De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Pensioenen, vergrijzing en vervroegde uittrede 16-1-2012 Marjan Maes Docent-onderzoeker HUBrussel

Verwante presentaties


Presentatie over: "Pensioenen, vergrijzing en vervroegde uittrede 16-1-2012 Marjan Maes Docent-onderzoeker HUBrussel"— Transcript van de presentatie:

1 Pensioenen, vergrijzing en vervroegde uittrede Marjan Maes Docent-onderzoeker HUBrussel

2 Overzicht 1. Oorzaken financiële onhoudbaarheid pensioenstelsels 2. Vervroegde uittrede: waarom? 2.1. Impliciete belasting op werk 2.2. Onvrijwillige pensionering 3. Impact van vervroegde uittrede op 3.1.Jongerenwerkloosheid 3.2. Fysieke en mentale gezondheid gepensioneerden 4. Belgische pensioenstelsel in drie pijlers + hervormingen 5. Trends in pensioenhervormingen internationaal: Zwe/Dui/Fra 6. Politieke onhaalbaarheid pensioenhervormingen

3 Maatstaf financiële onhoudbaarheid: Pensioenuitgaven als %BBP Worden verwacht zeer sterk te stijgen in nabije toekomst 1.Oorzaken financiële onhoudbaarheid pensioenstelsels

4 Publieke pensioenuitgaven %BBP in 2007 en 2060 (Report Ageing(2009))

5 Pensioenuitgaven%BBP per land (Boldrin(1999))

6 Waarom? 1.1.Demografische vergrijzing sinds 1960 in geïndustrialiseerde landen: –Fertiliteit daalt –Levensverwachting stijgt

7 Fertiliteit (OECD(2011))

8 Levensverwachting bij geboorte vrouwen (OECD(2011))

9 Levensverwachting bij geboorte mannen (OECD(2011))

10 Verschil in levensverwachting tussen mannen en vrouwen, België, (OECD(2010))

11 Demografische voorspellingen (Ageing Report AWG(2009)) Fertiliteit verhoogt een klein beetje: –1.52 in 2008 –1.57 in 2030 –1.64 in 2060 Levensverwachting blijft sterk toenemen: –Man: van 76 in 2008 tot 84.5 in 2060 –Vrouw: van 82.1 in 2008 tot 89 in 2060 >>> Daling bevolking 15-64, stijging bevolking 64+

12 Old-age afhankelijkheidsratio (personen 65+ / personen 15-65) stijgt –in België van 27% in 2000 tot 54% in 2050 –In 2050 tot 72% in Italië en 38% in US

13 Old-age afhankelijkheidsratio (OECD(2009))

14 Demografische vergrijzing zet financiële houdbaarheid van pensioenstelsels onder druk In het bijzonder repartitiesystemen (bijdragen van huidige werkers financieren pensioenen van huidige gepensioneerden) (<>kapitalisatiesystemen:bijdragen worden belegd op kapitaalmarkt)

15 1.2. Daling effectieve pensioenleeftijd Bovenop demografische vergrijzing, ook een daling van effectieve pensioenleeftijd, in het bijzonder in België Dit verergert de financiële onhoudbaarheid van pensioenstelsels

16 Effectieve pensioenleeftijd (OECD(2011)) The effective retirement age is the average of ages of persons that definitively left the labour market through any pathway like old-age, early retirement, occupational pension scheme, disability, elderly unemployment,…

17 Verdeling arbeidsmarktstatus mannen 50-65jaar België (1996)

18 Unused productive capacity among people aged (Gruber-Wise(1999))

19 Duurtijd gemiddelde pensioneringsperiode (OECD(2011)) Land BE FR GER IRE IT SPA ZWE UK

20 Macro-economische voorspellingen (Report Ageing AWG (2009)) Werkgelegenheidsgraad stijgt (door stijging vrouwelijke werkgelegenheidsgraad) Aantal daalt >> Aantal werkenden daalt arbeidsproductiviteit blijft constant 1.7%per jaar >>>groeivoet BBP daalt van 2.4%per jaar in , naar 1.7% , naar 1.3% in

21

22 Voorspelde impact pensioenhervormingen op effectieve pensioenleeftijd (report ageing AWG (2009))

23 Publieke pensioenuitgaven %BBP in 2007 en 2060 (Report Ageing(2009))

24 Geschatte impact huidige hervormingen op pensioenkost België -“… zou de invoering van een loopbaanvoorwaarde van 40 jaar in de verschillende pensioenregelingen en in de brugpensioentak slechts een beperkte impact hebben op de budgettaire kosten van de vergrijzing.”(p.9,rapportScV.2011) - 5.5% BBP ipv 5.6% BBP

25 2. vervroegde uittrede: waarom? 2.1.Incentieven tot vervroegde uittrede? – Bevat sociale zekerheid voor 50plussers pensioneringsincentieven? – In welke mate beïnvloeden die het pensioneringsgedrag? 2.2. Zijn bedrijven verantwoordelijk voor vervroegde uittrede?

26 pensioneringsincentieven

27 Veronderstel dat een individu in jaar t pensioenrechten heeft opgebouwd = “Social Security Wealth” =present discounted value of entitlement to future benefits “Accrual” : =verandering in SSW als men bijkomend jaar werkt Impliciete belasting op bijkomend jaar werken=

28 Indien hij zou uittreden: –pensioen van pensioenleeftijd tot overlijden Indien hij een jaar langer zou werken: –bijdragen betalen op arbeidsinkomen –verlies pensioen in dat jaar Hij zal één jaar langer werken indien de toename in toekomstige pensioen voldoende groot is om te compenseren dat hij een jaar langer bijdragen moet betalen en pensioen verliest in dat jaar

29 Veronderstel: –start loopbaan op 20 jaar –jaarlijks bruto arbeidsinkomen = euro –jaarlijkse loontoename = 1.5% –Rustpensioen met “Early retirement age”=vroegste leeftijd waarop pensioen kan worden opgenemen = 60 ( “statutory” wettelijke leeftijd=65) pensioen = (loopbaan/45)*gemiddeldarbeidsinkomen*(60 of 75%) >> toename met slechts +/-2.2% per gewerkt jaar zware impliciete belasting op bijkomend jaar werk in België! voorbeeld: Belgisch rustpensioen voor werknemers (Dellis-Desmet et al.(2002))

30 yearly earnings pension *1000 Potential old-age retirement age , ,316, ,310,617, ,310,611,017, ,310,611,011,317, ,310,611,011,311,717, ,310,611,011,311,712,118,1 pensioneringsincentieven SSW ,0136,8131,4125,7119,9113,9106,2 Accrual4,2-5,2-5,4-5,7-5,8-6,0-7,8- ImplTax-0,2980,3100,3190,3260,3320,330,428-

31 impact incentieven op pensioneringsgedrag Binair logistieke modellen: schatten kans op pensionering (ja/nee) in t met retirement incentieven als onafhankelijke variabele: te schatten coefficient Resultaat: retirement incentieven hebben significante en grote impact op pensioneringsgedrag

32 Impliciete belasting op werk versus pensioneringskansen (Gruber-Wise(1993)) Impliciete cumulatieve belastingvoet op werk (logarithm) Niet werkende ouderen R 2 = 0.82 Jap US Can Swe ESP UK Fr Ger Be It NL

33 Gruber-Wise(2004): 82% van pensioneringsgedrag kan verklaard worden door impliciete belasting op arbeid

34 Betere schattingen en simulaties met multinomiaal logistieke modellen expliciet onderscheid tussen verschillende uittrede-wegen: brugpensioen, lichamelijke ongeschiktheid, rustpensioen, ouderenwerkloosheid,... Resultaat: “it does not make sense to close one door to early retirement, you should close all doors”; er is substitutie tussen uittrede-wegen

35 Bv. Impact optrekken rustpensioenleeftijd vrouwen op andere uittrede-kanalen in België (RVA(2011))

36 2.2. Zijn bedrijven verantwoordelijk voor vervroegde pensionering? Nederland16.7% Frankrijk41.0% Duitsland50.0% Zweden37.5% Portugal54.2% UK28.9% US9.4% Spanje32.5% Italië28.6% Hongarije62.1% Slovenië46.3% Percentage onvrijwillige pensionering (Dorn-Souza-Poza(2005))

37 Redenen onvrijwillige vroege uittrede? Negatieve vraagschok output markt in combinatie met hoge ontslagkost / EPL / loonrigiditeit (Hutchens(1999)) Implementatie nieuwe technologie vereist investering human capital: rendement van die investering is groter bij lange tijdshorizon / jonge dan oudere werknemers (Cheron-Khaskoussi-Langot(2009)) Marg. productiviteit oudere werknemers daalt terwijl loon stijgt met leeftijd (Lazear(1979))

38 In al die gevallen worden brugpensioenen (en bepaalde aanvullende DB- pensioenplannen) gebruikt als “ontslag”instrument door bedrijven en door werknemer ervaren als “offer one cannot refuse”/”gedwongen vertrek”

39 EPL en kans op een job voor 50+ (OECD(2011)) Hiring rate of men (in%)

40 Theorie Lazear(1979): oudere werknemers hebben hoge lonen niet omwille van hoge productiviteit maar om jongeren te motiveren en hen in de firma te houden

41 Illustratie Lazear Model loon Reservatie loon Marginale productiviteit leeftijd gekozen vrijwillige t door werkgever pensioenleeftijd

42 Teneinde ontslag sociaal aanvaardbaar te maken of werknemers incentive te geven om te blijven tot T en te vertrekken na T: – brugpensioen –aanvullend pensioen defined benefit type bv. X% laatste loon met volledige carrière op T Bv. BE,FR, GER met “brugpensioenen”, bv. VS en NL met DB-pensioenplannen Japan,Swe, Nor, UK

43 Gemiddeld loon volgens leeftijd (OECD(2011))

44 Anciënniteitslonen en kans op een job voor 50+ (OECD(2011)) The hiring rate is the number of employees with less than one year of tenure relative to total employees.

45 3.Impact vervroegde uittrede op 3.1.jongerenwerkloosheid?

46 Eurobarometer (2002): in 9 van 15 EU landen, meer dan 50% bevolking gelooft dat vervroegde pensionering jobs creeërt voor jonge werklozen Echter, extreem naïef: in landen met hoge (lage) jongerenwerkloosheid is er juist meer (minder) vervroegde pensionering: Boldrin et al(1999), Jousten-Pestieau-Lefèvre(2008),...

47

48 Positieve correlatie werkgelegenheid ouderen en jongeren (OECD(2011))

49 Analyse micro-gegevens voor België (Jousten-Lefevre-Pestieau(2008)) Schatting model met OLS: jongerenwerkloosheid in t werkgelegenheid ouderen in t onafhankelijke variabelen random foutenterm Resultaat: er is geen of licht negatief! verband

50 3.2.Impact vervroegde uittrede op fysieke en mentale gezondheid gepensioneerden?

51 Negatieve impact op fysieke gezondheid (cardiovasculaire aandoeningen, obesitas, hoge bloeddruk) en mentale gezondheid (depressie) (Dave-Rashad-Spasojevic(2006), Behncke(2009),Bamia et al.(2007),…) –Omwille van daling fysieke activiteiten en overconsumptie –Omwille daling sociale interactie / eenzaamheid In het bijzonder bij onvrijwillige pensionering (vanSolinge(2009)) Negatieve causale impact op cognitive vaardigheden (Rothwedder-Willis(2010))

52 oplossingen pensioenprobleem Rechtstreeks: –Langer werken / hogere effectieve pensioenleeftijd –Hogere bijdragen –Lagere pensioenuitkeringen Onrechtstreeks: –Verhogen fertiliteit en arbeidsaanbod vrouwen >>>simpel economisch model

53 –Bijdragevoet op arbeidsinkomen –pensioenuitkering –Pensioenleeftijd –Arbeidsproductiviteit zodat –Levensverwachting –Huidige generatie en vorige generatie fertiliteitsgraad is dus Parameters van een repartitiepensioenstelsel

54 Eerste periode: leeftijd –iedereen werkt Tweede periode: leeftijd 50 tot overlijden op –iedereen werkt een fractie van de tweede periode en is gepensioneerd gedurende een fractie l – z

55 repartitie: pensioenuitkering van huidige gepensioneerden is gefinancierd door bijdragen op arbeidsinkomen huidige werkenden Budget overheid:

56 Aangezien Pensioenuitgaven = pensioeninkomsten

57 4.Overzicht pensioenstelsel België veranderingen Generatiepact veranderingen wet

58 Eerste pijler –Rustpensioen werknemers/zelfstandigen/ambtenaren –Vervroegde uittrede regelingen (brugpensioen/ouderenwerkloosheid werknemers; pensioen lichamelijke ongeschiktheid ambtenaren;interne pensioenbelofte bedrijfsmandatarissen) –IGO Tweede pijler –werknemers –Zelfstandigen Derde pijler –Pensioensparen –Levensverzekering

59 4.1.Eerste pijler:verplichte sociale zekerheid en bijstand

60 RustpensioenWerknemers ZelfstandigenAmbtenaren Verplichte bijdragen16.36% bruto arbeidsinkomen “ 6% ” netto beroepsinkomsten geen Minimum(2011)Na 30 (15) jaar 60%: %: 1332 Na 30 (15) jaar 60%: %: 1310 Na 20jaar alleen:1236 gehuwd: 1546 Maximum (2011)60%: %: %: %: 1375 Min(5805; 75%laatste loon) referteloonGem. 45jaar Gem.laatste5(10) jaar Vervangingsratio bij volledige loopbaan 60% alleen 75% gehuwd 60% alleen 75% gehuwd 75% Minimumloopbaan opname 35 (40) jaren 5 (40) jaren Minimumpensioen leeftijd (58, … ) Wettelijke leeftijd65 65 (50,54,..) Aanpassing vervroegde opname GEEN (malus afgeschaft in 1991) Malus 5% per jaar voor 65 Bonus 2/1.5% per jaar na 60

61 Financiering werknemers –Sociale bijdragen (16.36%) op bruto arbeidsinkomen – +/-10% van uitkeringen gefinancierd door overheid

62 Financiering zelfstandigen –Sociale bijdragen op netto inkomen(2011) 22% op inkomen onder 52378euro 14,16% op inkomen tussen euro 0% op inkomen boven 77189euro Gebruikt om ALLE sociale zekerheidsuitkeringen te financieren (en niet enkel pensioenen!, “gemiddeld” 6% van inkomen) REGRESSIEF: herverdeling van arm naar rijk –+/- 40% van uitkeringen gefinancierd door overheid

63 Financiering ambtenaren –100% gefinancierd door overheid –Geen bijdragen “om lagere lonen van ambtenaren tov private sector te compenseren” –Pensioen= “uitgesteld inkomen”

64 Pensioenleeftijd werknemers wettelijk : 65 Vervroegd: 60 62vanaf2016 indien loopbaan 35 40vanaf2016 jaar voor 1991, voor elk jaar vervroegde opname pensioen verminderd met 5%. 1991: deze actuariële faire aanpassing wordt afgeschaft!!!!!!!

65 Pensioenleeftijd zelfstandigen wettelijk : 65 Vervroegd: 60 62vanaf2016 indien loopbaan 35 40vanaf2016 jaar –Voor elk jaar vervroegde opname, pensioenvermindering met 5% >>indien opname op 60, pensioen 25% lager

66 Pensioenleeftijd ambtenaren –Verplicht wettelijk: 65 54/56/58: politie, 55:NMBS, 45/50/56: militairen –Vervroegd: 60 62vanaf2016 indien loopbaan als statutair van 5 40vanaf2016 jaar 56 of 58: onderwijs TBS –Voor 60: pensioen lichamelijke ongeschiktheid =zelfde berekening als rustpensioen na screening door medische dienst + opsparen contingent 20 ziektedagen per jaar als soort “brugpensioen”

67 Pensioenen wegens lichamelijke ongeschiktheid (Rapport rekenhof (2009))

68 Ziekteverzuimpercentages ambtenaren volgens geslacht en leeftijd in 2008 (Medex(2009))

69 Berekening rustpensioen werknemers N = jaren gewerkt +geassimileerd (werkloosheid(niet voor derdeperiode), ziekte, brugpensioen(niet voor 60),...); maximum = 45 Gemiddeld arbeidsinkomen op loopbaan: begrensd tot 3996 bruto/maand(2011) vervangingsratio =75% indien gehuwd en echtgenoot zonder inkomen; anders 60%

70 Berekening rustpensioen zelfstandigen Idem werknemers maar: andere assimilatieperioden Gemiddeld arbeidsinkomen op loopbaan: –voor 1984: forfaitair bedrag –na 1984: nettoarbeidsinkomen tot plafond 5065euro(2011) H = harmonisatiecoefficient =+/ –Aangezien zelfstandigen veel minder bijdragen betalen dan werknemers>> correctie –“= bijdragen zelfstandigen/bijdragen werknemers” minimum pensioen toegenomen met 25% zonder toename in bijdragen!

71 Berekening rustpensioen ambtenaren 5 10 Tantième 60 >> 45/60 = 75% –N/1248vanaf? gouverneurs –N/3048vanaf? Rechters, univ.professoren –N/35 48vanaf? magistratuur –N/20 48vanaf? katholieke erediensten Bonus van 2/1.5% voor elk jaar pensionering na 60 Wie ontsnapt aan hervorming? –55plus op voor tantièmes –NMBS, politie, militair voor alles –50plus op voor referentewedde

72 Brugpensioen werknemers SWT Brugpensioenuitkering =genereuze werkloosheiduitkering + werkgevertoeslag =tenminste 50% (soms 85%) laatste netto loon (tot 3625euro/maand) Assimilatie rustpensioenrechten tijdens brugpensioen niet voor 60

73 Nationale CAO: leeftijd 60 na loopbaan 20 (35 mannen van 2012, vrouwen van ) jaar Sectorale CAO : –leeftijd 58 na loopbaan 25 jaar (38 van of “zware beroepen” van 2015 ) –leeftijd 55 na loopbaan 38 jaar (van 2015: afgeschaft) –leeftijd 56 na loopbaan 33 jaar (vanaf 2015: afgeschaft behalve bouw and nachtwerk) –Bedrijven in herstructurering: leeftijd 50 55van2018 na loopbaan 20 jaar met verplicht outplacement en loon gedurende 6 maanden ipv opzegvergoeding voor 112 dagen

74 Vrijgesteld van zoekplicht vanaf leeftijd 58 of loopbaan 38 –echter vanaf 50(52in vlaanderen): geen controle/begeleiding VDAB Canada Dry pensioenen -“a drink that looks like beer but is no beer” -Niet-officieel maar even genereus als conventioneel brugpensioen -geen wel sociale bijdragen op werkgevertoelage zoals conventionele brugpensioenuitkering

75 Impact activering op uitstroom werkloosheid (RVA-studies(2011))

76 Survey RVA(2011) bij bedrijven in herstructurering: 92%op brugpensioen (2076 van 2263) Survey ontslagen 50+ arbeiders Opel Antwerpen –0.9% hertewerkgesteld (of in beroepsopleiding) na outplacement –41% van zij die kiezen voor bruggepensioneerden hadden liever blijven werken, vooral voltijds de werkwilligheid bij de vervroegd bruggepensioneerden van Opel(Maes-Deneyer(2011)) “Als u kon kiezen, in welke situatie zou u het liefst zijn?” Totaal Niet werken50%4/5voltijds Brugpensioen59%7%13%21%60% Ontslagvergoeding6%9%11%74%40% Totaal37%8%13%42%100%

77 Ouderenwerkloosheid Voorwaarde: loopbaan als werknemer van 20 jaar werkloosheid met anciënniteitstoeslag: +10% boven % boven 58 Assimilatie rustpensioenrechten gedurende werkloosheid Niet voor derdeperiode

78 Vrijgesteld zoekplicht naar werk vanaf 58 of loopbaan 38 jaar –echter vanaf 50(52in vlaanderen): geen controle/begeleiding VDAB

79 IGO =bijstand Financiering – 100% door overheid voorwaarden: –leeftijd: 65 –Na middelentest –Domicilie in belgië Stijging 15% tot boven armoededrempel Alleenstaande:953euro Samenwonend iemand: 635euro inkomensherverdeling van rijk naar arm

80 4.2.Tweede pijler: aanvullende pensioenen gelinkt aan beroepsactiviteit

81 aanvullende pensioenen werknemers Wet vandenbroucke (2003): sociale wetgeving stimuleert niet enkel bedrijfspensioenen maar ook sectorpensioenen met als doel Hogere dekkingsgraad Deelname kleine bedrijven Kapitalisatie DB of DC (met langetermijn minimumrendementsgarantie van 3.25%)

82 beheer –Pensioen fonds (+/-20%) Hoog rendement; meer gediversifieerde belegging aandelen-obligaties Lage administratieve kost indien groot fonds: schaalvoordelen! –Verzekeringsmaatschappij (+/-80%) Lager rendement: minder gediversifieerde belegging obligaties Administratieve kosten vaak voor kleinere ondernemingen Sinds WAP, opname: NIET voor 60 jaar Fiscaal gunstige behandeling bijdragen en uitkeringen

83 Fiscaal gunstige behandeling bijdragen en uitkering bv. –16.5% (20%binnenkort) opname kapitaal op 60 –10% opname kapitaal op 65

84 VAPZ zelfstandigen Sinds 1984 DC Kapitalisatie Levensverzekering met gegarandeerd rendement van 0% Beheer door verzekeringsmaatschappij(sinds 2004) of sociaal verzekeringsfonds Fiscaal extreem genereuze behandeling

85 Interne pensioenbelofte zelfstandige bedrijfsleiders Tot op heden: interne provisionering binnen bedrijf teneinde hogere vennootschapsbelasting op winst te ontwijken –Geen kapitalisatie –Voorziening = geboekt als fiscaal aftrekbare kost Binnenkort: verplicht externaliseren/overdragen van bestaande voorziening naar pensioeninstelling (verzekeringsmaatschappij of pensioenfonds) –Verplichte kapitalisatie

86 4.3.Derde pijler

87 Vrij toegankelijk onafhankelijk van beroepsactiviteit Kapitalisatie Beheer door bank of verzekeringsmaatschappij DC met (tak 21) of zonder (tak 23) gegarandeerd rendement genereuze fiscale behandeling 2 producten: pensioensparen en individuele levensverzekering niet herverdelend van rijk naar arm

88 pensioensparen bijdragen –880euro per jaar >>belastingvermindering tussen 30%*880 en 40%*880euro per jaar (binnenkort enkel 30%) uitkeringen –kapitaal: belast op leeftijd 60 10% ingeval opname vanaf 60 of bruggepensioneerd anders: 33% –rente: progressieve inkomensbelasting

89 levensverzekering Altijd gegarandeerd rendement Bijdragen –2120euro per jaar >>belastingvermindering tussen 30%*2120 en 40%*2120euro per jaar uitkering –kapitaal belast op leeftijd 60 10% ingeval van opname vanaf 65 anders: 33% –rente: progressieve inkomensbelasting

90 5. Trends in pensioenhervormingen

91 5.1.“parametrische” hervormingen Verhoging “statutory” of “normal” of “full” of “wettelijke/legal” pensioenleeftijd: –Leeftijd waarop er geen actuariële aanpassing (in functie van loopbaan of opnameleeftijd) meer plaatsvindt van de pensioenuitkering Verhoging “early retirement age”: –Leeftijd waarop het pensioen voor het eerst kan worden opgenomen, vaak met actuariële aanpassing ingeval opname voor of na wettelijke pensioenleeftijd Verstrenging actuariële aanpassingen Verstrenging loopbaanvoorwaarden

92 Stijging wettelijke “statutory” pensioenleeftijd Wanneer? Australxv2023 AUx BEx DKxv2024 FRxv2018 GERxv2029 GRxlifeexpectancy2021 IREx ITxvV2018/2050 NLxv2020 NORx ESPxv2027 SWEx USxV2022 UKxV2044

93 Stijging “early retirement age” Leeftijd Voor Na Loopbaan Voor Nawanneer? AUS BE in 2016 DK606225in 2019 FR6062in 2018 GER6335 GR6015in 2018 IT606136In 2013 ESP606130<45 in 2012 Uk/Nl/ US62 SWE61 NOR62

94 Actuariële aanpassing AUS4.20%malus 4.20%bonus BE0(bonus na early retirement age!!) DK5.80%bonus FR5%malus 5%bonus GER3.60%malus 6%bonus GR6%malus 3%bonus ESP6-7.5%malus 2-3%bonus NL/DK/IT/SWE/ UK10.40%bonus US6.67%malus 8%bonus

95 5.2.Systeem Hervormingen: financing method(FF/PAYG) en benefit formula(DB/DC) Zweden/Italië/Polen/Letland: van DB PAYG naar Notional Defined Contributions (NDC) PAYG aangevuld met verplicht DC Fully Funded Waarom geen transitie van PAYG naar Fully Funded? Transitie generatie moet twee keer betalen

96 DB Benefit depends on years of contributions and measure of earnings F.e. Pension= N/45*60% *average lifetime wages =N/40*70% of best 10 years of earnings DC Benefit depends on contributions and return financial market F.e. Pensioncapital = Notional account : DC but with virtual/notional return equal to productivity g and population growth n F.e. Pensioncapital =

97 Pensioenhervorming gaat vaak samen met privatisering van pensioenen –Private pensioeninkomen=hogere aandeel van het pensioeninkomen –Toenemende armoede bij en inkomensongelijkheid bij gepensioneerden

98

99

100 Verdeling eerstepijlerpensioenen is minder ongelijk dan bij privaat beheerde pensioenen (Forster(2005))

101 6. Politieke weerstand tegen pensioenhervormingen

102 Median voter model In een democratie met meerderheidsstemming over pensioenhervormingen, stemt een meerderheid van middle-aged en oudere stemmers (en jongeren met laag inkomen) tegen: hervorming is politiek onhaalbaar (Galasso- Profeta(2004))

103 Mediane leeftijd stempubliek

104 Frankrijk4756 Duitsland4655 Italië4456 Spanje4457 UK4553 US4753 Mediane leeftijd stempubliek (Eurostat(2000))

105 Survey Vlaanderen (Schokkaert(2001)): –werkelijke pensioenleeftijd: 57 - gewenste pensioenleeftijd: 57 Surveys gewenste en verwachte pensioenleeftijd in Frankrijk en België Frankrijk(Assous(2001)België(Devits(2002) LeeftijdgewenstverwachtleeftijdgewenstVerwacht > <505960

106 AXA pensioenbarometer (2006)

107 In US en EU (Jacobs-Shapiro(1999), Eurobarometer(2001 en 2004), Boeri(2001), Assous(2001),...) –meerderheid tegen pensioenhervorming die bijdragen verhoogt, uitkeringen verlaagt, pensioenleeftijd verhoogt –meerderheid wil behoud status quo = “niets doen”

108 Resultaten surveys Duitsland, Italië, Spanje Meerderheid beseft financiële onhoudbaarheid 40,5%bevolking begrijpt hoe repartitiesysteem werkt Meerderheid tegen pensioenhervorming, in het bijzonder diegenen die probleem van financiële onhoudbaarheid beseffen: egoisme?

109 Egoisme of Gebrek aan inzicht in gevolgen van repartitiesysteem >>> betere informatie bevolking leidt tot grotere bereidheid om hervormingen te aanvaarden! ( Boeri- Tabellini(2008))


Download ppt "Pensioenen, vergrijzing en vervroegde uittrede 16-1-2012 Marjan Maes Docent-onderzoeker HUBrussel"

Verwante presentaties


Ads door Google