De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Drs. A.A.L. Eyssen Anesthesioloog Medisch Centrum Alkmaar.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Drs. A.A.L. Eyssen Anesthesioloog Medisch Centrum Alkmaar."— Transcript van de presentatie:

1 Drs. A.A.L. Eyssen Anesthesioloog Medisch Centrum Alkmaar

2  Wat is echografie?  Waarom echogeleide blokkades?  Waarom niet altijd blokkades.  Waar op te letten  Toxiciteit  Wat kunnen we blokkeren?

3 Wat is echografie • Probe of transducer met piezo-elektrisch kristal • Hoge frequentie geluidsgolven • Hogere frequenties, minder penetratie weefsel. • Geluidsgolven worden geabsorbeerd, gereflecteerd of doorgelaten

4  Gereflecteerde geluidsgolven worden opgevangen door het piezo-elektrisch kristal Vervolgens omgezet in zwakke stroom die via software in beeld wordt omgezet.  Vloeistof is donker (weinig reflectie)  Bot en lucht is witter (veel reflectie)

5 Waarom echogeleide blokkades?  Creëren gevoelloosheid.  Creëren bewegingloze target.  Voordelen t.a.v. algehele narcose;  Minder fysiologische veranderingen  Minder anesthesiologisch gerelateerde complicaties  Goede postoperatieve pijnstilling  Minder misselijkheid  Minder cognitieve dysfunctie

6  Aanvankelijk paraesthesie techniek  Anatomische oriëntatie  Met scherpe naald tot paraesthesie  Gevolgd door stimuplex  Anatomische oriëntatie  Met short bevel naald met stroompulsen  Indien 0,2-0,5 mA, correcte positie

7  Nu echogeleide blokkades:  Anatomisch oriëntatie door kennis en visualisatie  Met short bevel naald a vue tot target  A vue zicht op verspreiding LA  Minder punctie pogingen  Minder failures  Differentiatie tussen intra- en extravasculaire injectie  Differentiatie tussen extra- en intraneurale injecties

8 Waarom niet altijd blokkeren?  Wakkere patiënt of niet coöperatieve patiënt  Geen mogelijkheid tot testen zenuwfunctie postoperatief  Anticoagulantia  Allergie lokaal anesthetica  Infectie op plek van injectie  Complicaties  Hematoom  Neurale schade  Infectie

9 Waar op te letten  Goede voorbereiding;  Steriele conditie  Lokaal anestheticum zonder lucht!  Tijdens punctie;  Altijd eerst aspireren (lucht, bloed)  Niet doorspuiten onder hoge druk (intraneuraal?)  Tekenen van intoxicatie  Na de punctie;  Vitale parameters  Conditie patiënt  Adequaat blok?

10 Toxiciteit  Centrale zenuwstelsel  Excitatie; -Tintelingen mond/tong -Duizeligheid -Wazig zien -spiertrekkingen  Volledige CZS reactie -Gegeneraliseerde convulsie -Coma -Respiratoir arrest -Depressie vasomotore centrum

11 Toxiciteit  Centrale zenuwstelsel  Excitatie; -Tintelingen mond/tong -Duizeligheid -Wazig zien -spiertrekkingen  Volledige CZS reactie -Gegeneraliseerde convulsie -Coma -Respiratoir arrest -Depressie vasomotore centrum Therapie; Voorkomen hypoxie en acidose;  100% O2  Veilig stellen ademweg  Couperen convulsie:  Barbituraat (Thiopental mg)  Benzodiazepine (Midazolam 1-2 mg)  Intralipid

12 Toxiciteit  Cardiaal: ○ Ritmestoornissen ○ Myocardiale depressie ○ Resuscitatie resistentie

13 Toxiciteit  Cardiaal: ○ Ritmestoornissen ○ Myocardiale depressie ○ Resuscitatie resistentie  Therapie:  100% O2  Veiligstellen ademweg  Intraveneuze vochttoediening  Adrenergica met alpha- als beta1 stimulantia  VT, VF of asystolie: volledige reanimatie  Intralipid

14 Continue infusie 0,25 ml/kg/min

15 Wat kunnen we blokkeren?  Bovenste extremiteit:  Onderste extremiteit:  Romp en cutane blokken:  Neuraxiaal en perineuraxiaal:

16 Bovenste extremiteit  Oppervlakkig cervicale plexus  Plexus Brachialis  Interscalenus  Supraclaviculair  Infraclaviculair  Axillair  Voorarm  Pols blokken

17 Onderste Extremiteit  N. Femoralis  Fascia Iliaca  N. Obturatorius  N. Saphenous  Adductor kanaal blok  N. Ischiadicus  Anterieur  Transgluteaal  Subgluteaal  Poplitia  Enkelblok

18 Romp en cutane blokken  Transversus Abdominis Block  Ilioinguinaal en iliohypogastrisch  Rectus sheath  N. Cutaneous lateralis femoralis

19 Neuraxiaal en perineuraal  Spinaal  Epiduraal  Paravertebraal  Intercostaal  Lumbale plexus

20

21

22

23

24

25

26 Indien filmpjes niet starten:  Slide 14: werking intralipidwerking intralipid  Slide 20: supraclaviculair bloksupraclaviculair blok  Slide 21: femoralis blokfemoralis blok  Slide 22: Trans Abdominis Plain blokTrans Abdominis Plain blok  Slide 23: Axillair blokAxillair blok


Download ppt "Drs. A.A.L. Eyssen Anesthesioloog Medisch Centrum Alkmaar."

Verwante presentaties


Ads door Google