechnieken 3. de Monte Carlo-methode voordelen: - menselijke factor (beredeneerde keuze) wordt volledig uitgeschakeld - 100% aselect, zuiver en representatief want totaal willekeurig nadelen: - omslachtig

24 samplingtechnieken 3. de Monte Carlo-methode Voorbeeld: … N= 867: getal met 3 cijfers (XYZ)  n = 40 elementen van de steekproef: 715, 694, 823,005,(890),356,730,…

25 samplingtechnieken 4 speciale lotingstechnieken om de representativiteit te bevorderen: 1. de systematische keuze 2. de volkomen toevallige keuze 3. de Monte Carlo-methode 4. de gestratificeerde steekproef

26 samplingtechnieken 4. De gestratificeerde keuze gestratificeerd = gelaagd wordt gebruikt als de populatie kan opgedeeld worden in een aantal deelpopulaties met een zelfde kenmerk (b.v. mannen en vrouwen) elke deelpopulatie wordt evenredig vertegenwoordigd in de steekproef

27 samplingtechnieken 4. de gestratificeerde keuze Voorbeeld: Belgische bevolking ( ) 58,3% Vlamingen 32,5% Walen 9,2% Brusselaars een representatieve steekproef van 1000 inwoners zal 583 Vlamingen, 325 Walen en 92 Brusselaars tellen binnen elke deelpopulatie worden de elementen getrokken met één van de drie vorige samplingtechnieken

28 samplingtechnieken 4. de gestratificeerde keuze voordelen: - representatieve groepen nadelen: - deelpopulaties niet altijd te onderscheiden

29 aanbevelingen IIS Internationaal Instituut voor de Statistiek: - resultaten moeten kunnen gecontroleerd en nagerekend worden - mogelijke onnauwkeurigheid mee publiceren - samplingtechniek nauwkeurig beschrijven vergelijkbaarheid van resultaten

30 mogelijke fouten (1)  toevallige fouten - eenmalig - oorzaak: verkeerde aflezing, schrijffout, verkeerd antwoord of meten van een verkeerd object - weinig invloed op de resultaten (de fout wordt verdeeld over alle elementen) - enkel te corrigeren door te hermeten

31 mogelijke fouten (2)  systematische fouten - treffen alle elementen - kunnen leiden tot totaal verkeerde conclusies - oorzaak: verkeerde ijking meetinstrument, verborgen defect meettoestel, subjectieve interpretatie antwoorden, verschillende methodiek van het onderzoek - kunnen soms achteraf gecorrigeerd worden

32 Hoofdstuk 1: Beschrijvende Statistiek 1. Begripsomschrijving en taak 2. Het verzamelen van gegevens 3. Samenstelling van de steekproef 4. Primair en secundair statistisch onderzoek 5. Enquêtes

33 primair statistisch onderzoek: onderzoeker verzamelt zelf de gegevens secundair statistisch onderzoek: gebruik van gegevens verzameld voor een ander doel (en door andere personen/instanties) Primair en secundair statistisch onderzoek

34 Hoofdstuk 1: Beschrijvende Statistiek 1. Begripsomschrijving en taak 2. Het verzamelen van gegevens 3. Samenstelling van de steekproef 4. Primair en secundair statistisch onderzoek 5. Enquêtes

35 Specifieke methodes voor ondervraging personen uitersten:  vragenformulier met type-anwoorden  vrije interview Enquêtes

36 Kwalificerende en kwantificerende enquêtes Kwalificerende enquêtes doel: inzicht verkrijgen in motieven die leiden tot bepaalde handelingen open vraagstelling antwoorden veelal moeilijk te rubriceren (weinig, soms, regelmatig, af en toe; fantastisch, goed, matig, nogal slecht, zwak, …) Kwantificerende enquêtes beperkt aantal antwoord- mogelijkheden gesloten vraagstelling antwoorden zijn: - óf categorisch - een getal of antwoord uit een reeks grotere respons

37 Vraagstelling bij enquêtes Formulering van de vragen is zeer belangrijk duidelijk beknopt eenvoudig geen antwoord suggereren niet indiscreet niet van die aard dat de ondervraagde verwacht voor- of nadeel te ondervinden bij het beantwoorden

38 Uitval of non-response bij enquêtes Wat? Een deel van de ondervraagden antwoordt niet of onvolledig. Oorzaken? weigering van deelname aan de enquête het niet kunnen bereiken van de personen die men wil ondervragen onvolledige, onjuiste of ontbrekende antwoorden scheeftrekking van de resultaten

39 Enquêtes schriftelijke enquêtes goedkoper dan mondelinge telefonische enquêtes veel gebruikt voor marktonderzoek proefenquêtes om vraagstelling te toetsen Praktijk: gespecialiseerde bureaus met eigen opgeleide enquêteurs


Download ppt "Een overzicht van de Beschrijvende Statistiek Inhoud: 1. Beschrijvende Statistiek 2. Frequentieverdelingen 3. Maatstaven voor ligging en spreiding (m.i.v."

Verwante presentaties


Ads door Google