De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Dia 1 Module 7: hoe je een pleitbezorger van je kind wordt 1.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Dia 1 Module 7: hoe je een pleitbezorger van je kind wordt 1."— Transcript van de presentatie:

1 Dia 1 Module 7: hoe je een pleitbezorger van je kind wordt 1

2 Dia 2 Wees een pleitbezorger voor je kind. Bevorder en ondersteun traumaonderzoek en - behandeling voor je kind. Essentieel element 7 en 8 2

3 Dia 3 3 Ken het team van jouw kind (groepsactiviteit)

4 Dia 4 De teamleden die betrokken zijn bij het leven van jouw kind: hebben een gezamenlijke verplichting naar het kind, om te zorgen voor veiligheid, bestendigheid en welzijn; hebben gescheiden rollen en verantwoordelijkheden; zijn op verschillende manieren aan het kind verbonden; hebben niet allemaal evenveel kennis van trauma. Werken als een team 4

5 Dia 5 Rico: ‘Ik had het gevoel dat er met me gesold werd en wist niet wat er aan de hand was. Niemand legde me iets uit. Ik wist niet welke rechten ik had... als ik die al had. Niemand vertelde me wat een pleeggezin inhield. Niemand vertelde me waarom ik bij mijn moeder was weggehaald. Ik wist dat er erge dingen gebeurden, maar niemand heeft het echt aan me uitgelegd.’ Uitspraak 5

6 Dia 6 Help anderen te begrijpen welke invloed het trauma op het kind heeft. Propageer het belang van psychische veiligheid. Deel strategieën om het kind te helpen omgaan met overweldigende emoties en probleemgedrag. Verdedig je kind 6

7 Dia 7 Ondersteun positieve, stabiele en langdurige relaties in het leven van het kind. Help anderen de krachten en veerkracht van het kind te waarderen. Vecht voor de traumaspecifieke ondersteuning die het kind nodig heeft. Weet wanneer jij zelf steun nodig hebt. Verdedig je kind 7

8 Dia 8 Help de teamleden te begrijpen: wat traumatische stress bij kinderen is; hoe het trauma jouw kind heeft beïnvloed; welke krachten en veerkracht het kind heeft; wat jouw kind nodig heeft. Verdediging in actie (groepsactiviteit) 8

9 Dia 9 Respecteer de verbinding die kinderen delen met hun ouders en andere biologische familieleden. Wees voorbereid op botsende of zelfs vijandige eerste reacties van biologische ouders of andere familieleden. Zet je ‘traumabril’ op als je praat met biologische ouders en andere familieleden. Omgaan met de biologische familie 9

10 Dia 10 Emma (biologische moeder): ‘Het is nu bijna elf jaar geleden dat mijn zoon thuiskwam. Een consistent ding voor mijn zoon en mij is de relatie met zijn pleegouders. Mijn zoon heeft vele nachten en weekenden bij ze doorgebracht en is vaak met ze op vakantie geweest. Ik kon hen weer helpen door op hun jongste dochter te passen. Het geeft me een goed gevoel te weten dat zij mij vertrouwen. Nu spelen wij een even grote rol in hun leven, als zij in dat van ons. Ik ben niet meer die boze, jaloerse en haatdragende vrouw. Ik ben iemand die kan waarderen dat haar zoon veel profijt heeft van de zorg van deze familie, die hem in huis heeft genomen en in hun hart heeft gesloten.’ Uitspraak 10

11 Dia 11 Wie zijn de drie belangrijkste mensen in het leven van je kind? Hoe kunnen jullie meer effectief samenwerken om het kind te helpen? Hoe kun je gebruik maken van je ‘traumabril’ om je manier van werken met andere teamleden of met de biologische ouders van het kind te veranderen? Denken over mijn kind (groepsactiviteit) 11

12 Dia Pauze

13 Dia 13 Weet wanneer je kind hulp nodig heeft. Leer van traumaonderzoek. Begrijp de basis van traumatherapie. Stel vragen als je niet zeker weet of de therapie effect heeft. Je kind helpen herstellen 13

14 Dia 14 Als jij zelf overweldigd wordt. Of als je kind: reacties laat zien die het leven op school of thuis verstoren; praat over of doet aan dingen waarmee het zichzelf beschadigt (zoals krassen of snijden); slecht in slaap kan komen, vaak ’s nachts wakker wordt of veelvuldig nachtmerries heeft; regelmatig klaagt over fysieke problemen, maar medisch in orde is. Wanneer je hulp moet zoeken 14

15 Dia 15 Als het kind: vraagt om met iemand over het trauma te praten; herhaaldelijk praat over het trauma of in een deel ervan lijkt te blijven hangen; geplaagd wordt door een schuldgevoel of zichzelf de schuld geeft van het trauma; gevoelens van hulpeloosheid en hopeloosheid vertoont. Wanneer je hulp moet zoeken 15

16 Dia 16 Onderzoek naar het trauma is belangrijk voor ieder kind dat een traumatische gebeurtenis heeft ervaren. Onderzoek: omvat het verzamelen van gegevens voor inzicht in de traumageschiedenis; vraagt input van jou en anderen die het kind kennen; ligt ten grondslag aan het behandelplan. Traumaonderzoek 16

17 Dia 17 Een effectieve behandeling: heeft een wetenschappelijke basis; omvat een begrijpelijk onderzoek naar het trauma; is gebaseerd op een helder plan, waarbij de verzorgers worden betrokken; is gericht op het trauma. Basis van traumatherapie 17

18 Dia 18 Behandelingen die onmiddellijke genezing beloven. Behandelingen die hypnose of drugs gebruiken om ‘verdrongen’ herinneringen boven te halen. Rebirthing en holdingtherapieën. Behandelingen van niet-geregistreerde aanbieders die buiten het reguliere medische circuit staan. Ineffectieve of schadelijke behandelingen 18

19 Dia 19 In de praktijk kan er wel eens iets misgaan. Dit kan gebeuren als: de effecten van trauma niet gezien of ondergewaardeerd worden; de doelen van de therapie onduidelijk zijn. Traumatherapie: de praktijk 19

20 Dia 20 In de praktijk kan wel eens iets misgaan: de zorg is inconsistent; het kind raakt overstuur door de therapie; er zijn geen professionals met kennis van trauma beschikbaar. Traumatherapie: de praktijk 20

21 Dia 21 Sommige medicatie kan veilig en effectief zijn. Opvoeders moeten vragen stellen over: medicatie zonder verdere therapie; medicatie die wordt voorgeschreven aan kinderen onder de vier jaar; meerdere medicijnen die tegelijk worden gebruikt; bijwerkingen die jou of het kind verontrusten. Wanneer je twijfelt, doe dan wat onderzoek. Medicatie en trauma 21

22 Dia 22 Scenario 1: je kind krijgt drie soorten medicijnen, maar geen therapie. Scenario 2: jij wordt niet betrokken bij de therapie van je kind, en belangrijke informatie wordt jou niet verteld. Verdedigingsvaardigheden in de praktijk (groepsactiviteit) 22

23 Dia 23 Bronnen in de omgeving (groepsactiviteit) 23

24 Dia Afronding


Download ppt "Dia 1 Module 7: hoe je een pleitbezorger van je kind wordt 1."

Verwante presentaties


Ads door Google