De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Autisme met of zonder mentale handicap :Wat zijn de bijzondere kenmerken en waarmee houden we best rekening in het dagelijks leven Huisartsenkring Tielt.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Autisme met of zonder mentale handicap :Wat zijn de bijzondere kenmerken en waarmee houden we best rekening in het dagelijks leven Huisartsenkring Tielt."— Transcript van de presentatie:

1 Autisme met of zonder mentale handicap :Wat zijn de bijzondere kenmerken en waarmee houden we best rekening in het dagelijks leven Huisartsenkring Tielt 27/03/2012

2 Ontwikkelingsstoornis • Probalistische benadering om tot een diagnose te komen. –bepaalde symptomen/bepaald verloop /familie-genetica. • Temple Grandin - Tony Attwood • DSM-III soort toestandsbeeld/ DSM-IV ontwikkelingsstoornis • Zeer grote klinische heterogeniteit waardoor grote klinische verwardheid

3 • Aspergersyndroom • Savant • High functioning autism (HFA) • Kernautisme • PDD-nos • NVL • Atypisch autisme Ontwikkelingsstoornis

4 Prevalentie. • Lotter, 1966 : 4-5 / (autismediagnose : een zeldzame aandoening) • Filipek, 1999 :10-20 / (is ongeveer 1/500) • Baird, 1999 : – Autisme : 30,8 / – Spectrum : 27,1 / • Chakralante en Fanbae, 2001: – Autisme : 16,8 / – Spectrum : 45,8 / (= 1/160) – autisme is geen orhpan disease (letterlijk : ‘wees’- ziekte) meer maar een common disease (vaak voorkomend) • Verhouding normaal begaafdheid/mentale handicap – Vroeger : 20/80 – Nu : 75/25 (bron Hans Hellemans)

5 Prevalentie • Autisme komt voor bij 1 per op 165. • Er zijn over gans de wereld ongeveer 30 miljoen mensen met autisme en in Vlaanderen en Nederland ongeveer • 3 à 4 maal vaker bij mannen dan bij vrouwen.

6 Ontwikkelingsstoornis • Probalistische benadering om tot een diagnose te komen. –bepaalde symptomen/bepaald verloop /familie-genetica. • Temple Grandin - Tony Attwood • DSM-III soort toestandsbeeld/ DSM-IV ontwikkelingsstorrnis • Zeer grote klinische heterogeniteit waardoor grote klinische verwardheid

7 Neuro-fysiologie/chemie/Genetica • 10% van de casussen hebben een verworven oorzaak (bv tijdens zwangerschap : cytomegalivirus, rode hond, herpes, toxoplasmose) • minstens 90% van de casussen is genetisch bepaald • Hiervan zijn nog eens – 10 % syndromen (fragiel X, neurofibromatose …..) – 90 % complexe oligogenetische overerving (= verschillende genen spelen een rol) met daarbij beïnvloeding door andere factoren (o.a. problemen bij de geboorte) en ‘second hits’ (= door assortive mating ( twee mensen met ‘autistische trekken’ die elkaar kiezen en dan samen een kind krijgen)

8 1.ontwikkeling van wederkerige sociale contacten loopt fout./stoornis in de sociale omgang 2.Communicatie,verbaal en non-verbaal,is anders./stoornis in de communicatie 3.Beperkte en rigiede patronen van gedrag en interesses./stroef denken en handelen ++sensorische problemen (aparte pijnsensatie) Een waaier van klinische gedragsuitingen

9 1. Het ‘sociale’ is moeilijk te begrijpen • Problemen met wisselende en onzichtbare sociale betekenissen • “theory of mind” is moeilijkProblemen met invoelingsvermogen • Strikt en letterlijk toepassen van de gedragsregels • Grote betrokkenheid op het sociale gebeuren • “Het sociaal voelsprietje” werkt niet

10

11 2. Moeilijkheden met (non)verbale communicatie • De technische aspecten van taal zijn ok maar de pragmatiek is gestoord. – Oppervlakkige, repetitieve conversaties, vaak over feiten en details – Associatief en onsamenhangend praten, onverwachte en onduidelijke wendingen – Te weinig aanpassen aan het perspectief van de luisteraar – Vooral uitval in non-verbale communicatie – Letterlijk begrijpen

12

13 3.Stroef denken en handelen - stereotypieën • Het zoeken van houvast door middel van routines en stereotypieën • Beperkte interesses – weerstand tegen onverwachte veranderingen • Onvoorspelbaar gedrag • Motorische stereotypieën – Bij volwassenen enkel nog bij stress of emotionele opwinding – Camouflage en onderdrukken

14 Diagnostiek • Op basis fenotype /op basis afwijkened gedrag. • Afwijkend gedrag meten • =interviews • =vragenlijsten • =observatie/gebruik maken verschillende informanten

15 ZELFDE BINNENKANT! De autistische waarneming en het autistische denken • Contextblindheid :detailgerichtheid en hyperselectiviteit • Blind voor de meta-communicatie en context “what you see is what you get” • Hyperrealisme of tekort aan verbeelding • het denken vraagt gewoon veel meer tijd

16 Hoe verloopt informatie verwerking? Filter Wereld prikkelwaarneming betekenis verwerking Gedrag De werking van de filter bepaalt mogelijk de ernst van het autisme.

17 17 WAARNEMING BIJ AUTISME “Ik heb ontdekt dat mijn manier van waarnemen anders is dan de meeste andere mensen”. Ik zie: timmeren “hamer”

18 Autisme? • Een samengaan van primaire defecten: – Erfelijke aanleg/….bekabeling – hersenen….invloed milieu • Via een gezamelijke beïnvloeding van informatieverwerking die verstoord wordt krijg je een waaier van klinische beelden.

19 Meenemen in de diagnostiek • Beeld erg verschillend bij jongens en meisjes. • Intelligentie kleurt het beeld. • Opgepast !Autisme bij normale begaafdheid of mentale handicap is wel hetzelfde autisme • Zeer grote co-morbiditeit bij autisme. Vb ADHD,Tics,OCD,Depressie

20 Vertrek vanuit hun krachten • Sterk logisch en analytisch vermogen • Punctueel • Denken ‘origineel’ • Hen ontgaat geen detail (detaildenken) • Eerlijk, zonder verborgen agenda • Vaak goed geheugen en sterk inzicht

21 • Verhelder de activiteit zelf – Speel letterlijk ‘model’ – Samen oefenen – Zaken ‘voordoen’

22 Gebruik ‘visuele taal’ – Combineer zoveel mogelijk het auditieve met het visuele – Voorbeelden: tekeningen, foto’s, pictogrammen, geschreven informatie, agenda, kalender, , sms- berichten Voordelen van visuele ondersteuning:

23 • Conclusie : geen behandeling gekend waarmee men autisme kan genezen. • Groot belang van opvoedingsmethodieken afgestemd op het individuele kind met autisme

24 Wat moeten we doen, • Geef informatie. Wat is er op de markt te koop. • Er bestaat geen single best treatment!

25 Wat moeten we doen? • Twee belangrijke punten waar iedereen het over eens is. • 1) vroege interventie. • 2) gestructureede gespecialiseerde programma’s met goede gedragsanalyse.

26 Wat moeten we doen? – Heeft deze therapie een wetenschappelijke basis. – Kan ik deze therapie integreren in het programma van kind en ons gezin. – Hoe succesvol was het programma voor andere kinderen – Zou het op een of andere manier schadelijk kunnen zijn voor mijn kind?

27 • Verbeter het traject van cognitieve en sociale vaardigheden.

28 Wat moeten we doen? • Duidelijke uitleg ouders. • Een goed,divers aanbod uitbouwen. • Vrije toegang laat de wet van de directe democratie spelen. • ouder weet heel goed wat nodig is • autistische persoon weet wat goed is.


Download ppt "Autisme met of zonder mentale handicap :Wat zijn de bijzondere kenmerken en waarmee houden we best rekening in het dagelijks leven Huisartsenkring Tielt."

Verwante presentaties


Ads door Google