De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

TOXICOLOGIE Dr. Sarah Wille ‘Train the trainers’ 20 september 2010.

Verwante presentaties


Presentatie over: "TOXICOLOGIE Dr. Sarah Wille ‘Train the trainers’ 20 september 2010."— Transcript van de presentatie:

1 TOXICOLOGIE Dr. Sarah Wille ‘Train the trainers’ 20 september 2010

2 Presentatie ‘train the trainers’  Inleiding: Wat is Toxicologie?  Farmacokinetiek: Wat doet het lichaam met vreemde stoffen?  Verschillende stalen en hun voor-en nadelen  Farmacodynamiek: Wat effect hebben vreemde stoffen op het lichaam?  Verschillende drugs en hun effecten  Wetgeving ivm verkeersveiligheid  Expertises  Analysemethoden

3 Wat is Toxicologie?  De wetenschap die de nadelige effecten bestudeert van chemische en biologische stoffen op levende organismen  Welke stoffen zijn aanwezig?  Welke concentratie? (therapeutisch, toxisch, lethaal)  Relatie concentratie en effect? “De dosis maakt het vergif” Paracelsus (Theophrastus Bombastus von Hohenheim )

4 Wat is Toxicologie?  Gedrags-toxicologie (ante-mortem toxicologie)  Bepalen van de aanwezigheid of afwezigheid van lichaamsvreemde stoffen bij levende personen  Evaluatie van hun effect of het menselijk gedrag en prestaties  Drug- of geneesmiddelengebruik vaststellen of weerleggen  Aantonen van ‘onder invloed zijn’  Verklaren van gedragswijziging bv. bij verkrachting, …  Post-mortem toxicologie  Bepalen van de aan- of afwezigheid van lichaamsvreemde stoffen om de mogelijke doodsoorzaak te vinden

5 Farmacokinetiek: Wat gebeurt er in het lichaam met de drug/geneesmiddel?

6 Bloedbaan TOEDIENING LEVER: metabolisatie Haar Nagels Zweet Speeksel Uitgeademde lucht Oraal  MAAG/DARMKANAAL Intraveneus Inhalatie  LONGEN Snuiven  NEUSSLIJMVLIES ABSORPTIE &VERDELING AFBRAAK &UITSCHEIDING NIER: excretie (urine) WEEFSELS o.a. HERSENEN (bloedhersenbarrière) EFFECT

7 Bloed  Hoofdzakelijk de ongemetaboliseerde stof  mogelijke correlatie met het effect op het ogenblik van de staalname d.w.z.: ‘onder invloed zijn’  invasieve staalname  relatief kort detectievenster  lage concentraties (ng/ml)  enzymatische afbraak van bepaalde componenten : bloedvenules met fluoride en bewaartemperatuur belangrijk (+4 ou -20°C) Conventionele matrices  Toepassingsgebieden voor een bloedafname bij Verkeersveiligheid : Rijden onder invloed van alcohol en drugs

8 Urine  Geen invasieve staalname  Langer detectievenster (± dagen)  Hogere concentraties (µg/ml), groter volume  Oriënterende sneltesten beschikbaar  Hoofdzakelijk detectie van metabolieten  Geen relatie concentratie – effect  Vervalsing mogelijk Conventionele matrices ( )  Toepassingsgebieden voor een urine staalname bij verkeersveiligheid:  Bewijs van druggebruik of niet-druggebruik  enkel oriënterende test

9 Speeksel  Hoofdzakelijk de ongemetaboliseerde stof  Niet invasieve afname  Langer detectievenster dan bloed, korter dan urine  Passieve diffusie vanuit bloed naar speeksel  Hoeveelheid staal is minimaal  Geen concentratie-effect relatie  zuurtegraad speeksel is variabel  Type collector  Fysico-chemische eigenschappen van drugs of geneesmiddelen  Contaminatie door roken, snuiven of orale inname Alternatieve matrices  Toepassingsgebieden voor een speeksel staalname bij verkeersveiligheid:  Bewijs van recent druggebruik

10 10 Alternatieve matrices Haar  Ongemetaboliseerde stof en/of metaboliet  Niet invasieve afname; twee lokken van cm diameter  Detectie terug in de tijd  Geen concentratie-effect relatie  Toepassingsgebieden voor een haarstaal bij verkeersveilighied:  Bewijs van druggebruik of niet-druggebruik in verleden  teruggave van rijbewijs (Duitsland, Italië)

11 Conventionele MatricesAlternatieve Matrices TypeBloedUrineSpeekselHaren Detectievenster ++++(+)+++ Staalvolume ++++(+)++ Afname gemak concentratie aan drugs +(+) Kwaliteit van de informatie ++++(+)+++ Biologische matrices: samenvatting

12 Farmacodynamiek: Wat is het effect van drugs/geneesmiddelen op het lichaam? Minimum toxische concentratie Bloed Conc. Minimum therapeutische concentratie Therapeutische concentratiegebied Tijd  Farmacologisch effect  Therapeutisch (gewild)  Bijwerkingen (toxisch)  Letaal

13 INDELING PSYCHOTROPE STOFFEN  PSYCHOLEPTICA: onderdrukken het centraal zenuwstelsel “downers”  PSYCHOANALEPTICA: stimuleren het centraal zenuwstelsel “uppers”  PSYCHODYSLEPTICA: verstoren het centraal zenuwstelsel “bewustzijnsverruimend”

14 PSYCHOLEPTICAOPIATEN  Grote familie met een werkings-mechanisme verwant aan morfine:  Morfine: pijnstiller voor de behandeling van matige tot ernstige pijn  Codeïne: gebruikt voor zijn hoestwerende activiteit  Heroïne: werking sneller en krachtiger (2-3 x) dan morfine  Effecten/Toxiciteit:  Na de ‘rush’ een kalmerend effect (‘weg van de wereld’)  Bloedconcentraties bij intoxicatie zeer variabel naar gelang de graad van tolerantie  Heroïne: zeer verslavend, bij onthouding ‘cold turkey’  depressie ademhalingsstelsel leidend tot coma

15 Effect PSYCHOLEPTICA op rijvaardigheid  Heroïne  Sedatie (slaperigheid, geen aandacht besteden aan reflexen van buitenaf)  Afwisselende heldere en bewusteloze momenten  Miosis (verminderde aanpassing van ogen aan duisternis)  Reactiesnelheid verminderd

16  Cocaïne is afkomstig van de coca-plant  HCl-zout: IV injectie, gesnoven  base ‘crack’ gerookt  lokaal anaestheticum  Effecten/Toxiciteit :  Cardio-vasculair (versnelde hartslag, hartritmestoornissen)  Neurologisch (agitatie, euforie, hallucinaties, convulsies, psychose)  Psychische verslaving en zekere graad van tolerantie  Gelijktijdige inname van alcohol : Cocaethyleen  cardiotoxiciteit  Angst (wanneer de effecten verminderen) PSYCHOANALEPTICACOCAÏNE

17  Synthetische afgeleiden van fenylethylamine, gerelateerd aan efedrine  MDMA = XTC (3,4-methyleendioxymethamfetamine)  Designer drugs (mCPP, Ketamine, MBDB, …)  Wetgeving ontwijken  Gebruik:  Dancings/Rave parties  Behandeling van obesitas, ADHD, narcolepsie  Effecten/Toxiciteit :  Euforie, algemeen welbehagen, entactogeen, mentale en emotionele scherpe inzichten  Onderdrukken van signalen van honger, dorst, vermoeidheid  Neurologisch: agitatie, verwardheid, hallucinaties, depressie, irrationeel gedrag  Cardiovasculair: verhoging hartritme, bloeddruk  Verhoging lichaamstemperatuur (hyperthermie)  Psychische afhankelijkheid PSYCHOANALEPTICA AMFETAMINE ANALOGEN

18  Cocaïne  Reactiesnelheid verbeterd, aandacht verscherpt  Roekeloosheid neemt toe  Mydriasis (verminderde aanpassing van ogen aan licht)  Dadelijk na gebruik: vermoeidheid, depressie, zenuwachtigheid, slaperigheid  Amfetamine-analogen  Tunnelvisie  MDMA: éénvoudige taken verbeteren complexe taken verergeren rijgedrag  Roekeloosheid neemt toe  Mydriasis (verminderde aanpassing van ogen aan licht)  Dadelijk na gebruik: vermoeidheid, depressie, zenuwachtigheid, slaperigheid Effect PSYCHOANALEPTICA op rijvaardigheid

19  Actief bestanddeel van cannabis sativa is Δ 9 - Tetrahydrocannabinol  Effecten/Toxiciteit :  euforie, ontspanning, verandering van zintuigelijke waarnemingen  verlies van concentratie en korte-termijn geheugen, paranoia  Duur effect 3-6 uur na roken van een joint  Effect afhankelijk van dosering, rooktechniek, gewenning gebruiker, metabolisatie PSYCHODYSLEPTICA CANNABIS

20  THC  Geen goede correlatie bloedconcentratie en effect  Lage doseringen: bewust van ‘onder invloed’  Trager rijden, voorzichtiger, meer afstand houden  Hogere doseringen: slechte coördinatie, evenwichtsstoornissen, geheugenverlies, impulsiviteit Effect PSYCHODYSLEPTICA op rijvaardigheid

21  GHB (gamma hydroxyboterzuur )  Lichaamseigen  in bloedplasma: 1-2  g/ml  in urine: tot 10  g/ml  post–mortem: productie van GHB in–vitro  Snelle afbraak in het lichaam tot CO 2 en H 2 O  slechts enkele uren opspoorbaar in bloed tot maximum 12 uur in urine  Effecten  lage dosis : sociale remmingen, libido, euforie (XTC)  hoge dosis : kalmerend, bewusteloos, coma, depressie v.d. ademhaling  Verschil toxische dosis en therapeutische dosis is zeer klein  Effect op rijgedrag: vaak valt persoon in slaap tijdens het rijden Andere Drugs/Geneesmiddelen

22  Alcohol Andere Drugs/Geneesmiddelen Alcoholgehalte (g/l) Graad van dronkenschap Symptomen 0,1-0,3Infra klinischGeen significante symptomen 0,3-1,0Euforie- Zelfvertrouwen vergroot - Verminderde aandacht - Verstoring van de motorische coördinatie 0,9-2,0‘Onder invloed’- Vertragen van de reactietijd - Visuele verstoringen - Motorische incoördinatie - Zelfoverschatting 1,5-3,0DronkenschapZware intoxicatie - Mentale verwardheid - Desorientatie, moeilijkheden bij stappen - Emotioneel onstabiel - Duidelijke visuele verstoringen 2,5-4,0Uitgesproken staat van dronkenschap Zeer zware intoxicaite - Verlies van motorische vaardigheden - Vallen - Overgeven, incontinetie - Kan leiden tot de dood (bv. Bij kinderen) 3,5-5,0Coma- Bewusteloosheid, coma, hypothermie - Mogelijke respiratoire depressie dat kan leiden tot de dood >5,0Dood Respiratoire depressie (Kintz P., Toxicologie et Pharmacologie médico-légales, 1998)

23  Psycholeptica  Heroine, Alcohol, Slaap-en kalmeermiddelen (benzodiazepines), neuroleptica, GHB (hoge dosis),…  Effect op rijvaardigheid: sedatie, verwardheid, reactiesnelheid verminderd  Psychoanaleptica  Cocaïne, Amfetamine-analogen, GHB (lage dosis), Alcohol,…  Effect op rijvaardigheid: Roekeloosheid, vermoeidheid  Psychodysleptica  Cannabis, LSD, sommige designer drugs, mescaline, psylocibine,…  Verandering van zintuigelijke waarnemingen Drug effecten: samenvatting

24 Wetgeving - rijden onder invloed: ethanol (1)  KB 27 april 2007 – betreffende de methode tot het bepalen van het alcoholgehalte in het bloed: o.a. analytische techniek, bepalen van de meetonzekerheid, erkenning experts  Wettelijke limiet: 0,5 g/l (= 0,5 promille)

25  KB 27 april 2007 – bijlage II, punt 7  Terugrekening in de tijd  0,15 g/l eerste 4 uur  0,10 g/l volgende 2 uur  niet als bloedethanolconc. < 0,2 g/l  op voorwaarde dat bestuurder niet gedronken tussen de feiten en de bloedafname. AbsorptieEliminatie Wetgeving - rijden onder invloed: ethanol (1I)

26 Testbatterij Aanwijzing van gebruik Geen aanwijzing van gebruik + - Lab confirmatie:GC-MS Bestuurder mag doorrijden Verkeersveiligheid - rijden onder invloed: drugs 31 maart 1999 Urine Screening

27 Checklist Aanwijzing van recent gebruik Geen aanwijzing van recent gebruik + - Lab confirmatie:GC-MS of LC-MS/MS Bestuurder mag doorrijden Wet tot invoering van speekseltesten op drugs in het verkeer 31 juli 2009 Speeksel Screening

28 Screening  Immunologische Screeningstechnieken  Snel  Niet specifiek: Spoort bepaalde ‘groepen’ van drugs of geneesmiddelen op, eerder dan een specifieke molecule bvb. opiaten, amfetamines  Semi-kwantitatief: Cut-off waarde Concentratie hoger of lager dan een bepaalde vooropgestelde grenswaarde, de zgn. Cut-off waarde Morfine MDMA Amf. Resultaten dienen ALTIJD bevestigd te worden met een specifieke, kwantitatieve techniek

29  Screeningstechnieken  Immunologische tests niet mogelijk voor GHB, bepaalde designer drugs, bepaalde geneesmiddelen  Vandaar keuze: THC, Amfetamine, MDMA, Cocaïne, Heroïne  Urine screening  Hogere concentraties  Grotere volumes  Langere detectietijden  Vervalsing mogelijk  Speeksel screening  Lagere concentraties  Kleinere volumes  Detectietijden vergelijkbaar met bloed  Directe afname (minder invloed voor vervalsing) OPLETTEN: 15 minuten wachten na snoep, eten, kauwgom,… OPLETTEN: 15 minuten wachten na snoep, eten, kauwgom,… Screening

30 urine (chronisch) urine (acuut) speeksel Dagen haar bloed Voordeel screening in speeksel ivm urine Korter detectievenster, dus recent gebruikScreening Voorbeeld Cannabis Detectie in metabolieten in urine : < 2-3 dagen (1 à 2 joints/week) < 3-4 weken (chronisch gebruik) Detectie THC in speeksel : < 12 uur Duur effecten: 3-6 uur

31 Screening: keuze speekseltest

32 Wettelijke screening cut-off speeksel THC= 25 ng/ml Gevoeligheid testen ten opzichte van bloed THC cut-off van 2 ng/ml Screening: keuze speekseltest

33 Confirmatie in Laboratorium  Chromatografische Technieken  Specifiek  Kwantitatief

34 Staalvoorbereiding Gas Chromatografie Confirmatie in Laboratorium Vloeistof Gaschromatografie Vloeistofchromatografie

35 Confirmatie in Laboratorium

36 Het chromatogram Chromatograaf De tijd waarop een piek verschijnt (retentietijd) is karakteristiek voor een bepaalde verbinding De relatieve omvang van een piek (opp. of hoogte) is proportioneel mbt het relatief voorkomen van de verbinding in het mengsel Confirmatie in Laboratorium

37 Mass Sorting (filtering)Ionization Ion Detector Detection Ion Source Detect ions Forms ions (charged molecules) Sort Ions by Mass (m/z) MS1MS2Collision Cell Confirmatie in Laboratorium Massaspectrometrie

38 318> e4 315> e4 311> e4 THC-d3 THCcannabidiol cannabinol MRM chromatogram (5 ng/mL in 100 µL gepreserveerd speeksel): THC in speeksel Confirmatie in Laboratorium

39  Bloed confirmatie  Relatie concentratie en effect  Invasieve afname  Speeksel confirmatie  Geen relatie concentratie en effect  Niet invasieve afname  Kleinere volumes  Hogere concentraties  Speekselconcentratie afhankelijk van type collector Confirmatie speeksel ten opzichte van bloed Confirmatie in Laboratorium

40 Zero-tolerantie of ‘onder invloed’? Bloedconcentratie heeft een duidelijker beeld over ‘onder invloed zijn’ Speekselconfirmatie kan bij zero-tolerantie ‘The confirmatory test may be performed in oral fluid but is preferably performed in blood to enable a better interpretation of degree of exposure and likely drug effects. If confirmation is performed on oral fluid, then there is less that can be said about likely drug effects, because the concentrations in this fluid show a poorer correlation to drug effects than do blood concentrations. Nevertheless, when zero- tolerance rules apply, the use of oral fluid confirmation alone is acceptable, provided that there has been no contamination of the fluid during collection’ Prof. Dr. O.H. Drummer (Victoria, Australië) in Ther Drug Monit 30 (2), 2008, p Confirmatie in Laboratorium Confirmatie speeksel ten opzichte van bloed

41 Zero-tolerantie of ‘onder invloed’? Confirmatie in Laboratorium Confirmatie speeksel ten opzichte van bloed Grotenhermen et al., Addiction 102, 2007  ‘Danger Cut-offs’ werden nog niet vastgelegd

42 2-5 ng/ml serum 30 ng/ml speeksel 71% is ‘onder invloed’ Drug. Alc. Depend.(2006)85: Confirmatie speeksel ten opzichte van bloed Confirmatie in Laboratorium  Keuze cut-off?  Gebaseerd op  Internationale richtlijnen  Analytische betrouwbaarheid  Zero-tolerance

43  Keuze speekselcollector  Concentratie in speeksel hangt af van  Stimulatie van speekselafname  Tijd van afname Confirmatie in Laboratorium Ratio: 1,2 Spuwen in tube gestimuleerd door zure snoep Ratio: Orasure Intercept Collector Confirmatie speeksel ten opzichte van bloed

44  Wetgever kiest voor veréénvoudigde procedure die politie zelf kan uitvoeren  Door speeksel te kiezen als confirmatie kiest men voor detectie recent gebruik en niet voor ‘onder invloed’  Gekozen cut-offs resulteren in zero-tolerantie  Speekselcollector zal geselecteerd worden na publicatie KB  Bij problemen met de speekselcollector (door bv. droge mond) is bloedafname mogelijk Confirmatie in Laboratorium Confirmatie speeksel ten opzichte van bloed BESLUIT

45 Bedankt voor jullie aandacht! Juridische Experten Labo Toxicologie NICC : -Sarah Wille, Dr. Apr. -Vincent Di Fazio, Lic. Sc. (Fr) -Nele Samyn, Dr. Apr. Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie Vilvoordsesteenweg, Brussel Tel : Fax:


Download ppt "TOXICOLOGIE Dr. Sarah Wille ‘Train the trainers’ 20 september 2010."

Verwante presentaties


Ads door Google