De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

2KP, een 2PK in volle vaart Sofie Talpe: pedagogisch begeleider 2KP voor bisdom Gent Ellen Bauwens: coördinator 2KP centraal.

Verwante presentaties


Presentatie over: "2KP, een 2PK in volle vaart Sofie Talpe: pedagogisch begeleider 2KP voor bisdom Gent Ellen Bauwens: coördinator 2KP centraal."— Transcript van de presentatie:

1 2KP, een 2PK in volle vaart Sofie Talpe: pedagogisch begeleider 2KP voor bisdom Gent Ellen Bauwens: coördinator 2KP centraal

2 Verloop van de werkwinkel 1.Wat houdt het project 2KP in? 2.Uitwerken van 2 uitgangspunten binnen 2KP om de taalvaardigheid te stimuleren:  Belang van meespelen  Ouderbetrokkenheid

3 1.Wat houdt het project 2KP in?  Waarvoor staat 2KP?  Wat is onze doelstelling  Het beleidskader  Sterke ondersteuning van het kleuteronderwijs  Verankering in eigen bisdom  De doelstellingen  Hoe is onze aanpak?  Wat zijn onze werkdomeinen?

4 1.Wat houdt 2KP in? Waarvoor staat het? 2KP: tweedelijnsondersteuning kleuterparticipatie

5 1. Wat houdt 2KP in? Doelstelling?  Doel van kleuterparticipatie = Meer kleuters naar school Gelijke kansen op onderwijs van hoge kwaliteit!  Waarom? Leerachterstanden voorkomen vanaf de start van de schoolloopbaan!

6 1. Wat houdt 2KP in? Het beleidskader Opdracht van het impulsplan van de overheid (februari 2007): 7 assen Doel: ouders stimuleren niet- leerplichtige kinderen tussen 2,5 en 6 jaar naar school te sturen en regelmatig aanwezig te laten zijn. 1.Gegevensverzameling 2.Sterke ondersteuning van het KO 3.Wegwerken van financiële drempels 4.Opdracht voor CLB’s 5.Opdracht voor LOP’s 6.Naadloze overgang opvang/school 7.Sensibiliseren BaO/2007/04: omzendbrief ‘Maatregelen ter stimulering van de participatie van kleuters aan het onderwijs’

7 1. Wat houdt 2KP in? Sterke ondersteuning van het kleuteronderwijs  Verbetering systeem zomerklassen  Uren zorg op niveau SG (Zorg+)  GOK+  Tweedelijnsondersteuning voor kleuteronderwijzers  Voor kleuteronderwijzers van alle scholen die gelegen zijn in LOP-gebieden met minimum 25% GOK-leerlingen.  Netoverschrijdend project  22 begeleiders voor 700 2KP-scholen

8 1. Wat houdt 2KP in? De verankering in het eigen bisdom Tweedelijnsondersteuners zijn pedagogische begeleiders in hun bisdom. Hun takenpakket komt overeen met dat van de collega’s, maar de context en de doelstellingen waar ze naartoe werken worden gekleurd door het impulsplan van de overheid.

9 1. Wat houdt 2KP in? Doelstellingen 2KP (1)  Algemene doelstellingen  taalvaardigheid verhogen  leerachterstanden verkleinen  kansen op ontplooiing en ontwikkeling vergroten  inzicht en vaardigheden van leraren uitbouwen  beleidsvoerend vermogen van scholen (beleid gericht op diversiteit) versterken  ondersteunen bij het realiseren van goed KO en het voeren van een taalbeleid in het KO. Dat taalbeleid heeft zijn plaats in het pedagogische project van de school.

10 1. Wat houdt 2KP in? Doelstellingen 2KP (2)  Doelstellingen taalvaardigheidsonderwijs en diversiteit  kennis maken met taalvaardigheidsonderwijs  inzicht mondelinge en schriftelijke taalverwerving  krachtige leeromgeving om aan taalvaardigheid te werken  aanbod materialen, gerichte activiteiten en taken  kijkwijzers om taalgedrag van kleuters te observeren  professionaliseren van leraren i.v.m. omgaan met diversiteit

11 1. Wat houdt 2KP in? Doelstellingen 2KP (3)  Doelstellingen ouderparticipatie en diversiteit  professionaliseren van kleuteronderwijzers om de interactie ouders school te optimaliseren  optimaliseren communicatie school - ouders, ouders betrekken bij het schoolgebeuren en hen bewust maken van het belang van goede beheersing van Nederlands

12 1. Wat houdt 2KP in? Doelstellingen 2KP (4)  Doelstellingen kansarmoede en taal  inzicht verwerven in  kansarmoede, achterstelling, achterstand en de achterstandscyclus  relatie kansarmoede en taalontwikkeling - taalverwerving  relatie moedertaal kleuter en Standaardnederlands  betere communicatie met ouders van kansarme kinderen

13 1. Wat houdt 2KP in? Hoe is onze aanpak? Ondersteuning tot op de klasvloer, Intensieve begeleiding  coachen van kleuteronderwijzers, directeurs en interne begeleiders  ondersteunen van netwerken van kleuteronderwijzers en directeurs (school/scholen/scholengemeenschap)  ondersteunen van individuele kleuteronderwijzers, individuele directeurs, groepen kleuteronderwijzers en hele teams binnen een school en schooloverstijgend  het ondersteunen van het planmatig werken en het werken met prioriteiten  het ondersteunen van de zelfevaluatie van kleuterteams

14 1. Wat houdt 2KP in? Wat zijn onze werkdomeinen? Wij bieden aan de scholen een vraaggestuurde begeleiding rond o.a.:  taalvaardigheidsonderwijs jong(st)e kleuters  omgaan met diversiteit, vooral taaldiversiteit  op klasniveau differentiëren  participatie van ouders  waarderen eigen taal kleuters  taalbeleid in de basisschool In nauw overleg met de begeleiders die in de betrokken scholen actief zijn!

15 2. Uitwerken van 2 uitgangspunten binnen 2KP om de taalvaardigheid te stimuleren  Taalvaardigheid stimuleren bij kleuters door als leidster mee te spelen  Ouderbetrokkenheid als uitgangspunt

16 TAALVAARDIGHEID STIMULEREN BIJ KLEUTERS DOOR ALS LEIDSTER MEE TE SPELEN UITGANGSPUNT 1 :

17 De drie TVO-cirkels positief en veilig leerklimaat ondersteuning door andere leerders of door de leerkracht zinvolle, motiverende betekenisvolle taken Hoe goed TVO uitbouwen?

18 Positief veilig klas- en leerklimaat positief en veilig leerklimaat Pas als een kleuter zich goed voelt in de klas, op zijn gemak is, gaat hij openstaan voor wat er rond hem gebeurt en gaat hij exploreren. Pas dan gaat hij ook openstaan voor de taal en interacties die bij die verkenning horen en die hij bij die verkenning nodig heeft.

19  zorg voor een omgeving waarin kleuters zich goed voelen en durven spreken  geef de kleuter voldoende kans om zelf initiatief te nemen, om eigen keuzes te maken  respecteer de eigen taal (andere moedertaal, dialect). Voorzie andere expressiemogelijkheden voor kinderen die nog geen Nederlands kunnen vb. picto’s, foto’s gebaren, tekeningen,...  geef kleuters ruimte om te spreken - wacht voldoende lang om voor je zelf het woord overneemt  laat zien dat je geïnteresseerd bent in wat de kleuter zegt (luisterhouding, op ooghoogte, interesse tonen, non-verbaal laten zien dat je luistert, ga in op wat de kleuter zegt) Positief veilig klas- en leerklimaat

20  zoek naar onderwerpen die de kleuter interesseren of hen persoonlijk aanbelangen  met bewondering en verwondering kijken naar wat de kinderen met taal doen  uitgaan van wat kinderen al kennen/kunnen  hecht meer belang aan de inhoud van de boodschap dan aan de vorm – niet negatief omgaan met fouten Positief veilig klas- en leerklimaat

21 waarbij kleuters actief aan de slag gaan waarbij taal gebruikt moet worden om een motiverend doel te bereiken en/of waaruit taal op een spontane, natuurlijke manier voortvloeit zinvolle, motiverende betekenisvolle taken Betekenisvolle, motiverende taken

22  bouw activiteiten rond boeiende en zinvolle mens- en wereldverkenning  streef naar activiteiten met uitdaging, spreek kinderen aan op hun competentiegevoel. Er moet een ‘kloof’ zijn tussen wat de taak vraagt en wat het kind al kan.  zorg voor open opdrachten: er is niet één antwoord of één product mogelijk  zorg ervoor dat kinderen kunnen handelen, het liefst heel gevarieerd  ook rituele activiteiten zoals kalenders, koek en drank,… zijn betekenisvolle taken Betekenisvolle, motiverende taken

23 ondersteuning door andere leerders of door de leerkracht Ondersteuning door interactie

24  Interactie met andere kleuters en met de leidster helpt de kleuter de kloof in de taak te overbruggen.  Een voldoende groot aanbod aan begrijpelijke, zinvolle taal:  zinvol = inspelen op de activiteit van de kleuter  begrijpelijk = zonder te vervallen in babytaal  visualiseer: maak gebruik van prenten, gebaren, voorwerpen, aanwijzen,...  gebruik foto’s of prenten waarmee AT kunnen aangeven dat ze dorst of honger hebben, dat ze naar toilet moeten, pijn hebben,... Ondersteuning door interactie

25  veel herhalen, parafraseren (omschrijving geven van iets met andere woorden)  plaats het belangrijkste woord van wat je zegt vooraan in je zin = topicalisatie  gebruik maken van intonatie en mimiek  goed articuleren  zo vaak als mogelijk met de kleuter in persoonlijke interactie gaan  kansen op taalverwerving nemen toe naarmate de kleuter rechtstreeks en persoonlijk wordt aangesproken  maak gebruik van mentale ankers – nieuwe taal verbinden met reeds gekende taal of ervaringen (oproepen dmv prenten, voorwerpen,...) Ondersteuning door interactie

26  nagaan door vragen te stellen en door te reageren of de kleuter je goed begrepen heeft en of jij de kleuter juist begrijpt  zet stille kinderen, anderstaligen bij jou in de buurt tijdens kringgesprekken (veilig gevoel, lichamelijk contact)  kijk naar de lichaamstaal  differentieer in je ondersteuning: trechter van open vragen naar meer gesloten, naar voorzeggen  stuur het gedrag van het kind door de impulsiviteit te beperken (samen plan opstellen)  richt de kleuter op de taak  ondersteun de kleuter in het zien van verbanden  versterk het competentiegevoel Ondersteuning door interactie

27  Zorg voor gepaste feedback  gericht op de inhoud: richten op wat de kleuters zeggen  verbeter de vorm onrechtstreeks door in je reactie de juiste vorm te gebruiken Waarom? als een kleuter te vaak corrigerend behandeld wordt, wordt hij geremd kleuters hebben nog te weinig taalbewustzijn ontwikkeld om zich op de vorm te kunnen richten Ondersteuning door interactie

28  Creëer een veilige spreekruimte voor de kleuter  Geef de kleuter de kans om te spreken  je eigen beurten verkorten  voldoende wachttijd inbouwen  interesse tonen  Help de kleuter te verwoorden wat hij wil zeggen  Maak gebruik van open vragen Ondersteuning door interactie

29 Soort vraagVoorbeeldenInteractieniveau Vragen naar eigen ervaringen Als er een spin in je slaapkamer zit, wat doe je dan? Uitlokken, open vragen Tegendeel- vragen Een spin in je bed, dat is toch niet griezelig? Kinderen worden geprikkeld om te reageren Waarom Hoe Waarom maakt de spin een web? Hoe doet de spin dat? Uitgebreider antwoord, meerzinantwoorden Ja/nee Wie/wat/waar Of-of Kan de spin ook vliegen? Wat vangt de spin in zijn web? Eet de spin vliegjes of bloemetjes? Beperkt antwoord, éénwoordzinnen Aanwijs-vragenWijs de spin maar aan op het plaatje. Leveren geen verbale interactie op

30 Filmfragment : propere broek voor pop

31 Methodes onder de loep

32 OUDERBETROKKENHEID UITGANGSPUNT 2 :

33 Wie zijn onze ouders?

34 Waarom investeren in ouderbetrokkenheid?  Wanneer je ouders actiever betrekt bij onderwijs, komen leef- en leeromgevingen van kinderen dichter bij elkaar  Je krijgt meer zicht op hun ervaringen, vaardigheden, talenten, belevingen, … en je kan die dan ook meer gaan aanspreken  Stereotiepe beelden over ouders worden meer doorbroken. Je krijgt een meer accuraat beeld van hun vaardigheden, interesses en behoeften. Dit trekt vaak ook je verwachtingen t.a.v. de kinderen omhoog.  Er ontstaat een band met de ouders, waar je in geval van problemen op kan terugvallen.  Je persoonlijke ontwikkeling groeit: je ontwikkelt meer vaardigheden in het omgaan met diversiteit.

35  Ouders beschikken over unieke informatie over hun kinderen en hebben zo vaak een goed beeld van hun kansen en bedreigingen.  Ouders kunnen via hun betrokkenheid bij en participatie op school een belangrijke bijdrage leveren aan de onderwijskansen van hun kinderen.  Scholen zouden systematisch gebruik moeten maken van de kennis en hulp van ouders om de kwaliteit van het aanbod te verbeteren.  Op basis van vertrouwen en hoge verwachtingen samenwerken aan de opvoeding en onderwijs van de kinderen betekent ook leerwinst voor de kinderen.  Door ouders te zien als partners kan de instelling in haar aanpak een kwaliteitssprong maken. Waarom investeren in ouderbetrokkenheid?

36 Wat verwachten wij van ouders?

37  Regelmatig geïnformeerd worden  Veilige en vertrouwde omgeving creëren  Goed pedagogisch klimaat ontwikkelen  Aandacht voor de hele ontwikkeling hebben  Formele en informele contacten organiseren  Doorgeven van waarden en normen  Aandacht voor de thuissituatie tonen  Laagdrempelig zijn  Eerlijk, correct en geïnteresseerd zijn Wat verwachten ouders van ons?

38 Aanpak? De vier vormen van ouderbetrokkenheid InformerenActieve betrokkenheid OndersteunenInspraak en meedenken

39 Aanpak? De vier vormen van ouderbetrokkenheid Informeren Wederzijdsheid Communicatie boven alles, (in)formeel Lage drempel Brief, brochure, schoolkrantje, nieuwszuil Actieve betrokkenheid MEEmaken en meeMAKEN Breed observeren Initiatief van de leerkracht en de school De verteltas, de zwemouder, openklasweek, schoolfeest Ondersteunen Ouder ondersteunt wat de leerkracht doet en omgekeerd. Wat mag de school verwachten van ouders? Interactie met kind over het klasgebeuren, heen- en weerschriftje gebruiken, website van de klas met tips voor ouders, moeder- en of vadergroepen Inspraak en meedenken Samen beleid bepalen over (meestal) niet- didactische zaken Discussieforum tijdens infoavond, ervaringsuitwisseling, werken in groepen met ouders, ouderraad, moedergroep/papagroep, Schoolraad

40 Naslagwerken onder de loep

41 Ouderbetrokkenheid : “het moet van twee kanten komen …”


Download ppt "2KP, een 2PK in volle vaart Sofie Talpe: pedagogisch begeleider 2KP voor bisdom Gent Ellen Bauwens: coördinator 2KP centraal."

Verwante presentaties


Ads door Google