De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Bewegen en gezond eten? Daar hebben kinderen best zin in! Els Dezeure – ROC Limburg Jeroen Meganck – SPOC & Lessius Hogeschool An Victoir – VCLB Vormingscentrum.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Bewegen en gezond eten? Daar hebben kinderen best zin in! Els Dezeure – ROC Limburg Jeroen Meganck – SPOC & Lessius Hogeschool An Victoir – VCLB Vormingscentrum."— Transcript van de presentatie:

1 Bewegen en gezond eten? Daar hebben kinderen best zin in! Els Dezeure – ROC Limburg Jeroen Meganck – SPOC & Lessius Hogeschool An Victoir – VCLB Vormingscentrum 12 oktober 2007 VCLB –LIMBURG Regionale OndersteuningsCel

2 Hoe zit het met dat eten en bewegen? Enkele cijfers…

3 Eten kleuters gezond? Te weinig –Melk (4 bekers of equivalent in yoghurt/platte kaas)* –Water (1 liter) –Volkorenbrood (3 tot 5 sneetjes) –Groenten ( g): in feite 80 g / dag –Fruit (1-2 stukken): niet elke dag –Vis ( g / week): nooit of < 1 keer / week * Aanbevolen hoeveelheid tussen haakjes

4 Eten kleuters gezond? Te vaak –Wit brood –Ontbijtgranen –Frisdrank en fruitsap: > 200 ml / dag –Snoep: 70% snoept dagelijks, gemiddeld 43 g / dag C. Matthys, I. Huybrechts, M. Bellemans, M. De Maeter, S. De Henaau. Kapoentje, hoe eet jij? Vakgroep maatschappelijke gezondheidskunde, Universiteit Gent.

5 Eten adolescenten gezond? Ontbijten jarigen? Dagen per week/weekend ontbijt Rapport jongeren en gezondheid HBSC = Health Behaviour of School-aged children studie http//users.ugent.be/~cver eeck/hbsc/

6 Wat eten adolescenten? Eten jarigen genoeg groenten en fruit? HBSC

7 Wat eten adolescenten? Hoe vaak nemen jarigen iets uit het topje van de voedingsdriehoek? HBSC

8 Wat eten adolescenten? Te weinig –Water (1.5 l)* : 0.4 l –Groenten (> 300 g): 115g (♂) / 99 g (♀) –Fruit (> 375 g): 64 g (♂) / 88 g (♀) –Brood ( g): 189 g (♂) / 140 g (♀) –Melk en melkproducten (0.4 – 0.6 l): 0.2 l * Aanbevolen hoeveelheid tussen haakjes

9 Wat eten adolescenten? Te veel –Vlees of vervangproducten (100 g) : 189 g (♂) / 130 g (♀) –Frisdrank : 0.4 l (♂) / 0.2 l (♀) –Koekjes : 31 g (♂) / 24 g (♀) –Snoep en zoet beleg : 38 g (♂) / 27 g (♀) Matthys et al. (2007) Tijdschrift voor Geneeskunde, 63 (13)

10 Wat eten adolescenten? Nutriënten- en energie-analyse –Algemeen Te weinig energie uit koolhydraten Te veel energie uit vet Teveel fosfor, vitamine C –Jongens Te weinig magnesium –Meisjes Te weinig calcium, ijzer Matthys et al. (2007) Tijdschrift voor Geneeskunde, 63 (13)

11 Bewegen kinderen genoeg? Wat doen 12-jarigen op een dag? Rapport Olds et al. (2004) http//www.ausport.gov.au/fulltext/2004/ascpub/Childrensfullreport.pdf

12 DIGG: Actief naar school? (12-18 jarigen) DIGG: Meewerken in de les LO (12-18 jarigen) Bewegen kinderen genoeg?

13 DIGG: Na school / in het weekend bewegen (12-18 jarigen) ROC Limburg - UH: Dagen / week met ≥ 1u beweging (12-15 jarigen) Bewegen kinderen genoeg?

14 Rzewnicki et al. (2001) : special issue Vlaams Tijdschrift voor Sportgeneeskunde & - Wetenschappen; Bij de sportclub Lid van een sportclub? –15% vlamingen bij sportclub erkend door Bloso (  nationale federaties voetbal en wielrennen) –Alle sportclubs samen: 25%. –12-18 jarigen: 60% van de jongens en 40% van de meisjes Maar… –clubkaart  activiteit –Hou rekening met vrij spelen en ravotten (vooral meisjes en kleuters)

15 DIGG: TV / video kijken (uren per dag) DIGG: computerspelletjes (uren / week) Sedentaire vrijetijdsbesteding ROC-UH: uren TV en computer / dag

16 Profielen van jongens Profielen van activiteit Olds et al. (2004)

17 Profielen van meisjes Profielen van activiteit

18 Fysieke fitheid bij jarigen in Vlaanderen Methode: EUROFIT testbatterij = 7 lichaamsmetingen + 8 motorische tests + uithoudingstest (Levefre, 2001) Zijn kinderen en jongeren fit?

19 Waarom doen kinderen en jongeren wat ze doen? Een kleine portie theorie met een grote salade aan voorbeelden

20 Waarom kinderen (on)gezond eten ETEN

21 Gedrag / leefstijl Intenties Attitudes Sociale invloeden Vaardigheden BarrièresFacilitators Theorie van gepland gedrag

22

23 Attitudes Attitude of houding: 2 aspecten Denken –Broccoli eten is verstandig / is gezond / zorgt dat je vezels binnenkrijgt / verbetert de darmtransit … Voelen –Broccoli smaakt vies / ziet er raar uit / ruikt vies Impact voelen > denken

24 Bah, dat lust ik niet Rapport Voedingssituatie bij jonge kinderen (Leenaars et al., 2002) Wat lusten 2-jarigen? Moeilijke eters

25 Waarom kinderen dingen (niet) lusten Aangeboren –Voorkeur voor energie-dense voeding (zoet en vet) –Vermijden van bittere (toxische?) en zure (???) dingen –Voedselallergie / overgevoeligheid, vb. Lactose- intolerantie –De spinaziehaters zijn NIET flauw! –Géén voorkeur / afkeer van geuren! Persoonlijkheid –Is jouw kind een voedselneofoob of een voedselneofiel? –Voedselbetrokkenheid –Sensatiezoekers

26 Waarom kinderen dingen (niet) lusten Aangeleerd –Herhaalde aanbieding van voedsel (mere exposure) –Koppeling van voedel en +/- stimulus Eenmalige sterke koppeling: aversies Evaluatieve conditionering Klassieke conditionering Operante conditionering

27 Herhaalde aanbieding Vaker proeven = beter lusten –Verandering van moedermelk doet eten –8 tot 10 keer proeven Kleine portie Zonder dwang Bekrachtig door prijzen voor proeven

28 Evaluatieve conditionering Smaak-smaak leren –Neutrale + positieve smaak Groenten met appelmoes Witloof met bruine suiker Spinazie met room –Neutrale + negatieve smaak Water met grenadine Cherry cola –Werkt best met nieuwe neutrale smaken

29 Evaluatieve conditionering Smaak-omgeving leren –Eten verbinden aan een positieve omgeving Ananas? Jakkes! Een fruitbrochette? Lekker! Oom Karel en de prinsessenbonen Het dieet van Harry Potter en Shrek in de Kellogg’s doos Wansink et al. (2005) : identieke schotels met gewone (“rode bonen met rijst”) of exotische (“traditionele Cajun rode bonen met rijst”) namen. Exotisch = “betere smaak, mooier uitzicht” –Eten verbinden aan een negatieve omgeving Doe een post mortem op de groentenschotel Hoe ruikt onze refter?

30 Operante conditionering Smaak-consequent leren –Fysieke sensaties (onmiddellijk) Positief: voldaan / relaxed / energiek (koffie, cola) / aangenaam geprikkeld (curry, chili-pepers) / “high” (chocola) … Negatief: opgeblazen / indigestie / maagpijn / pijn (chili-pepers) / …

31 Smaak-consequent leren –Gevolgen op langere termijn Esthetisch –Cola = gele tanden –Fastfood = slechte huid Financieel –Koeken bij de bakker? Zakgeld op… Slank blijven is ook bij kinderen en jongeren een motief! “vet” / schuldig (adolescenten!) / … Merk op: gezond/ongezond speelt amper mee! Operante conditionering

32 Smaak-consequent leren –Belonen en straffen Koekje als je je bord leegeet Aan tafel blijven zitten tot je bord leeg is Advies Lenaers et al. (2002): –Lekker eten (dessert, snoepje) ≠ beloning voor het eten van gezonde voeding –Dessertje niet krijgen ≠ straf als je gezonde producten laat staan –Geen eten opdringen, ook niet bij slechte etertjes

33 Operante conditionering Smaak-consequent leren –Speciaal geval: aversies aanleren Eten en misselijk? Sterk en lang effect! –Een “slechte mossel” –Eenmalige koppeling voldoende –Walging = disgust –Ingebeelde verbanden werken even goed bij nieuwe voeding Andere klachten –Gastro-intestinaal, huiduitslag, ademhalingsproblemen, … –Wel vermijden, geen walging.

34 Conclusie attitudes Wat gezond of niet gezond is, daar malen kinderen en adolescenten weinig om Speel in op positieve associaties en positieve gevolgen van gezonde voeding Maar: opletten met “je wordt er mager van”

35 Theorie van gepland gedrag

36 Sociale invloeden in eetgedrag Model-leren Sociale steun Normen en waarden Socialisatieprocessen

37 Model-leren Micro-omgeving: Wat eten –Ouders? –Broers en zussen? –De vriendjes en vriendinnetjes? –Leerkrachten? Media –Bewuste beïnvloeding: GVO-materiaal –Onbewuste beïnvloeding: Het ontbijt in the OC Hoe werkt het? –Imitatie –Evaluatieve conditionering (vb. Papa trekt een vies gezicht bij witte kool)

38 Sociale steun Verschillende vormen –Buddy-systemen De kok voorziet een gezond alternatief –Samen veranderen Iedereen blijft van de saus af Hoe werkt het? –Combinatie van geheugensteuntjes, emotionele steun, controle, beloning, publieke verbintenis –Oppassen met sociale druk en kritiek!

39 Normen en waarden Normen –Ongeschreven en geïnternaliseerde regels Over wat moet / mag / belangrijk is = prescriptieve norm –Je moet elke dag groenten eten Over wat “normaal” is = descriptieve norm –“Iedereen ontbijt toch met een cola en een choco-koek” –Invloed? Langdurig als gecombineerd met voorleefgedrag –Gezond eten in kindertijd = gezond eten als adolescent Invloed normen < voorbeelden, sociale steun en regels!

40 Socialisatieprocessen Wat leer je over eten? Welke soorten voedsel bij elkaar passen. –Tomaat met bruine suiker? Volgorde van schotels. –Soep in Vlaanderen / in China Tijdstip van maaltijden. –Lunchen in Finland / Spanje Volume van maaltijden. –Wat is een normale portie? Fransen en “supersize me” Amerikanen Culinaire omgangsvormen –Eten aan tafel of voor de TV, … –Hoe ontvang je bezoek?

41 Theorie van gepland gedrag

42 Vaardigheden en controle Gezond eten vraagt –Procedurale (hoe) naast declaratieve (wat) kennis Hoe groot is een portie groenten / vlees? Hoe overwin je de “grote goesting”? –Controle over aanbod Gatekeeper hypothese verworpen (De Bourdeaudhuij & Van Oost, 1997) Motieven voor voedselkeuze in het gezin: gebruiksgemak / kostprijs / snel klaar?

43 Theorie van gepland gedrag

44 Omgevingsinvloeden De macro-omgeving –Gewijzigde samenstelling van voeding Hoog-fructose mais-stroop (ontwikkeld in 1957): goedkoper dan tafelsuiker (sucrose), maar even zoet. Gebak en frisdrank! Maximum gehalte zout (brood) en vet (melk) –Gewijzigd aanbod Groter aanbod kant-en-klare voeding (meer zout en vet) Meer fastfood restaurants Groter aanbod van fruit en groenten Groter aanbod aan exotische ingrediënten –De markteconomie Prijs van ongezonde < gezonde voeding Financiële steun aan producenten gezonde producten Monopolie positie van bedrijven die genetisch gemanipuleerd voedsel produceren (strikte regels voor boeren)

45 Omgevingsinvloeden Micro-omgeving –Aanbod Variëteit? Chocomelk voor wie geen melk lust? Hapklaar? Fruitschilmoekes op school, op kamp. Betaalbaar? Tutti Frutti. Realiseerbaar? Vervoer? Opslag? Afval? Speeltijd = toilet + spelen + fruit eten? –Regels Thuis en op school Do’s en don’ts Effectief als consistent uitgevoerd!

46 Ik MOET chocola! NU! Craving of “smachten naar” –De grote goesting –Naar ongezonde dingen –Naar heel specifieke producten Vet (frietjes) Zoet (chocola, madeleine koekjes) Zout (chips) Oppeppers (cola, koffie) –Op voorspelbare tijdstippen ‘s Avonds voor de TV Bij dipjes in je circadiaans ritme Als je je down voelt …

47 Hoe ontstaat de grote goesting? Leerproces: feed forward regelmechanisme (signaalfunctie) Vermijdt grote inbreuken op homeostase Hoe werkt het? –1 e stuk chocola: suiker ↑  insuline ↑ –100 e stuk chocola: zoete smaak  lichaam verwacht suiker  insuline ↑ –Van chocola afblijven? Moeilijk want hypo-glycaemie!

48 Omgaan met chips-trantrums en melkchocolade-mokkerij Preventief –Voorkom associaties tussen externe stimuli (omgeving, aroma, tijdstip) en interne verandering (energietoevoer) –Vb. Nooit chips eten voor de TV Curatief –Vermijd de context die gelinkt is met eten (geen TV meer) –Verbijten –Afleiden: stel een ander gedrag (groenten met een dipsausje eten voor de TV)

49 Bewegen Help, mijn kind doet niet graag aan sport!

50 Waarom doen zij niet aan sport? Lagere school –Gezondheid –Uiterlijk Adolescentie –Gezondheid

51 En waarom dan wel? Plezier beleven Competenties ontwikkelen Sociaal contact … Nadruk op intrinsieke motieven

52 Biologie & Ontwikkeling Geslacht –Jongens doen meer aan sport Leeftijd –Met adolescentie daalt de beweging, zeker bij meisjes Fysieke ontwikkeling –Ontwikkelingssnelheid, groei, motoriek, Gezondheidsparadox

53 Attitude & Cognities Voorgeschiedenis –Succeservaringen? –Ervaring met lessen LO? Laten proeven Geen competitie Gedifferentieerd Zelf-effectiviteit Verwachte effecten

54 Faciliteiten Gestructureerde –Aanwezigheid –Bereikbaarheid –Toegankelijkheid (openingstijden – prijs) –Aanbod (aanlokkelijkheid – verscheidenheid) Ongestructureerd –Macro & Micro omgeving –Bereikbaarheid –Veiligheid (verkeer – criminaliteit)

55 Omgeving Gezin (sociaal cognitieve theorie) –Voorbeeldrol ouders siblings –Sociale beïnvloeding Aanmoedigen / overtuigen / ‘zagen’ / straffen –Sociale steun Informatief / praktisch / emotioneel  SES

56 Omgeving Normatieve verwachtingen –Rollenpatroon ‘Halve jongen’ ‘Six-pack’ –Subcultuur Beschikbare alternatieven Seizoenseffecten

57 Hoe verleiden we kinderen en jongeren tot gezond eten en bewegen? Frisse tips op een bedje van een krokant gezondheidsbeleid

58 Dicht bij huis: wat kan het CLB? Individuele benadering –Medische consulten –Individuele gesprekken Gezondheidsbeleid op school –Meer proactief en preventief –Ruimer kunnen werken

59 Individuele aanpak Medisch consult –Voordelen We zien alle leerlingen We meten het BMI We kunnen vragen stellen en in gesprek gaan Leerlingen kunnen ons vragen stellen –Nadelen Er kunnen meerdere aandachtpunten zijn: wat kiezen? We hebben weinig tijd per leerling Andere aanpak nodig voor leerlingen met normaal gewicht / overgewicht / obesitas –Het individuele gesprek: valkuilen alom Een oefening

60 Powertraining in gespreksvoering 1 coach en 1 leerling Opdracht: zet de leerling aan om de slechte gewoonte die hij/zij noteerde te veranderen Subdoelen coach: –Breng de leerling tot probleembesef –Zet voordelen van verandering in de verf –Geef praktische tips –Bedenk welke informatie je de leerling mee naar huis zou geven –Timing: 7 minuten Wissel van rol bij het signaal

61 Gesprekken tijdens het consult Motiveren tot gedragsverandering –Doelen Aanzetten tot gezond gedrag Laten stoppen met ongezond gedrag –Methode = gesprek aangaan Probleembesef verhogen Tips tot verandering geven –Frustraties Weinig effect Omgekeerd effect

62 Gedragsverandering “Take-away” boodschappen –Mensen willen wel veranderen, maar ze willen niet veranderd worden –Gedragsverandering begint niet altijd vanzelf –Blijvende gedragsverandering is moeilijk te bereiken

63 Fasen van gedragsverandering terminatie

64 Precontemplatie Precontemplatie (voorbeschouwing) – “I won’t change” –Geen intentie tot gedragsverandering –Redenen Weinig kennis? Geen probleembewustzijn? Geen interesse? Mislukte poging tot veranderen achter de rug?

65 Precontemplatie  Contemplatie DOEL: “Misschien moet ik er toch eens over denken…” METHODE: Motiveren i.p.v. confronteren Basislijn meting

66 Motiveren i.p.v. confronteren Luisteren –aanvaarden van de leerling: positief klimaat –zicht krijgen op de weerstand Toon empathie –situatie bekijken door de ogen van de leerling Vraag –leerling stuit in zijn antwoord soms op tegen- strijdigheden: laat hem die zelf ontdekken

67 Basislijn meting Zelf ontdekken dat er een probleem is –Bewegingsdagboek –Voedingsdagboek en –analyse –Observatieschema’s Vraagt inspanning van de leerling!

68 Contemplatie Contemplatie (overweging) – “I might change” –Bewust van het probleem –Bezig met balans van voor- en nadelen –(Vage) intentie tot GV (binnen 6 maanden)

69 Contemplatie  Preparatie DOEL: “Ik zou er iets aan moeten veranderen…” METHODE: Beslissingsbalans Zelf-reëvaluatie

70 Beslissingsbalans Alle redenen om niet te veranderen Alle redenen om wel te veranderen Belangrijkheid Eventueel nieuwe argumenten

71 Niet veranderenWel veranderen Pro’s huidige gedrag Contra’s nieuwe gedrag Contra’s huidige gedrag Pro’s nieuwe gedrag

72 Een beslissingsbalans VoordelenNadelen TV kijkenOntspannend na saaie dag (10) Eenzaam (3) Ik eet chips (8) Ik wil geen couch potato zijn (10) Gaan voetballen Buiten komen (2) Fit worden (5) Mensen zien (8) Achteraf alle stress kwijt (9) Moe en spierpijn (4) Lastig als het regent (7) Knieblessure kan verergeren (4) Ik blijf te lang in de kantine zitten (6)

73 Zelf-reëvaluatie “Voel ik me nog goed bij het oude gedrag?” Verduidelijken van waarden (‘Waarom?’) Vergelijken met gezonde rolmodellen Visualisatietechnieken

74 Preparatie Preparatie = voorbereiding –“I will change” –Klaar om te veranderen –Op korte termijn = binnen de maand –Actieplan bestaat of wordt uitgewerkt

75 Preparatie  Actie DOEL: “Dit probeer ik te bereiken tegen die datum.” METHODE: Zelf-bevrijding Contract

76 Zelf-bevrijding Noteer alle mogelijke hindernissen Zoek haalbare oplossingen  Verhoging zelfvertrouwen  Minder risico tot stopzetten GV bij hindernissen

77 Contract Als verbintenis om gedrag vol te houden Schrijf de doelstellingen expliciet op: –doelstellingen blijven duidelijk –opvolging en aanpassing zijn mogelijk  Think it, Ink it, & Post it! Bewaar op een actieve plaats

78 U-SMART  Uitdagend Specifiek Meetbaar Aanpasbaar aanvaardbaar Realistisch Tijdsgebonden  ‘t is ‘smart’ om positief te zijn!

79 Ik,……………………, stel mij volgende doelstellingen tegen datum van …/…/……, met …………………… als mijn getuige. Doelstelling(en) & Actieplan: …………………………………………………………………………… (Tussentijdse) evaluatie van dit contract is voorzien op: …/…/…… Om mezelf te belonen, voorzie ik ……………………………………… …………………………………………………………………………… Opgesteld te ………………………………., op …/…/…… Handtekening,Handtekening getuige,

80 Slippertjes en herval Kenmerken –Het oude gedrag wordt terug opgenomen –Eerder regel dan uitzondering –Terugval naar elke vorige fase is mogelijk

81 Preventieve technieken Slippertje voorbereiden: –bespreek de grote kans op voorhand –  niet opgeven van alle hoop en stoppen van de inspanningen!! –  zoek stimuli die helpen om te herpakken

82 Technieken na herval Zoek oplossingen voor de oorzaken –vermijden risico-situaties –zoeken van beschermende factoren Sociale steun –om mee naar oplossing te zoeken –om het zelfvertrouwen extern te ondersteunen Verdere technieken volgens fase

83 Actie Kenmerken – “I am changing” –Nog maar net veranderd (- 6m) –Concrete acties ondernomen –Nieuwe gedrag langzaam geïntegreerd in levensgewoontes –Soms lukt het, soms ook niet –Bij aanvang zeer instabiel en veel kans op slippertjes/herval

84 Actie  Consolidatie DOEL: “Het lukt me steeds beter om door te zetten!” METHODE: Evaluatie contract Ondersteunende technieken

85 Evaluatie contract (sub)doelstellingen gerealiseerd? Ja  beloning  nieuwe (sub)doelen Nee  contract aanpassen: tussenstappen; oplossen hindernissen

86 Ondersteunende technieken 1 Tegenconditionering –situatie gekoppeld aan ongezond gedrag  koppelen aan alternatief, gezond gedrag Stimuluscontrole –verwijderen van prikkels die ongezond gedrag uitlokken, en vervangen door prikkels die gezond gedrag stimuleren

87 Ondersteunende technieken 2 Contingentiemanagement –belonen van stappen in de goede richting –nadruk op niet-materiële beloningen –bestraffen van negatief gedrag best vermeden Verhogen zelfvertrouwen –oplossingen voor moeilijke situaties op voorhand bedenken (zie fase 3)

88 Ondersteunende technieken 3 Sociale steun –zeer belangrijk –drie vormen: model-functie sociale norm: mate waarin belangrijke personen vinden dat doelgedrag moet gesteld directe steun: herinneren, mee gezond eten of bewegen, mogelijkheid creëren,...

89 Behoud Consolidatie = behoud – “I have changed” –Nieuwe gedrag > 6 maanden gesteld –Herval is mogelijk

90 Consolidatie  Terminatie DOEL: “Ik moet er niet meer aan denken” METHODE: Blijvende ondersteuning

91 Sociale steun –sterke invloed van familie, vrienden,… Contingentiemanagement –leren zichzelf belonen voor volhouden Sociale bevrijdingsactie –Omgeving stimuleren om mogelijkheden tot nieuwe gedrag te vergroten

92 Terminatie Blijvende stabiele gedragsverandering –Nieuwe gedrag > 5 jaar gesteld –Het is een gewoonte geworden –Zelfvertrouwen is hoog –Geen neiging tot herval Voor velen een onbereikbaar stadium!!

93 Basishouding gespreksvoering Leerling en begeleider zijn evenwaardig (↔ advies geven, aanporren tot veranderen, verandering opleggen) De leerling heeft altijd een goede reden om te doen wat hij/zij doet De wil tot verandering komt van de leerling, niet van de begeleider of de omgeving Geduld en pragmatisme. Motiveren = langzaam proces!

94 Principes gespreksvoering Planmatige aanpak –Start = in welke veranderingsfase zit de leerling? –Methode afstemmen op veranderingsfase –In haalbare stappen werken Tijdsinvestering –Verschillende sessies! –Van minstens ¾ u! –Meestal proces van maanden!

95 Gespreksvoering - Praktisch Wat kan je doen binnen 1 consult? Gesprekstechnieken naar fase –Precontemplatie: zwijgen* –Contemplatie: zwijgen –Preparatie: zwijgen –Actie: zeggen dat ze het goed doen –Behoud: zeggen dat ze het goed doen –Herval: zwijgen * in feite: luisteren…

96 Praktisch Informatie en tips? –Als de leerling er zelf om vraagt? –Dan nog opletten: kan aanleiding zijn om in het verweer te gaan! Enkel voor wie écht gemotiveerd is? –Een eenvoudige rekensom 100 leerlingen 2 gesprekken van ½ u per leerling 100 u bij te plannen in agenda?

97 Gesprekstechnieken - praktisch Overtuigen en tips geven? –In 1 → 10 % van gesprekken goed effect –In 90 → 99% effect = weerstand Ontkenning en minimalisering (ik heb vorige week maar 1 keer frieten gegeten) Projecteren en externaliseren (mijn broer, die is pas erg) Internaliseren (ik heb daar toch het karakter niet voor) Ontwijken (niet luisteren, vragen niet beantwoorden…) Aanvallen (dat zijn uw zaken niet)

98 Medisch consult Kort individueel moment Meerdere aanspreekpunten Keuzes maken Goede bevraging als basis Realistische doelstelling Zwijgen waar nodig

99 Medisch consult Meten en wegen? Selectieve opvolging? Advies meegeven?

100 Wat kan nog? Scholen ondersteunen in het opzetten van een gezond beleid –Opgelet: gezond eten en bewegen is geen prioriteit voor de school / de leerlingen –Onze taak: sensibiliseren en coachen indien gewenst –Element binnen maatschappelijke aanpak –Meer kans op lange termijn succes

101 Hoe kunnen we scholen coachen? Helpen bij het inschatten van de beginsituatie –Bij de leerlingen: hoe staat het met hun gezondheid? Stellen ze gezond of ongezond gedrag? Hoe komt dat? –Op school: Wat doet de school al? Zijn er hiaten in de werking? –veldentabel –3 assen continuïteit over de jaren heen

102 Hoe kunnen we scholen coachen? Verwijzen naar materialen –Om de beginsituatie in kaart te brengen –Werkzame interventies kennen Procesbegeleiding –Wijzen op de voor- en nadelen van gekozen opties –Voortdurend oog voor evaluatie Draaischijf in een netwerk –Scholen in contact brengen met externen (Logo’s, VAD, …) – weten waar de school bijkomende financiële ondersteuning kan krijgen

103 Individuele leerling KlasSchoolOmgeving Educatie Structurele maatregelen Afspraken

104 3 assen gezondheidsbeleid As 1: proactief – remediërend –Remediërend = een probleem aanpakken –Preventief = zorgen dat een probleem niet ontstaat (primair) / niet erger wordt (secundair) / niet tot nare neveneffecten leidt (tertiair) –Proactief = zorgen voor een optimale voedingsbodem (welbevinden is de focus)

105 Van proactief tot reactief Remediërend –Houding t.o.v. sport van - naar + krijgen –Overgewicht aanpakken Preventief = focus op probleem –Regels opdat leerlingen niet zouden snoepen –Nul-tolerantie voor het plagen van kinderen met overgewicht Proactief = focus op welbevinden –Speelplaats leuk inrichten (nodigt uit tot actief spelen) –“Onze school is een gezonde school”

106 3 assen gezondheidsbeleid (2) As 2: acties gericht op personen – acties gericht op de omgeving –Personen Veranderen wat leerlingen denken / voelen / kunnen / durven / willen / plannen Kan individueel of in groep –Omgeving Fysieke omgeving / aanbod / regels veranderen Socio-culturele omgeving / financiële aspecten

107 Persoonsgerichte interventies GVO –Kennis verhogen –Vaardigheden versterken –Attitude (houding) veranderen Motiveren –Intenties publiek maken: “een contract met mezelf” –Alle leerlingen aanmoedigen in de les LO

108 Omgevingsgerichte interventies Regels op school en thuis Reclametruken –Een fel gekleurd bord bij het gezonde broodje Het aanbod verzorgen –Tutti Frutti –Een gezonde mini-onderneming op school –Bewegingsmomenten in de klas

109 3 assen gezondheidsbeleid (3) Adviserend – emancipatorisch –Adviserend = als expert “gezonde voeding is een prioriteit op deze school” Tips over gezonde tussendoortjes –Emancipatorisch = als coach Inspraak van leerlingen in wat we doen en hoe we dat doen Actieve inbreng van ouders

110 Meer weten? Werkzame interventies –Intranet VCLB koepel (www. VCLB-koepel.be): inhoudelijke ondersteuning  portaalsite vormingscentrum  project proactief werken  bibliotheek  proactief in CLB  handleiding “evidence based werken” –Europees project “getting evidence into practice”

111 Meer weten? Mosterd uit eigen huis –Website VCLB koepel: intranet Deelsite gezondheidsbeleid Deelsite preventieve gezondheidszorg

112 Meer weten? Over gezond en ongezond gedrag van Vlaamse jongeren –Studie Jongeren en Gezondheid Website Universiteit Gent

113 Initiatieven van de VLOR Studiedagen –oktober - november 2007 –herhaling van de studiedagen voorjaar 2007 Website: ww.gezondopschool.beww.gezondopschool.be DVD

114 Methodieken –Algemene methodiek: ‘gezonde school’ –Thema voeding & beweging Meer weten?

115 Inspiratie en materialen –Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie Overzicht van reviews –www.vig.bewww.vig.be –Ga naar methodieken – reviews & factsheets Overzicht van projecten en materialen –Ga naar thema’s – voeding en beweging (bibliografie) –Pedagogische begeleiding Pedagogische thema’s – Vakoverschrijdend werken –http://ond.vsko.be/http://ond.vsko.be/

116 Meer weten? –LOGO Inventaris Brochures (www.logowvl.be)www.logowvl.be LOGO ondersteunt projecten (zie voorbeelden) –www.logopraam.bewww.logopraam.be –www.logoantwerpennoord.bewww.logoantwerpennoord.be –www.logomechelen.bewww.logomechelen.be –www.logosoostvlanderen.bewww.logosoostvlanderen.be –www.logohageland.bewww.logohageland.be –www.logowvl.bewww.logowvl.be –…

117 Meer weten? –Provincies en andere lokale besturen, vb. –Mutualiteiten –Sportorganisaties en –federaties: SVS, Bloso, Olympic Health Foundation, … –Profitorganisaties: Kelogg’s, Danone, Zespri, Medios, …

118 Meer weten? Caleidoscoop –Audrey Eertmans. Waarom eten we wat we eten? 2007, 2007, 19 (4): –An Victoir. Scho(o)l! Gezondheid. 2006, 18:2-6 –Pieter Tweepenninckx & An Victoir. Friet met Bacardi en na de basket een fruitsapje? 2003, 15:5-26 –Stephan Van Den Broucke, Omer Van den Bergh & An Victoir. Een kwestie van gezond verstand? 2002, 14:3-26 –An Victoir. De school op het spreekuur. 2001, 13:2-18 –Olaf Moens, Werken aan een gezondheidsbeleid op maat van de school 2006, 18:6, 8 –Marc Boedts en Sofie Sweertvaegher. Gezonde eetgewoonten en medicatiegebruik op school 2007, 19:2, 34

119 Met alle Chinezen… Op uw gezondheid!


Download ppt "Bewegen en gezond eten? Daar hebben kinderen best zin in! Els Dezeure – ROC Limburg Jeroen Meganck – SPOC & Lessius Hogeschool An Victoir – VCLB Vormingscentrum."

Verwante presentaties


Ads door Google