De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Levensloop in middelbaar onderwijs Lans Bovenberg LWEO conferentie 11 mei 2006.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Levensloop in middelbaar onderwijs Lans Bovenberg LWEO conferentie 11 mei 2006."— Transcript van de presentatie:

1 Levensloop in middelbaar onderwijs Lans Bovenberg LWEO conferentie 11 mei 2006

2 Waarom levensloop? Aanleren van economische kijk  Leer om te leren (concepten i.p.v.feiten)  Dicht bij huis (micro; havo); leuk en praktisch  Ordening van samenleving (macro; vwo); actueel Eigen verantwoordelijkheid gaat niet vanzelf  Meer keuzevrijheid geeft meer verantwoordelijkheid  Kunst van het kiezen  Financiële planning (financieel alfabetisme, ICT)  Verzekeren en sparen: levensloopregeling, keuzevrijheid, financiële innovatie (hypotheken)  Relaties (partner, generaties, kinderen)  Menselijk en sociaal kapitaal Politieke debat  Op hoger niveau: beter beleid  Afruilen: solidariteit versus eigen verantwoordelijkheid  Beter burgerschap

3 Outline Levensloopdenken De concepten (de bril)

4 De bril van de levensloop Waar gaat het om?  (bijna) alles Bekende problemen…  Arbeid en zorg, pensioen, onderwijs, gezondheidszorg, sociale zekerheid …. maar in (nieuwe?) dynamische samenhang  Nieuw perspectief met mogelijkheden voor ruil tussen belanghebbenden  Meer vrijheidsgraden op individueel niveau  Meer eigen verantwoordelijkheid

5 Waarom aandacht levensloop? Emancipatie  Vooral van de vrouw Langere levensduur en vergrijzing Menselijk kapitaal belangrijker productiefactor

6 Emancipatie in het algemeen Meer eigen verantwoordelijkheid is  Mogelijk: 80 % bevolking relatief welvarend  Nodig: veel risico’s zijn moeilijker verzekerbaar  Individueel beïnvloedbaar en moeilijk verifieerbaar Nieuwe combinaties van sparen en verzekeren

7 Feminisering van de arbeid Grotere vraag  Diensteneconomie (communicatie en creativiteit i.p.v. spierkracht)  Vergrijzing (vraag naar zorg groeit) Groter aanbod  De pil: geboorten beter plannen  Beter opgeleide vrouwen  Deeltijdwerk  (Mentaal) werk belangrijk voor eigenwaarde

8 Gevolgen emancipatie vrouw Minder arbeidsdeling binnen huishouden  Werknemers combineren arbeid met zorg  Verlof niet alleen aan einde levensloop Uitstel (en afstel) moederschap: duurder  Nieuwe levensfase: het speelkwartier Sterke arbeidsmarktpositie vrouwen maakt huishoudens weerbaarder

9 Vergrijzing: Langere levensduur Menselijk kapitaal (leervermogen) gaat langer mee  Ruimte voor meerdere carrières en combinaties Nieuwe levensfase (actieve seniorenfase) Arbeid schaars  Prijs menselijk kapitaal stijgt  Diversificatie over menselijk en financieel kapitaal

10 Kenniseconomie: Menselijk kapitaal belangrijker Technologische ontwikkelingen, (internationale) concurrentie en innovatie  Leercapaciteit en aanpassingsvermogen essentieel Gevolgen  Investeren in kinderen  Leg basis voor leven lang leren = leervermogen  Beter onderhouden van menselijk kapitaal  Een leven lang leren: benut langer leven, zingeving  Vorming menselijk kapitaal meer buiten formele onderwijsinstelling  Gezin en bedrijf  Combinatie arbeid en zorg (en leren) essentieel

11 Nieuwe standaard levensloop Twee nieuwe fasen: lente en herfst  Welvaartsverbetering vooral in deze fasen  Meer tweeverdieners Gezinsfase = spitsuur van het leven  Tijd en geld is schaars  Carrière maken: onderhoud menselijk kapitaal  Huizenprijzen hoog: nadelig voor outsiders

12 De moderne levensloop

13 Relaties met andere vakken Kijk met economische bril naar  Geschiedenis  Aardrijkskunde  Godsdienst (waarden, normen, cultuur) Benut als instrument  Wiskunde (een taal)  Informatica

14 Outline Levensloopdenken De concepten (de bril)  Schaarste (1)  Ruil en markt (2,3)  Ruilen over de tijd (4)  Relaties: samenwerken en onderhandelen (5)  Risico: voor- en tegenspoed (6,8)  Welvaart en groei (7)

15 Schaarste (1) Tijd, geld en gezondheid  Beperkingen Doelstellingen en beperkingen  Wat wil je in het leven bereiken?  Zijn doelstellingen (waarden) exogeen?  Opvoeding  Cultuur en economie

16 Ruil: breder dan markt (2,3) Kostwinnersmodel  Arbeidsdeling en comparatieve voordelen  Moeten vrouwen met jongere mannen trouwen? Drie modellen voor combineren werk en privé  Scandinavische model: uitbesteden via publieke sector  Angelsaksische model: uitbesteden via markt  Nederlandse model: doe het zelf  Ook voor hooggeschoolde vrouwen?

17 Ruilen over de tijd (4a) Sparen: loskoppelen inkomen van consumptie  Pensioen (menselijk kapitaal omzetten in financieel vermogen)  Levensloopregeling (investeren in kinderen en opvangen daling inkomen)  Discontovoet versus rente (maar zijn mensen zo rationeel?)

18 Ruilen over de tijd (4b) Lenen:  Consumptie nu of in de toekomst  Discontovoet versus rente  Investeren (kost voor baat uit)  Eigen huis  Studie (menselijk kapitaal): kosten en baten  Eigen bedrijf Rendement versus rente (leenangst; studiefinanciering; profijtbeginsel) Huishoudbalansen: Ondernemer, student

19 Relaties: samenwerken en onderhandelen (2,5) Welke relaties?  Werknemer en werkgever  Partners  Generaties Kern van de problematiek  Gezamenlijke en tegengestelde belangen  Creëer waarde door samen te werken  Niet gelijk oversteken (tijd)  Contracten Expliciet = juridisch (veranderen spel) Impliciet = normen en reputatie (herhaalde spelen)  Speltheorie

20 Het impliciete contract (4,5)

21 Werkgever en werknemer (5) Opdrachtgever-opdrachtnemer relaties  Vergelijk zelfstandig ondernemerschap  Idem ZZP  Wat wil je zelf doen? Investeren in elkaar  Berovingsprobleem  Algemeen versus specifiek menselijk kapitaal Emancipatie werknemer  Transitionele arbeidsmarkt

22 Partners (5) Onderhandelen tussen partners  Voorkeuren  Comparatieve voordelen Carrièrekosten van kinderen  Langere leven Analoog aan werknemer/werkgever

23 Het intergenerationele contract (5)

24 Relaties tussen generaties (5) Overdrachten tussen generaties  Waarden en normen  Menselijk kapitaal (leer om te leren)  Welke vaardigheden zijn cruciaal?  Technologische kennis (groei)  Milieu  Erfenissen Omslagsystemen en kapitaaldekking  Vergrijzing Van nazorg naar voorzorg  Twee keer betalen

25 Risico: voor- en tegenspoed (6,8) Wat zijn de risico’s die mensen lopen in levensloop  Individueel (6)  Scheiding, ontslag, arbeidsongeschiktheid, werkloosheid  Samenleving = goede/slechte tijden (8)  Oorlog, recessie, beurskrach, vergrijzing Verzekeren (onafhankelijke ’micro’ risico’s, 6)  Moreel gevaar: wat is noodlot en eigen verantwoordelijkheid (links/rechts)  Sparen (voor eigen risico) versus verzekeren (trends)  Selectie: ontslagbescherming, langlevenrisico  Verzekeren versus herverdeling  Voordelen collectieve verzekeringen  Moreel gevaar versus selectie (gezin)  Vroeg investeren (vroege interventie)

26 Goede tijden, slechte tijden (6,8) Macro risico’s (8)  Wie kan het beste dragen?  Risicoaversiteit (verliesaversie) Werkgever versus werknemer (dynamiek) Eigen vermogen versus vreemd vermogen  kapitaalmarkt als markt voor risico’s Internationale kapitaalmarkt  pensioenfondsen: jong versus oud  Delen over de tijd  Sparen; ongecorreleerde risico’s  AOW en overheidsschuld na tweede wereldoorlog

27 Welvaart en groei (7) Vrije tijd  Spitsuur en pensioen (arbeidsethos) Sparen  Hoeveel geduld? Kwaliteit menselijk kapitaal Ondernemerschap: risico en prikkels  Is veranderen leuk? Sociale cohesie  Normen en waarden  Vertrouwen, noodlot, om kunnen gaan met verschil  Eenheid en verscheidenheid

28 Hulpmiddelen Experimenten  Speltheorie  Onderhandelen ICT Wiskunde = formele modellen  Een efficiënte taal Discussie Essays


Download ppt "Levensloop in middelbaar onderwijs Lans Bovenberg LWEO conferentie 11 mei 2006."

Verwante presentaties


Ads door Google