De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Monitoren van respons op neoadjuvante chemotherapie: Welke beeldvorming helpt het meest om effect van behandeling te evalueren? Claudette Loo; Radioloog.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Monitoren van respons op neoadjuvante chemotherapie: Welke beeldvorming helpt het meest om effect van behandeling te evalueren? Claudette Loo; Radioloog."— Transcript van de presentatie:

1 Monitoren van respons op neoadjuvante chemotherapie: Welke beeldvorming helpt het meest om effect van behandeling te evalueren? Claudette Loo; Radioloog NKI-AVL NKI-AVL Mammacarcinoom symposium 23 juni 2004 NEOADJUVANTE CHEMOTHERAPIE Zegen of Mode? The Netherlands Cancer Institute / Antoni van Leeuwenhoek Hospital

2 Potentieel Voordeel Neoadjuvante Chemotherapie (NAC) Tumoromvang reductie vaker MST Evalueren respons chemotherapie met tumor in situ Behandeling occulte micrometastasen

3 Tumor eigenschappen verandering vascularisatie Tumorresidu tumor volume/omvang RECIST criteria Evaluatie Respons op NAC Therasse et al J Natl Cancer Inst 2000; 92:  progressive disease PD: 20% LD  stable disease SD  partial response PR: 30% LD  complete response CR

4 Patroon van afname Conc. afname Complete Response Partial Response tumorrest in originele gebied Geen tumor

5 Patroon van afname pre post pre post

6 Voor start chemotherapie baseline Tijdens: na 1 of 2 kuren aanpassen chemotherapie vervroegen chirurgie Na beëindigen chemotherapie vaststellen tumorresidu/omvang voorafgaand aan chirurgie Wanneer respons monitoren ?

7 Lichamelijk onderzoek Palpatie Radiologisch Mammografie Echografie MRI Hoe Respons Monitoren ?

8 Palpatie en conventionele beeldvorming zijn van beperkte waarde agv chemotherapie geïnduceerde fibrose. Palpatie kan tumorresidu overschatten door tussenliggende huid en klierweefsel. Mammografie heeft geringe toegevoegde diagnostische waarde, in geval van microcalcificaties. Literatuur Conventioneel Vinnicombe SJ et al. Radiology 1996; 198: Huber S et al.Anticancer Res. 2000; 20:

9 Vergelijken beoordeling van respons dmv palpapatie, mammografie en echografie.(n=141). Palpatie correleerde best met tumorresidu bij pathologie. Palpatie (R=0.68) Echo (R=0.28) Mammografie (R=0.38). Fiorentino C et al. Breast Cancer Res Treat 2001; 69: R=0.62 Literatuur Conventioneel

10 Palpatie gecombineerd met mammografie en/of echografie verbetert significant de beoordeling van preoperatieve tumoromvang. Echografie heeft beste correlatie met omvang van axillaire lymfklieren. Fiorentino C et al. Breast Cancer Res Treat 2001; 69: Herrada J et al. Clin Cancer Research 1997; 3(9): Literatuur Conventioneel

11 Mammografie Pre Chemotherapie Pre Chemotherapy R MLO R CC

12 Mammografie Pre en Post Chemotherapie MLO Pre Chemotherapy POST Chemotherapy R MLO R CC R MLO Post Chemotherapy

13 Mammografie Post Chemotherapie R – L MLO Post Chemotherapy R

14 Echgrafie Pre en Post Chemotherapie Pre ChemotherapyPost Chemotherapy

15 Contrast Enhanced MRI Axial MIP Pre Chemotherapy Post Chemotherapy

16 Vergeleken met conventionele technieken is dynamische MRI de beste techniek bij evaluatie respons en omvang van (actieve) tumorrest na NAC. MRI is beste techniek voor aantonen multifocaliteit na NAC, voorafgaand aan chirurgie. Literatuur MRI Gilles R et al Radiology 1994; 191:633-8 Abraham DC et al Cancer 1996; 78: Drew PJ et al Eur J Surg Onc 2001; 27: Balu Maestro et al Breast Cancer Res Treat 2002; 72:145-52

17 MRI is beter dan echo of mammografie in meten grootste tumordiameter. MRI (R=0.98) hoogste correlatie coëfficiënt met pathologie, Echografie (R=0.45) Mammografie (R=0.46). Correlatie met pathologie was hoogst voor MRI metingen (R=0.89) vergeleken met palpatie (R=0.60). Davis et al Breast Canc Res Treat 1996;37:1-9 Patridge SC et al AJR 2003;179: Literatuur MRI

18 Chemotherapie geïnduceerde fibrose kan onderscheiden worden van actieve tumorrest (geen aankleuring). Chemotherapie geïnduceerde veranderingen kunnen leiden tot significante over en onderschatting van tumoromvang na NAC. Correlatie met omvang bij pathologie is best als er geen respons of complete remissie is. Wasser K et al Eur Rad 2003;13:80-87 & Rieber A et al Eur J Rad 2002; 12: Literatuur MRI

19 NKI / AVL Research LABC NOODCD Study 150 patients with locally advanced breast cancer Imaging, Including MRI before, during and after treatment Core biopsy for Microarray analysis Rando- mization before chemo- therapy treatment 6 x AC 6 x AD Surgery and/or Radiotherapy or Tamoxifen Single institution randomised study Compare efficacy anthracycline containing conventional chemotherapy with an anthracycline-taxane based regimen

20 Imaging (MRI) neven Studie Doel Bepalen waarde van dynamische MRI van de mamma, voor detectie van resttumor na NAC. Vergelijking met palpatie, mammografie en echografie

21 Material and Methods Periode Jan Juni 2003 N= 42 vrouwen; lft range (26-66 jaar) Pathologie ( biopsie) Ductaal carcinoom: 35 (83%) Lobulair carcinoom: 7 (17%) Chirurgie mastectomie : 20 (48%) MST: 22 (52%)

22 Material and Methods MRI Totaal 3 MRI scans Scan 1: baseline voor chemotherapie Scan 2: na 2 kuren Scan 3: voorafgaand aan chirurgie

23 Material and Methods MRI Techniek 1.5 Tesla Siemens Buikligging, dedicated bilaterale mammaspoel Coronaal 3D Turbo Flash “Combined dynamic study” 1 serie pre contrast 90 sec / 80 plakken  Contrast gadolinium 14ml, 2ml/sec Fast dynamic 45 sec, 7 plakken Slow dynamic 5 series post contrast 90 sec / 80 plakken Axiale reconstructie & subtractie

24 MRI precontrast

25 MRI precontrast contrast 90sec

26 MRI precontrast contrast 90sec subtraction 90 sec-precontrast initial

27 MRI precontrast contrast 90sec subtraction 90 sec-precontrast initial 450 sec- 90 sec late

28 MRI Partiële Respons Initial Late Scan 1 Pre chemo Scan 3 Post chemo Scan 2

29 MRI Complete Remissie initial late Scan1 Scan 3Scan 2

30 Material and Methods 5 radiologen Pathologische aankleuring initial / late morfologie Kwantitatieve analyse curves Radiologisch oordeel Non Responder NR Minimal ResponsMR Partiële Respons PR Complete Respons CR

31 Resultaten Pathologie (Gouden standaard) PA N totaal(%) Complete remissie 6 Solitaire cellen 7 Tumorrest (69) geen significant tumorrest Significant tumorrest 13 (31)

32 Resultaten Palpatie (n=42) Pathologie No significant tumor Significante tumor NR-2 PR721 CR66 Palpatie Sensitiviteit 23/29 (79%) Specificiteit 6/13 (46%)

33 Resultaten Echografie (n=39) Sensitiviteit 25/27 (93%) Specificiteit 5/12 (42%) Pathologie No significant tumor Significante tumor NR17 PR618 CR52 Echografie

34 Resultaten Mammografie (n=36) Pathologie No significant tumor Significante tumor NR-6 PR716 CR32 Niet zichtbaar11 Mammografie Sensitiviteit 22/25 (88%) Specificiteit 4/11 (36%)

35 Resultaten SensitiviteitSpecificiteit Palpatie79%46% Echografie93%42% Mammografie88%36% MRI??

36 Radiologische Oordeel MRI Radioloog 1 Radioloog 2 Radioloog 3 Radioloog 4 Radioloog 5 NR MRCRPR aantal

37 Resultaat Radiologisch Oordeel MRI Response N Pathology: Significant tumor 29 Pathology: No significant tumor 13

38 Fout Positief initial late Scan 1 Pre chemo Scan 3 Post chemo Scan 2

39 Fout Negatief initial late Scan 1 Pre chemo Scan 3 Post chemo Scan 2

40 Response N Resultaat Radiologisch Oordeel MRI

41 SensitiviteitSpecificiteit Radioloog 197%54% Radioloog 290%46% Radioloog 397%46% Radioloog 479%62% Radioloog 597%46% Resultaat Radiologisch Oordeel MRI

42 Resultaat SensitiviteitSpecificiteit Palpatie79%46% Echografie93%42% Mammografie88%36% MRI79-97%46-62%

43 Resultaat Radiologisch Oordeel MRI (ROC analyse) False-positive fraction True-positive fraction Opp. onder curve A Z waarde = Max 1

44 Resultaat Radiologisch Oordeel MRI A Z waarde Opp. onder de curve Radioloog Radioloog Radioloog Radioloog Radioloog 50.81

45 Conclusies Palpatie, Mammografie en Echografie zijn van beperkte waarde bij evaluatie respons na NAC. MRI is de meest optimale techniek voor beoordelen pathologische respons en volume van tumorresidu na NAC. Het radiologische oordeel van de MRI heeft een hogere specificiteit dan conventionele technieken bij een vergelijkbare sensitiviteit.

46 The Netherlands Cancer Institute / Antoni van Leeuwenhoek Hospital Voorstel Imaging Baseline voor start chemo MRI + Palpatie + Mammografie + Echografie Twijfel respons, tijdens (na 2 kuren). MRI + Palpatie Na NAC, overweging MST chirurgie MRI + PalpatieMammografie microcalcificaties

47 The Netherlands Cancer Institute / Antoni van Leeuwenhoek Hospital Dank aan Angelique Schlief Eline Deurloo Jelle Teerststra Juliane Hanneman Kenneth Gilhuijs Marc vd Vijver Marja van Vliet Peter Besnard Rianne Oosterkamp Saar Muller Wim Koops

48 Toekomst In Research Waarde van MRI in het voorspellen van de non-responders, bij aanvang en/of tijdens neoadjuvante chemotherapie?

49 Conclusies MRI voorafgaand of tijdens NAC, heeft geen waarde bij voorspellen van tumorresidu na NAC. Kwantitatieve MRI eigenschappen hebben een hogere voorspellende waarde, voor aantonen tumorresidu na NAC, dan het radiologisch oordeel.


Download ppt "Monitoren van respons op neoadjuvante chemotherapie: Welke beeldvorming helpt het meest om effect van behandeling te evalueren? Claudette Loo; Radioloog."

Verwante presentaties


Ads door Google