De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Interactieve content van websites Marianne Meijers 2 uur hoor-/werkcollege.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Interactieve content van websites Marianne Meijers 2 uur hoor-/werkcollege."— Transcript van de presentatie:

1 Interactieve content van websites Marianne Meijers 2 uur hoor-/werkcollege

2 Wat is content? Definitie: •Content is de inhoudelijke bijdrage van een webpagina. De inhoud kan bestaan uit teksten, geluid en/of beelden. (Wikipedia) Wat is content?

3 Wat is interactieve content? Definitie: Interactieve content is de inhoudelijke bijdrage van een medium die bestaat uit tekst, (bewegend) beeld, geluid en interactie. Het is een omgeving waarin deelnemers kunnen participeren en communiceren (one to one, one to many, many to many) en zowel synchroon als asynchroon ervaringen kunnen opdoen en berichten kunnen uitwisselen. Wat is interactieve content?

4 Dus… Er is sprake van interactie als de gebruiker: •Kan communiceren •Kan participeren •Ervaringen kan opdoen •Berichten kan uitwisselen Dus…

5 Er is sprake van succesvolle interactie (voor de initiatiefnemer) als: •De content optimaal aansluit op de belevingswereld van de gebruiker •Als tekst, (bewegend) beeld, geluid en interacties elkaar versterken. •Als de content daadwerkelijk door de gebruiker wordt ‘ervaren’. •Als het thema/de centrale boodschap ‘tot leven komt’ En…

6 Hoe kom je daar? 1.Door goed na te denken over: •Wie je wilt bereiken (doelgroep). •Wat je uiteindelijk met de content wilt bereiken (doelstellingen). •Welke centrale boodschap je daarvoor moet overbrengen. 2.Door goed onderzoek te doen naar: •Wensen en behoeften van je doelgroep en •hun gebruikersgedrag •De online omgeving waarin de site zich gaat bevinden 3.Door, op basis van stap 1 en 2, een concept te ontwikkelen die hier optimaal op aansluit. Hoe leg je een goede basis?

7 •Onderzoeken, structureren, integreren (conceptualiseren) Afbakening: •Interactieve content voor websites. •Organisatiegestuurde (interactieve) content In dit vak ligt de focus op:

8 Focus in dit vak: eerste 4 weken: Onderzoek naar interactieve content van corporate websites! Focus laatste 4 weken: Concept ontwikkelen voor de interactieve content van een online magazine. Focus komende 8 weken: Interactieve content, 1 september 2008

9 –Interne communicatie –Bedrijfscommunicatie •beeldvorming hele organisatie –Marketingcommunicatie •product- dienstgericht Corporate communicatie Interactieve content, 1 september 2008

10 Interne communicatie

11 bedrijfscommunicatie •Organisatie als merk •Identiteit en imago •Doelgroepen én publieksgroepen •Huisstijl •Bedrijfscultuur •Public relations •Public affairs •Investor relationsInvestor relations •Issuemanagement •Crisiscommunicatie •Financiële communicatie •Arbeidsmarktcommunicatie Interactieve content, 1 september 2008 Bedrijfscommunicatie

12

13

14

15 marketingcommunicatie •Merken op product- en dienstniveau (maar ook organisatie als merk!) •Doelgroepen! •marketingcommunicatiemix –Reclame –Direct marketing –Internet –Sponsoring –Events –Beurzen –Marketing-pr –Sales promotie –Persoonlijke verkoop –Etc. •Cross-media Interactieve content, 1 september 2008 Marketingcommunicatie

16 marketingcommunicatie Marketingcommunicatie

17

18 Wat maakt een corporate site succesvol? •Als alle uitingen op de site één herkenbaar (door de org. gewenst) beeld oproepen. •Als alle uitingen elkaar aanvullen en versterken. •Als de content optimaal aansluit op de wensen en het gedrag van de gebruiker. –Als tekst, (bewegend) beeld, geluid en mogelijke interacties elkaar versterken. –Als de content daadwerkelijk door de gebruiker wordt ‘ervaren’. Interactieve content, 1 september 2008 Wat maakt een site succesvol?

19 Succesvol?

20

21 Herkenbaar beeld?

22

23 Focus op dit vak.. Onderzoek naar: •De mate van succesvolle content van een corporate website •De wensen en behoeften van de doelgroep/gebruiker •De (online) marktomgeving van een site. Structureren •Het kunnen ontwikkelen van een communicatiestrategie voor een website. •De student ziet het belang van passende informatiestructuren op macroniveau (indelingsprincipes) en kan deze ook zelf toepassen bij het ontwikkelen van een content-concept. Integreren •Het ontwikkelen en visualiseren van een concept voor interactieve content. •Een thema door tekst, (bewegend) beeld, geluid en interactie voor een doelgroep tot leven kunnen brengen. Interactieve content, 1 september 2008 Focus op dit vak

24 •Maak een team van drie personen. •Kies een branche. •Selecteer binnen die branche drie verschillende corporate websites van grote organisaties. •Analyseer deze websites (zie stappenplan). •Presenteer een conclusie en advies in week 4. Interactieve content, 1 september 2008 Opdracht week 1 t/m 4

25 3 nov.: Team maken, branche kiezen. Alle drie een site binnen die branche kiezen (de organisatie achter die site wordt ook je ‘opdrachtgever’) Start onderzoek. 10 nov.:Evaluaties bespreken per team AVV (document inleveren) voorbereiden gebruikerstest. 12 nov:Instructie Sanne (2 teamleden per groep) 17 nov.: Testen van de websites! Twee teams per drie uur 24 nov.: Persoonlijke einddocument inleveren met conclusie en advies voor je opdrachtgever. Interactieve content, 1 september 2008 Opdracht week 1 t/m 4

26 Voorbeelden •Verzekeringsmaatschappijen •Vliegtuigmaatschappijen •Banken •Ziekenhuizen •Universiteiten/Hogescholen •Steden •Energiemaatschappijen •Fast movers (Unilever, Mars etc.) •Telecom •Projectontwikkelaars •Etc. Zorg dat er veel verschil zit tussen de websites!! Zoek de grotere bedrijven/organisaties! Interactieve content, 1 september 2008 Voorbeelden

27 Stap 1: Doelgroepen 1.Op wie richt de organisatie zich (welke doel- en publieksgroepen kun je onderscheiden?) 2.Wat zijn de kenmerken van deze doelgroepen? -Met welke doelen bezoeken zij de site? -Wat zijn hun verwachtingen (Informatie, ontspanning?). -Hoeveel interesse hebben zij in de content? Interactieve content, 1 september 2008 Stap 1: doelgroepen

28 Stap 2: Doelstellingen -Wat wil de organisatie met de site bereiken? -Welke belangrijke waarden wil de organisatie middels de site communiceren? -Welke reactie wil men (denk je) bij de verschillende doel- en publieksgroepen oproepen? –Voorlichten? Overtuigen? Kennis vergroten? Vertrouwen wekken? Amuseren?Kennis vergroten –Bepaalde ideeën versterken of veranderen? Zo ja, welke ideeën en hoe doet men dat? Interactieve content, 1 september 2008 Stap 2: doelstellingen

29 •Informatie •Interactie •Incentive •Structuur op macro niveau •Structuur op micro niveau Stap 3: De content

30 •Bevat de site goede, feitelijke informatie over de organisatie? •Biedt de site voor de doelgroep interessante informatie? •Informeert de site voldoende over wat hij te bieden heeft qua content? •Is de info concreet en feitelijk? •Kloppen de teksten (let ook op verouderde info, spelfouten)? •Zijn zij feitelijk juist en spreken zij elkaar niet tegen? •Missen er belangrijke informatieonderdelen? Stap 3: De content - informatie

31 •Is er sprake van interactiviteit op de website? •Welke vormen van interactie zijn te onderscheiden? •Kan de bezoeker op een of andere manier een 'teken van leven' achterlaten? •Wordt de doelgroep opgeroepen tot een vorm van actie, een ervaring?actieeen ervaring •Komt het thema tot leven door de interactie? Stap 3: De content - interactie

32 •Wat is de reden voor bezoekers om vaker naar deze website terug te keren? •Wat is het voordeel voor de gebruiker om de website te raadplegen en niet de telefoon te pakken? •Levert het gebruik van deze website de bezoeker een duidelijk voordeel op (meerwaarde ten opzichte van overige media)? Stap 3: De content - incentive

33 MACRO NIVEAU •Is er gekozen voor een duidelijk indelingsprincipe (licht toe!)? •Is er een sitemap met een goed overzicht van de rubrieken en pagina’s? •Is het duidelijk wat er onder de ‘hoofdknoppen’ te vinden is? •Zijn de vorm en de functie van de knoppen duidelijk? •Is op iedere pagina de naam van de organisatie te zien? •Kun je goed zien waar je je binnen de website bevindt? Stap 3: De content – structuur

34 MICRO NIVEAU •Heeft iedere pagina een kop die duidelijk aangeeft waarover de pagina gaat? •Staat de kern van de informatie altijd op het beginscherm van de pagina? •Is direct duidelijk waar de tekst over gaat? •Wordt de belangrijkste info goed in beeld gebracht? •Is de tekst scanbaar? •Bevat een (lange) pagina voldoende informatieve kopjes? •Is de tekst (van een lange pagina) opgedeeld in korte alinea’s (5-6 regels) met witregels? •Wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van puntsgewijze opsommingen? •Regels niet te lang? Stap 3: De content – structuur

35 Stap 5: sfeer en toonzetting Look & Feel: •Is de vormgeving van de website helder en duidelijk? •Begrijpt de bezoeker van uw website 'intuïtief' waar welke informatie en functies te vinden zijn? •Sluit de vormgeving aan bij de doelgroep en het thema? •Is het beeldmateriaal relevant en spreekt het de doelgroep aan? •Past de gekozen vormgeving bij de door de onderneming gevoerde huisstijl? •Staan de navigatieknoppen op een logische plek? •Biedt de gekozen vormgeving ruimte voor toekomstige uitbreiding? Interactieve content, 1 september 2008 Stap 4: sfeer en toonzetting

36 Tone of voice: •Is de informatie actueel en gesteld in een taal die de doelgroepen (her)kennen? •Is de toon feitelijk in plaats van promotioneel? •Is de stijl actief (geen lijdende vormen)? •Bevat de tekst zoveel mogelijk alledaagse woorden? •Bevat de tekst uitsluitend jargon waar de doelgroep volledig mee vertrouwd is? Stap 4: sfeer en toonzetting

37 Stap 6: omgevingsanalyse: •Bespreek de evaluaties van de 3 websites met je team •Stel de grote overeenkomsten en verschillen vast. •Wat zijn hun sterke en zwakke punten? •Welke ideeën zouden jullie gebruiken voor een nieuwe corporate site binnen deze branche? Interactieve content, 1 september 2008 Stap 5: omgevingsanalyse

38 Stap 6: omgevingsanalyse: Test de drie websites bij je doelgroepen (gebruik hiervoor jullie bevindingen uit stap 6). •wat is het gedrag van de gebruikers op de drie verschillende homepages? •Kunnen ze vinden wat ze zoeken? •Begrijpen zij wat er onder de knoppen zit? •Zien zij de belangrijkste onderdelen? •Begrijpt de bezoeker van uw website 'intuïtief' waar welke informatie en functies te vinden zijn? •Lezen ze de teksten? •hoe reageren ze op de look en feel? Etc. Interactieve content, 1 september 2008 Stap 6: doelgroeptesten

39 Stap 7: advies •Gebruik het onderzoek voor je evaluatie en adviesrapport aan je opdrachtgever (de organisatie van de door jou gekozen site). •Schrijf een individueel evaluatie en adviesrapport voor je opdrachtgever. •Lever je document in, in week 4 (document opleveren en ppt) •De documenten worden individueel beoordeeld! Interactieve content, 1 september 2008 Stap 7: conclusie en advies

40 Stap 7: advies •Maak een (uitgebreide) evaluatie volgens het stappenplan uit dit college (stap 1/m 4). Neem je evaluatie document volgende week in print mee (AVV). Interactieve content, 1 september 2008 Volgende week:


Download ppt "Interactieve content van websites Marianne Meijers 2 uur hoor-/werkcollege."

Verwante presentaties


Ads door Google