De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Hoofdstuk 4: De sociaal-emotionele ontwikkeling Deel 1: Ontwikkelingspsychologie Psychologie en Sociaal Werk II.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Hoofdstuk 4: De sociaal-emotionele ontwikkeling Deel 1: Ontwikkelingspsychologie Psychologie en Sociaal Werk II."— Transcript van de presentatie:

1 Hoofdstuk 4: De sociaal-emotionele ontwikkeling Deel 1: Ontwikkelingspsychologie Psychologie en Sociaal Werk II

2 De sociaal-emotionele ontwikkeling Woensdag 26 februari 2014, Voor vragen en/of opmerkingen:

3 Wat zou jij ondernemen als sociaal werker? Documentaire – Child of RageChild of Rage

4 Inhoudsopgave 1. Overzicht van de cursus A. Inleiding B. Hechting 1. Omschrijving 2. Hechtingscirkel 2.1. Veilige hechting Cirkel van veiligheid Het intern werkmodel 2.2. Onveilige hechting Cirkel van beperkte veiligheid Het intern werkmodel C. Hechtingstheorieën 1. De experimenten van Harlow 2. De ethologische hechtingstheorie van Bowlby 3. De hechtingstheorie van Ainsworth

5 Inhoudsopgave 2. 0verzicht van het college A. Hechting 1. Omschrijving van hechting 2. Hechtingscirkel 1. Veilige hechting 2. Onveilige hechting 3. Bouwstenen van interne werkmodellen B. Hechtingstheorieën 1. De hechtingstheorie van Bowlby 2. De hechtingstheorie van Ainsworth

6 Stelling 1. “Hechting is belangrijk voor de hersengroei en ontwikkeling van kinderen.”  Waar  Niet waar

7 Stelling 2. “Kinderopvang schaadt het hechtingsproces.”  Waar  Niet waar

8 Stelling 3. “Hechtingsproblemen zijn niet remedieerbaar.”  Waar  Niet waar

9 Stelling 4. “Onveilige hechting wordt veroorzaakt door tekortkomingen (emotionele onbeschikbaarheid, verwaarlozing, inconsequent gedrag, gebrek aan aanraking,…) bij de hechtingsfiguur.”  Waar  Niet waar

10 Stelling 5. “Een babysitter kan ook de rol van hechtingsfiguur vervullen indien de eigen ouders dat niet doen.”  Waar  Niet waar

11 A. Hechting 1. Omschrijving van hechting Hechting start vanuit een biologisch proces Hechting steunt op behoeften uiten en in behoeften voorzien Hechting ontstaat door wederzijdse beïnvloeding Sensitief en responsief gedrag Bestendigen elkaars hechtingsgedrag Afhankelijk van ouder- en kindfactoren Hechting heeft drie hoofdkenmerken Nabijheid zoeken van hechtingsfiguur De veilige basis Scheidingsprotest Hechting heeft een belangrijke invloed op tal van competenties  Videofragment – De rol van hechting op gezondheidDe rol van hechting op gezondheid Leg een verband met het college over de prenatale fase.

12 Figuur De cirkel van veiligheid

13 A. Hechting 2. Hechtingscirkel 1. Veilige hechting Wederzijdse bestendiging vindt voldoende plaats Veilige hechtingsproces in de cirkel van veiligheid Veilige haven staat voor exploratie: ‘toe maar’ Veilige basis staat voor bescherming: ‘kom maar’ Vanuit de veilige hechting kan het kind ontwikkelen Een gevoel van veiligheid Een gevoel van zelfvertrouwen Hechtingservaringen opgeslagen als interne werkmodellen Intern werkmodel over anderen en eigen ik Bepalen de interpretatie van verdere ervaringen Wordt steeds weer aangepast aan nieuwe ervaringen Leg een verband met het college over de cognitieve ontwikkeling.

14 A. Hechting 2. Hechtingscirkel 2. Onveilige hechting Wederzijdse bestendiging vindt niet of onvoldoende plaats Onveilige hechtingsproces in de cirkel van beperkte veiligheid Onveilig-vermijdend staat voor te weinig bescherming Onveilig-afwerend staat voor te weinig exploratie Gedesorganiseerd staat voor een paradox Vanuit de onveilige hechting kan het kind ontwikkelen Een gevoel van onveiligheid Een gevoel van onzekerheid Hechtingservaringen opgeslagen als interne werkmodellen Intern werkmodel over anderen en eigen ik Bepalen de interpretatie van verdere ervaringen Wordt steeds weer aangepast aan nieuwe ervaringen

15 A. Hechting 2. Hechtingscirkel 3. Bouwstenen van interne werkmodellen

16 Casus Diederik komt vaak te laat op school. Hij heeft vaak ruzie met andere kinderen. Hij speelt alleen, wil zijn speelgoed niet delen en geeft desnoods een klap. Wanneer er in de klas getrakteerd wordt, probeert Diederik twee traktaties te pakken. Als de juf er iets van zegt, wil Diederik haar niet aankijken en weglopen. Diederik is 7 jaar en komt uit een gezin met vijf kinderen. Moeder runt twee eigen bedrijven en vader zit al twee jaar thuis met een psychiatrische aandoening. Buiten school hebben Johan en Elly, de oudste broer en zus, een vakantiebaantje en de zorg voor de drie jongste kinderen. Diederik speelt wel met zijn broertjes en zusjes. Er is niet veel speelgoed, het is dus vaak ruzie. Diederik helpt Elly ook met de baby. De hele dag loopt hij achter zijn oudere zus aan. Elly vind dat soms fijn omdat hij helpt, maar ook vermoeiend. Elly heeft niet zo veel geduld, dus is ze erg streng voor de kleintjes. Moeder heeft contact met school gehad, maar zij kan geen tijd een aandacht opbrengen voor Diederik. Wanneer moeder thuiskomt, heeft ze geen zin in al dat gejengel. Ze ploft op de bank of pakt wat eten. De baby ligt dan al op bed. De tv gaat aan of moeder gaat aan het werk in haar kantoortje. Soms gaat ze met Diederik mee naar boven. Dan leest ze een verhaaltje voor of ze doet hem onder de douche. 1.Benoem alle aanwezige aspecten uit de theorie. 2.Hoe zou jij als sociaal werker reageren op zo’n situatie?

17 B. Hechtingstheorieën 1. Hechtingstheorie van Bowlby Hechtingsgedrag is een aangeboren overlevingsstrategie Exploratiegedrag is een aangeboren overlevingsstrategie Hechtingsproces verloopt in vijf fasen 1. Voorhechtingsfase: primaire hechtingsstrategieën (0m – 3m) 2. Beginnende gehechtheid: bekenden en vreemden (3m – 6m) 3. Feitelijke gehechtheid: gericht op hechtingsfiguren (6m – 3j) 4. Doelgecorrigeerde partnerschap: symmetrische relatie (3j – 6j) Breuk in de hechting brengt patroonachtig proces op gang  Documentaire - Familie RobertsonsFamilie Robertsons 1. Protestfase 2. Fase van wanhoop 3. Fase van de onthechting

18 B. Hechtingstheorieën 2. Hechtingstheorie van Ainsworth Interindividuele verschillen in hechtingsproces Via de strange situation met verschillende stressfactoren  Experiment – Strange Situation TestStrange Situation Test Verschillende gehechtheidsklassen A-type (20%): angstig-vermijdend gehecht B-type (70%): veilig gehecht C-type (10%): afwerend gehecht D-type (restaantal): gedesoriënteerde gehechtheid Belangrijke invloed van de omgeving Moeders van A-type: insensitief op consequente manier Moeders van B-type: sensitief, coöperatief en toegankelijk Moeders van C-type: sensitief op inconsequente manier Moeders van D-type: milieukenmerken zoals depressie, mishandeling, … Hechtingstypen zijn geen stoornissen maar aanpassingen

19 Vraagstuk 1. Wat is het verband tussen hechting en huilbaby’s?

20 Vraagstuk 2. Waarom komt het hechtingsproces moeilijker op gang bij kinderen met een verstandelijke beperking?

21 Vraagstuk 3. Leg uit hoe de hechtingstheorie samengaat met de focus van sociaal werk op de omgeving van de cliënt?

22 Wat zou jij ondernemen als sociaal werker? Film – Child of RageChild of Rage

23 Lesmateriaal Verplichte leerstof Maes, D. (2014). Hoofdstuk 4: De sociaal-emotionele ontwikkeling. Niet gepubliceerde cursustekst, Hogeschool-Universiteit Brussel, Brussel. Hand-outs Achtergrondleerstof Craeynest, P. (2009). Psychologie van de levensloop. Leuven: Acco. Sable, P. (2009). The origins of an attachment approach to social work practice with adults. In S. Bennett and J.K. Nelson (Eds.). Adult Attachment in Clinical Social Work (pp ).


Download ppt "Hoofdstuk 4: De sociaal-emotionele ontwikkeling Deel 1: Ontwikkelingspsychologie Psychologie en Sociaal Werk II."

Verwante presentaties


Ads door Google