De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

 Doelen  Theorie  Lichamelijke ontwikkeling (groei, motoriek en zindelijkheid)  Cognitieve ontwikkeling (denken en taal)  Opdracht 3 (de peuter)

Verwante presentaties


Presentatie over: " Doelen  Theorie  Lichamelijke ontwikkeling (groei, motoriek en zindelijkheid)  Cognitieve ontwikkeling (denken en taal)  Opdracht 3 (de peuter)"— Transcript van de presentatie:

1

2  Doelen  Theorie  Lichamelijke ontwikkeling (groei, motoriek en zindelijkheid)  Cognitieve ontwikkeling (denken en taal)  Opdracht 3 (de peuter)  Doelen gehaald?

3  Mbt de Lichamelijke ontwikkeling: > De Lichamelijke groei > De Motorische ontwikkeling  Welke spieren zijn nodig voor zindelijkheid  Mbt de Cognitieve ontwikkeling > De ontwikkeling van het denken  De Taalontwikkeling

4  Lichamelijke groei 18 mnd 82 cm/ 12 kg voornamelijk in de slaap4 jaar 1 mtr/ 18 kg Peuters slapen ‘s nachts 12 uur en overdag 1 a 2 uur  Breedtegroei, dus meer kilo’s dan cm’s! Bol buikje en er komt een hals Groeitempo neemt af, dus ook eetlust

5  Motorische ontwikkeling  Grove motoriek gaat met sprongen vooruit!  Fijne motoriek blijft achter  Leren lopen vergroot de wereld  Beheersing van de sluitspieren  Dans- en bewegingsspel aanbieden

6  Sterk Exploratiegedrag =Peuter wil de wereld leren kennen. Ontdekt steeds nieuwe dingen waardoor er in hun hoofd heel veel verbindingen worden gelegd door het zien en ontdekken daarvan.

7  Denken in Pre-operationele fase Duur: 2 tot 7 jaar. Onderzocht door Piaget HET DENKEN IS concreet Wat tastbaar is, wat nu gezien wordt magisch Geen verschil tussen werkelijkheid en fantasie animistisch Toekennen van menselijke eigenschappen aan alles

8  Een peuter denkt Concreet Het denken richt zich alleen op wat tastbaar is, wat gezien wordt en waar wat mee gedaan kan worden. Bv lepel of stoel snapt hij, maar bestek of meubels niet

9  Een peuter denkt Magisch Omdat een peuter geen onderscheid kan maken tussen werkelijkheid en fantasie, bedenkt hij zelf verklaringen voor wat hij niet snapt. Bv in de TV wonen mensen Kan ook angst oproepen want alles is mogelijk!

10  Een peuter denkt Animistisch Een peuter weet het verschil niet tussen levende en levenloze dingen. Dus de peuter denkt dat levenloze dingen menselijke eigenschappen hebben. Bv het kopje is stout of je moet stil zijn anders wordt de beer wakker. 

11  Fase 2 VROEGtalige fase (1-2 jaar) Baby ontdekt dat de dingen om hem heen met woordjes aangeduid kunnen worden en een bepaalde betekenis hebben. De taalkennis wordt actief, dus woordjes die hij kent ook gaan gebruiken. Denk aan hond van de buren, eendjes in het park, slapen.

12 Fase 3 Differentiatiefase (2-5 jaar) 18 mnd kent 22 woorden 48 mnd kent 1540 woorden  2 jaar: 2-woordzinnen en begrijpt eenvoudige aanwijzingen bv hond weg  3 jaar: praat in 3-4-woordzinnen Begrijpt korte zinnetjes en kan antwoorden op “wat ben je aan het doen?” Gebruikt taal ook om gevoelens te delen. Bv ik ben moe  3-4 jaar: kan zelfstandig gesprekjes voeren en gebruikt voorzetsels (de/het)en voegwoorden (in,op, onder etc).

13  Vertel waar je mee bezig bent en spreek duidelijk en correct in korte zinnen  Moedig aan door stilte of een prikkelende opmerking. Heb geduld!  Reageer positief, ook al is het niet correct bv “ietui….” Goed zo een vliegtuig  Noem de dingen bij de naam,dus geen woef-woef of tuut-tuut en praat in zinnen  Gebruik plaatjes of wijs iets aan bij een nieuw voorwerp  Stel open vragen

14  KOPPIGHEIDSFASE  Wat is een ander woord?  Waarom noodzakelijke fase in de ontwikkeling?  Op welke leeftijd komt het voor?  Waarom is koppig gedrag een goed teken?  Noem een aantal gedragingen in deze fase.  Wat betekent dat de peuter zich nog niet kan inleven en welk gedrag zie je dan?  Noem 3 redenen voor dwars gedrag?  Tips voor omgaan met koppige peuter.

15  Lezen theorie blz 81 t/m blz 86 Groene boek Cliënt en Omgeving  Maken peuteropdracht 4  Zet de gemaakte opdrachten bij sakai.portfolio4u.nl in het vakje Ontwikkelingspsychologie

16  De lichamelijke groei  De motorische ontwikkeling  Welke spieren moeten beheersd worden voor de zindelijkheid?  Hoe noemen we de fase van de ontwikkeling van het denken?  De Taalontwikkeling In welke 2 fases zit de peuter? LUKT DAT?

17 peuter wil buiten spelen ruzie om een schuifje ; kan niet delen paolo ontdekt het water peuter vertelt dat er bloed zit aan de baby pre-operationele fase 3 experimenten jongetje van 5 jaar wordt in vinger gebeten door bang voor eigen schaduw praten in spel 2 jaar Korte tekenfilm hoe een baby in buik groeit slappe lach van de baby


Download ppt " Doelen  Theorie  Lichamelijke ontwikkeling (groei, motoriek en zindelijkheid)  Cognitieve ontwikkeling (denken en taal)  Opdracht 3 (de peuter)"

Verwante presentaties


Ads door Google