De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Alexander Vander Stichele Centrum voor Sociologisch Onderzoek (CESO) – Centrum voor Cultuursociologie (CCS) E. Van.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Alexander Vander Stichele Centrum voor Sociologisch Onderzoek (CESO) – Centrum voor Cultuursociologie (CCS) E. Van."— Transcript van de presentatie:

1 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Alexander Vander Stichele Centrum voor Sociologisch Onderzoek (CESO) – Centrum voor Cultuursociologie (CCS) E. Van Evenstraat 2B, 3000 Leuven

2 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Verloop presentatie: Wat is kwalitatief onderzoek Kwalitatieve onderzoekstechnieken in de context van publieksonderzoek. Opzet van een kwalitatief onderzoeksproject. Uitvoering van een kwalitatief onderzoeksproject. Analyse van kwalitatieve onderzoeksdata. Voorbeeld eigen onderzoek.

3 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Deel 1: Wat is kwalitatief onderzoek?

4 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Definitie: Spencer et al., 2003: ‘Kwalitatief onderzoek heeft als doel om een diepgaand begrip van de ervaringen, zienswijzen en geschiedenissen van mensen te verkrijgen; in de context van hun persoonlijke leefwereld.’ Mason, 2002: -‘Kwalitatief onderzoek houdt zich bezig met de manier waarop mensen de sociale werkelijkheid interpreteren, begrijpen, ervaren, produceren of vorm geven.’ -‘Kwalitatief onderzoek maakt gebruik van methodes om data te verzamelen die zowel flexibel als gevoelig zijn voor de sociale context waarin de data geproduceerd worden.’ -‘Kwalitatief onderzoek maakt gebruik van analysemethodes, verklaringsmodellen en argumentatietechnieken die rekening houden met en een begrip inhouden van de complexiteit en gedetailleerdheid van de sociale werkelijkheid waarin de data gesitueerd zijn.’

5 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Wat is karakteristiek voor kwalitatief onderzoek?  Met betrekking tot de specificiteit van de onderzoeksbenadering: Laat toe om fenomenen vanuit het perspectief van de respondenten zelf te bekijken. Gaat vaak gepaard met een verhoogde reflexiviteit of zelfbewustzijn over rol en perspectief van de onderzoeker. Vindt meestal plaats in een meer natuurlijke of gewone context. Wordt vaak gebruikt voor de ontwikkeling van hypothesen en concepten ipv het testen er van (vb: grounded theory). Legt nadruk op en is vooral geïnteresseerd in betekenissen.

6 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Wat is karakteristiek voor kwalitatief onderzoek?  Met betrekking tot de specificiteit van de onderzoeksmethodes: Data zijn vooral in de vorm van woorden, teksten of beelden ipv getallen. Laat vaak een meer uitgebreide of meer exhaustieve kennismaking met het veld of de data toe. Maakt meer gebruik van flexibele, zich doorheen het onderzoek zelfontwikkelende ondezoeksstrategieën (minder methodologische orthodoxie). Maakt meer gebruik van niet-gestandaardiseerde, half-gestructureerde of ongestructureerde manieren van dataverzameling die aangepast zijn aan de sociale context van het onderzoek. Probeert data te vatten of te bestuderen die gedetailleerd, rijk aan informatie en complex zijn (vb: Geertz: thick description).

7 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Wat is karakteristiek voor kwalitatief onderzoek?  Met betrekking tot het gebruik en de presentatie van de onderzoeksdata: Plaatst data in context. Laat de mogelijkheid open voor nieuwe categorieën, concepten of theoretische inzichten ipv enkel te vertrekken vanuit a priori ideeën of concepten. Het behouden van de diversiteit en de complexiteit van de data tijdens de analysefase is heel belangrijk. Respecteert de uniciteit van individuele gevallen, evenals deze van weerkerende patronen of thema’s.

8 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Welke soorten kwalitatieve onderzoeksmethodes bestaan er? -Methodes die vertrekken vanuit reeds bestaande data of ‘natuurlijk’ voorkomende data: -Observatie -Participerende observatie -Analyse van bestaande documenten of audio-visuele media -Conversatie analyse -Discours analyse -… -Methodes die zelf data genereren: - Individuele interviews - Focusgroepen - …  Vandaag: focus op tweede soort onderzoeksmethodes – i.e. interviewtechnieken.

9 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Waarom interviewen? Interviews – zowel diepte-interviews als focusgroepen - zijn gepast wanneer: - je informatie nodig hebt over gebeurtenissen of gedragingen die niet onmiddellijk waarneembaar of toegankelijk zijn of die interpretatie behoeven. - je wil begrijpen hoe mensen bepaalde fenomenen waarnemen, begrijpen en/of ervaren. - je geïnteresseerd bent in de wijze waarop mensen een relaas, verhaal of beschrijving over welbepaalde fenomenen construeren.

10 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Diepte-interviews vs. Focusgroepen: Diepte-interviews – sterktes: - Laten onderzoeker toe om individuele gedragingen en ervaringen in detail te bevragen. -Ideale methode wanneer je primaire focus ligt op individuele cases en hun verhaal. -Geven de onderzoeker meer vrijheid en controle over het verloop van het interview en de te bespreken topics. Diepte-interviews – zwaktes: -Respondenten kunnen zich gespannen of ongemakkelijk voelen doordat alle aandacht op hen gevestigd wordt. -Indien de respondent niet geïnteresseerd, zwijgzaam of introvert is, dan kan de bekomen informatie minimaal zijn. -Indien veel interviews, relatief duur.

11 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Diepte-interviews vs. Focusgroepen: Focusgroepen – sterktes: -Laten een onmiddellijk overzicht en vergelijking toe van de verschillende standpunten. -Laten toe dat de deelnemers over elkaars ideeën en ervaringen kunnen reflecteren. -Laten een meer creatieve en strategische aanpak toe. -Verlopen doorgaans vlotter; er is minder input van de onderzoeker nodig. Focusgroepen – zwaktes: - Laten geen grondige bevraging van individuele cases toe. -Onderzoeker heeft minder controle over het verloop van het interview. -Niet geschikt wanneer gevoelige onderwerpen dienen bevraagd te worden. -Niet geschikt wanneer mensen met al te grote verschillen in achtergrond dienen bevraagd te worden,.

12 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Kwalitatieve onderzoekstechnieken in de context van publieksonderzoek

13 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Mogelijke toepassingen van kwalitatief onderzoek als publieksonderzoek: -Evaluatie van de programmatie: pro’s, cons, opsporen van lancunes -Evaluatie van de instelling en gevoerde beleid -Nagaan van bezoekmotieven -Peilen naar esthetische verwachtingen -Evaluatie van try-out voorstellingen of opstellingen -Meer algemeen beeld krijgen van typische bezoeker van instelling of evenement -…

14 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Opzet van een kwalitatief onderzoeksproject

15 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek De ontwerpfase - Omschrijf het brede onderzoeksdomein, specificeer het onderwerp - Ga na wat er reeds gekend is mbt dit domein of onderwerp: Bestudeer de relevante literatuur Gebruik ‘common sense knowledge’ Brainstorm over mogelijke lancunes in de kennis - Gebruik de beschikbare kennis om je eigen onderzoeksveld af te bakenen, breng je onderzoek nauwkeurig in kaart (thema’s, verbanden,…) - Omschrijf de eigen onderzoeksvragen en/of specifieke doelstellingen - Verduidelijk de ideeën, hints of informele hypothesen waardoor je je laat leiden.  operationaliseren van de onderzoeksvragen is essentieel voor het opstellen van de interview- of topicguide.

16 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek De topicguide - wat? - Een checklist van de belangrijkste onderwerpen en/of thema’s - Een compacte weergave van de belangrijkste onderzoeksvragen of doelstellingen - Een geheugensteun: eerder memoriseren/internaliseren dan aflezen - Dient om vergelijkingen te kunnen maken over interviewers en interviewees heen - Dient als bewijs en verantwoording van gevoerde methode en bekomen resultaten - Fungeert als dusdanig ook als beginpunt van iedere analyse

17 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek De topicguide vs. de gestandaardiseerde vragenlijst: Topicguide: - De behandelde thema’s of onderwerpen kunnen verder ontwikkeld of weggelaten worden naargelang het onderzoek dit vereist. - Niet alle mogelijke vragen worden weergegeven: enkel hoofdthema’s en probes - De specifieke vraagformuliering gebeurt tijdens het interviewen zelf - De vraagvolgorde staat niet vast, kan aangepast worden aan loop van interview - Genereert open antwoorden die volledig geregistreerd worden De gestandaardiseerde vragenlijst - enquête: - De behandelde thema’s of onderwerpen liggen vast en kunnen niet meer veranderd worden - Alle te behandelen vragen worden weergegeven, afwijkingen zijn niet mogelijk - De specifieke vraagformuliering gaat aan de bevraging vooraf - De vraagvolgorde staat vast - Genereert hoofdzakelijk gesloten antwoorden in vooraf gecodeerde categorieën  Allerlei tussenoplossingen mogelijk tss. volledig diepte-interview met topicguide enerzijds en gesloten vragenlijst anderzijds.

18 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek De topicguide – hoe opstellen? - Map de belangrijkste onderwerpen of thema’s die behandeld moeten worden - Groepeer alle ideeën of thema’s in een beperkt aantal categorieën - Vertaal de vaak theoretische en eerder abstracte ideeën in alledaagse taal - Breng orde in de te behandelen topics, breng een structuur aan - Bepaal waar of hoe je open vragen stelt en waar of hoe je hint - Bereid de voorbereiding en interviewinstructies grondig voor - Doe één of meerdere testinterviews en gebruik deze ervaring om je topicguide te verfijnen.

19 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek De steekproef in kwalitatief onderzoek: Kwalitatief onderzoek heeft als doel om gebeurtenissen in kaart te brengen, te illustreren en te verklaren; kwalitatieve steekproeven zijn bijgevolg: - gebaseerd op een doelgerichte logica en geen at random toevalssteekproef - bedoeld om ‘informatierijk’ te zijn zodat ze een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan het proces van gedetailleerd in kaart brengen - klein, om een diepgaande verkenning van het materiaal mogelijk te maken - gebonden aan welbepaalde doelstellingen en aan veralgemeenbaarheid  In kwalitatief onderzoek maakt men dus geen gebruik van toevalsteekproeven maar wel van doel- of theoriegerichte steekproeven enerzijds en ad hoc of beschikbaarheidssteekproef anderzijds. Belangrijk voor eis ivm steekproefgrootte!  Steekproefeenheden kunnen zowel mensen (individuen, groepen of organisaties), plaatsen, gebeurtenissen of tijdskaders (welbepaalde dagen, tijdstippen, jaargetijden…) zijn.

20 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek De steekproef in kwalitatief onderzoek:  Steekproefgrootte en/of aantal af te nemen focusgroepen worden bepaald door - nood aan diversiteit in relatie tot de beschikbare middelen - mate van ‘saturatie’ die optreedt doorheen het interviewproces  Bij focusgroepen dienen een aantal zaken in acht genomen te worden - Respondenten splitst men best op of brengt men best samen rekening houdend met de socio-demografische kenmerken van de respondenten en hun relatie tot het te onderzoeken onderwerp. - De samenstelling van de groepen dient de uitwisseling van ideeën te bevorderen en niet tegen te gaan: homogene groepen vs. Heterogene. - Optimale grootte focusgroepen ligt tss. 5 en 12 mensen.

21 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Uitvoering van een kwalitatief onderzoeksproject

22 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Quotes: -The purpose of interviewing is to find out what’s on someone else’s mind… not to put things in someone else’s mind. -If what people have to say about their world is boring to you, then you will never be a great interviewer. Unless you are fascinated by the rich variation in human experience, qualitative interviewing will become a drudgery. - If participant observation means ‘walk a mile in my shoes’, then in-depth interviewing means ‘walk a mile in my head’. => Michael Quinn-patton: Qualitative evaluation and research methods.

23 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Basiskenmerken van een goede interviewer: Een kwalitatief onderzoeker is vooral een ‘instrument’ die over bepaalde kwaliteiten dient te beschikken: Nieuwsgierigheid Geduld Zelfbeheersing Flexibiliteit Aandacht en concentratie Goed geheugen Niet makkelijk uit lood te slaan

24 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Interview = conversatie met een doel Interviews hebben de vorm van een gesprek, maar zijn zeker niet gelijk aan een spontaan gesprek, want: de interactie is eenzijdig de interviewer heeft een agenda de interviewer peilt in de diepte en wil detail interviewen vereist welbepaalde vaardigheden het gesprek wort opgenomen, geregistreerd

25 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Stappen in het interview-proces: Mogelijke ongerustheid of vrees wegwerken Het opbouwen van een goede verstandhouding Het aanmoedigen van de gespreksvaardigheden Interesse en begrip tonen Komen tot gedetailleerde beschrijvingen Eens de verstandhouding bereikt is en de beschrijvende vragen voorbij zijn, gaan naar de moeilijkere vragen Tijdens het interview en zeker naar het einde toe de mogelijke hevige emoties wat terugbrengen Aangepast en positief eindigen

26 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Interviewvaardigheden Interviewer is regisseur van het gesprek, moet zorgen dat alles goed zit en dat geïnterviewde zijn rol goed speelt! Twee niveaus in interview: -Betrekkingsniveau tss. interviewer en geïnterviewde: Hangt af van subjectieve factoren (vb: stem, kleding, huidskleur…). Je kan er vaak niet zo veel aan doen, maar kan er wel enigszins rekening mee houden (zie verder). -Inhoudsniveau: Dit is het feitelijke interview zelf. Hier ben je zelf verantwoordelijk voor via gebruikte vragen en interviewtechnieken

27 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Interviewvaardigheden Ken de topicguide, leer de hoofdthema’s uit het hoofd Kijk naar de respondent ipv naar de topicguide Probeer zo veel mogelijk oogcontact te maken Let op non-verbaal gedrag Kom geïnteresseerd over Luister meer dan dat je spreekt Bepaal het interviewtempo en zorg er voor dat alle topics aan bod komen Controleer wanneer en in welke mate je de topicguide kan verlaten of overhoop gooien om nieuwe wegen te volgen.

28 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Interviewvaardigheden – basisregels Vragen moeten simpel zijn, eenduidig, hoofdzakelijk open en niet-directief Geef de respondent de nodige tijd om te antwoorden: - Probeer stiltes niet al te vlug in te vullen - Maak de zinnen van de respondent niet zelf af Peil grondig en volledig. Doe aan ‘content mapping’ om na te gaan of je alle belangrijke info hebt en aan ‘content mining’ – wat, waar, waarom, wanneer, hoe - om de nodige diepgang te verkrijgen: - Wees op je hoede voor terloopse opmerkingen: ga er op in - Ga er niet te vlug van uit dat je weet wat mensen bedoelen of willen zeggen. Vermijd al te veel opsommingen, al kan het af en toe wel: - vb. bij het afsluiten van een thema.

29 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Betrekkingsniveau – mogelijke valkuilen Algemeen voorkomen: - Kleding - Lichaamshygiëne Verbaal gedrag: - Spreektempo - Accent - Spreektoon: zakelijk/neutraal vs. empathisch Non-verbaal gedrag: - Gebaren, gesticulaties - Oogcontact (evenwicht zoeken: geef respondent ruimte om weg te kijken) - Houding (hoek 90°, zitafstand, spiegelen, ontspannen,…)  Geïnterviewde is de maat waaraan de interviewer zich aanpast!

30 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Inhoudsniveau – mogelijke valkuilen Control effect: Geïnterviewde gaat anders antwoorden louter en alleen omdat hij geïnterviewd wordt. Hij voelt zich als het ware gecontroleerd. Interviewer dient geïnterviewde voldoende in te lichten en op gemak te stellen. Biased viewpoint effect: Heeft betrekking op interviewer die zijn vragen niet neutraal gaat stellen omdat hij er impliciet van uit gaat dat geïnterviewde waarschijnlijk zo of zo is en waarschijnlijk zo of zo denk en reageert. vb: Simpele vragen stellen omdat je met landbouwer praat. Sociale wenselijkheidseffect: Geïnterviewde probeert aan de in zijn ogen als algemeen aanvaarde normen te voldoen of aan wat hij denkt dat de norm van de interviewer is. vb: Niet willen zeggen dat hij als hooggeschoolde liefst naar VTM kijkt

31 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Inhoudsniveau – mogelijke valkuilen Aquiescence bias: Als interviewer positieve antwoorden stelt gaat de geïnterviewde positief antwoorden. Hij heeft de neiging om in te stemmen met wat de interviewer zegt. Komt vaak voor bij niet-neutrale of directe vragen. Ook mee oppassen wanneer je conclusies wil trekken. vb. Ik kan dus besluiten dat je al bij al niet van romans houdt. Halo effect: Invloed van eerdere vragen en antwoorden op latere vragen en antwoorden. Kan zowel bij interviewer als geïnterviewde spelen. vb. Eerst vertelt interviewee dat er veel te veel onzin is op TV. Later durft hij/zij niet zeggen dat hij/zij iedere avond uren voor TV zit. Eerst vertelt interviewee dat er veel te veel onzin op TV is. Later durft interviewer niet meer vragen of respondent wel eens naar onzin kijkt op TV.

32 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Peilen - verschillende vraagniveaus Maak gebruik van de verschillende soorten vragen om diepgang te bereiken: Vragen naar ervaringen of concreet gedrag Beschrijvende vragen (oa. vragen naar voorbeelden) Kennisvragen (opgepast: geen quiz of ondervraging!) Gevoelsvragen Vragen naar opinies, meningen of waarderingen Definitie of contrastvragen

33 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Vragen naar opinies, meningen of waarderingen QUINTAMENSIONAL design: - Bewustzijn: nagaan of respondent iets weet over thema of er al heeft over nagedacht. - Algemene attitudes of meningen bevragen: nagaan hoe respondent denkt over bv. hedendaagse kunst - Specifieke attitudes of meningen bevragen: algemene thema verder verdiepen, vb: figuur van Jan Hoet - Redenen voor specifieke attitudes of meningen bevragen waarom vindt respondent Jan Hoet bijvoorbeeld charlatan - Sterkte van specifieke attitudes of meningen proberen na te gaan kan respondent dan echt niets positief over Jan Hoet vertellen  Om iemands mening over bepaalde zaken te weten volstaat het vaak om te vragen naar zijn of haar afkeuren.

34 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Doorvraagtechnieken Geef de respondent voldoende feedback, moedig hem aan om verder te gaan: - Stilte respecteren - Hummen, knikken, papegaaien - Belonen en straffen Nodig de respondent uit om dieper op iets in te gaan via detailvragen, elaboratievragen, verduidelijkingsvragen of het eventueel herhalen van vraag op iets andere manier. Kom terug op eerdere punten Gebruik contrastvragen om bepaalde zaken die de respondent zegt te confronteren met alternatieve meningen of grijp zijn mening aan om een controversieel standpunt te vertolken (stereotypes)

35 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Praktische zaken Maak altijd zo vlug mogelijk een letterlijk transcript van het interview. Noteer ook wat randinformatie: houding en gedrag respondent, voorvallen tijdens interview, beschrijving buurt of huis… Gebruik opnameapparatuur van goede kwaliteit (digitaal). Controleer de opnameapparatuur vooraleer het interview start. Vraag toestemming om te mogen opnemen en benadruk de vetrouwelijkheid. Zorg er voor dat het interview kan plaatsvinden op een rustige plaats waar je enkel met zijn tweeën bent. Neem indien nodig veiligheidsvoorzieningen. Laat steeds iemand weten waar je naar toe gaat en hoelang je denkt weg te zitten.

36 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Analyse van kwalitatieve onderzoeksdata

37 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek  Data-analysefase in kwalitatief onderzoek wordt vaak – ten onrechte – stiefmoederlijk behandeld. Blijkt vaak tijdens rapportering.  Data-analysefase is tijdrovend, vraagt heel veel aandacht en inzicht in materiaal. Het is een dynamisch proces waarbij op een systematische en begrijpelijke manier, cross-referentieel doorheen de data wordt gegaan; teneinde vaste thema’s en structuren of concepten uit de data naar boven zien te komen.  Startfase van iedere data-analyse is het uitgetikte interview en de hier opvolgende codering. Grote hulp tijdens analysefase zijn caqdas-paketten. Caqdas – Computer Assisted Qualitative Data Analysis vb: Atlas, NVivo,Qualrus… =>  Kwalitatieve data-analyse en rapportage vragen grote intellectuele eerlijkheid. Basiscriterium: analyses moeten open en begrijpbaar zijn voor derden.

38 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Kwalitatief Publieksonderzoek: een voorbeeld

39 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek

40 Onderzoeksvraag: In welke mate kan het hedendaagse cultureel actieve publiek als ‘omnivoor’ beschouwd worden ? Basisonderscheid: Hoogcultuur vs. Laagcultuur Hoe onderzoeken: Via gerichte vragen ivm de huidige en vroegere culturele praxis, gekoppeld aan het socialisatieproces en de invloed van significant others, komen tot een schets van de bredere culturele leefwereld van de hedendaagse cultuurparticipant.

41 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Doelstellingen van de vragen: HEDEN - Beschrijving van het culturele gedrag en/of ervaringen van de geïnterviewde. Belangrijk: Receptieve culturele participatie: Publiek vs. Privaat Actieve culturele participatie - Feitelijke kennis van cultuur, culturele manifestaties, sectoren en disciplines. Belangrijk: Wat zijn de informatiekanalen en kennisbronnen die men aanwendt en hoe diep reikt de eigenlijke kennis en interesse. - Meningen, waarde. Hoe staat men tegenover en evalueert men diverse kunstuitingen, disciplines, werken. Belangrijk: Wat vindt men zelf goede kunst en wat slecht, wat getuigt van goede smaak en wat niet. Waarom vindt men dat? -  ZIE quintamensional design - Gevoelsuitingen. Hoe ervaart respondent kunst en cultuur, wat brengt het teweeg en waarom participeert hij überhaupt (streeft hij/zij bepaalde emotie na: authenticiteit???). Speelt kunst en cultuur belangrijke emotionele rol in het leven van de respondent (verbonden met identiteitsvorming en -concept?)  Via bovenstaande vragen moeten we proberen te komen tot een antwoord op de vraag naar het belang van kunst en cultuur (belangrijk: zowel populaire als legitieme) in het leven van de respondent nu.

42 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek VERLEDEN Idem als heden, alleen nu terug gekoppeld naar het verleden van de respondent (eventuele subcultuur of jongerencultuur waartoe men zich rekende,…). Belangrijk hier is om na te gaan wat de invloed was van het gezin, de school en de vrienden en kenissengroep. Tevens is het belangrijk om de link te leggen naar het heden: eventuele veranderingen in praxis, kennis, meningen en gevoelsuitingen en de rol hierbij van socialisatie en significant others.  Via bovenstaande vragen moeten we proberen te komen tot een antwoord op de vraag naar het belang van kunst en cultuur (belangrijk: zowel populaire als legitieme) in het leven van de respondent vroeger en hoe dit zich verhoudt tot het heden. TOEKOMST Vragen naar mogelijke veranderingen in culturele veld en hoe men daar tegenover staat (multimedia, performance, body art,…). Vragen naar eventuele veranderingen in culturele praxis en evaluatie van kunst en cultuur, rol van kunst in toekomst, canonisatie van populaire kunstvormen (strips, film, fotografie, design, architectuur, popmuziek,…)  Enkel meningen, waarden

43 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek TOPIC GUIDE : Onderzoek naar culturele leefwereld van de Vlaamse cultuurparticipant 1.INTRODUCTIE - Zichzelf en studie voorstellen - Vertrouwelijkheid ivm interviewmateriaal verzekeren: anonimiteit - Spelregels interview uitleggen (gn. goede of slechte antwoorden, tijd nemen…) - Vragen om recorder te gebruiken

44 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek 1.WIE IS RESPONDENT Laat respondent(e) zichzelf voorstellen. - Naam - Leeftijd - Gezinssituatie Partner: leeftijd, opleiding, beroep Kinderen: hoeveel, leeftijd, opleiding - Opleidingsniveau Studierichting Waar gestudeerd Bijkomende opleidingen - Socio-professionele status Indien werkzaam: wat, waar, sinds wanneer, vroeger ander werk, tevreden, veel vrije tijd Indien nt-werkzaam: vroegere werkervaring, hoe lang, sinds hoelang nt. meer werkzaam Indien student: wat, waar, hoelang nog, wat wenst men later te doen - Afkomst Ouderlijk milieu: ouders (opleiding, beroep), broers of zussen (opleiding, beroep) - Woonplaats Sedert wanneer Van waar afkomstig Waarom verhuisd, hoe vaak verhuisd Tevredenheid woonplaats: cultureel aanbod (eventueel insteek om naar stuk over culturele praxis over te schakelen)

45 Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Evaluatie van eigen of anderen hun kwalitatief onderzoek Quality in Qualitative Evaluation: a framework for assessing research evidence


Download ppt "Workshop Kwalitatief Publieksonderzoek Alexander Vander Stichele Centrum voor Sociologisch Onderzoek (CESO) – Centrum voor Cultuursociologie (CCS) E. Van."

Verwante presentaties


Ads door Google