De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Management, finance en recht Kenniscentrum Management Economie en Recht Haarlem, 10 januari 2012 Dr. Daan Andriessen Het begeleiden van afstuderen Thema.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Management, finance en recht Kenniscentrum Management Economie en Recht Haarlem, 10 januari 2012 Dr. Daan Andriessen Het begeleiden van afstuderen Thema."— Transcript van de presentatie:

1 Management, finance en recht Kenniscentrum Management Economie en Recht Haarlem, 10 januari 2012 Dr. Daan Andriessen Het begeleiden van afstuderen Thema 1: Opzet onderzoek: probleemstelling

2 Agenda 1.Opzet van de scholing 2.De nieuwe afstudeerhandleiding 3.Wat is onderzoek in de HBO bachelor? 4.Kwaliteitscriteria voor onderzoek 5.Probleemstelling van onderzoek Van veldprobleem naar probleemstelling Kwaliteitscriteria voor probleemstellingen 2

3 Opzet van de scholing 3

4 Opzet van de scholing (1) Interactief & Concreet Op basis van casusmateriaal dat door de docenten zelf wordt aangeleverd Over de locaties heen in Noord en in Zuid (om van elkaar te leren en kennis te delen en te verspreiden) Verplicht voor alle afstudeerbegeleiders, de helft dit jaar en de andere helft volgend jaar 4

5 Opzet van de scholing (2) Meerdere sessies, thematisch ingericht, die parallel lopen aan het afstudeerproces Rode draad: hoe begeleid ik de student bij het onderzoeken? Deze vraag komt bij ieder thema terug De nieuwe afstudeerprocedure conform de nieuwe handleiding is in de teams besproken en wordt bekend verondersteld 5

6 Wat vinden jullie lastig bij het begeleiden van afstudeeronderzoek? Formuleer een prangende vraag 6

7 De nieuwe afstudeerhandleiding 7

8 De nieuwe afstudeerhandleiding MER Ontwikkeld op basis van de bestaande handleidingen Belangrijkste verschillen mbt onderzoek: Meer tijd voor ontwikkelen probleemstelling, deelvragen en methodologie, op basis van literatuuronderzoek Gebruik van kwaliteitscriteria tijdens de begeleiding Kwaliteitscriteria gebaseerd op werk van Heinze Oost en in overeenstemming criteria NVAO 4-ogen principe bij beoordeling PvA en afstudeerrapport 8

9 Wat is onderzoek in de HBO bachelor? 9

10 Formele definitie van onderzoek (1) ‘Onderzoek is een doelbewust en methodisch zoeken naar nieuwe kennis in de vorm van antwoorden op tevoren gestelde vragen volgens een tevoren opgesteld plan’ (Verschuren, 1994). 10

11 Formele definitie van onderzoek (2) Doelbewust: vanuit probleemveld, gericht op beantwoorden van probleemstelling en deelvragen Methodisch: systematisch en volgens erkende methoden en wetensch. criteria te werk gaan Vragen: ‘zonder vragen geen...’ Plan: methodologie en onderzoekplan (acties, instrumenten, tijd en geld) 11

12 Onderzoek op HBO bachelor niveau? Nieuwe kennis= nieuw voor de wereld met bredere geldigheid dan het individuele geval of Nieuwe kennis= nieuw voor de opdrachtgever en relevant voor het individuele geval 12 HBO Bachelor

13 Oké, maar dat doen we toch al jaren? Wat is het verschil met bv. projectmanagement? 13

14 1. Probleemkluwen 2. Probleemkeuze 3. Diagnose/analyse 4. Plan/ontwerp 5. Ingreep/ implementatie 6. Evaluatie Strien, P.J. van (1986) Praktijk als wetenschap. Methodologie van het sociaal- wetenschappelijk handelen. Assen: Van Gorcum, 1986 De handelingscyclus (Van Strien, 1986)

15 DIAGNOSEONTWERP IMPLEMENTA- TIE EVALUATIE De handelingscyclus bij praktijkgerichte vraagstukken VOORSTEL VOOR OP BASIS VAN

16 De onderzoekscyclus Doelstelling Probleemstelling Deelvragen 1 e deel literatuur- studie Onderzoeksplan: Methodologie Tijdsplanning Data verzameling (waaronder nadere literatuurstudie) Data analyse Conclusies & Aanbevelingen Rapportage & Presentatie = Plan van Aanpak

17 DIAGNOSEONTWERP IMPLEMENTA- TIE EVALUATIE Onderzoek in HBO = handelingscyclus plus onderzoekscyclus (Leen, 2011) VOORSTEL VOOR OP BASIS VAN Onderzoekscyclus Leen, Jan (2011) Mondelinge communicatie

18 DIAGNOSEONTWERP Veel voorkomende combinaties (1) VOORSTEL VOOR Onderzoekscyclus Hoe kan … verbeterd worden? (functie: ontwerpen) OP BASIS VAN

19 EVALUATIE Veel voorkomende combinaties (2) OP BASIS VAN Onderzoekscyclus Wat is het effect van … (functie: evalueren) IMPLEMENTA- TIE

20 ONTWERP IMPLEMENTA- TIE EVALUATIE Veel voorkomende combinaties (3) OP BASIS VAN Onderzoekscyclus Hoe goed is plan …? (functie: evalueren)

21 DIAGNOSEONTWERPEVALUATIE Veel voorkomende combinaties (4) VOORSTEL VOOR OP BASIS VAN Onderzoekscyclus Hoe kan … verbeterd worden en wat zijn daarvan de effecten? (functie: ontwerpen & evalueren) IMPLEMENTA- TIE OP BASIS VAN

22 Kwaliteitscriteria voor onderzoek 22

23 Kwaliteitscriteria zijn hoeksteen bij afstuderen 1.Kwaliteitscriteria vertellen student aan welke eisen het eindproduct moet voldoen -> vooraf geven en mee laten oefenen 2.Student kan zich dan afvragen: wat moet ik allemaal doen in het onderzoek om deze kwaliteit te realiseren? 3.Docent kan criteria als leidraad gebruiken bij de begeleiding 4.Dezelfde kwaliteitscriteria worden gebruikt bij het beoordelen van het eindproduct

24 24

25 Kwaliteitscriteria MER Inholland Gebaseerd op het wetenschappelijke onderzoek van Heinze Oost (Oost & Markenhof, 2002) Aangevuld met criteria voor praktijkgericht onderzoek (Andriessen & Van Weert 2008) Getoetst aan en aangevuld met criteria NVAO (onderzoek BE Inholland december 2010) In handzaam formulier gezet door cluster Finance Inholland 25

26 Probleemstelling van onderzoek bibliotheek/themasites/algemeen/onderzo ek+en+wetenschap.htm 26

27 3. Probleemstelling “Onderzoek begint met iemand die iets niet weet of snapt. Die vraag houdt hem bezig, ergert hem, prikkelt zijn nieuwsgierigheid. (…) De vraag is te moeilijk om snel even te beantwoorden. (…) Die moeilijk te beantwoorden vraag wordt de probleem- stelling genoemd.” (Oost en Markenhof, 2002) Begripsverwarring:  Probleemstelling = vraagstelling = onderzoeksvraag = hoofdvraag  Veldprobleem ≠ probleemstelling  Doelstelling = einddoel van het onderzoek  Veldprobleem → doelstelling → probleemstelling → deelvragen Een probleemstelling is een zin met een vraagteken!

28 Wat vinden jullie lastig bij het begeleiden van het ontwikkelen van een probleemstelling? Formuleer een prangende vraag 28

29 Van veldprobleem naar probleemstelling 1 (1) Veldprobleem = het probleem in de praktijk (vaak gegeven door opdrachtgever) Problemen bestaan niet. Een situatie is pas een probleem als iemand dat ervan maakt (Vermaak, 2009) Belangrijke vraag: wie bepaalt dat iets een probleem is? 29 Veldprobleem Kennis- probleem Probleem- stelling 1) Andriessen, D. (2011) Veldprobleem, kennisprobleem, deelvragen, in: Van Aken en Andriessen, Handboek ontwerpgericht onderzoek, Den Haag: Boom Lemma

30 Van veldprobleem naar probleemstelling (2) Veldprobleem = een verschil tussen een bestaande en een gewenste situatie Dit maakt een diagnose noodzakelijk: 1.Wat is de feitelijke situatie? Wat is de gewenste situatie? Wat is het gat tussen de feitelijke en de gewenste situatie? 2.Wat zijn de oorzaken van dit gat? 30 Veldprobleem Kennis- probleem Probleem- stelling

31 Van veldprobleem naar probleemstelling (3) Veldprobleem oplossen vereist: Mensen & Middelen Tijd & Gelegenheid Kennis Student richt zich alleen op het aanleveren van (een deel van) de kennis Kennisprobleem = het gat tussen de bestaande en de benodigde kennis om het probleem (deels) op te lossen 31 Veldprobleem Kennis- probleem Probleem- stelling

32 Van veldprobleem naar probleemstelling (4) Kennisprobleem is vaak heel groot De student moet dus een keuze maken Probleemstelling = de vraag die het deel van het kennisgat verwoordt dat in het onderzoek wordt opgevuld Vereist: Kennis van zaken (literatuurstudie) Focus Onderhandelen 32 Veldprobleem Kennis- probleem Probleem- stelling kennis focus

33 Maken van probleemstelling Functioneel Inhoudelijk verankerd Relevant Afgebakend Precies

34 Een probleemstelling is functioneel Definiëren Beschrijven Vergelijken Evalueren Verklaren Ontwerpen Bron: Oost & Markenhof, 2002

35 Een probleemstelling is functioneel (2) OnderzoeksfunctieExploratiefHypothese toetsend Definiëren Tot welke klasse van fenomenen behoort dit? Behoort dit fenomeen bij deze klasse? Beschrijven Wat zijn de eigenschappen van X?Heeft X deze eigenschappen? Vergelijken Wat zijn de verschillen tussen X en Y? Zijn X en Y verschillend? Evalueren Hoe succesvol is deze interventie?Is deze interventie een succes? Verklaren Waarom Y?Is het waar dat X Y verklaart? Ontwerpen Wat draagt bij aan de oplossing van Z? Draagt X bij aan de oplossing van Z? Bron: Oost & Markenhof, 2002

36 Probleemstelling bepaalt het soort antwoord dat je zoekt OnderzoeksfunctieSoort antwoord Definiëren Indeling (A behoort bij B) Beschrijven Beschrijving (A is….) Vergelijken Vergelijking (A is op die en die punten anders/ hetzelfde als B) Evalueren Oordeel op basis van normen (A is goed/slecht, effectief/niet effectief, mooi/lelijk etc.) Verklaren Verklaring (B wordt veroorzaakt door A) Ontwerpen Een oplossing (Als je in situatie A doel B wilt bereiken moet je C doen)

37 Woonlústen hypotheek Afstuderen op basis van een onderzoek bij Manpower op het gebied van diversiteits- management Reviewen van 2 Plannen van Aanpak 37

38 In dit onderzoek willen wij zo’n analyse van verwachte woonlasten en besparingsmogelijkheden (woonlusten) in beeld brengen. Door te analyseren welke besparingen op de woonlasten mogelijk zou zijn op basis van de bovenstaande en verdere uitgangspunten. Als dat positief uitvalt, willen we nagaan of de bijbehorende maatregelen via de gevraagde hypothecaire geldlening of met een extra (voor)financiering haalbaar is en voordelen kan opleveren. Voor de klant in de vorm van besparingen. En voor de bank in de vorm van onderscheidend vermogen in de hypotheekmarkt. (p.11) Beschrijf en bereken wat gewenste en noodzakelijke inspanningen en investeringen op korte en langere termijn zouden moeten zijn en wat het verwachte rendement is van deze investeringen op (middel) lange termijn. (p. 4) Doelstelling ) NVAO: Wat willen we (laten) bereiken met dit project: onderzoeksdoelen?

39  “We willen nu nagaan of een bredere doelstelling – het verminderen van woonlasten – voor consumenten aansprekender is.” (p.12)  “Kan Manpower als organisatie significant beter functioneren door de verschillen tussen medewerkers met diverse culturele achtergronden gericht te benutten”? (p.5) Functioneel: Maakt de scriptie duidelijk wat de onderzoeksfunctie van de probleemstelling is? Wat is de onderzoeksfunctie in scriptie 1 en 2?

40 DIAGNOSEONTWERPEVALUATIE Onderzoeksfuncties Manpower op basis van doelstelling OP BASIS VAN IMPLEMENTA- TIE OntwerpenVoorspellen (is een vorm van verklaren) Evalueren

41 ONTWERPEVALUATIE Onderzoeksfuncties Manpower op basis van probleemstelling OP BASIS VAN IMPLEMENTA- TIE Voorspellen (is een vorm van verklaren) Evalueren

42 ONTWERPEVALUATIE Onderzoeksfuncties Rabobank op basis van probleem- en doelstelling OP BASIS VAN IMPLEMENTA- TIE Voorspellen (is een vorm van verklaren) Evalueren voor consument Voor Rabobank?

43 Probleemstelling is inhoudelijk verankerd Uitleg wordt gegeven over: Het kennisgebied waarop het onderzoek betrekking heeft (bv. ondernemerschap, zakelijke dienstverlening) Het thema waar het onderzoek over gaat (bv. acquisitie bij Private Banking, solvabiliteitsregelgeving de verzekeringsbranche) Hoe het thema aansluit bij de problematiek van organisatie waarin het onderzoek plaats vindt en de context (sociaal, maatschappelijk, cultureel, economisch, internationaal) Scriptie 1 en 2?

44 Probleemstelling:  Heeft betrekking op een problematische situatie in de beroepspraktijk  Kan bij beantwoording een bijdrage leveren aan oplossing van de problematische situatie  Is nog niet beantwoord  Is geaccepteerd door de klant Scriptie 1 en 2? Een probleemstelling is relevant

45 Probleemstelling is afgebakend Aannemelijk wordt gemaakt dat de probleemstelling een optimaal bereik heeft. Vraag moet qua complexiteit op hbo-niveau zijn Beantwoorden van de vraag moet voldoende werk opleveren gedurende de onderzoeksperiode, rekening houdend met: Beschikbaarheid van informatie Aantal betrokken stakeholders, afdelingen, processen Beantwoorden van de vraag moet haalbaar zijn in de onderzoeksperiode gegeven bovenstaande factoren Scriptie 1 en 2?

46 Een probleemstelling is precies Wat is het domein? Waar gaat de vraag over? Wat zijn de centrale begrippen en zijn ze goed gedefinieerd? Welke begrippen worden gebruikt om iets over het domein te zeggen? Hoe goed gedefinieerd zijn die? Wat is de eventuele relatie tussen de centrale begrippen en is die te onderzoeken?

47 Een probleemstelling is precies Wat is het domein? Diversiteitsbeleid van Manpower Wat zijn de centrale begrippen en zijn ze goed gedefinieerd? significant beter functioneren de verschillen tussen medewerkers met diverse culturele achtergronden gericht benutten Wat is de eventuele relatie tussen de centrale begrippen en is die te onderzoeken? kan het gericht benutten van verschillen leiden tot significant beter functioneren

48 Een probleemstelling is precies Wat is het domein? Hypotheekverstrekking bij de Rabobank Wat zijn de centrale begrippen en zijn ze goed gedefinieerd? een bredere doelstelling – het verminderen van woonlasten – consumenten aansprekender Wat is de eventuele relatie tussen de centrale begrippen en is die te onderzoeken? is een bredere doelstelling – het verminderen van woonlasten – voor consumenten aansprekender

49 Volgende keer: Maken van deelvragen

50 Noord: Thema 2:9 februari Thema 3: 16 februari Thema 4:8 maart Thema 5:27 maart Zuid: Thema 2: 24 januari Thema 3: 14 februari Thema 4: 28 februari Thema 5: 27 maart Volgende bijeenkomsten 50 Iedereen kan gevallen inbrengen ter bespreking. Graag een week van tevoren mailen naar Daan Andriessen.

51 Functioneel: De deelvragen bepalen de onderzoekstructuur De probleemstelling is uitgewerkt in deelvragen waarvan een deel theoretisch zijn en een deel empirisch De deelvragen zijn volledig, dwz door de deelvragen te beantwoorden krijg je alle informatie die nodig is voor het beantwoorden van de probleemstelling De logische volgorde klopt  Vraag 1 gaat vooraf aan vraag 2 als vraag 1 een antwoord oplevert dat nodig is om vraag 2 te beantwoorden Samen vormen de deelvragen de onderzoeksstructuur Met behulp van de deelvragen bepaal je de onderzoekstrategieën die je gaat gebruiken

52 Iedere onderzoeksfunctie heeft een eigen onderzoekstructuur: DEFINIEREN Beschrijvende deelvragen: Wat zijn de kenmerken van A? Wat zijn de kenmerken van de familie of klasse? Vergelijkende deelvragen: Wat zijn de overeenkomsten van A en B? Wat zijn de verschillen tussen A en B?

53 Iedere onderzoeksfunctie heeft een eigen onderzoekstructuur: VERGELIJKEN Beschrijvende deelvragen: Wat zijn de kenmerken van A? Wat zijn de kenmerken van B? Vergelijkende deelvragen: Wat zijn de overeenkomsten van A en B? Wat zijn de verschillen tussen A en B?

54 Iedere onderzoeksfunctie heeft een eigen onderzoekstructuur: EVALUEREN Beschrijvende deelvragen: Wat zijn de kenmerken van A? Wat zijn de kenmerken van de norm? Vergelijkende deelvragen: Wat zijn de overeenkomsten van A en de norm? Wat zijn de verschillen tussen A en de norm? EVALUATIE OP BASIS VAN IMPLEMENTA- TIE

55 Ontwerpende deelvragen:  Welke oplossingen zijn er bekend?  Welke eisen stellen we aan de oplossing? Vergelijkende deelvragen:  Wat zijn de overeenkomsten van de oplossing en de eisen?  Wat zijn de verschillen tussen de oplossing en de eisen? Verklarende deelvragen:  Wat maakt dat de oplossing gaat bijdragen aan het wegnemen van het probleem? Beschrijvende deelvragen:  Wat zijn de kenmerken van situatie A?  Wat zijn de kenmerken van de norm? Vergelijkende deelvragen:  Wat zijn de overeenkomsten van A en de norm?  Wat zijn de verschillen tussen A en de norm? Verklarende deelvragen:  Wat maakt dat er verschillen zijn tussen A en de norm? Iedere onderzoeksfunctie heeft een eigen onderzoekstructuur:ONTWERPEN Evalueren 55 DIAGNOSEONTWERP

56 De onderzoeksstructuur van 1.Wat verstaat men onder het onderwerp diversiteitsmanagement? 2.Welke culturen zijn er binnen Nederland en hoe verhouden zij zich tot de Nederlandse beroepsbevolking? 3.Wat zijn de waargenomen effecten van een diversiteitsbeleid? 4.Hoe kijken andere bedrijven binnen de uitzendbranche aan tegen het onderwerp culturele diversiteit? 5.Op welke manier kan Manpower gebruik maken van deze verschillen? 6.Hoe is te kwantificeren wat het rendement is van beleid dat gericht is op het gebruik maken van deze culturele diversiteit? 1.Is de probleemstelling uitgewerkt in deelvragen waarvan een deel theoretisch is en een deel empirisch? 2.Vormen de deelvragen samen een onderzoekstructuur die past bij de onderzoeksfunctie?

57 DIAGNOSEONTWERPEVALUATIE Onderzoeksfuncties Manpower op basis van doelstelling OP BASIS VAN IMPLEMENTA- TIE OntwerpenVoorspellen (is een vorm van verklaren) Evalueren

58 ONTWERPEVALUATIE Onderzoeksfuncties Manpower op basis van probleemstelling OP BASIS VAN IMPLEMENTA- TIE Voorspellen (is een vorm van verklaren) Evalueren

59 De onderzoeksstructuur van 1.Welke van de variabele woonlasten kunnen het meest effectief worden beïnvloed met maatregelen die op afzienbare termijn besparingen opleveren? 2.Is een eventuele beperking van de woonlasten groot genoeg om daarmee werkelijk een voordeel te bereiken? 3.Kunnen voorfinancieringen daarvan via de hypotheek of aanvullende financiering worden ingezet? 4.Kan daarmee voor de klant een voordeel worden bereikt dat anders onhaalbaar is en is dit voordeel groter dan de extra rentelasten van een ruimere hypotheek? 5.Welke rol spelen de kosten van gas, licht en water daarbij en hoe zijn die positief te beïnvloeden? 1.Is de probleemstelling uitgewerkt in deelvragen waarvan een deel theoretisch is en een deel empirisch? 2.Vormen de deelvragen samen een onderzoekstructuur die past bij de onderzoeksfunctie?

60 De onderzoeksstructuur van 6.Kunnen klimaatvriendelijke toepassingen daarbij een mogelijk belangrijk aandeel vormen? Zijn klanten voor zulke zaken te porren? 7.Zijn de eventueel te bereiken woonlusten groot genoeg om daarmee promotie voor klantenwinning en –binding te doen? 8.Kan de Rabobank zich hiermee positief onderscheiden tussen andere hypotheekaanbieders? 9.Is er een actieve rol voor de bank weggelegd in de individuele maatwerkanalyse voor de klant en wat moet de bank daar dan voor doen? Brengt dat rendabele kosten met zich? 10.Hoe is dit instrument in te zetten in de promotie voor de Rabobank als hypotheekverstrekker? 11.Zijn klanten geïnteresseerd te krijgen voor een hypotheekvorm onder de belofte dat deze niet alleen bijdraagt aan de algehele vermindering van hun woonlasten, maar bovendien het persoonlijk budget ten goede komt en zuinig gedrag bevordert?

61 Voor meer infromatie: 61

62

63 DIAGNOSEONTWERP IMPLEMENTA- TIE EVALUATIE Veel voorkomende combinaties (1) VOORSTEL VOOR OP BASIS VAN Onderzoekscyclus Hoe kan … verbeterd worden? (functie: ontwerpen)


Download ppt "Management, finance en recht Kenniscentrum Management Economie en Recht Haarlem, 10 januari 2012 Dr. Daan Andriessen Het begeleiden van afstuderen Thema."

Verwante presentaties


Ads door Google