De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Beheersinstrumenten HET KADASTER VAN DE KINDERBIJSLAG Johan Buyck Informatiesessie over kinderbijslag RKW – 13 december 2012 Johan Buyck Informatiesessie.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Beheersinstrumenten HET KADASTER VAN DE KINDERBIJSLAG Johan Buyck Informatiesessie over kinderbijslag RKW – 13 december 2012 Johan Buyck Informatiesessie."— Transcript van de presentatie:

1 Beheersinstrumenten HET KADASTER VAN DE KINDERBIJSLAG Johan Buyck Informatiesessie over kinderbijslag RKW – 13 december 2012 Johan Buyck Informatiesessie over kinderbijslag RKW – 13 december 2012

2 2 Primair netwerk: openbare socialezekerheidsinstellingen Secundair netwerk: meewerkende privé-instellingen RIJKSREGISTER KRUISPUNTBANK VAN DE SOCIALE ZEKERHEID INNING VAN DE BIJDRAGEN VOOR SOCIALE ZEKERHEID SOCIALE ZAKEN WERKLOOSHEID ZIEKTE- EN INVALIDITEITS- VERZEKERING PENSIOENEN JAARLIJKSE VAKANTIE BEROEPSZIEKTEN ARBEIDS- ONGEVALLEN SOCIALE ZEKERHEID VOOR ZELFSTANDIGEN RKW Kadaster ARBEIDS- BEMIDDELINGS- DIENSTEN OCMW’s 1. NETWERK VAN DE SOCIALE ZEKERHEID

3 3  In productie sinds 2004  Verwijzingsrepertorium: bevat alle actoren van alle dossiers (die onderzocht worden en betaald worden) van alle kinderbijslaginstellingen  Instrument waarmee gekwalificeerde gegevens worden doorgegeven - via consultatieberichten (pull op eigen verzoek) - via distributieberichten (push automatisch)  Preventie van cumul (strijd tegen sociale fraude) op niveau van de kinderen  In productie sinds 2004  Verwijzingsrepertorium: bevat alle actoren van alle dossiers (die onderzocht worden en betaald worden) van alle kinderbijslaginstellingen  Instrument waarmee gekwalificeerde gegevens worden doorgegeven - via consultatieberichten (pull op eigen verzoek) - via distributieberichten (push automatisch)  Preventie van cumul (strijd tegen sociale fraude) op niveau van de kinderen 2. DEFINITIE EN DOELSTELLINGEN VAN HET KADASTER 2. DEFINITIE EN DOELSTELLINGEN VAN HET KADASTER

4 4  Regeling voor werknemers: − 14 privé-kinderbijslagfondsen − 2 bijzondere kinderbijslagfondsen (BK1 + BK4) − NMBS − RSZPPO − RKW  Regeling voor de openbare sector: − 22 openbare instellingen (bv. CDVU) (sinds 2008) − RKW voor openbare instellingen die het beheer hebben overgedragen  Regeling voor de gewaarborgde gezinsbijslag: RKW  Regeling voor werknemers: − 14 privé-kinderbijslagfondsen − 2 bijzondere kinderbijslagfondsen (BK1 + BK4) − NMBS − RSZPPO − RKW  Regeling voor de openbare sector: − 22 openbare instellingen (bv. CDVU) (sinds 2008) − RKW voor openbare instellingen die het beheer hebben overgedragen  Regeling voor de gewaarborgde gezinsbijslag: RKW 3. PARTNERS VAN HET KADASTER

5 5 Kadaster RKW RSZPPO Bv. CDVU NMBS RKW Werknemers Openbare instellingen Gewaarborgde Openbare sector 14 privéfondsen + 2 bijzondere fondsen 3. PARTNERS VAN HET KADASTER

6 6  Regeling van de zelfstandigen (RSVZ en sociale verzekeringsfondsen) − geen eigen gegevensbank met dezelfde inhoud en dezelfde waarborgen als het Kadaster − negatieve impact op de strijd tegen sociale fraude: geen preventie cumul zelfstandigen – werknemers op niveau van de kinderen  risico op dubbele betaling tussen 2 sociale verzekeringsfondsen: geen automatische weigering  risico op dubbele betaling tussen de regeling voor zelfstandigen en de regeling voor werknemers: geen automatische weigering  Geen globaal overzicht van de kinderbijslagdossiers in België  Regeling van de zelfstandigen (RSVZ en sociale verzekeringsfondsen) − geen eigen gegevensbank met dezelfde inhoud en dezelfde waarborgen als het Kadaster − negatieve impact op de strijd tegen sociale fraude: geen preventie cumul zelfstandigen – werknemers op niveau van de kinderen  risico op dubbele betaling tussen 2 sociale verzekeringsfondsen: geen automatische weigering  risico op dubbele betaling tussen de regeling voor zelfstandigen en de regeling voor werknemers: geen automatische weigering  Geen globaal overzicht van de kinderbijslagdossiers in België 4. NIET IN HET KADASTER

7 7 Om die lacune weg te werken verbindt de Rijksdienst zich in zijn 4de bestuursovereenkomst ertoe zijn expertise aan RSVZ aan te bieden inzake:  het opstellen van een equivalent Kadaster  het beheren van een kadaster  efficiënte consultaties en uitwisselingen tussen de twee gegevensbanken  geconsolideerde strijd tegen sociale fraude Toekomst? Om die lacune weg te werken verbindt de Rijksdienst zich in zijn 4de bestuursovereenkomst ertoe zijn expertise aan RSVZ aan te bieden inzake:  het opstellen van een equivalent Kadaster  het beheren van een kadaster  efficiënte consultaties en uitwisselingen tussen de twee gegevensbanken  geconsolideerde strijd tegen sociale fraude Toekomst? 4. NIET IN HET KADASTER

8 8 5. AANLEG DOSSIER  Op het moment dat een kinderbijslagdossier wordt aangelegd dient de kinderbijslaginstelling voor alle personen die deel uitmaken van het dossier (=actoren) een aantal gegevens in te voeren in hun database.  De volgende gegevens worden door de database van de kinderbijslaginstelling automatisch verzonden naar het Kadaster: − identificatiegegevens voor alle actoren − specifieke gegevens voor verschillende types actoren  Op het moment dat een kinderbijslagdossier wordt aangelegd dient de kinderbijslaginstelling voor alle personen die deel uitmaken van het dossier (=actoren) een aantal gegevens in te voeren in hun database.  De volgende gegevens worden door de database van de kinderbijslaginstelling automatisch verzonden naar het Kadaster: − identificatiegegevens voor alle actoren − specifieke gegevens voor verschillende types actoren

9 9  Rechthebbende: persoon die het recht op kinderbijslag opent (type 101)  Bijslagtrekkende: persoon die de kinderbijslag ontvangt (twee mogelijkheden: types 102 en 103)  Rechtgevend kind: persoon voor wie de kinderbijslag wordt betaald (type 104)  Vierde actor: persoon die het recht op kinderbijslag kan beïnvloeden (twee mogelijkheden: types 105 en 106)  Rechthebbende: persoon die het recht op kinderbijslag opent (type 101)  Bijslagtrekkende: persoon die de kinderbijslag ontvangt (twee mogelijkheden: types 102 en 103)  Rechtgevend kind: persoon voor wie de kinderbijslag wordt betaald (type 104)  Vierde actor: persoon die het recht op kinderbijslag kan beïnvloeden (twee mogelijkheden: types 105 en 106) 6. IN HET KADASTER GEÏNTEGREERDE ACTOREN 6. IN HET KADASTER GEÏNTEGREERDE ACTOREN Alleen natuurlijke personen kunnen als actor in het Kadaster worden opgenomen (dus geen rechtspersonen)

10 10 Voor alle actoren en voor alle types actoren sturen de kinderbijslaginstellingen de volgende identificatie- gegevens door naar het Kadaster:  Het INSZ (uniek Identificatienummer van de Sociale Zekerheid = Rijksregisternummer, database beheerd door FOD Binnenlandse Zaken) of BIS-nummer (voor degenen die niet beschikken over een Rijksregister- nummer, database beheerd door KSZ)  De naam  De voornaam  De geboortedatum Voor alle actoren en voor alle types actoren sturen de kinderbijslaginstellingen de volgende identificatie- gegevens door naar het Kadaster:  Het INSZ (uniek Identificatienummer van de Sociale Zekerheid = Rijksregisternummer, database beheerd door FOD Binnenlandse Zaken) of BIS-nummer (voor degenen die niet beschikken over een Rijksregister- nummer, database beheerd door KSZ)  De naam  De voornaam  De geboortedatum 7. IDENTIFICATIEGEGEVENS VOOR ALLE ACTOREN

11 11 1. DE RECHTHEBBENDE (type 101)  Een integratieperiode waardoor de attesten van het Rijksregister, het BIS-register en de socio- professionele attesten (arbeidsprestaties, werkloosheidsgegevens, invaliditeitsgegevens,…) (cfr. slide 2) kunnen worden verkregen: − begindatum van de integratie − einddatum van de integratie (facultatief)  ! geen betaalgegevens 1. DE RECHTHEBBENDE (type 101)  Een integratieperiode waardoor de attesten van het Rijksregister, het BIS-register en de socio- professionele attesten (arbeidsprestaties, werkloosheidsgegevens, invaliditeitsgegevens,…) (cfr. slide 2) kunnen worden verkregen: − begindatum van de integratie − einddatum van de integratie (facultatief)  ! geen betaalgegevens 8. SPECIFIEKE GEGEVENS PER ACTOR

12 12 2. DE BIJSLAGTREKKENDE (types 102 en 103)  Type bijslagtrekkende: − type 102: alleen de attesten van het Rijksregister en het BIS-register − type 103: de attesten van het Rijksregister, het BIS-register en de socio-professionele attesten  Een integratieperiode per type bijslagtrekkende: − begindatum van de integratie − einddatum van de integratie (facultatief)  Een of meerdere geldige betaalperiodes: − begindatum van de geldige betaling − einddatum van de geldige betaling (facultatief)  Het kraamgeld 2. DE BIJSLAGTREKKENDE (types 102 en 103)  Type bijslagtrekkende: − type 102: alleen de attesten van het Rijksregister en het BIS-register − type 103: de attesten van het Rijksregister, het BIS-register en de socio-professionele attesten  Een integratieperiode per type bijslagtrekkende: − begindatum van de integratie − einddatum van de integratie (facultatief)  Een of meerdere geldige betaalperiodes: − begindatum van de geldige betaling − einddatum van de geldige betaling (facultatief)  Het kraamgeld 8. SPECIFIEKE GEGEVENS PER ACTOR

13 13 3. HET RECHTGEVEND KIND (type 104)  Een integratieperiode waardoor de attesten van het Rijksregister, het BIS-register en bepaalde socio- professionele attesten (inschrijving als student en als werkzoekende schoolverlater, arbeidsprestaties,…) kunnen worden verkregen: − begindatum van de integratie − einddatum van de integratie (facultatief)  Een of meer geldige betaalperiodes: − begindatum van de geldige betaling − einddatum van de geldige betaling (facultatief)  De adoptiepremie 3. HET RECHTGEVEND KIND (type 104)  Een integratieperiode waardoor de attesten van het Rijksregister, het BIS-register en bepaalde socio- professionele attesten (inschrijving als student en als werkzoekende schoolverlater, arbeidsprestaties,…) kunnen worden verkregen: − begindatum van de integratie − einddatum van de integratie (facultatief)  Een of meer geldige betaalperiodes: − begindatum van de geldige betaling − einddatum van de geldige betaling (facultatief)  De adoptiepremie 8. SPECIFIEKE GEGEVENS PER ACTOR

14 14 4. VIERDE ACTOR (types 105 en 106)  Type vierde actor: − type 105: alleen de attesten van het Rijksregister en het BIS- register − type 106: de attesten van het Rijksregister, het BIS-register en de socio-professionele attesten  Een integratieperiode per type vierde actor: − begindatum van de integratie − einddatum van de integratie (facultatief) 4. VIERDE ACTOR (types 105 en 106)  Type vierde actor: − type 105: alleen de attesten van het Rijksregister en het BIS- register − type 106: de attesten van het Rijksregister, het BIS-register en de socio-professionele attesten  Een integratieperiode per type vierde actor: − begindatum van de integratie − einddatum van de integratie (facultatief) 8. SPECIFIEKE GEGEVENS PER ACTOR

15 15 Voorbeeld: dossier in het Kadaster 8. SPECIFIEKE GEGEVENS PER ACTOR

16 16 INTEGRITEIT  Verplicht invoeren van actoren door de kinderbijslag- instellingen zodat zij de attesten van het Rijksregister, BIS-register en de socio-professionele attesten kunnen ontvangen  Verplichte dagelijkse bijwerking van de gegevens- banken van de kinderbijslagstellingen  Kadaster INTEGRITEIT  Verplicht invoeren van actoren door de kinderbijslag- instellingen zodat zij de attesten van het Rijksregister, BIS-register en de socio-professionele attesten kunnen ontvangen  Verplichte dagelijkse bijwerking van de gegevens- banken van de kinderbijslagstellingen  Kadaster 9. EIGENSCHAPPEN VAN HET KADASTER

17 17 CONFORMITEIT  De via de kinderbijslaginstellingen verkregen gegevens in het Kadaster zijn dezelfde als de gegevens van hun gegevensbanken aangezien ze hieruit worden aangeleverd  permanente matching CONFORMITEIT  De via de kinderbijslaginstellingen verkregen gegevens in het Kadaster zijn dezelfde als de gegevens van hun gegevensbanken aangezien ze hieruit worden aangeleverd  permanente matching 9. EIGENSCHAPPEN VAN HET KADASTER

18 18 DICHTHEID  Een betaling wordt ingevoerd in de interne database van een kinderbijslaginstelling  Een betaaldatum wordt in het Kadaster geïntegreerd  De betaaldatums in het Kadaster kunnen elkaar niet overlappen  Verschillende kinderbijslaginstellingen kunnen niet voor hetzelfde kind en dezelfde periode betalen  PREVENTIE VAN CUMULS DICHTHEID  Een betaling wordt ingevoerd in de interne database van een kinderbijslaginstelling  Een betaaldatum wordt in het Kadaster geïntegreerd  De betaaldatums in het Kadaster kunnen elkaar niet overlappen  Verschillende kinderbijslaginstellingen kunnen niet voor hetzelfde kind en dezelfde periode betalen  PREVENTIE VAN CUMULS 9. EIGENSCHAPPEN VAN HET KADASTER

19 19  Aantal dossiers:  Aantal actieve dossiers:  Aantal actoren:  Aantal actieve actoren:  Aantal actieve kinderen:  Aantal dossiers:  Aantal actieve dossiers:  Aantal actoren:  Aantal actieve actoren:  Aantal actieve kinderen: OMVANG VAN HET KADASTER 12/2012

20 20  Kadaster = verwijzingsrepertorium  Alle actoren van alle dossiers  Gegevens beschikbaar bij authentieke bronnen (bv. RVA voor werkloosheidsgegevens)  Gegevens worden opgenomen in elektronische attesten (bv. A011 – werkloosheidsgegevens)  Attesten worden gerouteerd door de authentieke bron (bv. RVA) naar KSZ  KSZ routeert op basis van de integratieperiodes in het Kadaster de elektronische attesten naar de kinderbijslaginstellingen  Kadaster = verwijzingsrepertorium  Alle actoren van alle dossiers  Gegevens beschikbaar bij authentieke bronnen (bv. RVA voor werkloosheidsgegevens)  Gegevens worden opgenomen in elektronische attesten (bv. A011 – werkloosheidsgegevens)  Attesten worden gerouteerd door de authentieke bron (bv. RVA) naar KSZ  KSZ routeert op basis van de integratieperiodes in het Kadaster de elektronische attesten naar de kinderbijslaginstellingen 11. KADASTER: PLATFORM VOOR ELEKTRONISCHE INFORMATIE

21 KADASTER: PLATFORM VOOR ELEKTRONISCHE INFORMATIE  2011: elektronische attesten  Push: automatisch doorgestuurde gegevens − RVA verstuurt maandelijks werkloosheidsgegevens − RSZ verstuurt driemaandelijks arbeidsprestaties  Pull: in de authentieke gegevensbanken geraadpleegde gegevens − RKW consulteert werkloosheidsgegevens bij RVA − RKW consulteert arbeidsprestaties bij RSZ  2011: elektronische attesten  Push: automatisch doorgestuurde gegevens − RVA verstuurt maandelijks werkloosheidsgegevens − RSZ verstuurt driemaandelijks arbeidsprestaties  Pull: in de authentieke gegevensbanken geraadpleegde gegevens − RKW consulteert werkloosheidsgegevens bij RVA − RKW consulteert arbeidsprestaties bij RSZ

22 22 Primair netwerk: openbare socialezekerheidsinstellingen Secundair netwerk: meewerkende privé-instellingen RIJKSREGISTER KRUISPUNTBANK VAN DE SOCIALE ZEKERHEID INNING VAN DE BIJDRAGEN VOOR SOCIALE ZEKERHEID SOCIALE ZAKEN WERKLOOSHEID ZIEKTE- EN INVALIDITEITS- VERZEKERING PENSIOENEN JAARLIJKSE VAKANTIE BEROEPSZIEKTEN ARBEIDS- ONGEVALLEN SOCIALE ZEKERHEID VOOR ZELFSTANDIGEN RKW Kadaster ARBEIDS- BEMIDDELINGS- DIENSTEN OCMW’s 11. KADASTER: PLATFORM VOOR ELEKTRONISCHE INFORMATIE

23 23 ELEKTRONISCHE BERICHTENPUSHPULL DMFA-attesten DIMONA-attesten Attesten van de sector werkloosheid (tijdelijke inbegrepen) Berichten van het Rijksregister en de Kruispuntbank Attesten van de sector ziekte en invaliditeit Attesten van schoolinschrijving Multifunctionele OCMW-attesten Attesten van inschrijving als werkzoekende Attesten van arbeidsongeval Attesten van begin of einde van een activiteit als zelfstandige Attesten van kinderen met een aandoening Attesten van tijdskrediet Attesten van einde wachttijd voor werkzoekenden Attesten van beroepsziekte TOTAAL

24 24  Gegevens over socio-professionele inkomsten (Push en Pull)  Inschrijving van de studenten in de Franse en Duitstalige Gemeenschap (Push)  Inschrijving van de studenten in de Gemeenschappen (Pull)  ZIV-uitkeringen (Pull)  Arbeidsongevallen (Pull)  Geplaatste kinderen gemeenschappen (Push)  Gepensioneerden (werknemers- en overheidssector) (Push en Pull)  Gegevens over socio-professionele inkomsten (Push en Pull)  Inschrijving van de studenten in de Franse en Duitstalige Gemeenschap (Push)  Inschrijving van de studenten in de Gemeenschappen (Pull)  ZIV-uitkeringen (Pull)  Arbeidsongevallen (Pull)  Geplaatste kinderen gemeenschappen (Push)  Gepensioneerden (werknemers- en overheidssector) (Push en Pull) 12. BESTUURSOVEREENKOMST : NIEUWE FLUXEN 12. BESTUURSOVEREENKOMST : NIEUWE FLUXEN

25 25  Kinderen met een aandoening (Pull)  Geschorste werklozen (Push en Pull)  Febelfin (Pull)  SED (EESSI-project) (Push en Pull)  Gegevens over verwantschap in het Rijksregister (Push en Pull)  Gegevens over de verblijfssituatie voor buitenlanders in het Rijksregister (Push en Pull)  Kinderen met een aandoening (Pull)  Geschorste werklozen (Push en Pull)  Febelfin (Pull)  SED (EESSI-project) (Push en Pull)  Gegevens over verwantschap in het Rijksregister (Push en Pull)  Gegevens over de verblijfssituatie voor buitenlanders in het Rijksregister (Push en Pull) 12. BESTUURSOVEREENKOMST : NIEUWE FLUXEN 12. BESTUURSOVEREENKOMST : NIEUWE FLUXEN

26 26  Kadaster: platform voor de transmissie van elektronische attesten m.b.t. alle actoren van alle dossiers in het Kadaster  Permanente matching van de gegevens in de databanken van de kinderbijslaginstellingen met de nieuwe identificatie- en socio-professionele gegevens die overgemaakt worden door de verschillende authentieke bronnen  Kadaster: platform voor de transmissie van elektronische attesten m.b.t. alle actoren van alle dossiers in het Kadaster  Permanente matching van de gegevens in de databanken van de kinderbijslaginstellingen met de nieuwe identificatie- en socio-professionele gegevens die overgemaakt worden door de verschillende authentieke bronnen 13. KADASTER: INSTRUMENT VOOR DE PREVENTIE VAN SOCIALE FRAUDE EN VOOR DE TOEKENNING VAN KINDERBIJSLAG

27 27 RESULTAAT:  Een maandelijkse evaluatie van het recht op kinderbijslag resulteert in de betaling van het correcte bedrag aan de correcte persoon in alle dossiers  Preventieve strijd tegen sociale fraude (onder meer vermijden van cumulbetalingen) RESULTAAT:  Een maandelijkse evaluatie van het recht op kinderbijslag resulteert in de betaling van het correcte bedrag aan de correcte persoon in alle dossiers  Preventieve strijd tegen sociale fraude (onder meer vermijden van cumulbetalingen) 13. KADASTER: INSTRUMENT VOOR DE PREVENTIE VAN SOCIALE FRAUDE EN VOOR DE TOEKENNING VAN KINDERBIJSLAG


Download ppt "Beheersinstrumenten HET KADASTER VAN DE KINDERBIJSLAG Johan Buyck Informatiesessie over kinderbijslag RKW – 13 december 2012 Johan Buyck Informatiesessie."

Verwante presentaties


Ads door Google