De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Prof. dr. H. ’t Hart SOCIALE WENSELIJKHEID Gemaakt door Aurore Weytens 1 BaTP Cc.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Prof. dr. H. ’t Hart SOCIALE WENSELIJKHEID Gemaakt door Aurore Weytens 1 BaTP Cc."— Transcript van de presentatie:

1 Prof. dr. H. ’t Hart SOCIALE WENSELIJKHEID Gemaakt door Aurore Weytens 1 BaTP Cc

2 1. Normen Gedrag van mensen wordt beïnvloed door normen (In kleding, gedrag en uitspraken zijn mensen er zich van bewust dat er op hen gelet wordt.) Soms zijn die normen geïnternaliseerd Normen die de maatschappij stelt ≠ normen die op de werkvloer gelden. Het onderscheid tussen gedrag in overeenstemming met de normen : - Het microniveau - Het macroniveau

3 Onderzoekers zijn er zich van bewust dat mensen de werkelijkheid soms mooier voorstellen dan zij is. ‘Mooier’ is in hun ogen een vertekening in de richting van wat algemeen in de maatschappij als wenselijk wordt beschouwd. Het zijn de ondervraagden zelf die bepalen aan welke normen zij zich in hun antwoorden conformeren. Zij kunnen deel uitmaken van een subcultuur waarbinnen andere wenselijkheden heersen dan in de grote maatschappij.

4 2. Onderzoek naar sociale wenselijkheid en de invloed van derden op het verloop van vraaggesprekken; De samenwerking tussen binnen- en buitenuniversitaire onderzoekers. Meer overeenstemming in de beantwoording van attitudevragen door paren van gezinsleden, dat bleek voornamelijk het gevolg van overeenstemming in zogenaamde achtergrondkenmerken => Beide gezinsleden conformeren zich aan normen die gelden voor de wijdere verbanden waaraan beiden deelnemen. ! Mensen kunnen bij het beantwoorden van enquêtevragen ook het gevoel hebben dat ze worden gecontroleerd.

5 Als paren van gezinsleden in elkaars aanwezigheid werden ondervraagd was de overeenstemming in attitudes groter dan wanneer dat niet het geval was. Mannen in aanwezigheid van de vrouw die zich met het gesprek bemoeit, geven vaker milde vormen van agressie toe dan als er geen vrouw is die zich met het gesprek bemoeit = Het ‘leugendetectoreffect’ (’t Hart, 1978) => Dat zou betekenen bij sociale controle, tijdens een gesprek soms dat sociaal ongewenst gedrag juist wordt toegegeven.

6 3. Zelfpresentatie Observeerbaar gedrag is vaak in overeenstemming met normen die in groepen van verschillende omvang gelden. => Men kan er vrijwillig voor kiezen om aan zulke normen te voldoen maar het kan ook zijn dat iemand uit onze naaste omgeving daar prijs op stelt. Een onderzoeker komt dichter bij de motivatie van gedrag als gebruik wordt gemaakt van het feit dat mensen kunnen spreken en schrijven. Iemand kan zich defensief of assertief presenteren

7 Het gaat er om een ongunstige, dus sociaal verwerpelijke indruk te vermijden en een gunstig, dus sociaal gewenst beeld van zichzelf op te roepen. Voor een zelfpresentatie zijn verschillende strategieën mogelijk. => Het vereist een analyse om vast te stellen of iemand zich op een assertieve of een defensieve manier presenteert maar ook hoe hij of zij dat doet.

8 4. Gewenste meningen of gewenste identiteit? Mensen kunnen sociaal wenselijke opvattingen ventileren of sociaal wenselijk gedrag rapporteren ook al weten ze dat ze daarmee bezijden de waarheid zijn: Zij kunnen dat doen omdat zij graag zo willen zijn als zij zich voordoen. Zij kunnen zich op een minder gewenste manier uiten als zij menen dat zij eerlijk moeten zijn. Zij kunnen, zelfs in strijd met de waarheid, juist minder gewenste opvattingen naar voren brengen of antisociaal gedrag rapporteren om te laten zien dat zij non- conformistisch zijn.

9 5. Verdediging van de eigen organisatie Sociaal wenselijk gedrag: ‘Als iets van een individu.’ Mensen maken deel uit van kleinere en grotere groepen. => Zij hebben niet graag dat die verbanden in een kwaad daglicht worden gesteld.

10 6. Meetinstrumenten en kwalitatief onderzoek Niet tevreden met een uitkomst die zou wijzen op het ontbreken van sociaal wenselijke antwoorden, heeft Luna Rubio een aantal half gestructureerde vraaggesprekken met leerlingbegeleiders gehouden. Daaruit bleek dat de werkelijkheid achter hun antwoorden op de vragenlijsten soms, maar niet altijd, minder rooskleurig was dan die begeleiders in eerste instantie zelf wilden toegeven. Vaak deugde de opzet van de begeleiding wel. Andere begeleiders maar ook zijzelf schoten echter nog wel eens tekort in het begeleiden zelf. De leerling stond niet altijd zo centraal als de bedoeling was. Het vraaggesprek bracht het verschil tussen feitelijke en gewenste situatie naar boven.

11 7. Niet maar één werkelijkheid Het is soms onmogelijk om het sociaal gewenste antwoord te onderscheiden van de achterliggende feiten omdat de ondervraagde sociale normen heeft geïnternaliseerd. Er zijn verschillende manieren waarop je naar een werkelijkheid kunt kijken. Hoe men kijkt hangt af van de persoon of de groep waaraan men refereert. “Er is geen ware waarde in de populatie”

12 8. Samenvatting en conclusies Kwalitatief onderzoek kan een belangrijk inzicht geven in het verschijnsel sociale wenselijkheid. De werkelijkheid is niet ongedeeld en ondubbelzinnig. Een beschrijving van die werkelijkheid kan vanuit een bepaald gezichtspunt een vertekening in sociaal gewenste richting lijken, terwijl dat vanuit een ander gezichtspunt niet zo hoeft te zijn.

13 Literatuur Hart, H. 't (2003). Sociale wenselijkheid. Jaarboek Markt Onderzoek Associatie (PDF-document). Geraadpleegd op 12 november 2010, op k pdf/view Luna Rubio, M. C. (1996). Leerlingbegeleiding: wens en werkelijkheid. Diss. Universiteit Utrecht. Leuven-Apeldoorn: Garant.

14 BEDANKT VOOR DE INTERESSE


Download ppt "Prof. dr. H. ’t Hart SOCIALE WENSELIJKHEID Gemaakt door Aurore Weytens 1 BaTP Cc."

Verwante presentaties


Ads door Google