De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Alexander de Grote en het Hellenistische koningschap (336 – 30 v.Chr) Mounir Lahcen Week 4 Introductie Oudheid.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Alexander de Grote en het Hellenistische koningschap (336 – 30 v.Chr) Mounir Lahcen Week 4 Introductie Oudheid."— Transcript van de presentatie:

1 Alexander de Grote en het Hellenistische koningschap (336 – 30 v.Chr) Mounir Lahcen Week 4 Introductie Oudheid

2 Hellenisme; veelzijdige term  Chronologisch ; van 330 vChr – 30 vChr  Geografisch; van Griekenland & Egypte in het Westen tot India in het Oosten.  Cultureel (Hellenisering); Taal, religie, onderwijs/opvoeding & tradities. ymnasium, theater, literatuur, filosofie en Griekse festivals. Bijv Gymnasium, theater, literatuur, filosofie en Griekse festivals.

3 Hellenisme:Verschuiving van polismaatschappij  Hellenistische monarchieën.  Vraag naar continuïteit en discontinuïteit. Voorheen: koningschap als Mac. gezien. Nu vaak als voortzetting van de al bestaande koningschappen (zoals te lezen in KSW) gezien. Wel enkele nieuwe aspecten geïntroduceerd: – De introductie om heersers als goden te vereren: heersercultus – Koningschap krijgt Grieks aanzien, als laagje er over heen (Gr-Mac elite, taal, cultuur, kunst)

4 Diadeem: symbool Hellenistisch koningschap Ptolemaeus I Soter

5

6 Alexander’s koningschap Heersercultus Perzisch invloeden en Macedonische invloeden ‘Proskynesis’ Massa-huwelijk te Susa (324) Universele admiratie voor zijn militaire prestaties Over de rest zijn de meningen ernstig verdeeld

7 Na Alexander’s dood (A2) Diadochenoorlogen ( vChr). Antigoniden in Macedonië (276 tot 149 v. Chr.). Antigonus de Eenogige: strateeg van Azië. Tot 196 vChr ook ‘federale overheersing’ over Griekenland. Inheems bestuur. Van feodaal naar absoluut. Seleuciden in Azië: van Turkije, Syrië tot Afghanistan (312 tot 64 v. Chr.). Seleucus: satraap van Babylonië. Multi-etnisch; voortzetting Perzisch bestuur. Ptolemaeën in Egypte (305 tot 30 v. Chr.). Ptolemaeus: satraap van Egypte. Alexandrië hoofdstad (ook cultureel), voortzetting faraonische instellingen.

8 Diadochen Rijken (301)

9 Diadochen Rijken (275)

10 Diadochen Rijken (200)

11 (A3) Hellenistiche cultuur na Alexander De Griekse steden in het oosten waren een bron van Griekse cultuur & verspreiding ervan(incl. architectuur). De Hellenisering had echter met name invloed op de toplaag van de samenleving  het was een dun laagje. De inheemse cultuur bleef bovendien ook bestaan en er vond nauwelijks vermenging plaats tussen de Oosterse en Griekse cultuur – wel wederzijdse beïnvloeding. Slechts in steden waar een grote concentratie Grieken woonde werd Grieks de voertaal

12 (A4) Veranderingen op sociaal-economisch gebied Griekenland: voortzetting problemen van 4de eeuw: grotere kloof arm en rijk  steeds weer eisen tot herverdeling land en schulddelging oligarchische regeringen werden omvergeworpen en rijken werden beroofd, maar desondanks oligarchieën handhaafden zich. burgerrecht werd gekoppeld aan minimum vermogen boule alleen voor de rijken toegankelijk (timocratie) veel armen gingen als huurling in het leger in de hoop in een militaire kolonie gevestigd te worden  verspreiding Griekse taal en cultuur In Egypte en het Seleucidenrijk verandert niet veel; voortzetting van al bestaand sociaal-economisch beleid

13 A4 Veranderingen op cultureel gebied Vervolg Verspreiding Griekse cultuur: taal, opvoeding, tradities, godsdienst.  Grieks als taal voor de bureaucratie en Griekse namen (elite dus)  Religie Homerische goden worden minder populair, ruimte voor andere vormen Assimilatie in religie van Oosterse goden (Zeus/Ammon/Baäl of Isis/Demeter) Opkomst heerserscultus: zowel vrijwillig (polis) als gedwongen Populariteit mysterieculten (henoteïsme) Oosterse religie naast Griekse religie (zij aan zij)  Mens als wereldburger / individu (niet langer polis-bound)  vindt zijn weerslag in de filosofie (emotie-theoriën, verlossingsideaal, gericht op goed leven met gemoedsrust)

14 (A5) Ontwikkelingen in Judea/Joodse geloof  Vele Joden buiten Judea: verdere Diaspora ( Alexandrië etc); bouw synagoges oa, maar ook overnemen Griekse elementen zelfs in Jeruzalem  Voor deze Joden: Septuaginta  vertaling van Torah in het Grieks Judea eerst onder Ptolemaeïsche dynastie, vervolgens rond 200 vChr Seleucidische. Seleuciden: 168 vChr  na veel strijd en revolte : Antiochus IV Epiphanes breekt stadsmuren af, maakt een militaire vesting van de Tempel en weidt de tempel aan Zeus. Verbod op Joodse religie!!! (opgeheven in 165 vChr) Hierdoor Makkabeën in opstand  winnen in 152 vChr. Zelfs koningstitel in 104 vChr. Uiteindelijk Judea in 63 vChr Romeinse

15 (A6)Hellenistische cultuur in Parthische en Romeinse Rijk. Satrapie Parthië annexeert Iran & Mesopotamië. Erfgenaam van Perzische Rijk. Noemen zich Philhelleen om Griekse inwoners gunstig te stemmen Geen nieuwe bureaucratie Griekse steden hoge mate van autonomie In eerste eeuw Griekse taal en cultuur verdrongen door Parthische Romeinen: Griekse cultuur al eeuwen incorporeren. Griekse religie, filosofie, wetenschap. Echte Philhellenen: Augustus en Hadrianus bijv


Download ppt "Alexander de Grote en het Hellenistische koningschap (336 – 30 v.Chr) Mounir Lahcen Week 4 Introductie Oudheid."

Verwante presentaties


Ads door Google