De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

DE BELOFTE WAARGEMAAKT Kerst 2009. Komt allen tezamen Komt allen tezamen, jubelend van vreugde: Komt nu, o komt nu naar Bethlehem! Ziet nu de vorst der.

Verwante presentaties


Presentatie over: "DE BELOFTE WAARGEMAAKT Kerst 2009. Komt allen tezamen Komt allen tezamen, jubelend van vreugde: Komt nu, o komt nu naar Bethlehem! Ziet nu de vorst der."— Transcript van de presentatie:

1 DE BELOFTE WAARGEMAAKT Kerst 2009

2 Komt allen tezamen Komt allen tezamen, jubelend van vreugde: Komt nu, o komt nu naar Bethlehem! Ziet nu de vorst der eng'len hier geboren. Komt, laten wij aanbidden, komt, laten wij aanbidden, komt, laten wij aanbidden die Koning.

3 Het licht van de Vader, licht van den beginne, zien wij omsluierd, verhuld in 't vlees: goddelijk kind, gewonden in de doeken! Komt, laten wij aanbidden komt, laten wij aanbidden komt, laten wij aanbidden die Koning.

4 O kind, ons geboren, liggend in de kribbe, neem onze liefd' in genade aan! U, die ons liefhebt, U behoort ons harte! Komt, laten wij aanbidden, komt, laten wij aanbidden, komt, laten wij aanbidden die Koning.

5 Genesis 1:27 en 31 En God schiep de mens naar Zijn beeld, naar het beeld van God schiep Hij hem: man en vrouw schiep Hij hen. En God zag al wat Hij gemaakt had, en zie, het was zeer goed. Toen was het avond geweest en het was morgen geweest, de zesde dag.

6 Psalm 146: 4 en 8 ‘t Is de Heer, Wiens alvermogen ‘t groot heelal heeft voortgebracht; Die genadig uit de hoge ziet, wie op Zijn bijstand wacht, en aan elk die Hem verbeidt, trouwe houdt in eeuwigheid.

7 ‘t Is de Heer van alle heren, Sions God, geducht in macht, Die voor eeuwig zal regeren van geslachte tot geslacht. Sion, zing uw God ter eer, prijs Zijn grootheid, loof de Heer!

8 Stem: We waren tot Zijn glorie en lof geschapen. We spraken, zongen, ja leefden tot eer van Hem. We wandelden samen als vrienden door de hof.

9 Maar de slang was listiger dan al het gedierte van het veld, en zei: “Heeft God gezegd: Gij zult niet eten van alle boom van deze hof?”

10 En de vrouw zei: “Van de vrucht der bomen van deze hof zullen wij eten; maar van de vrucht van de boom die in het midden van de hof is, mogen we niet eten, anders sterven we.”

11 Toen zei de slang: “Dat is niet waar, maar je zult als God zijn, kennend het goed en het kwaad.”

12 En de vrouw zag, dat die boom goed was tot spijs. Ja, een boom die begeerlijk was om verstandig te maken; en zij nam van zijn vrucht en at; en zij gaf ook haar man met haar. Dit was dus ons antwoord op Gods liefdesgebod.

13 ‘ Kom en geniet hoe goed is het leven God heeft ons gemaakt en ons alles gegeven neem wat je wilt het is goed en recht heeft God het niet Zelf in de schepping gelegd?’ Foto: ®DS

14 Hoor je de slang zijn listige woorden altijd op zoek wie hij kan vermoorden verleidelijk zoet maar zonde is zonde langzaam maar zeker richt hij je te gronde..... Foto: ®DS

15 Vlucht voor de leugen vlucht voor het kwaad bid om vergeving het is niet te laat in Christus wordt waarheid tot woord en tot stem geniet van het leven samen met Hem! (Hermien Henning) Foto: ®DS

16 Psalm 14:1, 2 en 3 De trotse dwaas zegt in zijn boos gemoed: "Daar is geen God". Zij doven ‘t licht der rede en maken zich door gruwelijke zeden afschuwelijk. Daar is geen mens, die goed op aarde doet.

17 De grote God, Die ‘t recht verdedigt, sloeg van ‘s hemels troon Zijn ogen naar beneden op Adams kroost, doorzocht hun hart en zeden: Hij zag, of zich geen mens verstandig droeg en naar Hem vroeg.

18 Hij zocht alom, maar ach, Hij vond er geen, want alle vlees is trouw’loos afgeweken. Het land is vol van stinkende gebreken: Geen sterveling wil ‘t pad der deugd betreên, ja, zelfs niet één.

19 We hebben snood de Heere God verlaten! In plaats van ‘t leven, kozen we de dood! God schiep ons goed, maar ach, wij allen aten moedwillig van de vrucht die God verbood. Toen zijn we weggevlucht, bij God vandaan... Er was geen weg meer om terug te gaan.

20 Tòch mogen we op 't Kerstfeest weer herdenken hoe Christus kwam in ‘t vlees van Bethlehem. God heeft Zijn eigen Schootzoon willen schenken; Hij baande Zèlf de weg terug in Hèm. Een weg, waardoor Hij zondaars tot Zich trekt en uit de dood tot ‘t nieuwe leven wekt. (Christien de Priester)

21 Genesis 3:13-15, En de Heere God zei tot de vrouw: Wat is dit dat gij gedaan hebt? En de vrouw zei: De slang heeft mij bedrogen en ik heb gegeten.

22 Toen zei de Heere God tot de slang: Dewijl gij dit gedaan hebt, zo zijt gij vervloekt boven al het vee en boven al het gedierte van het veld. Op uw buik zult gij gaan en stof zult gij eten al de dagen van uw leven.

23 En Ik zal vijandschap zetten tussen u en tussen deze vrouw, en tussen uw zaad en tussen haar Zaad. Datzelve zal u de kop vermorzelen, en gij zult Het de verzenen vermorzelen.

24 Toen zei de Heere God: Zie, de mens is geworden als Onzer een, kennende het goed en het kwaad. Nu dan, dat hij zijn hand niet uitsteke en neme ook van de boom des levens en ete en leve in eeuwigheid.

25 Zo verzond hem de Heere God uit de hof van Eden om de aardbodem te bouwen, waaruit hij genomen was. En Hij dreef de mens uit en stelde cherubs tegen het oosten van de de hof van Eden; en een vlammig lemmer van een zwaard, dat zich omkeerde, om te bewaren de weg van de boom des levens.

26 Stem: Maar o wat een wonder. In de stilte van de eeuwigheid heeft de Zoon al gezegd: Vader, Ik kom om Uw wil te doen. Zie, Ik kom; in de rol des boeks is van Mij geschreven. Ik heb lust, o Mijn God, om Uw welbehagen te doen; en Uw wet is in het midden van Mijn ingewand. Een nieuwe weg werd ontsloten door Gods grote barmhartigheid.

27 Psalm 40:4 Brandofferen, noch offer voor de schuld voldeden aan uw eis noch eer. Toen zeid' Ik: "Zie, Ik kom, o Heer, de rol des boeks is met Mijn naam vervuld. Mijn ziel, U opgedragen, wil U alleen behagen, Mijn liefd’ en ijver brandt; Ik draag uw heil’ge wet, die Gij de sterv’ling zet, in ‘t binnenst’ ingewand."

28 Stem: Gelukkig is God zo vol liefde, dat Hij uit genade de mens door berouw, gewerkt door de Heilige Geest, weer tot Hem wil laten terugkomen. Wat zullen Adam en Eva, met schuldgevoel vervuld, vaak hebben teruggedacht aan het verloren paradijs en hun heerlijke omgang met God, waar zij Hem kenden aan de wind des daags.

29 Eva Ik draag het paradijs mee in mijn hart, het stille heimwee naar verloren dromen; Gods straf was streng.- De hemel leek ons zwart, en eng’len zijn als bliksems neergekomen. Nu blijft de poort voor altijd voor ons dicht. Ik hunker naar de schone, stille tuinen, waar ik van aangezicht tot aangezicht U mocht aanschouwen, als de bomenkruinen zacht ruisten.- Gij had alles schoon geschapen, maar nu ‘k de vrucht der kennis heb geproefd, kan ‘k zelfs in Adams arm niet rustig slapen. Dat maakt mij soms zo eindeloos bedroefd. En elke avond, als de zon gaat zinken, wend ik mijn ogen naar het paradijs, maar zie nog steeds de witte zwaarden blinken.- Van mijn gelukslied bleef alleen de wijs. De woorden zag ik langzaam-aan verbleken; - Ik had ze nooit geheel en al verstaan.- Leer mij ze weer! Wil mij Uw hand toesteken, Laat mij Uw paradijs weer binnengaan!

30 Stem: God spreekt direct al van de komende verlossing. Hij belooft de komst van de Verlosser: Gods eigen Zoon zal komen. Groter liefde is niet denkbaar. Het Licht zal de duisternis overwinnen. Vrede zal komen in de harten van allen die in Hem geloven. Maar daar zouden nog eeuwen en eeuwen overheengaan. Intussen staat de moederbelofte vast: En Ik zal vijandschap zetten...

31 Efeze 2:7-9 Opdat Hij zou betonen in de toekomende eeuwen de uitnemende rijkdom van Zijn genade, door de goedertierenheid over ons in Christus Jezus. Want uit genade zijt gij zalig geworden door het geloof, en dat niet uit u, het is Gods gave; niet uit de werken, opdat niemand roeme.

32 Gezang 10:1 en 5 Daar is uit ‘s werelds duist’re wolken een Licht der lichten opgegaan. Komt tot Zijn schijnsel, alle volken, en gij, mijn ziele, bid het aan! Het komt de schaduwen beschijnen, de zwarte schaduw van de dood: de nacht der zonde zal verdwijnen, genade spreidt haar morgenrood.

33 Wat heil, een Kind is ons geboren, een Zoon gegeven door Uw kracht! De heerschappij zal Hem behoren, Zijn last is licht, Zijn juk is zacht. Zijn naam is ‘wonderbaar’, Zijn daden zijn wond’ren van genaad’ alleen. Hij doet ons, hoe met schuld beladen, verzoend voor ‘t oog des Vaders treên.

34 Stem: Lang geleden hadden de profeten voorzegd dat de Heere Jezus geboren zou worden. Maar het scheen dat Hij nooit zou komen. De profeten waren gestorven en nog altijd was de Heere Jezus, de lang verwachte Messias, niet gekomen.

35 Jesaja 7:14; 11:1; 42:1 Daarom zal de Heere Zelf u een teken geven: Zie, een maagd zal zwanger worden, en zij zal een Zoon baren en Zijn Naam IMMANUEL heten.

36 Want er zal een Rijsje voortkomen uit de afgehouwen tronk van Isaï, en een Scheut uit zijn wortelen zal vrucht voortbrengen.

37 Zie, Mijn Knecht, Die Ik ondersteun, Mijn Uitverkorene, in Wie Mijn ziel een welbehagen heeft. Ik heb Mijn Geest op Hem gegeven, Hij zal het recht de heidenen voortbrengen.

38 Stem: Zo zien we dat Gods belofte als een gouden draad door de hele Schrift loopt. Van gelovigen uit het Oude Testament wordt in het Nieuwe Testament gezegd dat ze de beloften van verre gezien en geloofd en omhelsd hebben (Hebr. 11:13).

39 De Bijbel staat vol met woorden van hoop. En doet hoop niet leven, niet uitzien, niet zingen? Hoewel Zacharias de boodschap van de engel eerst niet kon geloven, heeft hij de belofte later jubelend bezongen.

40 Lofzang van Zacharias :2 God had hun tot hun troost gemeld, hoe Zijn genâ ons redden zou van onzer haat’ren wreed geweld. Nu blijkt Zijn onverwrikb’re trouw, nu toont Hij Zijn barmhartigheid, van ouds de vaad’ren toegezeid,

41 en dat Hij wil gedenken aan ‘t heilverbond, aan die gestaafde eed, die Hij weleer aan Abram deed, aan Zijn verbond, dat van geen wank’len weet.

42 Lukas 2:1-7 En het geschiedde in diezelve dagen, dat er een gebod uitging van de keizer Augustus, dat de gehele wereld beschreven zou worden. Deze eerste beschrijving geschiedde, als Cyrénius over Syrië stadhouder was.

43 En zij gingen allen om beschreven te worden, een ieder naar zijn eigen stad. En Jozef ging ook op, van Galiléa uit de stad Nazareth, naar Judéa tot de stad Davids, die Bethlehem genaamd wordt (omdat hij uit het huis en geslacht van David was), om beschreven te worden met Maria, zijn ondertrouwde vrouw, welke bevrucht was.

44 En het geschiedde, als zij daar waren, dat de dagen vervuld werden, dat zij baren zou. En zij baarde haar eerstgeboren Zoon en wond Hem in doeken en legde Hem neder in de kribbe, omdat voor hen geen plaats was in de herberg.

45 Jezus Gij zult het Kind de naam van ‘Jezus’ geven. Dat is van eeuwigheid in onze tijd gevat; die naam betekent zaligheid en leven, een hemels licht, dat straalt op ‘t donkerst levenspad; die naam betekent vreugde in het lijden, want Jezus schenkt u troost als alles in u schreit; en wie gevangen is, wil Hij bevrijden, Hij is de zege in de ongelijke strijd. God geeft Zijn eigen Zoon de naam van mensen, Hij voert Zijn volk in vrijheid, als een Jozua, ontsluit voor hen gesloten hemelgrenzen, want Jezus - dat is Bethlehem èn Golgotha! (Nel Benschop) Foto: f-l-e-x

46 ’t Was nacht in Bethlems dreven. ’t Was nacht in Bethlems dreven, een schone stille nacht. En trouwe herders bleven bij hunne kudde op wacht. En trouwe herders bleven bij hunne kudde op wacht.

47 Zij hoopten saam, de vromen, zij wachtten immer voort of Jacobs ster zou komen naar ’t oud profetisch woord. Of Jacobs ster zou komen naar ’t oud profetisch woord.

48 En ja, juist in die stonde in deze zelfde nacht werd hun door eng’lenmonden het blijde nieuws gebracht. Werd hun door eng’lenmonden het blijde nieuws gebracht.

49 "De Heiland is gekomen in Bethlems kleine stal, Die voor miljoenen vromen een Herder wezen zal. Die voor miljoenen vromen een Herder wezen zal."

50 Hij zal Zijn kudde leiden, zij ’t ook door leed en kruis, tot d’eeuwig’ groene tuinen van ’t hemels vaderhuis. Tot d’eeuwig’ groene tuinen van ’t hemels vaderhuis.

51 Stem: Ook dit kerstfeest wil ons herinneren aan de geboorte van Jezus Christus. Hij is geboren in een stal, gewonden in wat schamele doeken en gelegd in een voederbak. Dat alles getuigt van de armoede en vernedering. Zo arm werd Hij voor u en voor mij. Verwonderen we ons erover dat Gods Zoon Zich zo wilde vernederen om ook ons zalig te kunnen maken? Wat een liefde voor zondaren. Immers, in dat Kind reikt God ons de hand.

52 Stille nacht Stille nacht, heilige nacht! Davids Zoon, lang verwacht, Die miljoenen eens zaligen zal, wordt geboren in Bethlehems stal, Hij, der schepselen Heer, Hij, der schepselen Heer.

53 Hulploos Kind, heilig Kind, dat zo trouw zondaars mint, ook voor mij hebt G’ U rijkdom ontzegd, wordt G’ op stro en in doeken gelegd. Leer m’ U danken daarvoor, Leer m’ U danken daarvoor.

54 Kerstwonder In een verdwaasde wereld waar het kwaad wordt toegejuicht en het goede verguisd waar dode dingen belangrijker schijnen dan levende mensen werd een zuivere lelie geplant tussen distels werd een vlekkeloos Lam geboren in het hol van de leeuw werd een volmaakt Mens aan ons lot overgelaten Roos van Saron Ster van Bethlehem ten dode opgeschreven ten leven opgestaan Jezus Christus Zoon van God (Hermien Henning) Foto: mooste

55 Psalm 72:6, 7, 10 en 11 Ja, elk der vorsten zal zich buigen, en vallen voor Hem neer; al 't heidendom Zijn lof getuigen, dienstvaardig tot Zijn eer. 't Behoeftig volk in hunne noden, in hun ellend' en pijn, gans hulpeloos tot Hem gevloden, zal Hij ten redder zijn.

56 Nooddruftigen zal Hij verschonen; aan armen uit genâ, Zijn hulpe ter verlossing tonen; Hij slaat hun zielen gâ. Als hen geweld en list bestrijden, al gaat het nog zo hoog; hun bloed, hun tranen en hun lijden zijn dierbaar in Zijn oog.

57 Dan zal, na zoveel gunstbewijzen, 't gezegend heidendom 't geluk van deze Koning prijzen, Die Davids troon beklom. Geloofd zij God, dat eeuwig Wezen, bekleed met mogendheên; de HEER, in Israël geprezen, doet wond'ren, Hij alleen.

58 Zijn naam moet eeuwig eer ontvangen; men loov' Hem vroeg en spâ; de wereld hoor', en volg' mijn zangen, met Amen, Amen na.

59 Bij de kribbe Midden in de donk´re nacht klinken zuiv´re eng´lenkoren. Blij doen zij een lofzang horen: Jezus Christus is geboren, God zij ere toegebracht! Slechts een arme beestenstal, zonder praal of machtsbetoning, is de nederige woning van de grote Hemelkoning, Die Zijn volk verlossen zal. En de herders knielen neer, schuchter en met heilig beven, want dit Kind is hun gegeven als de Redder van hun leven, als hun Heiland en hun Heer’. Welk een glans en majesteit schittert hier ‘t geloofsoog tegen! Welk een rijkdom, welk een zegen wordt hier door ‘t geloof verkregen, voor de tijd en d’eeuwigheid! (Christien de Priester) Foto: mooste

60 Gezang 21 Ik kniel aan Uwe kribbe neer, o Jezus, Gij mijn leven! Ik kom tot U en breng U, Heer, wat Gij mij hebt gegeven. O, neem mijn leven, geest en hart, en laat mijn ziel in vreugd en smart, bij U geborgen wezen!

61 Lukas 2:17-20 En als zij Het gezien hadden, maakten zij alom bekend het woord, dat hun van dit Kindeke gezegd was. En allen die het hoorden, verwonderden zich over hetgeen hun gezegd werd van de herders. Doch Maria bewaarde deze woorden alle te zamen, overleggende die in haar hart. En de herders keerden wederom, verheerlijkende en prijzende God over alles wat zij gehoord en gezien hadden, gelijk tot hen gesproken was.

62 Stem: Zullen wij ook, net als Maria, de woorden in onze harten bewaren? Gaan we in de geest met de herders mee om het Kind in de kribbe te aanschouwen? Dan mogen we God eren en verheerlijken over alles wat we gehoord en gezien hebben. Hem prijzen voor Zijn wonderbare zegen!

63 Psalm 98:1 en 2 Zingt, zingt een nieuw gezang den Heere, die grote God, Die wond’ren deed! Zijn rechterhand vol sterkt’ en ere, Zijn heilig arm wrocht heil na leed. Dat heil heeft God nu doen verkonden, nu heeft Hij Zijn gerechtigheid, zo vlekkeloos en ongeschonden, voor ‘t heidendom ten toon gespreid.

64 Hij heeft gedacht aan Zijn genade, Zijn trouw aan Isrel nooit gekrenkt. Dit slaan al ‘s aardrijks einden gade, nu onze God Zijn heil ons schenkt. Juich dan de Heer met blijde galmen, gij ganse wereld, juich van vreugd! Zing vrolijk in verheven psalmen het heil, dat d’aard in ‘t rond verheugt!

65 Stem: De gelovigen uit het Oude Testament hebben zich vastgeklampt aan de beloften die de Heere hun gaf. Ze hebben de beloften niet in vervulling zien gaan, maar ze hebben vertrouwd op de belovende Heere. Zouden wij dan achterblijven? Kennen wij die Naam? Want de Heere wil niet dat er enigen verloren gaan, maar dat ze allen tot bekering komen.

66 Daar ruist langs de wolken Daar ruist langs de wolken een lieflijke Naam, Die hemel en aarde verenigt te zaam. Geen Naam is er zoeter en beter voor ‘t hart, Hij balsemt de wonde en heelt alle smart. Kent gij, kent gij die Naam nog niet? Die naam draagt mijn Heiland, mijn lust en mijn lied!

67 Die Naam is naar waarheid mijn Jezus ook waard, want Hij kwam om zalig te maken op aard; zo lief had Hij zondaars, dat Hij voor hen stierf, genade bij God door Zijn zoenbloed verwierf. Kent gij, kent gij die Jezus niet, Die, om ons te redden, de hemel verliet?

68 Eens buigt zich ook alles voor Jezus in ‘t stof, en d’engelen zingen voortdurend Zijn lof. O, mochten w’ om Jezus verheerlijkt eens staan, dan hieven wij juichend de jubeltoon aan: Jezus, Jezus, Uw Naam zij d' eer, want Gij zijt der mensen en engelen Heer!

69 2 Petrus 1:19 En wij hebben het profetische Woord, dat zeer vast is, en gij doet wel, dat gij daarop acht hebt, als op een licht schijnende in een duistere plaats, totdat de dag aanlichte en de Morgenster opga in uw harten.

70 1 Johannes 1:2 en 5 Want het Leven is geopenbaard, en wij hebben Het gezien, en wij getuigen en verkondigen u dat eeuwige Leven, Hetwelk bij de Vader was en ons is geopenbaard. En dit is de verkondiging, die wij van Hem gehoord hebben, en wij u verkondigen, dat God een Licht is en gans geen duisternis in Hem is.

71 1 Johannes 2:2 En Hij is een Verzoening voor onze zonden; en niet alleen voor de onze, maar ook voor de zonden der gehele wereld. Halleluja!

72 Zingen: Ere zij God

73 Liturgie: A. Garms-Bart, Kesteren Presentatie: E. van Wijngaarden – van der Waal, Benthuizen


Download ppt "DE BELOFTE WAARGEMAAKT Kerst 2009. Komt allen tezamen Komt allen tezamen, jubelend van vreugde: Komt nu, o komt nu naar Bethlehem! Ziet nu de vorst der."

Verwante presentaties


Ads door Google