De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

1 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2013 15 – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Hoofdstuk 15: De Nationale.

Verwante presentaties


Presentatie over: "1 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2013 15 – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Hoofdstuk 15: De Nationale."— Transcript van de presentatie:

1 1 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Hoofdstuk 15: De Nationale Rekeningen Economie, een Inleiding

2 2 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen  Schommelingen in economische activiteit l Nood aan goed denkkader en methodologie  Jaren dertig l Goed denkkader: macro-economische theorie l Methodologie: statistisch apparaat  Voor meting van economische activiteit De nationale rekeningen ‘nationale boekhouding’

3 3 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen  Nationale boekhouder l Streeft volledigheid en nauwkeurigheid na  Echter: actieradius zeer breed en grootheden complex  Moet zich behelpen met Steekproeven, schattingen, gissingen l Conceptueel sterk  Bruto binnenlands product en nationaal inkomen  Vergelijk met toegevoegde waarde en inkomen

4 4 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans

5 5 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans

6 6 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1. Het bruto binnenlands product  BBP: Totale waarde van wat er binnen een economie, gedurende bepaalde periode geproduceerd wordt  Bruto: Waardevermindering van kapitaalstock tijdens afgelopen jaar wordt niet in rekening genomen  Binnenlands: BBP als territoriaal concept  Nationaal: verwijst naar inwoners i.p.v. grondgebied

7 7 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1. Het bruto binnenlands product  BBP: optelsom van geldwaarden in plaats van fysieke eenheden l Geldwaarden: marktprijs  Onderscheid tussen finale goederen en intermediaire goederen (inputs voor andere goederen of diensten) l Producenten die zulke inputs gebruiken, zullen eigen aankoopprijs doorrekenen in marktprijs van hun goed of dienst l Marktwaarde van alle geproduceerde goederen en diensten optellen geeft dubbeltelling

8 8 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1. Het bruto binnenlands product  Strategieën om dubbeltelling te vermijden: l Enkel toegevoegde waarde van geproduceerde goederen en diensten in rekening brengen l Enkel waarde van finale goederen in rekening brengen + twee belangrijke aanpassingen  Waarde van invoer in mindering brengen  Waarde van uitvoer bijtellen Belgisch bier in New York  Belgisch BBP

9 9 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1. Het bruto binnenlands product  Produceren = toegevoegde waarde creëren = inkomen creëren = consumptie mogelijk maken  Drie benaderingen van BBP l Productiebenadering l Inkomensbenadering l Bestedingsbenadering

10 10 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 1.Het BBP in een eenvoudig voorbeeld 2.De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde 3.De inkomensbenadering van het BBP 4.De bestedingsbenadering: de finale goederen 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans

11 11 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.1. Het BBP in een eenvoudig voorbeeld  Veronderstel economie met drie ondernemingen l Boerderij l Molen l Bakkerij  En volgende goederen l Finaal goed: brood l Intermediaire goederen: zaaigoed, tarwe en meel

12 12 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

13 13 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.1. Het BBP in een eenvoudig voorbeeld  Productiebenadering: l Som van alle toegevoegde waarden l € € €10000 = €45000  Bestedingsbenadering: l Som van waarden van aangeboden finale goederen – waarde van import + waarde van export l €45000 – € €5000 = €45000

14 14 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

15 15 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.2. De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde  Inkomensbenadering: l Som van verschillende factorvergoedingen: €45000 l Lonen: € € €8000 l Bruto exploitatieoverschot: € € €2000  Vergoeding voor andere productiefactoren dan arbeid

16 16 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 1.Het BBP in een eenvoudig voorbeeld 2.De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde 3.De inkomensbenadering van het BBP 4.De bestedingsbenadering: de finale goederen 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans

17 17 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.2. De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde  Som van alle binnen territorium gerealiseerde bruto toegevoegde waarden  Bruto toegevoegde waarde l Eenvoudig te bepalen voor onderneming in marktsector l Waarde van jaarlijkse output  = Hoeveelheid geproduceerde goederen en diensten vermenigvuldigd met marktprijzen  = Omzetcijfer indien alle geproduceerde goederen ook effectief verkocht werden  Indien anders: waarde van output = omzetcijfer + voorraadwijziging l Verminderd met kosten grondstoffen, …

18 18 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.2. De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde  Rol van overheid in binnenlandse productie l Straten, kanalen en andere infrastructuur, openbare orde, veiligheid en onderwijs l Berekening bruto toegevoegde waarde?  Waardering van overheidsoutput?  Publieke goederen worden niet eens verkocht  Andere (private) goederen en diensten worden verkocht onder kostprijs  Tabel 15.2.

19 19 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

20 20 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.2. De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde  Rol van overheid in binnenlandse productie l Berekening bruto toegevoegde waarde?  Toegevoegde waarde = lonen  Veronderstelling: geen bruto-exploitatieoverschot  Waarde overheidsproductie = waarde intermediaire inputs + lonen l Lonen: uitbetaald in overheidsdienst  Toegevoegde waarde bevat niet: Pensioenen, kinderbijslag en werkloosheidsvergoedingen

21 21 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.2. De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde  Rol van gezinnen in binnenlandse productie l Diensten: kinderen opvoeden, eten bereiden, wagen wassen, groenten kweken,...  Buiten berekening van BBP gehouden  Moeilijke waardering l Goederen: huishoudelijke productie  In BBP opgenomen  Internationale vergelijkbaarheid l Toegerekende huur:  In BBP opgenomen  Anders zou BBP dalen naarmate meer huurders eigenaars worden

22 22 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.2. De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde  Productiebenadering: l Totale bruto toegevoegde waarde gerealiseerd  Binnen verschillende ondernemingen  Door overheid  Door gezinnen

23 23 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

24 24 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.2. De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde  Observaties: l Landbouw: klein en dalend aandeel in totale Belgische toegevoegde waarde l Industrie (excl. bouwnijverheid): sterk dalend aandeel  Desindustrialisering l Dienstensector: toenemend aandeel  Tertialisering  Vooral financiële sector en onroerend goed l Overheid: hoogtepunt jaren tachtig en opvallende knik in 2009 (recessie)  Soms tot tertiaire sector gerekend  Of… quartaire sector, niet-marktsector, non-profit sector

25 25 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

26 26 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.2. De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde  Internationale vergelijking van samenstelling van BBP l Sub-Saharisch Afrika  Vooral afhankelijk van landbouwsector l India versus China  China: forse industrialisering  India: diensteneconomie

27 27 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 1.Het BBP in een eenvoudig voorbeeld 2.De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde 3.De inkomensbenadering van het BBP 4.De bestedingsbenadering: de finale goederen 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans

28 28 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.3. De inkomensbenadering van het BBP  Som van uitgekeerde factorvergoedingen  BBP l Tegen marktprijzen  Bevatten indirecte belastingen Aan overheid betaald Niet uitgekeerd als inkomen  Het is bijgevolg wel mogelijk dat niet alle BBP wordt uitgekeerd l Tegen factorkosten  Dit is na aftrek van indirecte belastingen  Wordt uitgekeerd als factorvergoeding

29 29 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.3. De inkomensbenadering van het BBP  BBP tegen factorkosten bevat l Inkomen uit arbeid Y arb l Bruto exploitatieoverschot plus gemengd inkomen Y ven  Bruto: verbruik van vast kapitaal  Exploitatieoverschot: intresten, dividenden, …  Gemengd inkomen: inkomens van zelfstandigen en personenvennootschappen

30 30 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

31 31 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.3. De inkomensbenadering van het BBP  Observaties: l België, 1960: loonaandeel slechts 42% van BBP l België, 1980: loonaandeel ongeveer 56% van BBP l België, 2012: loonaandeel ongeveer 52% van BBP l Bewegingen in loonaandeel: internationale fenomenen  Algemeen dalende trend na 1980 en van 2000 tot 2007  Mogelijke oorzaak recente daling: globalisering l Recessie van : toename loonaandeel

32 32 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 1.Het BBP in een eenvoudig voorbeeld 2.De productiebenadering: de bruto toegevoegde waarde 3.De inkomensbenadering van het BBP 4.De bestedingsbenadering: de finale goederen 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans

33 33 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Som van finale goederen  Finale goederen l Consumptiegoederen  Private consumptie C  Consumptie door overheid G Assumptie: “overheid consumeert eigen output”, anders moeilijk om waarde toe te kennen aan G l Investeringsgoederen I  Bedrijven: machines en gebouwen  Gezinnen: bouw van woning  Overheid: gebouwen, bruggen, wegen, havens, …

34 34 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Investeringen l Vaste kapitaalvorming  Aanschaf van duurzame productiemiddelen l Voorraadvorming  Indien bedrijven op einde van jaar… Meer grond- of hulpstoffen Meer eigen eindproducten …in voorraad hebben dan in begin van dat jaar  Wordt beschouwd als investering  Herinner: BBP productiebenadering bevat ook toegevoegde waarde van niet verkochte geproduceerde goederen en diensten: voorraadwijziging

35 35 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Bruto- versus netto-investeringen l Bruto-investeringen = Uitbreidingsinvesteringen + Vervangingsinvesteringen (o.w.v. verbruik van vast kapitaal ‘depreciatie’) l Netto-investeringen = Uitbreidingsinvesteringen l Verband tussen I bruto-investeringen en I netto netto- investeringen

36 36 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Binnenlandse absorptie l Som van binnenlandse consumptie en binnenlandse investeringen (C+G+I) l Ook wel binnenlandse vraag genoemd  Open economie: binnenlandse absorptie ≠ BBP l Export E: buitenlandse vraag voldaan door binnen- landse productie l Invoer Z: binnenlandse vraag voldaan door buitenlandse productie l Bijgevolg

37 37 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Netto-export l Verschil tussen export en import: E – Z l In 2012: €6,4 miljard  Export = €323,3 miljard  Import = €316,9 miljard  Exportratio = 84%  Importratio = 83%  Indicatoren van openheid van economie

38 38 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

39 39 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Observaties: l Groot aandeel van private consumptie l Aandeel overheidsconsumptie  Stijging van 1960 – begin jaren tachtig  Daling gedurende jaren tachtig  Daarna lichte stijging tot 23% in 2008  En verder naar 24,6% in 2009 door de recessie  In 2012 lichte terugval tot 24,1% l Sterke fluctuaties in bruto-investeringen l Netto-export  Eind jaren zeventig, begin jaren tachtig negatief  Keerpunt: devaluatie  Daarna stevig overschot

40 40 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Niveau van netto-export zegt niets over grootte van l Import l Export  Beschouw daarom Figuur 15.6.

41 41 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

42 42 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Observaties: l Snelle (en ook consistente) stijging van openheid van Belgische economie  Europese eenheidsmarkt l Echter: inkrimping van internationale handel in 2009 door recessie l Grote landen zijn minder open  Toch verschillen tussen grote landen merkbaar Duitsland meer open economie dan Frankrijk China zeer exportgedreven

43 43 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Men kan ook belang van de verschillende bestedings- categorieën internationaal vergelijken l Beschouw Figuur 15.7.

44 44 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

45 45 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Observaties: l Verenigde Staten: private consumptie en tekorten op handelsbalans (net als VK en India) l China: lage consumptie tegenover hoge investeringen en grote overschotten op de handelsbalans (8% van het BBP in 2009) l Overheidsconsumptie (relatief) belangrijkst in Europa

46 46 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 1.4. De bestedingsbenadering: de finale goederen  Besluit l Drie berekeningswijzen die tot zelfde resultaat leiden l Toegevoegde waarde = Inkomen = Bestedingen l Formeel:

47 47 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

48 48 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans

49 49 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2. Het nationaal inkomen  Nationaal l Verlegt klemtoon van grondgebied naar inwoners l Nationaal inkomen: inkomen waarover inwoners van grondgebied beschikken  Binnenlands inkomen: inkomen dat op grondgebied gecreëerd wordt

50 50 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 1.Het nationaal inkomen 2.Het NNBI en de binnenlandse vraag: de lopende rekening 3.Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen 3.De betalingsbalans

51 51 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.1. Het nationaal inkomen  Bruto nationaal inkomen = Bruto binnenlands product + Instroom van factorinkomens FIB in uit buitenland – Uitstroom van factorinkomens FIB uit naar buitenland

52 52 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.1. Het nationaal inkomen  Voorbeeld l Loon dat inwoner van Maastricht verdient voor werk in Maasmechelen hoort zowel bij Belgische BBP en Nederlandse BNI (loon: arbeidsinkomen) l Dividenden die Belgische aandeelhouders van Microsoft ontvangen behoren niet tot Belgische BBP, maar wel tot Belgische BNI (dividend: vermogensinkomen)  Netto factorinkomens kunnen positief en negatief zijn l Beschouw Tabel 15.4.

53 53 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

54 54 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.1. Het nationaal inkomen  Observaties: l België: iets meer instroom dan uitstroom l Equatoriaal Guinea: BNI << BBP  Buitenlands kapitaal ingezet bij oliewinning l Luxemburg en Ierland: negatieve netto factorinkomens l Duitsland, VK en Japan: positieve netto factorinkomens

55 55 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.1. Het nationaal inkomen  Overgang van bruto nationaal inkomen naar netto nationaal inkomen:

56 56 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.1. Het nationaal inkomen  Verschil tussen netto nationaal inkomen en netto nationaal beschikbaar inkomen l NTRA: netto inkomenstransfers uit buitenland l Netto nationaal beschikbaar inkomen = Netto nationaal inkomen + NTRA

57 57 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.1. Het nationaal inkomen  Inkomenstransfers l Lidgeld aan internationale organisaties l Boete van overheid l Verkeersboetes van particulieren l Ontwikkelingshulp  Beschouw Tabel 15.5.

58 58 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

59 59 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.1. Het nationaal inkomen  Arme landen l Netto internationale transfers belangrijk deel van netto nationaal beschikbaar inkomen l Internationale hulp l In buitenland werkende families bieden financiële steun

60 60 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

61 61 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 1.Het nationaal inkomen 2.Het NNBI en de binnenlandse vraag: de lopende rekening 3.Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen 3.De betalingsbalans

62 62 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2. Het NNBI en de binnenlandse vraag: de lopende rekening  Verband tussen NNBI en binnenlandse vraag  Netto nationaal beschikbaar inkomen = ‘netto binnenlandse vraag’ + ‘netto inkomensoverdracht uit buitenland’  Bij levering goederen en diensten (saldo van handels- balans E - Z) en factordiensten (NFIB)  Eenzijdige transfers (NRTA)

63 63 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2. Het NNBI en de binnenlandse vraag: de lopende rekening  Netto inkomensoverdracht uit buitenland = ‘Saldo van de lopende rekening’ = LR

64 64 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2. Het NNBI en de binnenlandse vraag: de lopende rekening  Netto nationaal beschikbaar inkomen dat niet volstaat om netto binnenlandse vraag te financieren  Negatief saldo op lopende rekening  Internationale reserves aanspreken ofwel lenen  Netto nationaal beschikbaar inkomen dat groter is dan netto binnenlandse vraag  Positief saldo op lopende rekening  Internationale reserves aanvullen of leningen terug betalen

65 65 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.2. Het NNBI en de binnenlandse vraag: de lopende rekening  Som van saldi op lopende rekeningen van alle landen = 0  Beschouw Figuur 15.8., observaties: l België realiseerde lange tijd omvangrijk overschot op lopende rekening l Echter: verslechterde handelsbalans l Surpluslanden: China (!), Duitsland en Japan l Deficitlanden: VS en VK l ‘global imbalances’: Toenemende divergentie tussen surpluslanden enerzijds en deficitlanden anderzijds sinds 2000  Financiële crisis?

66 66 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

67 67 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 1.Het nationaal inkomen 2.Het NNBI en de binnenlandse vraag: de lopende rekening 3.Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen 3.De betalingsbalans

68 68 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  NNBI ter beschikking van gezinnen en overheid finan- ciert in hoofdzaak hun consumptieve bestedingen  Niet-geconsumeerde deel van NNBI definiëren we als (netto) nationaal sparen, S  Aangezien consumptieve bestedingen in economie bestaan uit consumptie van gezinnen (C) en consumptie door overheid (G), kunnen we NNBI noteren als:

69 69 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

70 70 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  Observaties: l Verschillen tussen landen l Veranderingen doorheen tijd (in België)  Tweede helft van jaren zeventig Scherpe terugval nationaal sparen  Vanaf eind van jaren ’80 tot 2007 Sparen opnieuw boven 10% l VS: laag niveau van sparen l China: hoog niveau van sparen (sterke stijging) l Griekenland: structurele, decennialange afname van het nationaal sparen l Duitsland: forse stijging van het nationaal sparen vanaf 2000

71 71 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  NNBI  gezinnen en overheid  Nationaal sparen  privaat sparen en publiek sparen l Privaat sparen = Beschikbaar gezinsinkomen – Private consumptie C l Publiek sparen (overheidssparen) = Inkomsten van overheid – Consumptieve uitgaven G

72 72 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  Beschikbaar gezinsinkomen l Primair inkomen  Inkomen uit aanbod productiefactoren  Inkomenstransfers uit buitenland l Inclusief transfers (pensioenen, …) l Exclusief personenbelastingen, vennootschapsbelasting, en parafiscaliteit

73 73 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  Beschikbaar inkomen van overheid l Netto directe belastingen  Belastingen en transfers l Netto indirecte belastingen  Deel van marktprijzen dat niet als factorvergoeding wordt uitgekeerd

74 74 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  Nationaal sparen

75 75 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  We krijgen bijgevolg  Gebruik makende van formule op slide 63  Na eliminatie  In gesloten economie: LR = 0

76 76 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  Saldo van lopende rekening zal ook rol spelen in financiering van binnenlandse investeringen  Overschot op lopende rekening: binnenlands sparen ook aangewend om krediet te verstrekken aan buitenland  Tekort op lopende rekening: netto-investeringen ook gefinancierd door buitenlandse leningen

77 77 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  We noteren S bui = -LR  Netto binnenlandse investeringen l Worden gefinancierd door  Nationaal (privaat en publiek) sparen  Buitenlands sparen

78 78 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

79 79 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  Observaties: l Tot begin van jaren tachtig  Snel oplopend overheidsdeficit  Privaat sparen en netto-investeringen constant  Afname saldo van lopende rekening, ofwel, stijgend buitenlands sparen l Na devaluatie van februari 1982  Stabilisatie overheidstekort  Herstel van lopende rekening l Recessie van 1993 (Globaal Plan)  Afname privaat sparen  Gecompenseerd door toename publiek sparen  Investeringen en saldo lopende rekening blijven constant

80 80 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  Observaties: l Vanaf  Overheidssparen neemt niet verder toe  Beperkte toename privaat sparen  Forse toename investeringen  Toename buitenlands sparen l Financiële crisis van 2009  Toename privaat sparen en terugval investeringen  Zeer sterke afname publiek sparen

81 81 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

82 82 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 2.3. Het NNBI en de consumptieve bestedingen: het nationale sparen  Figuur l Situatie vlak voor financiële crisis (2006) en situatie in recessie (2009) en in 2012 In 2009:  Overheidstekorten  Keerzijde van sterk toegenomen privaat spaarsaldo In 2012:  Griekenland en Spanje slagen er in om hun tekort op de lopende rekening (sterk) te reduceren

83 83 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans

84 84 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3. De betalingsbalans  Verstrengeling van economie met buitenland? l In kaart gebracht in lopende rekening l Meer volledig: betalingsbalans  Saldo van lopende rekening  Transacties om tekort te financieren of om overschot te beleggen

85 85 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans 1.De drie rekeningen en de instroom en uitstroom van deviezen 2.Het nulsaldo van de betalingsbalans 3.Buitenlandse deviezen: evenwicht tussen vraag en aanbod 4.Onevenwichten in de betalingsbalans

86 86 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.1. De drie rekeningen en de instroom en uitstroom van deviezen  Betalingsbalans: waarde van economische transacties die gedurende gegeven jaar plaatsvinden tussen land en rest van wereld l Stroomvariabelen l Overdracht van (internationale) koopkracht  Uitgedrukt in deviezen (of valuta) van bepaalde landen of groepen van landen: $, €, … l Betalingsbalans opgesteld in lokale munteenheid  Omrekening aan geldende wisselkoers

87 87 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.1. De drie rekeningen en de instroom en uitstroom van deviezen  Betalingsbalans (horizontale opsplitsing) l Lopende rekening  Handel in goederen en diensten  Internationale inkomensoverdrachten l Kapitaalrekening  Kwantitatief onbelangrijk l Financiële rekening  Vermogensoverdrachtenrekening  Naast deze drie rekeningen is er aparte horizontale categorie voor officiële deviezenreserves l Reserves aan goud en buitenlandse deviezen in handen van nationale bank

88 88 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.1. De drie rekeningen en de instroom en uitstroom van deviezen  Betalingsbalans (verticale opsplitsing) l Ontvangst van buitenlandse deviezen  Linkerkolom, creditzijde  Oorsprong van internationale koopkracht  Aanbod van buitenlandse deviezen l Wegstroom van buitenlandse deviezen  Rechterkolom, debetzijde  Aanwending van internationale koopkracht  Vraag naar buitenlandse deviezen

89 89 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

90 90 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans 1.De drie rekeningen en de instroom en uitstroom van deviezen 2.Het nulsaldo van de betalingsbalans 3.Buitenlandse deviezen: evenwicht tussen vraag en aanbod 4.Onevenwichten in de betalingsbalans

91 91 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.2. Het nulsaldo van de betalingsbalans  Betalingsbalans is in haar geheel steeds in evenwicht l Totale instroom van buitenlandse deviezen = Totale uitstroom van buitenlandse deviezen l Som creditzijde = Som debetzijde l Oorsprong en aanwending

92 92 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.2. Het nulsaldo van de betalingsbalans  Voorbeeld 1 l Belgische inwoner werkt in Londen  Credit: factorvergoeding voor export arbeid  Debet: belegging van loon in buitenland, of afstand van pond in ruil voor euro bij Belgisch wisselkantoor (toename officiële deviezenreserves)  Voorbeeld 2 l Duitse inwoner nuttigt ontbijt in VS ter waarde van $10 en betaalt met zijn kredietkaart  Debet: import (toeristische) dienst  Credit: invoer van financiële middelen (belegging van Amerikaanse ontbijtzaak in schuld t.o.v. Duitse maatschappij die kredietkaart uitgeeft)

93 93 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.2. Het nulsaldo van de betalingsbalans  Voorbeeld 3 l Nederland scheldt voor €10 miljoen schulden kwijt aan Boliviaanse overheid  Debet: overdracht vermogen  Credit: vermindering van buitenlandse belegging in Boliviaanse schuld

94 94 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans 1.De drie rekeningen en de instroom en uitstroom van deviezen 2.Het nulsaldo van de betalingsbalans 3.Buitenlandse deviezen: evenwicht tussen vraag en aanbod 4.Onevenwichten in de betalingsbalans

95 95 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3. Buitenlandse deviezen: evenwicht tussen vraag en aanbod  Betalingsbalans steeds in evenwicht l Buitenlandse deviezen  Vraag = Aanbod l Evenwichtsprijs  Prijs van buitenlandse deviezen = wisselkoers  Ongelijkheden worden weggewerkt door wisselkoers die zich aanpast  Indien vrij: vlottende wisselkoers

96 96 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.3. Buitenlandse deviezen: evenwicht tussen vraag en aanbod  Soms laat overheid wisselkoersen niet vrij l Voorbeeld wisselkoers > evenwichtswisselkoers l Aanbodoverschot buitenlandse deviezen (credit) l Onevenwicht l Nationale bank moet overschot wegwerken door zelf buitenlandse deviezen op te kopen l Toename officiële deviezenreserves (debet) l Voorbeeld wisselkoers < evenwichtswisselkoers l Vraagoverschot buitenlandse deviezen (debet) l Onevenwicht l Nationale bank moet overschot wegwerken door zelf buitenlandse deviezen te verkopen l Afname officiële deviezenreserves (credit)

97 97 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN De Nationale Rekeningen - Inhoudstafel 1.Het bruto binnenlands product 2.Het nationaal inkomen 3.De betalingsbalans 1.De drie rekeningen en de instroom en uitstroom van deviezen 2.Het nulsaldo van de betalingsbalans 3.Buitenlandse deviezen: evenwicht tussen vraag en aanbod 4.Onevenwichten in de betalingsbalans

98 98 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.4. Onevenwichten in de betalingsbalans  Betalingsbalans: in geheel in evenwicht, maar l Bepaalde onderdelen van balans kunnen onevenwicht vertonen l Saldo van lopende rekening  Tekort op lopende rekening  Overschot op rest van betalingsbalans  Verhoging buitenlandse schuld l Saldo van betalingsbalans in economische zin  Saldo van betalingsbalans zonder veranderingen in officiële reserves  Lopende rekening + Kapitaalrekening + Financiële rekening  Indien = 0  evenwicht in economische zin

99 99 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.4. Onevenwichten in de betalingsbalans  Indien wisselkoers volledig vrij l Altijd economisch evenwicht  Indien wisselkoers niet volledig vrij l Overschot of tekort op betalingsbalans in economische zin is mogelijk

100 100 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN

101 101 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.4. Onevenwichten in de betalingsbalans  Observaties: l Hoewel handelsbalans positief saldo vertoont  Blijkt lopende rekening deficitair l Kapitaalrekening en financiële rekening vertonen surplus l Betalingsbalans in economische zin deficitair l Vandaar daling officiële deviezenreserves

102 102 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.4. Onevenwichten in de betalingsbalans  Moeten alle landen overschotten nastreven? Nee l Niet mogelijk  Overschot van één land is tekort van ander land l Niet wenselijk  Lenen en ontlenen  Zijn tekorten dan nooit problematisch? Toch wel l Buitenlandse schuld kan te groot worden l Officiële deviezenreserves kunnen uitgeput raken

103 103 ECONOMIE, EEN INLEIDING – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN 3.4. Onevenwichten in de betalingsbalans  Herinner  Deficit op lopende rekening kan worden gereduceerd l Netto-investeringen verlagen  Welvaartsimplicaties? l Private en/of publieke sparen verhogen  Welvaartsimplicaties?  Pas op voor simplistische interpretatie!


Download ppt "1 ECONOMIE, EEN INLEIDING 2013 15 – DE NATIONALE REKENINGEN © S. COSAERT, A. DECOSTER & T. PROOST UNIVERSITAIRE PERS LEUVEN Hoofdstuk 15: De Nationale."

Verwante presentaties


Ads door Google