De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De scheidende Ondernemer Enkele gevolgen voor de inkomstenbelasting mr. Annamarie Majoor www.majoorbelastingadvies.nl.

Verwante presentaties


Presentatie over: "De scheidende Ondernemer Enkele gevolgen voor de inkomstenbelasting mr. Annamarie Majoor www.majoorbelastingadvies.nl."— Transcript van de presentatie:

1 De scheidende Ondernemer Enkele gevolgen voor de inkomstenbelasting mr. Annamarie Majoor

2 Inhoud • Partnerregeling • Huwelijksvermogensrecht • Scheiding en Winst uit onderneming • Scheiding en Winst uit aanmerkelijk belang • Scheiding en TBS • Scheiding en Pensioen

3 Partner regeling Art 5a AWR • Niet van tafel en bed gescheiden Echtgenoten • Ongehuwde Samenwoners die een notarieel samenlevingscontract hebben • A en B zijn getrouwd maar leven duurzaam gescheiden. B woont samen met C en heeft een samenlevingscontract. In maart wordt verzoek echtscheiding ingediend. In september is echtscheiding formeel rond

4 • Partner in de loop van het jaar? Dan ook partner in de eerste maanden als men op hetzelfde adres staat ingeschreven. • Geldt ook bij einde partnerschap – Man en vrouw zijn gehuwd, wonen in hetzelfde huis maar leven duurzaam gescheiden.Eind 2012 verzoek echtscheiding ingediend, in aug 2013 echtscheidingsbeschikking. – Man en vrouw wonen ongehuwd samen. In maart 2013 verbreken ze hun notarieel samenleveingscontract. Verder varandert er niets

5 Partnerregeling art 1.2 IB • Op hetzelfde adres ingeschreven én: • Samen een kind • Kind van de ander erkend • Opgenomen in pensioenregeling • Samen eigendom woning (hoofdverblijf) • Op woonadres ook kind ingeschreven van ten minste een van beiden tenzij er een zakelijke huurovereenkomst is • In het voorafgaande kalenderjaar reeds partner

6 Voorbeelden • A en B hebben in mei 2012 verzoek echtscheiding ingediend, maar blijven in hetzelfde huis wonen. In augustus 2013 wordt de echtscheiding definitief. Medio 2016 verhuist de man naar een huurwoning. • Man en vrouw wonen ongehuwd samen. Hun samenlevingscontract wordt in maart 2012 ontbonden

7 • Man en vrouw zijn getrouwd maar wonen al jaren duurzaam gescheiden. Hebben beiden hun eigen woning. – Tot 2011 kwaificeerden ze niet als partner, want ze leefden duurzaam gescheiden. Maar miv 2011 kwalificeren ze weer wel als partner.

8 Huwelijksvermogensregime • Algehele gemeenschap van goederen • Huwelijkse voorwaarden – Koude uitsluiting – Beperkte gemeenschap – Periodiek verrekenbeding – Finaal verrekenbeding

9 Periodiek verrekenbeding • Partijen verdelen periodiek onverteerd gebleven inkomsten • Inkomsten? Afhankelijk van afspraken. Bijv arbeidsinkomsten, rente, dividend, winst uit onderneming • DGA: opgepotte winsten? • Niet uitgevoerd? Dan bij einde huwelijk alsnog verrekening

10 voorbeeld • Hans en Pauline zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden. Er is gekozen voor koude uitsluiting met een periodiek verrekenbeding. Inkomsten uit arbeid worden, na verrekening van de kosten van de huishouding, bij helfte verdeeld. Hans had bij aanvang van het huwelijk een vermogen van € en het vermogen van Pauline bedroeg bij aanvang van het huwelijk € Na 15 jaar huwelijk besluiten ze om te gaan scheiden. Ze hebben tijdens het huwelijk nooit periodiek afgerekend. Hans heeft aan het einde van het huwelijk een vermogen van € en het vermogen van Pauline aan het einde van het huwelijk is € • Het blijkt onmogelijk om gegevens terug te halen om alsnog alle jaren de periodieke verrekening met terugwerkende kracht uit te voeren. • Nu wordt gesteld dat de aanwas van het vermogen tijdens het huwelijk voor 50% aan beide partners toekomt. Het vermogen van Hans is tijdens het huwelijk met € toegenomen, het vermogen van Pauline is tijdens het huwelijk met € toegenomen. In totaal is het vermogen tijdens het huwelijk dus met € toegenomen. Ieder heeft hier voor 50% recht op. Pauline heeft dus een vordering op Hans van € , als gevolg van het niet uitvoeren van het periodieke verrekenbeding.

11 Finaal verrekenbeding • Partijen komen bijv. overeen om bij het einde van het huwelijk ieders vermogen zo te verdelen als ware er een gemeenschap van goederen • Werking kan beperkt worden tot einde huwelijk door overlijden

12 Voorbeeld • Erik en Petra zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden. Ze hebben gekozen voor koude uitsluiting met een finaal verrekenbeding bij scheiden en overlijden. • Op enig moment besluiten Erik en Petra om te gaan scheiden. Erik heeft op dat moment een vermogen van € en Petra heeft op dat moment een vermogen van € Er wordt nu gedaan alsof er een gemeenschap van goederen was (let op: er ontstaat niet echt een gemeenschap van goederen). Ieder zou bij een gemeenschap van goederen recht hebben op de helft van het totale gezamenlijke vermogen. Dat zou dus in deze situatie totaal € zijn, waarbij ieder recht heeft op € Erik moet dus naar aanleiding van de scheiding nog € aan Petra betalen.

13 Huwelijksvermogenrecht miv Veranderingen: 1.Informatieplicht 2.Aangaan/wijzigen hv zonder rechter 3.Ontbinding vanaf moment indienen verzoek 4. Beide echtgenoten zijn bestuursbevoegd voor zaken niet op naam 5. Beleggingsleer: rendementen op eigen vermogen vallen niet in de gemeenschap

14 Vergoedingsrechten • Introductie beleggingsleer (Art 1.87 BW) • “indien een echtgenoot ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot een goed dat tot zijn eigen vermogen zal behoren, verkrijgt of indien ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot een schuld ter zake van een tot zijn eigen vermogen behorend goed wordt voldaan of afgelost, ontstaat voor de eerstgenoemde echtgenoot een plicht tot vergoeding”.

15 • Dat vergoedingsrecht ‘beloopt een gedeelte van de waarde van het goed op het tijdstip waarop de vergoeding wordt voldaan’. Ofwel de echtgenoot/schuldeiser heeft geen nominale vordering, maar een aan de waarde van het goed gekoppelde verbintenisrechtelijke aanspraak jegens de andere echtgenoot, die gerechtigd is tot dat goed.

16 Voorbeelden • A koopt een woning voor euro en betaalt hiervan euro uit eigen privémiddelen en euro uit door zijn echtgenoot B beschikbaar gestelde privémiddelen. De woning wordt eigendom van A. De andere echtgenoot (B) heeft recht op een vergoeding, die ingevolge artikel 1:87 lid 2 onder a BW gelijk is aan een kwart van de waarde van de woning op het tijdstip waartegen de vergoedingsvordering wordt afgerekend. • Indien A na tien jaar overgaat tot vergoeding en de waarde van de woning dan 1 miljoen euro bedraagt, is de vergoeding voor B euro. Indien A echter al na twee jaar tot voldoening was overgegaan en de waarde van de woning toen gedaald was tot euro, had B slechts recht op euro vergoeding.

17 voorbeeld • A en B zijn op huwelijkse voorwaarden gehuwd. A leent B € 250,000 voor de aankoop van een tweede woning op zijn naam. • Tot 2012 had A recht op terugbetaling € 250,000 • Vanaf 2012 recht op waardeontwikkeling pand (positief en negatief)

18 • Woning is €350,000 waard geworden. A heeft recht op € 350,000 • Woning is € 150,000 waard geworden. A heeft recht op € 150,000

19 • A heeft bedrijfspand van € 200,000. Verbouwing pand € 100,000. Betaalt zelf € en krijgt van B ook € • Verkrijgt hierdoor het economisch eigendom van 1/6 woning? – Overdrachtsbelasting? – TBS? (verschil tussen oude regeling en regeling vanaf 2012

20 Gevolgen bij scheiding? • A en B gaan scheiden. Door verzoek echtscheiding geen partner meer, dus einde tbs. • Pand is inmiddels €480,000 waard. B heeft recht op 1/6, dus € • Afrekenen??

21 Onduidelijkheid Art 1:87 BW • Prof. mr. dr. P.G.H. Albert – WFR 2012/678 – Indirect economisch belang / geen goederenrechtelijke werking • mr. dr. N.C.G. Gubbels – WPNR 2012/6913 p.12 – Direct economisch belang

22 Geld gebruikt voor investering? • Met toestemming echtgenoot? Dan beleggingsleer • Geen toestemming? Beleggingsleer, maar nooit minder dan nominaal bedrag • Partijen kunnen beleggingsleer uitsluiten. Leg dit (zo nodig notarieel) vast!

23 Goed uit elkaar houden • Huwelijksgemeenschap Moet bij scheiding verdeeld worden • Verrekenbeding Alleen verbintenisrechtelijke aanspraak • Vergoedingsrechten beleggingsleer

24 Scheiding en winst uit onderneming • Meewerkende partner – Meewerkaftrek vervalt – Partner als werknemer • Ontbinden arbeidsovk • Evt overdracht (deel) onderneming (art 3.59) • Gevolgen ondernemer – Gemeenschap van goederen – Huwelijkse voorwaarden

25 Onderneming valt in een huwelijksgemeenschap • Gevolgen duurzaam gescheiden gaan leven – Eenmanszaak Geen fiscale gevolgen – Man-vrouw vennootschap Man gaat alleen met de onderneming door. Vrouw draagt haar onderneming over aan de man. Afrekenen? Toepassen art. 3.63?

26 Ontbinding en verdeling huwelijksgemeenschap • Eenmanszaak – Art 3.59 lid 1 fictieve overdracht – Art 3.59 lid 2 verplichte doorschuiving: heffing blijft achterwege • Drie mogelijkheden: 1.Toedeling aan ondernemer 2.Toedeling verdeeld tussen echtelieden 3.Toedeling aan echtgenoot (niet-ondernemer)

27 Toedeling aan ondernemer zelf • Art 3.59 Fiscaal geruisloos • Maar bij verdeling moet de ondernemer wel tegen de WEV afrekenen met zijn echtgenoot. Rekening houden met latente belastingclaim • Overbedelingsschuld. Is dit een ondernemingsschuld? HR: nee, want fiscale positie wijzigt niet.

28 Toedeling aan beiden • Als echtgenoot de onderneming als ondernemer gaat voortzetten, art 3.59 voor deel dat krachtens huwelijksvermogensrecht toekomt – Meer dan de helft naar echtgenoot: oorspronkelijke ondernemer moet afrekenen over meerdere

29 Toedeling aan echtgenoot • Art 3.59 doorschuiving voor helft ondernemingsvermogen, over andere helft afrekenen • Overbedelingsschuld voor echtgenoot is ondernemingsvermogen; fiscale positie wijzigt wel

30 Man-vrouw vennootschap • Iedere vennoot behoudt zijn firma aandeel – Geen fiscale gevolgen • Evt. een van beiden stille vennoot • Evt. rechtsvorm wijzigen in CV Geen fiscale gevolgen, wel aanpassing vennootschapsovereenkomst

31 Man-vrouw vennootschap • Onderneming wordt volledig toebedeeld aan één vennoot – Einde samenwerking vóór ontbinding hg: • Zelfde als bij eenmanszaak – Einde samenwerking ná ontbinding hg: • Eerst art 3.59, daarna art 3.63 • Evt. schuld is ondernemingsschuld

32 FOR • Bij art 3.59 ook doorschuiving FOR • Bij art 3.63 alleen als FOR overgaat op partner Let op! Beëindiging samenwerking nadat men gescheiden is gaan leven en echtscheidingdverzoek is ingediend? Geen partners meer, dus afrekenen over FOR Let op! Naar CV? Afrekenen over FOR voorzover dat meer is dan OV

33 Onderneming valt niet in een gemeenschap • Economisch belang Gevolgen? Bijv. geld investeren in onderneming als zodanig Medegerechtigde? Bijv. geld investeren in verbouwing bedrijfspand TBS? Bij scheiding afwikkeling economisch belang Doorschuifregeling?

34 Koude uitsluiting • Elke gemeenschap uitgesloten, geen enkele verrekening? – Als de situatie ongewijzigd blijft (ondernemer houdt volledige onderneming) dan heeft dit geen fiscale gevolgen – Onderneming wordt na de scheiding (mede) voortgezet door echtgenoot-niet ondernemer? Dan geen doorschuifmogelijkheid ex art 3.59

35 • Wel wenselijk? Dan staande huwelijk beperkte gemeenschap aangaan voor ondernemingsvermogen. • In dat geval kan er bij scheiding de helft van het ondernemingsvermogen geruisloos doorgeschoven worden (art 3.59)

36 Man-vrouw vennootschap • Overdracht firma-aandeel kan geruisloos ogv art • 3-jaarstermijn geldt dan niet • Wel afrekenen over FOR (kan alleen aan partner worden overgedragen)

37 Verrekenbeding • Overdracht (deel) onderneming door verrekenbeding? Dan geen art 3.59 – Voorwaarde art 3.59 is dat een huwelijksgemeenschap wordt ontbonden – Evt schuld is geen ondernemingsschuld, maar box 3

38 Scheiding en aanmerkelijk belang Wanneer AB? • Al dan niet tezamen met partner voor minimaal 5% aandeelhouder • Meesleep- en meetrekregeling A en B bezitten elk 4% aandelen in BV Z. Gehuwd, koude uitsluiting. A en B zijn beiden ab-houder

39 Invloed huwelijksvermogensrecht • Voor partners geldt samentelbepaling • Gekozen huwelijksgoederenregime bepaalt wie ab-houder is • Gemeenschap van goederen: beiden ab-houder • Huwelijkse voorwaarden: alleen degene die de aandelen bezit Gevolgen trouwen? Op grond van huwelijksvermogensrecht kan de echtgenoot ab-houder worden. Dit itt het objectieve ondernemerschap van art 3.4 IB

40 X is 100% ab-houder van BV X. Gaat trouwen in gemeenschap van goederen • Art 4.16 lid 1, e vervreemding 50% aandelen • Art 4.17 neemt vervreemding terug • Art 4.39 verkrijgingsprijs wordt doorgeschoven • Art 4.38 afrekenen op verzoek • Art 4.22 waarde aandelen wev

41 • X heeft 50% aandelen BV Z • Y heeft 3% aandelen BV Z • X en Y gaan trouwen, koude uitsluiting – Y was geen ab-houder, wordt dat nu door het huwelijk wel.

42 Einde van fiscaal partnerschap • Verzoek om echtscheiding ingediend en niet meer op hetzelfde adres ingeschreven= einde fiscaal partnerschap. • Samentelbepaling telt niet meer • Kan leiden tot fictieve vervreemding – A en B buiten gemeenschap gehuwd. A heeft 98% van aandelen, B heeft 2%. – A en B zijn in gemeenschap van goederen gehuwd. A en B bezitten ieder 3% aandelen BV X.

43 Fictieve vervreemding • Verschil tussen verkrijgingsprijs en WEV aandelen is belast • Op verzoek blijft afrekening achterwege (art 4.40) • Fictief AB-houder kan zelf afrekenmoment kiezen • Zodra is afgerekend behoren de aandelen tot box 3 • Ook verlies uit ab-mogelijk

44 Gemeenschappelijk inkomensbestanddeel • Inkomen uit ab is gemeenschappelijk inkomensbestanddeel, vrije toerekening tussen partners • Geen partner meer, dan geen samentelbepaling meer • Wel keuze voor partnerschap in jaar van einde partnerschap (art 2.17 lid 7)

45 Verdeling huwelijksgoederengemeenschap • Verzoek tot echtscheiding leidt tot ontbonden gemeenschap • Vervreemding als de verdeling afwijkt van gerechtigdheid tot huwelijksgoederengemeenschap X en Y waren in gemeenschap van goederen getrouwd X krijgt alle ab-aandelen toebedeeld? Dan vervreemding van Y aan X

46 Doorschuifregeling • Art 4.17 neemt bij een verdeling de vervreemding terug als: – De verdeling binnen twee jaar na het ontbinden van de huwelijksgoederengemeenschap heeft plaatsgevonden – Er geen sprake is van sfeerovergang

47 Verdeling binnen twee jaar • Onbinding huwelijksgemeenschap op moment dat verzoek tot echtscheiding wordt ingediend. • Dat was voor 2012 het moment dat de echtscheiding werd ingeschreven • Let dus op de termijn!

48 Afrekenen op verzoek Art Gezamenlijk verzoek indienen Bijvoorbeeld als er sprake is van een verlies uit ab, of als er nog te verrekenen verliezen zijn Kiezen voor afrekenen betekent geen recht op enige uitstel- of kwijtscheldingsfaciliteit

49 Overbedelingsschuld • Als de overbedelingsschuld is toe te rekenen aan de verkregen aandelen, dan is de rente over deze schuld in box 2 aftrekbaar. • De overbedelingsvordering valt in box 3 • Zijn er ook nog andere zaken verdeeld, dan pro rata toerekenen

50 • Huwelijkgemeenschap AB: • Huis € • Hypotheek € • AB-aandelen€ • Tweede woning€ A krijgt huis/hypotheek, B krijgt AB-aandelen en tweede woning. Overbedelingsschuld B waarvan 2/3 toe te rekenen is aan de ab-aandelen

51 Huwelijkse voorwaarden en verrekenbedingen • X heeft 100% aandelen BV Z. Getrouwd met Y op huwelijkse voorwaarden met een finaal verrekenbeding • Einde huwelijk: Y heeft recht op waardeverrekening van de ab-aandelen. Wordt zij hierdoor ab-houder? • Nee, onderdelen 4.6 en 4.8 Besluit BLKB2012/101M

52 • De overdracht van ab-aandelen aan de andere echtgenoot is een gewone vervreemding en dus belast • Dit geldt dus ook als de aandelen worden overgedragen om te voldoen aan de verrekeningsvordering • Art is niet van toepassing • Wel evt uitstel van betaling (art 25 lid 9 IW)

53 Afrekenen voorkomen? • Voor echtscheiding een beperkte huwelijksgoederengemeenschap aangaan voor de ab-aandelen • Art 4.17 overgang krachtens huwelijksvermogensrecht is geen vervreemding • Deze wijziging kan sinds 1 januari 2012 door notariële akte

54 Scheiding en TBS • Alleen TBS als er sprake is van verbonden persoon: – De partner – Het minderjarig kind • Bij OTBS ook alle bloed- en aanverwanten in de rechte lijn

55 Einde TBS • Bij echtscheiding vooral omdat er geen sprake meer is van verbonden persoon • Eindafrekening • Onder bepaalde voorwaarden belastingclaim doorschuiven (art. 3.98d)

56 Mogelijkheden • TBS aan ondernemer (3.91) – Partner/mv-firma – Geen partner • TBS aan ab-vennootschap (3.92) – eigendom vermogensbestanddeel (wel of niet in huwelijksgemeenschap) – Wie is ab-houder?

57 Art • Indienen echtscheidingsverzoek/apart gaan wonen – Geen verbonden persoon meer, dan einde tbs – Afrekenen – Verzoek om uitstel van betaling (art 25 lid 14 IW) – Vermogensbestanddeel gaat naar box 3 • Verdelen huwelijksgemeenschap – Heeft geen fiscale gevolgen

58 TBS aan ondernemer/niet partner • A en B zijn in gemeenschap van goederen getrouwd. Ze hebben een pand dat tegen een te lage prijs aan de onderneming van hun kind ter beschikking wordt gesteld=OTBS. • Beiden voor de helft tbs • Partijen gaan scheiden, verzoek ingediend en gaan apart wonen • Gevolgen?

59 • Art jo art 3.59 overdracht van de helft • Lid 2 neemt overdracht terug als deze wordt voortgezet Als dan later de huwelijksgemeenschap wordt verdeeld en alles wordt toebedeeld aan A, dan is de helft van B’s aandeel geruisloos doorgeschoven. Maar de ander helft niet! Dus afrekenen over ¼ van het totale pand

60 huwelijkse voorwaarden • Koude uitsluiting – Bij ontbinding huwelijk: Einde verbonden personen, afrekenen, geen doorschuifregeling, betalingsregeling, naar box 3 • Finaal verrekenbeding – Bij ontbinding huwelijk: Einde verbonden personen, afrekenen, geen doorschuifregeling, betalingsregeling, naar box 3 – Bij verdeling ogv verrekenbeding: geen gevolgen

61 TBS aan AB-vennootschap Gevolgen bij scheiding afhankelijk of ab- aandelen tot een huwelijksgemeenschap behoren. Na indiening echtscheidingsverzoek telt namelijk alleen nog het eigen ab-bezit Stel A en B hebben ieder 4% ab-aandelen. Tijdens huwelijk samentelbepaling, dus beiden ab-houder. Na scheiding ieder 4%, dus geen ab-houder meer en dus ook einde tbs

62 Voorbeelden • Pand en ab-aandelen behoren tot huwelijksgemeenschap • Pand behoort tot huwelijksgemeenschap, ab- aandelen tot privévermogen man. • AB-aandelen behoren tot huwelijksgemeenschap, pand tot privévermogen man • Gevolgen bij ontbinding huwelijk?

63 Artikel 3.98d • Verdeling huwelijksgemeenschap waartoe ter beschikking gesteld vermogensbestanddeel behoort binnen twee jaar na ontbinding huwelijksgemeenschap, is gewen vervreemding mits: – Tbs wordt voortgezet • Afrekenen op verzoek

64 Verdeling huwelijksgemeenschap ( pand en aandelen in gemeenschap) • Aandelen en pand worden volledig aan man toebedeeld – Geen fiscale gevolgen • Aandelen worden aan de man en pand aan de vrouw toebedeeld – Geen artikel 3.98 want vrouw zet tbs niet voort (zij is geen ab-houder meer) • Aandelen en pand worden bij helften verdeeld – Geen fiscale gevolgen

65 Verdeling huwelijksgemeenschap alleen pand valt in gemeenschap ab-aandelen privé vermogen man) • Toedeling pand aan man – Vrouw had bij indienen verzoek echtscheiding al afgerekend. Box 3 • Toedeling pand aan vrouw – Man moet afrekenen. Geen art 3.98d omdat de vrouw de tbs niet voortzet.

66 Verdeling huwelijkgemeenschap ab-aandelen valt in gemeenschap, pand is privé vermogen man • Aandelen worden toebedeeld aan man – Geen gevolgen, hij blijft de tbs voortzetten • Aandelen worden toebedeeld aan de vrouw – Man is geen ab-houder meer, einde tbs, afrekenen

67 Ongehuwd samenwonenden • Samenwoning beëindigd? Geen verbonden personen meer: – Afrekenen, geen doorschuifregeling, betalingsregeling • Als de samenwoner zelf ook ab-houder is, dan heeft de verbreking van de samenwoning geen gevolgen

68 Echtscheiding en pensioen • Boon/Van Loon arrest (HR NJ 1982,503) – Pensioenrechten moeten bij echtscheiding worden verrekend (afhankelijk van huwelijksgoederenregime) – Waarde van de aanspraken ten tijde van de echtscheiding (dus ook voorhuwelijkse periode) – Slechts recht op waarde desbetreffende deel, niet op pensioen zelf – Mogelijkheden: oa contante afrekening, toedeling vermogensbestanddeel, recht op toekomstige uitkering pensioen, lijfrenteverzekering

69 Wet Verevening pensioenrechten bij echtscheiding • Op 1 mei 1995 ingevoerd • Regelend recht • Huwelijksgoederenregime speelt geen rol • Alleen van toepassing op gehuwden • Ook pensioen in eigen beheer valt onder Wet VPS • Na melding aan uitvoeringsorgaan heeft men recht op deel van elke uit te betalen termijn

70 Artikel 1:94 vierde lid BW • Pensioenrechten waarop de Wet VPS van toepassing zijn, vallen niet in de gemeenschap.

71 Conversie • Aanspraak op ouderdoms- en nabestaandenpensioen worden omgezet in een ouderdomspensioen op eigen leven • In sommige gevallen kan conversie worden afgedwongen (bijv bij leeftijdsverschil van 11 jaar)

72 Pensioen in eigen beheer • Na echtscheiding ongewenst: afhankelijk van de BV van de ex-echtgenoot. • Kan afstorting bij verzekeraar worden afgedwongen? JA (HR 9 februari 2007, NJ2007/484) • Kan problemen opleveren omdat reserve vaak lager is dan commercieel nodig is. • Gelden niet meer aanwezig? Kan leiden tot privé aansprakelijkheid dga • Continuïteit van onderneming in gevaar door afstorting? Dan afstorting niet afdwingbaar

73 Fiscale gevolgen pensioenverdeling • Aanspraak op pensioenverzekeraar of conversie – Overdracht is belaste vervreemding, maar geen sanctie bij vervreemding aan (gewezen) echtgenoot. Uitkeringen belast • Aanspraak op ex-echtgenoot – Echtgenoot moet deel van zijn uitkering afdragen aan ex-echtgenoot. Aftrekbaar ogv art 6.3 lid 1 onderdeel a Wet IB,belast ogv art • Verrekening van pensioenrechten oa: – Door som ineens (aftrek art 6.3 lid 1 letter d / belast 3.102, derde lid letter a) – Door pensioenafdracht (aftrek art 6.7 / belast art 3.105) – Door verhoging alimentatiebetalingen (aftrek als alimentatie / belast als pu) – Door storting koopsom lijfrente (aftrek als persgeb aftrek/ lijfrenteregime box 1)


Download ppt "De scheidende Ondernemer Enkele gevolgen voor de inkomstenbelasting mr. Annamarie Majoor www.majoorbelastingadvies.nl."

Verwante presentaties


Ads door Google