De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

IK ZIE, IK ZIE WAT JIJ NIET ZIET COLLEGIALE VISITATIE ALS HEFBOOM VOOR SCHOOLONTWIKKELING Onderzoeksgroep EduBROn ( Prof. Dr. P. Van Petegem )

Verwante presentaties


Presentatie over: "IK ZIE, IK ZIE WAT JIJ NIET ZIET COLLEGIALE VISITATIE ALS HEFBOOM VOOR SCHOOLONTWIKKELING Onderzoeksgroep EduBROn ( Prof. Dr. P. Van Petegem )"— Transcript van de presentatie:

1 IK ZIE, IK ZIE WAT JIJ NIET ZIET COLLEGIALE VISITATIE ALS HEFBOOM VOOR SCHOOLONTWIKKELING Onderzoeksgroep EduBROn ( Prof. Dr. P. Van Petegem )

2 ‘Dit is het beste dat me ooit overkomen is tijdens mijn ganse onderwijscarrière. Voor het eerst heb ik me ten volle gewaardeerd gevoeld als leerkracht.’ Margaret, lid van een visitatieteam In: Wilson (2001)

3 ‘Collegiale visitatie is als methodiek een absolute must om te komen tot doorleefde inzichten m.b.t. het schoolleven.’ Deelnemer project collegiale visitatie 2007

4 -“-“Ik heb er veel meer uit geleerd dan uit de bijscholingen van de voorbije jaren. Het was een intense positieve ervaring. Het gaf een extra boost om er weer tegenaan te gaan.” -“-“Ik vond het een fantastische ervaring, die iedereen zou moeten kunnen meemaken.” -“-“Heeft mij veel doen stilstaan bij mijn eigen manier van lesgeven en aanpak van de kinderen.”

5 -“-“Het was schitterend om te zien hoe een groep leerkrachten in drie dagen uitgroeide tot een team dat op professionele wijze leerde observeren, vaststellingen maken en conclusies formuleren. En dit met maar één doel: de school verder helpen en motiveren om het leren van de leerling te bevorderen!” -“-“Het samen voortdurend stilstaan bij de vraag: ‘Wat zijn de voorwaarden voor goed onderwijs?’ én de constante zelfreflectie i.v.m. het eigen professioneel werk waren voor mij een indrukwekkende leerervaring.”

6

7 OVERZICHT VAN DE PRESENTATIE 1. COLVIS op de balans tussen externe en interne evaluatie 2. Omschrijving van COLVIS 3. Doelstellingen van COLVIS 4. Hoekstenen en richtinggevende principes 5. Een concreet scenario 6. Resultaten 7. COLVIS en collegiaal leren

8 1. EXTERNE/INTERNE EVALUATIE 1. Complementaire of tegengestelde relatie? 2. Condities voor een succesvol samenspel? 3. Beide zijn niet vrij van kritiek: beide kunnen een hypotheek leggen op schoolontwikkeling OPDRACHT

9 Doelstellingen externe evaluatie  Objectief vaststellen van de stand van zaken op de school  Bijdrage leveren tot een gestadige verbetering van de school

10

11 Resultaten (Learmonth, 2000)  Veel vragen bij de objectiviteit, validiteit en betrouwbaarheid van de vaststellingen  Korte ‘opstoot’ van verbetering (vlak vóór en na de inspectie)  En vaak ook: –Stress –Window dressing –Gevoel van ‘afhankelijkheid’, overgeleverd zijn, wantrouwen

12 Is zelfevaluatie het antwoord?  Heel wat vragen bij de kwaliteit van ZE (cf. Vanhoof, 2008)  Maar leraren zélf zijn de eerste getuigen, betrokkenen… en ‘eigenaars’ van onderwijs…  Wel noodzakelijk: een sterke onderzoeksmethode; PRAKTIJKGERICHT ONDERZOEK (Practice-based Inquiry)

13 Inspectie vs zelfevaluatie  Inspectie –Externe evaluatie –Verantwoording –Opgelegde acties –Gevaar: té kritisch (zeker zo ervaren)  Zelfevaluatie –Interne evaluatie –Schoolontwikkeling –Zelfgekozen acties –Gevaar: ‘navelstaren’ ‘KRITISCHE’ VRIENDEN COLLEGIALE VISITATIE

14 2. Omschrijving van COLVIS  Bij collegiale visitatie komen speciaal daartoe gevormde teams,  hoofdzakelijk bestaande uit leerkrachten en/of directies van twee of meer scholen,  op vrijwillige basis  beurtelings bij elkaar op bezoek  om gerichte vragen te stellen en informatie te verzamelen  over de kwaliteit van de bezochte school en de inspanningen die deze levert om die kwaliteit te verbeteren.  Ze geven hierover een waardeoordeel  en doen aanbevelingen om de kwaliteit van het werk in de gevisiteerde school verder te ontwikkelen en te verbeteren.

15 COLVIS = een instrument voor kwaliteitszorg –Draagt bij tot schoolontwikkeling –Draagt bij tot professionele ontwikkeling En dit alles in een ‘veiliger’ klimaat

16 3. Doelstellingen van COLVIS - Kwaliteitsverbetering + - Expliciteren van visies en inzichten (de waarom-vraag) - Stimuleren van professioneel bewustzijn - Wederzijdse feedback - Blikverruiming - Stimuleren van kwaliteitsdenken - Netwerkvorming

17 4. Hoekstenen en principes  VASTSTELLINGEN  PROFESSIONEEL OORDEEL  WELOVERWOGEN CONSENSUS  LOGISTIEKE ONDERSTEUNING HOEKSTENEN

18 Vaststelling Wat je ziet, hoort en leest  Wordt de grondstof voor de conclusies  Stimuleert verder onderzoek  Geeft vorm aan het oordeel van het team OPDRACHT

19 1. De leerlingen hebben een lessenaar met daarop een naamkaartje en met een plek om hun materiaal in op te bergen. 2. Enkele leerlingen waren aan het dagdromen. 3. Het zitmeubilair is flexibel hanteerbaar omdat het een praktijklokaal is. 4. Het laatste moment van de les, de verslaggeving uit de verschillende groepjes, werd in een ijltempo afgewerkt. 5. De lrk deelde mee dat ze het gesprek ’s anderendaags zouden verder zetten. 6. “Ik kan jullie meedelen dat de volgende les jullie zeker zal interesseren.’ 7. De leerkracht heeft zeker de nodige regelingen en maatregelen getroffen om zo weinig mogelijk tijd te verliezen. 8. De herschikking van het meubilair in de klas is gericht op het samenwerken in groepjes en duo’s. 9. Naarmate de les vorderde, waren er meer en meer leerlingen die riepen ‘Juf, wat moeten we hier doen?’. 10. Het lestempo was erg laag waardoor leerlingen onrustig werden en zich met andere zaken gingen bezig houden. 11. De leerkracht zegt dat de activiteiten tijdens de volgende les betrekking hebben op aanvullende, verdiepende en verbredende leerstof. 12. De leerlingen werkten samen in duo’s en legden aan elkaar uit hoe ze de oplossing gevonden hadden. 13. De lrk wees meer jongens dan meisjes terecht wegens ongewenst gedrag. 14. De juf gaf leerlingen feedback bij hun oefeningen door de duim omhoog of omlaag te steken.

20 Een oefening: Vaststelling of beoordeling? 1V 2O 3O 4O 5V 6V 7O 8O 9V 10O 11V 12V 13O 14V

21 Bronnen voor vaststellingen  Volgen van een leerling  Observeren in de klassen  Gesprekken en vergaderingen  Leerlingenwerk  Documenten

22 DE SCHOOL HIER EN NU (voorlopige) VASTSTELLINGEN PROFESSIONELE BEOORDELING (voorlopige) CONCLUSIES WELOVERWOGEN CONSENSUS LOGISTIEK (voorlopig) RAPPORT TOEKOMSTIGE ONTWIKKELING VAN DE SCHOOL

23 4. Hoekstenen en principes 1. Duidelijke verwachtingen en rollen 2. Accurate en relevante vaststellingen 3. Legitieme conclusies 4. Openhartig oordeel uitspreken 5. Weloverwogen consensus 6. Checken van conclusies en rapport 7. Legitiem rapport schrijven 8. Drie focusdomeinen 9. Vast visitatierooster 10. Aandacht voor logistieke gegevens 10 PRINCIPES

24 De drie focusdomeinen Het leren van de leerlingen Het onderwijzen Het door de school ondersteunen van het leren en onderwijzen

25 De samenhang tussen de focusdomeinen School: ondersteuning van onderwijzen en leren Onderwijzen Leren

26 5. Een concreet scenario  3 PROJECTNAMIDDAGEN 30 deelnemers uit vijf scholen –Wat is CV, doelen, … –COLVIS voor de bezochte school –COLVIS voor het visitatieteam –Uitwisselen ervaringen; hoe nu verder?  3 VISITATIEDAGEN –Een driedaags bezoek in elke school

27 De opdracht van het visitatieteam Een eerlijk, bruikbaar en overtuigend rapport schrijven ZELFEVALUATIE VERBETERPLAN VISITATIE RAPPORTAGE VERWERKING RAPPORT UITVOERING VERBETERPLAN

28 Samenstelling visitatieteams 5 VISITATIETEAMS (1 – 5) 5 SCHOLEN (A – E) Elk team bezoekt 1 school en is samengesteld uit 6 mensen van de vier andere scholen (A: scholen B – E) In elk team: 1 directielid, 3 lkr. LO en 2 lkr. KO + begeleider + projectbegeleider (occasioneel)

29 Dag 1 (maandag) 7.45 u.Aankomst en oriëntatie 8.30 u.Verzamelen van vaststellingen: het volgen van een leerling u.Eerste teamvergadering u.Pauze u.Werksessie: reflectieve analyse van leerlingenwerk u.Einde Dag 2 (dinsdag) 7.45 u.Oriëntatievergadering 8.30 u.Verzamelen van vaststellingen: Observeren van en praten met leerkrachten u.Vergadering met het schoolverbeteringsteam (kernteam) u.Tweede teamvergadering u.Avondmaal u.Derde teamvergadering u.Einde Dag 3 (woensdag) 8.30 u.Dagschema wordt uitgevoerd u.Middagmaal u.Vierde teamvergadering u.Pauze u.Vijfde teamvergadering u.Avondmaal u.Zesde teamvergadering (slotvergadering) u.Einde OPDRACHT

30 Opdracht  Beantwoord onderstaande vraag eerst individueel. Wissel nadien je bevindingen uit.  Welke ‘zinvolle’ informatie zou je op onderstaande wijze kunnen vergaren?  Als directeur volg je een volledige dag één leerling op school van nabij (van het moment dat hij ‘s morgens de school binnenkomt tot het moment dat hij ’s avonds de school verlaat). Met ‘volgen’ bedoelen we o.m.: het observeren van de leerling, gesprekjes voeren met hem en/of zijn klasgenoten, schriften of ander leerlingenwerk inkijken, de leerling vergezellen, eventueel zelfs tijdens pauzes en begeleidingsmomenten buiten het klaslokaal (bijv. in de aanpassingsklas, tijdens een inhaalles, op de speelplaats, de les LO, enz.).

31 Maandag: Het leren van de leerling  Volgen van een leerling –de dag samen doorbrengen –zijn/haar werk onderzoeken en bespreken –gesprekjes met zijn/haar vriendjes

32 SHADOWING: ‘schaduwen van een leerling’ “Shadowing bezorgde me nieuwe manieren om naar het leren van mijn leerlingen te kijken, … en naar mijn eigen wijze van lesgeven.” Deelnemer project collegiale visitatie 2007

33 Wat is shadowing?  Letterlijk: ‘schaduwen’ (observator als schaduw van leerling, leraar, directeur, …)  Job shadowing: aanstaande leraar – ervaren leraar/ collega’s onderling /: i.f.v. professioneel leren, beroepskeuze, e.d.  Schaduwen van een leerling: focus gericht op het leren van de leerling

34 Observatie – Shadowing  Korte periode  Afstandelijke houding  Kijken  Analytische kijk AFSTANDELIJKE OUTSIDER  Langere periode  Betrokken houding  Verschillende werkwijzen  Holistisch beeld BEVOORRECHTE GETUIGE

35 Leidraad bij shadowing Wat ik zie, hoor, lees, … Wat ik daarbij denk, voel, … Mijn oordeel daarover… Wat ik denk dat kan gedaan worden om het te verbeteren

36 Maandag: na schooltijd  Bespreking van het volgen van een leerling –Wat heeft je leerling geleerd? –Wat denkt je leerling over en wat heeft hij/zij verteld over zijn/haar leren? –Wat denk jij over het leren van de leerling? –In welke mate heeft de school de leerling vandaag ondersteund, geholpen?  Korte bespreking van beschikbare leerlingresultaten + onderzoeken van leerlingenwerk  Bepalen van vragen en thema’s die voor verder onderzoek in aanmerking komen

37 Reflectieve analyse van leerlingenwerk door leraren Anders kijken naar het resultaat van het leren van leerlingen: niet beoordelen of cijfer geven… maar vaststellingen doen in verband met het leren van de leerling en het onderwijzen door de leraar.

38 RAL: 3 gemeenschappelijke kenmerken  Collaboratieve activiteit van leraren  Leerlingenwerk op tafel  Protocol i.f.v. een gestructureerd gesprek: –Doel: Wat vertelt het llg.werk over de onderwijsleerproces dat tot dit product geleid heeft? (Dus niet: beoordelen, cijfer geven, …) –Scenario: achtereenvolgens te zetten stappen –Kansen tot het stellen van vragen

39 Definitie Bij reflectieve analyse van leerlingenwerk komen leraren samen om op een systematische wijze leerlingenwerk te bespreken. De systematiek van dit gesprek is vastgelegd in een protocol. Door middel van een uitgewerkt scenario garandeert dit protocol een stapsgewijs en gericht onderzoek van het leerlingenwerk. Door middel van de reflectieve analyse van leerlingenwerk wil men het professionele leren van leraren stimuleren, professionele leergemeenschappen tot stand brengen en/of schoolontwikkelingsprocessen stimuleren.

40 Dinsdag: Het onderwijzen i.f.v. het leren  Observeren hoe het lesgeven het leren bevordert  Gesprekken met leerkrachten over hun onderwijspraktijk  Bijwonen van overleg, vergadering, …

41 Dinsdag: na schooltijd  Vergadering met het kernteam: voorstelling verbeterproject  Bespreking van de voorbije dag –Wat doen leraren om het leren van leerlingen te bevorderen? –Welke argumenten hanteren zij bij het verantwoorden van hun manier van werken? –Wat denkt het visitatieteam over de werkwijzen van de leraren?  Bekijken van focusdomein 1: Het leren van de leerling  Schrijven van de eerste voorlopige conclusies  Bepalen van vragen en thema’s die voor verder onderzoek in aanmerking komen

42 Woensdag: Hoe ondersteunt de s chool het leren en het onderwijzen? Verder onderzoek door:  Observeren in klassen  Gesprekken met diverse leden van de schoolgemeenschap  Deelnemen aan gesprekken met: –leerlingen –ouders –administratief personeel –‘ondersteuners’

43 Woensdag: na schooltijd  Bespreking van de observaties en gesprekken  Schrijven van conclusies, sterke punten en aanbevelingen  Schrijven van het rapport  Afronding van de visitatie  (soms: dond. i.p.v. woe.)

44 Opruimen VVernietigen van alle notities en aantekeningen AAfspraken i.v.m. laatste correctiemogelijkheden IInvullen evaluatieformulier

45 … Na de visitatie  De voorzitter stelt het rapport voor aan het volledige team  De voorzitter en de directie hebben (eventueel) een afrondend gesprek  Het volledige rapport is voor iedereen ter inzage  De school gaat verder aan de slag

46 1. Inleiding 2. Profiel van de school 3. Portret van de school op het moment van de visitatie 4. Bevindingen i.v.m. leren 5. Bevindingen i.v.m. onderwijzen 6. Bevindingen i.v.m. de school 7. Eindadvies voor de school Appendix (+ ondertekende gedragscode) Inhoud van het rapport Sterke punten Minder sterke punten Aanbevelingen

47 6. RESULTATEN  Conclusie 1: Collegiale visitatie wordt door de deelnemers als een erg waardevolle en intensieve ervaring omschreven. Ze werkt motivatieverho- gend en leidt bij deelnemers tot een ruimere kijk op het functioneren van scholen. Ook het reflecterend vermogen en de kritische zin worden gestimuleerd. Het effect blijkt echter niet in grote mate ‘uit te stralen’ naar de schoolteams. Het blijft eerder beperkt tot wie de collegiale visitatie aan de ‘lijve’ ondervindt.

48  Conclusie 2: Het verloop van het project en de diverse werkzaamheden die de visitatieteams uit te voeren hebben, worden alle erg positief gewaardeerd. De activiteiten en de daarbij benodigde vaardigheden worden alle als belangrijk beschouwd. Het ‘onderzoeken van leerlingenwerk’ komt als het minst sterk naar voren.

49  Conclusie 3: De visitatie in de deelnemende scholen: Binnen de deelnemende scholen wordt het ontvangen visitatierapport over het algemeen als positief beschouwd maar leven er vooral bedenkingen rond de wijze waarop het rapport voorgesteld werd. De mate waarin diverse onderdelen van de visitatie (kunnen) bijdragen tot vernieuwing, resp. verandering op school varieert van behoorlijk tot matig.

50  Conclusie 4: Aandachtspunten voor een toekomstige uitvoering van het project collegiale visitatie: 4.1. De betrokkenheid van de volledige schoolteams dient expliciet aandacht te krijgen: -scholen tijd geven om het project na duidelijke informatie (met getuigenissen) te laten rijpen -meer aandacht besteden aan de voorstelling van het rapport op school (scenario, instructies aan voorzitters, suggesties voor nawerking) 4.2. De methodiek van het onderzoeken van leerlingenwerk moet verder uitgewerkt worden De opleiding van de voorzitters van visitatieteams verdient aparte aandacht.

51 7. COLVIS en collegiaal leren  ‘Stelen’ met de ogen  Ontwikkelen van een ‘taal’ om over de essentie van het lerarenberoep te communiceren  Reflectie over eigen onderwijsgedrag  Diepere en bredere kijk op het functioneren van een school  Nieuwe werkwijzen (shadowing en RAL) en (verfijnen van) vaardigheden (vaststellingen/oordelen)

52 Colvis en schoolontwikkeling  Persoonlijke capaciteit: verwijst naar het vermogen van leraren om op actieve en reflectieve wijze kennis te reconstrueren en toe te passen.  Interpersoonlijke capaciteit: het vermogen om als groep collectieve kennis te (re)construeren en toe te passen (veronderstelt een brede professionaliteitsopvatting bij leraren).  Organisatorische capaciteit: het vermogen om de organisatie zo in te richten dat structuren, systemen en cultuur de capaciteiten en capaciteitsontwikkeling van individuen en groepen bevorderen en openheid naar de buitenwereld onderhouden. Verbiest (2008). Scholen duurzaam ontwikkelen. Garant.

53

54  ‘Ik heb nu op korte tijd visitatie uitgevoerd, visitatieteam op bezoek gehad en het visitatierapport en het inspectierapport van de school gelezen. De verslagen (doorlichting en visitatierapport) zijn op veel punten zeer gelijklopend. Maar de KRACHT van het visitatierapport vind ik de consensus waarmee het tot stand gekomen is.’ Deelnemer project collegiale visitatie 2007

55  Het day-after gevoel was vandaag werkelijk geweldig. Terugblikkend op 3 zeer intensieve "werk"dagen kan ik enkel voor mezelf zeggen: wat is samen-werkend onder- wijzen enorm boeiend. De kracht van een geëngageerde groep schat ik nu nog hoger in! Deelnemer project collegiale visitatie 2009

56 CONTACT OF MEER INFO?   Cautreels, P., & Van Petegem, P. (2006). Ik zie, ik zie wat jij niet ziet. Collegiale visitatie als hefboom voor schoolontwikkeling. Mechelen, Wolters Plantyn € €

57  Van Petegem, P., & Cautreels, P. (2008). Shadowing van leerlingen: een zelfevaluatie- activiteit die het kerngebeuren op school in de schijnwerper plaatst. KIO, afl. 18, april. Mechelen, Wolters.  Van Petegem, P., & Cautreels, P. (2008). Hoe beter ik kijk, hoe meer ik zie: reflectieve analyse van leerlingenwerk door leraren. KIO, afl. 20, december, Mechelen, Wolters.  Van Petegem, P., Cautreels, P., & Sollie, M. (2008). Collegiale visitatie: doelen, methodologie en evaluatie. TORB, 4,  Van Petegem, P., Cautreels, P., & Sollie, M. (2009). Scholen visiteren elkaar. Een hefboom voor schoolontwikkeling (1). Basis- Schoolwijzer, 116, 21 februari,

58 PROJECT COLLEGIALE VISITATIE Onderzoeksgroep EduBROn ( Prof. Dr. P. Van Petegem )


Download ppt "IK ZIE, IK ZIE WAT JIJ NIET ZIET COLLEGIALE VISITATIE ALS HEFBOOM VOOR SCHOOLONTWIKKELING Onderzoeksgroep EduBROn ( Prof. Dr. P. Van Petegem )"

Verwante presentaties


Ads door Google