De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

LEGAL UPDATE 2012 Dirk Beeckman Mathias Baert INLEIDING i.De vereffening van vennootschappen na de wetten van 19 en 22 maart 2012 ii.De Wet verslaggeving.

Verwante presentaties


Presentatie over: "LEGAL UPDATE 2012 Dirk Beeckman Mathias Baert INLEIDING i.De vereffening van vennootschappen na de wetten van 19 en 22 maart 2012 ii.De Wet verslaggeving."— Transcript van de presentatie:

1

2 LEGAL UPDATE 2012 Dirk Beeckman Mathias Baert

3 INLEIDING i.De vereffening van vennootschappen na de wetten van 19 en 22 maart 2012 ii.De Wet verslaggeving bij fusies en splitsingen iii.Wet geconsolideerde jaarrekening iv.Actuele rechtspraak: enkele topics v.V.O.F. in vogelvlucht

4 i.De vereffening van vennootschappen na de wetten van 19 en 22 maart 2012

5 I. De vereffening van vennootschappen na de wetten van 19 en 22 maart 2012 Overzicht: 1.Inleiding 2.Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap 3.De vereffenaar 4.Formele aspecten 5.Verloop en sluiting van de vereffening 6.Quid na de sluiting? 7.Deficitaire vereffening 8.Eendagsvereffening 9.Conclusie

6 1. Inleiding De vereffening heeft doorheen de jaren een sterke evolutie gekend. •Voor W. 2006: –Veel misbruiken, beperkte controle door de rechtbank –Wel werden aantal problemen opgelost via Faill. W. (8 aug ‘97) •Verbod van naamswijziging/zetelverplaatsing onderworpen aan homologatie door de rechtbank •W –Doelstelling: tegengaan van misbruiken en beschermen van de rechten van de schuldeisers

7 1. Inleiding De vereffening heeft doorheen de jaren een sterke evolutie gekend. •W. 2006: –Belangrijkste wijzigingen: •Bevestiging / homologatie van de benoeming van de vereffenaar door de rechtbank van koophandel •Opmaak van tussentijdse staten (i.e. tussentijdse rapportage) •Goedkeuring van het vereffeningsplan door de rechtbank

8 1. Inleiding De vereffening heeft doorheen de jaren een sterke evolutie gekend. •W. 2012: –Doelstelling: vereenvoudigen en verduidelijken van de W –Verminderen van de werkdruk Rb v Kh (meer realistische taakverdeling) –Bevestiging van de omzendbrief Onkelinx inzake de eendagsvereffening

9 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap Wijzen van ontbinding: a) nietigheid van de vennootschap b) ontbinding van rechtswege c) gerechtelijke ontbinding d) de vrijwillige ontbinding

10 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap a) Nietigheid van de vennootschap: •Gronden (art. 227 W.Venn. (BVBA) en 454 W.Venn. (NV): –Oprichting niet conform vereiste vorm (i.e. niet in een authentieke akte) –Oprichtingsakte bevat geen gegevens omtrent naam en doel van de vennootschap, bedrag geplaatst kapitaal of inbreng –Doel is ongeoorloofd of strijdig met openbare orde –Afwezigheid van voldoende oprichters

11 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap a) Nietigheid van de vennootschap: •Nietigheid = door rechter uitgesproken •Altijd vereffening tot gevolg •Rechter benoemt vereffenaar: –Mag statuten opzij zetten ingeval van ongeoorloofd doel / afwezigheid van voldoende oprichters –Dient de statuten en wet te volgen indien de akte niet de vereiste vorm heeft / indien de verplichte gegevens ontbreken

12 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap b) Ontbinding van rechtswege: •Verstrijken van de duur van de vennootschap •Tenietgaan van de zaak of verwezenlijking van het doel van de vennootschap Vb. bij een E-BVBA heeft het overlijden van een vennoot die geen erfgenamen heeft, tevens de ontbinding van de vennootschap tot gevolg. Elke belanghebbende kan de ontbinding vorderen

13 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap c) Gerechtelijke ontbinding: •Wordt uitgesproken door de rechtbank •Gronden voor gerechtelijke ontbinding: –Wettige reden (art. 45, 344, derde lid W.Venn. (BVBA) en 645, tweede lid W.Venn. (NV)) •E.g. aanhoudende moeilijkheden tussen vennoten, continue miskenning van de rechten van de minderheid, ontoereikend kapitaal •Gelet op de verregaande gevolgen: enkel gebruiken als laatste redmiddel –Daling van het netto-actief beneden EUR (art. 333 W.Venn.) – EUR (art. 634 W.Venn.) •Kan door iedere belanghebbende worden gevorderd maar regularisatie mogelijk –Toestaan van een regularisatietermijn om een kapitaalverhoging door te voeren (Gent 28 juni 2010, TGR-TWVR 2011,45) •Niet van toepassing op de S-BVBA zolang zij het statuut van S-BVBA heeft •M.O. E-BVBA die niet voor EUR werd volgestort (maar wel minstens voor EUR) kan niet gerechtelijk worden ontbonden.

14 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap c) Gerechtelijke ontbinding: •Gronden voor gerechtelijke ontbinding: –De slapende vennootschap (art. 182 W.Venn.) •Wanneer? Indien drie opeenvolgende boekjaren geen jaarrekening wordt neergelegd. •Kan door iedere belanghebbende (inclusief O.M. (182 W.Venn.) worden gevorderd maar regularisatie mogelijk –Cass 23 maart 2006: regularisatie is ook nog mogelijk in hoger beroep •Wordt de vennootschap ontbonden ten gevolge van een vordering van het O.M. dan kan de vennootschap (i.e. de vereffenaar) binnen een maand na de betekening van het vonnis verzet aantekenen, ook al is haar vereffening reeds op dat ogenblik gesloten (Brussel 8 september 2009, TRV 2011, met noot D. VAN GERVEN)

15 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap c) Vrijwillige ontbinding: •Door algemene vergadering •Art. 181 W.Venn.: NV, BVBA, Comm VA, CVBA –Verslag van het bestuursorgaan: minstens redenen en gevolgen van de vervroegde ontbinding toelichten –Staat van activa en passiva (max. 3 maanden oud) •Tijdstip beoordeeling = AVA en niet tijdstip waarop RvB verslag opstelt •Opmaak staat: discontinuïteit / going concern –Verslag van de commissaris, bedrijfsrevisor of externe accountant over de staat

16 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap c) Vrijwillige ontbinding: •Sancties bij afwezigheid verslagen en staat: –Art. 181 § 3 W.Venn.: nietigheid van het besluit tot ontbinding –Art. 196 W.Venn. strafrechtelijke geldboete van 50 tot EUR (x 6) –Art. 527 W.Venn. (NV) en 263 W.Venn. (BVBA) bestuurdersaansprakelijkheid

17 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap c) Vrijwillige ontbinding: •Beslissing tot ontbinding wordt genomen door BAV –Voor notaris (in authentieke akte – art. 66 W.Venn.) –Overeenkomstig de regels van een statutenwijziging •Benoeming van de vereffenaar (door statuten/AVA/rechtbank) – cf. infra •Neerlegging griffie + bekendmaking bijlage B.S. •Aanpassingen in de kruispuntbank der ondernemingen

18 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap Gevolgen van de ontbinding: •De vennootschap wordt na haar ontbinding geacht om verder te bestaan voor haar vereffening (183 § 1 W.Venn.)  leidt niet tot het einde van de rechtspersoon •Enkel handelingen met het oog op de realisatie van het actief, de betaling van de schulden en de verdeling van een eventueel liquidatiesaldo

19 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap Gevolgen van de ontbinding: •Situatie van samenloop (cf. Cass. 22 sept. 2006) –Fixatiebeginsel –Gelijkheidsbeginsel –Geen maatregelen van tenuitvoerlegging waardoor de rechten van andere SE kunnen worden aangetast •M.O. art. 442bis § 1 WIB (niet tegenwerpelijkheid aan de fiscus) = geldt ook na ontbinding  fiscus kan nog steeds beslag leggen (maar heeft geen uitsluitende rechten) –Cass. 4 januari 2001: individuele uitvoeringsmaatregelen = mogelijk maar toegelaten voor zover zij gelijkheid van de aandeelhouders respecteren •Samenloop geldt niet voor boedelschulden

20 2. Voorbereidende fase: de ontbinding van de vennootschap Gevolgen van de ontbinding: •Vanaf haar ontbinding moet de Vennootschap in alle uitgaande stukken vermelden dat ze in vereffening is (art.183 W.Venn.) –Voorbeeld : NV WPG in vereffening •Het feit dat de vennootschap ontbonden is, sluit faillissement niet uit (Cass. 17 juni 1994) –Maar deficitaire vereffening is mogelijk, mits aan de voorwaarden is voldaan (Cass. 6 maart 2003) (cf. infra)

21 3. De vereffenaar De benoeming van de vereffenaar (vrijwillige procedure) Groot aantal vernieuwingen met de Wet van 2012 •Art. 184 § 1 W.Venn.: vereffenaar wordt benoemd door AV (expliciete bepaling) ≠ W •Art. 184 § 2 W.Venn.: indienen eenzijdig verzoekschrift –Ondertekend door: vereffenaar(s), advocaat, notaris, bestuurder of zaakvoerder van de vennootschap ( ≠ W. 2006) •Indien verschillende vereffenaars = gezamenlijk tekenen •Letterlijke lezing: 1 bestuurder of zaakvoerder  volstaat (ongeacht eventuele meerhandtekeningclausule)

22 3. De vereffenaar De benoeming van de vereffenaar Groot aantal vernieuwingen met de Wet van 2012 •Art. 184 § 2 W.Venn.: indienen eenzijdig verzoekschrift –Geen boekhoudkundige staat ( ≠ W. 2006) •Quid andere documenten? –Bewijs van goed gedrag en zeden –Uittreksel strafregister –oprichtingsakte en statuten –verklaring op eer i.v.m. uitsluitingsgronden –notulen AVA inzake de ontbinding •Verzoekschrift moet gericht zijn aan voorzitter van de rechtbank van koophandel ( ≠ W. 2006)

23 3. De vereffenaar De benoeming van de vereffenaar Groot aantal vernieuwingen met de Wet van 2012 •Territoriaal bevoegde rechter: –Plaats waar de vennootschap op de dag van het besluit tot ontbinding haar zetel heeft. –Maar: zetel 6 maanden voor besluit tot ontbinding verplaatst: bevoegde rechtbank = plaats voor de zetelverplaatsing •Voorzitter rechtbank: enkel voor homologatie –VB goedkeuring en verdelingsplan = Rechtbank van koophandel –Zowel burgerlijke als handelsvennootschappen •Verduidelijking W •Niet voor VZW’s

24 3. De vereffenaar De benoeming van de vereffenaar Groot aantal vernieuwingen met de Wet van 2012 •Doel van het indienen van het verzoekschrift = homologatie door de rechter –Rechter kan toezien op de aanwijzing van de persoon die tot vereffenaar wordt benoemd •Homologatie = beoordelen van de waarborgen van rechtschapenheid (184 § 2 W.Venn.) –ALLE waarborgen van rechtschapenheid: quid? •Verduidelijking tegenover W (2 visies) –Voor de uitvoering van het mandaat •Verduidelijkingen tegenover W. 2006

25 3. De vereffenaar De benoeming van de vereffenaar Groot aantal vernieuwingen met de Wet van 2012 •Uitspraak binnen 5 dagen na verzoekschrift (art. 184 § 2 W.Venn.) –≠ W (24h) –Bij gebrek aan uitspraak binnen deze termijn = aangewezen vereffenaar beschouwd als bevestigd •Bevestiging benoeming/homologatie –Geen uitspraak binnen 5 dagen –Specifieke uitspraak tot homologatie waarbij de rechtbank meedeelt dat de vereffenaar over alle waarborgen van rechtschapenheid beschikt voor de uitoefening van zijn functie

26 3. De vereffenaar De benoeming van de vereffenaar Weigering bevestiging benoeming/homologatie •W –Bij niet bevestiging kan de rechtbank zelf een of meer vereffenaars benoemen eventueel op voorstel van de algemene vergadering (oud art. 184 § 1 W.Venn.) –Geen specifieke bepaling over alternatieve vereffenaars •W –Specifieke bepaling omtrent één of meer alternatieve kandidaat-vereffenaars, eventueel in de volgorde van voorkeur (art. 184 § 2, 6 de lid W.Venn.) –Ingeval van weigering: alternatieve kandidaat-vereffenaar wordt aangeduid door voorzitter –Niet geschiktheid van alternatieve vereffenaar(s): voorzitter duidt zelf vereffenaar aan

27 3. De vereffenaar Handelingen gesteld door de vereffenaar voor bevestiging homologatie •W –Oud art. 184 § 2, derde lid W.Venn.: De vereffenaar treedt pas in functie na de bevestiging en de rechtbank oordeelt over de handelingen die de vereffenaar eventueel heeft gesteld tussen benoeming en bevestiging door de rechtbank –Rechtbank kan bijgevolg handelingen bevestigen met terugwerkende kracht of deze nietig verklaren indien zij in strijd waren met de rechten van derden –  onduidelijk of handelingen principieel geldig waren of niet •W –Art. 184 § 2 W.Venn. : bepaling inzake ogenblik infunctietreding = weggelaten –Tussentijdse handelingen = in principe geldig en wettig. •Geen bekrachtiging meer door rechtbank •Rechtbank kan ze wel nog vernietigen indien er kennelijke strijdigheid is met rechten van derden

28 4. Formele aspecten Vennootschaps- en vereffeningsdossier Wet van 2006 •Art. 195bis W.Venn.: voor elke vereffening wordt ter griffie een dossier bijgehouden dat de volgende stukken bevat: inhoud vennootschapsdossier en officiële documenten betreffende de vereffening Wet van 2012 •Geen apart vereffeningsdossier meer: alle documenten betreffende de vereffening worden geïncorporeerd in het vennootschapsdossier •Plan van verdeling van activa zoals goedgekeurd door de rechtbank wordt thans ook opgenomen in het vennootschapsdossier (art. 195bis, 4°bis W.Venn.)

29 4. Formele aspecten Neerlegging benoeming (184 § 3 W.Venn.) Wet van 2012 = verduidelijking Benoemingsbesluit moet worden neergelegd en bekendgemaakt in bijlagen B.S. •Slechts mogelijk wanneer afschrift wordt bijgevoegd van de uitspraak van de voorzitter van de Rb v Kh. •Verduidelijking W –Bevoegdheid van de voorzitter –Afschrift moet door vennootschap zelf worden bijgevoegd •Wat bij de facto bevestiging wegens verstrijking termijn 5 dagen? –Bewijs van aanvraag is voldoende •Neerlegging moet gebeuren binnen 15d na uitspraak of na afloop van termijn van 5 werkdagen (bij gebrek aan uitspraak)

30 4. Formele aspecten Wijzigingen in het Ger. W. •W. 2012: eenduidige aanduiding van de materieel bevoegde rechter voor verschillende aspecten van de vereffeningsprocedure Rechtbank van KoophandelVoorzitter Rechtbank van Koophandel -Aanvragen tot homologatie, beslissingen tot verplaatsing zetel vennootschap in vereffening -Vorderingen tot ontbinding vennootschappen die gedurende 3 boekjaren geen jaarrekening hebben neergelegd -Aanvragen tot goedkeuring verdelingsplan -Vorderingen inzake aanstellingen vereffenaar -Bevestiging/homologatie vereffenaar -Vervanging vereffenaar

31 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Verloop –Besluit tot ontbinding –Stemming door de algemene vergadering over het besluit tot ontbinding –Aanduiding van de vereffening –Bevestiging of homologatie door de Rb v Kh –Neerlegging van de ontbindingsakte en afschrift van akte tot homologatie (voor zover die laatste er is – anders vonnis) op de griffie –In de 7 de maand na opening van de vereffening een omstandige staat neerleggen (cf. infra) –In de 13 de maand na de opening van de vereffening een omstandige staat neerleggen (cf. infra) –Vanaf tweede jaar: om het jaar een omstandige staat neerleggen –Indienen van eenzijdige verzoekschrift tot goedkeuring van het verdelingsplan –Sluiting van de vereffening –Publicatie sluiting van de vereffening in bijlagen van het BS

32 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Neerleggen jaarrekening –Voor de beslissing tot ontbinding •Jaarrekening en jaarverslag worden opgesteld door de RvB •Er moet een verslag zijn van de commissaris •De jaarrekening moet worden goedgekeurd (binnen 6 maanden na de afsluiting van het boekjaar) •Jaarrekening moet worden neergelegd en bekendgemaakt –Na de beslissing tot ontbinding •Jaarrekening en jaarverslag moeten worden opgesteld door vereffenaar (het jaarverslag moet de redenen geven waarom de vereffening nog niet werd afgesloten) •Als commissaris nog in functie is, verslag commissaris •De jaarrekening moet worden voorgelegd aan de AVA (binnen redelijke termijn) •Jaarrekening moet worden neergelegd en bekendgemaakt

33 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Omstandige staat –W •Omstandige staat van de toestand van de vereffening met vermelding van o.m. de ontvangsten, uitgaven en uitkeringen van wat nog moet worden vereffend. •Aan griffie zenden in 6 de en 12 de maand van de vereffening (nadien 1x per jaar) –Niet bepaald op welke wijze dit dient te gebeuren •Omstandige staat wordt toegevoegd aan vereffeningsdossier –W •Omstandige staat wordt opgesteld op einde van 6 de en 12 de maand en moet aan de griffie van de Rb v Kh worden toegezonden in de 7 de en 13 de maand na de opening van de vereffening •Omstandige staat wordt toegevoegd aan vennootschapsdossier

34 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting –Wanneer ? •Nadat de vereffeningswerkzaamheden zijn afgerond kan de vereffening gesloten worden •In principe kan er maar gesloten worden indien alle schulden volledig of pro rata (ingeval van een deficitaire vereffening) werden betaald •Cass. 22 maart 1962 : de aanwezigheid van onbetaalde schulden staat de sluiting van de vereffening niet in de weg •Enige Nuancering •Deze Cassatie rechtspraak steunt op de regel dat de vordering tegen de vereffenaar verjaren na vijf jaar vanaf de bekendmaking van de sluiting •Geen vrijbrief om de vereffening op eender welk tijdstip te sluiten •Het Hof van Cassatie vereist een beslissing van de AV tot sluiting en er mag geen dedrog mee gemoeit zijn •Volgens het hof kunnen bedrogen schuldeisers de vernietiging van de sluiting vorderen wanneer de sluiten met bedriegelijklijke benadeling van hun rechten zou gebeurd zijn •Basis voor de deficitaire vereffening – Wetswijziging 2006

35 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting –Door Wie? •De AV beslist over de sluiting •De Vereffenaar kan enkel voorstellen aan de AV om de vereffening te sluiten •De Rechtbank ingeval van ontbinding ingevolge het niet neerleggen van de jaarrekening gedurende minstens dire opeenvolgende jaren

36 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting –Procedure •De AV beslist over de sluiting op voorstel van de vereffenaar •Wanneer de vereffenaar van oordeel is dat de vereffening kan gesloten worden zal hij de algemene vergadering bijeenroepen •Vroeger bestond hierop geen enkele controle •AV soms de neiging de vereffening af te sluiten vooraleer alle vereffeningswerkzaamheden waren afgewikkeld •Sinds 2006 moeten de vereffenaars vooraleer de vereffening te kunnen afsluiten een verdelingsplan voorleggen aan de rechtbank

37 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting –Verdelingsplan (art. 190 W.Venn) •Vooraleer de vereffening kan afgesloten worden •Moet het verdelingsplan goedgekeurd worden door de Rechtbank van Koophandel •Neergelegd bij eenzijdig verzoekschrift •Getekend door vereffenaar, advocaat, notaris of bestuurder/zaakvoerder •De rechtbank kan de vereffenaar om alle dienstige inlichtingen verzoeken •De rechtbank zal nagaan of het verdelingplan in overeenstemming met de geldende wettelijke bepalingen (bv Hypotheek Wet) •Het verdelingsplan heeft betrekking op de activa die onder de verschillende schuldeisers moeten verdeeld worden

38 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting –Verdelingsplan (art. 190 W.Venn) •Aandeelhouders zijn geen schuldeisers dus de vereffenaar kan nog steeds voorschotten op het liquidatiesaldo uitkeren aan de aandeelhouders (op zijn risico – persoonlijke aansprakelijkheid) •De goedkeuring van de rechtbank dekt ook de vereffeningshandelingen uit het verleden •Niet gelijk te stellen met kwijting enkel bevoegdheid AV •Nog steeds geen wettelijke termijn voorzien waarbinnen de RB moet beslissen •SE niet actief betrokken •Wordt bijgehouden in het vennootschapsdossier •Niet van toepassing op turbo vereffening

39 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting - Neerlegging en controle van de rekeningen en stukken tot staving (art.194 W.Venn.) –Nadat (i) de vereffeningswerkzaamheden beëindigd zijn en (ii) de rechtbank haar goedkeuring aan het verdelingsplan heeft gegeven –Moeten de vereffenaars ten minste één maand voor de sluitingsvergadering op zetel van de vennootschap de rekeningen en de stukken tot staving voorleggen –Dit geeft de aandeelhouders de mogelijkheid met kennis van zaken te beslissen over de sluiting van de vereffening (individueel onderzoeksrecht + mogelijke bijstand bedrijfsrevisor of externe accountant) –In vennooschappen die wettelijk verplicht zijn een Commissaris aan te stellen of die vrijwillig een Commissaris hebben aangesteld zal de Commissaris de vereffeningstukken en rekeningen controleren en een verslag opstellen

40 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting – Sluitingsvergadering –In voorkomend geval deelt de Commissaris zijn bevindingen mee op de sluitingsvergadering –Kwijting •Verefennaar •Commissaris •Beslissing tot sluiting staat gelijk met kwijting aangezien de vereffeningsrekeningen worden goedgekeurd •Door de kwijting kan er geen actio mandati meer ingesteld worden tegen vereffenaars –Aanwijzing plaats waar de boeken worden bijgehouden •10 jaar boekhoudwet •5 jaar W.Venn. (art 198 W.venn) alle rechtsvorderingen ivm uitvoering van hun taak tegen vereffenaar verjaren na vijf jaar vanaf bekendmaking •W.Venn. Is bijzondere wet > boekhoudwet –Eventueel cosignatie van gelden –Meerderheid – vorm •Geen authentieke akte •Geen bijzondere meerderheid of aanwezigheidsquorum –Gewone meerderheid –1 aandeelhouder volstaat

41 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting – Bekendmaking •Afsluiting van de vereffening moet openbaar gemaakt worden door neerlegging op de griffie (door de vereffenaar ?) •Uittreksel bevat bovendien (art.195 W.Venn.) : –Opgave van de plaats waar de boeken tenminste vijf jaar worden bijgehouden –Consignatie van de gelden •Wat mee te nemen naar de griffie? –Geen wettelijke verplichting om de goedkeuring van het verdelingsplan mee neer te leggen – meeste griffies vragen dit –Wel verplichte goedkeuring verdelingsplan voor sluiting –Best contact met griffie opnemen

42 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting – Bekendmaking •Sancties •Onregelmatige publicatie als de vermeldingen van art.195 W.Venn. Niet zijn opgenomen: –Plaats bewaring Boeken –Consignatie •Verjaringstermijn van 5 jaar begint niet te lopen •Geen publicatie –Cass : de niet bekend gemaakte afsluiting van de vereffening heeft uitwerking tgo derden –Het betreft hier volgens Cassatie enkel de bekendmakingsformaliteiten en niet de gevolgen die aan de bekendmakingsplicht verbonden zijn –Maar niet : de uitdrukkelijke verjaringstermijn van de vereffenaar als zodanig omdat daar een uitdrukkelijke wettekst voor bestaat (verjaring vanaf publicatie) –Betwist in rechtspraak en rechtsleer

43 5. Verloop en sluiting van de vereffening •Sluiting •Andere Formaliteiten –Schrapping KBO en ondernemingsloket –Fiscale aangifte –BTW schrappen

44 6. Gevolgen van de sluiting van de vereffening en de publicatie ervan •Gevolgen Vennootschap –Verdwijning rechtspersoonlijkheid –Verjaring 5 jaar begint lopen tegen de vereffenaar “als zodanig” –de vennootschap blijft passief bestaan in hoofde van haar vereffenaar als zodanig als vertegenwoordiger van de verdwenen vennootschap –Schuldeisers kunnen tot 5 jaar na publicatie de vennootschap (vereffenaar als zodanig aanspreken) –Te onderscheiden van de persoonlijke aansprakelijkheid van de vereffenaar voor de uitvoering van zijn taken

45 6. Gevolgen van de sluiting van de vereffening en de publicatie ervan •Gevolgen Rechtsbekwaameheid Vennootschap –Als eiser nieuwe vorderingen instellen •Onmogelijk nieuwe vorderingen in te stellen wegens verwijnen rechtspersoonlijkheid –Lopende procedures – iets onduidelijker •Geen uitvoering van het vonnis of arrest wegens gebrek aan rechtspersoonlijkheid –Geen rechtsmiddelen instellen –Niet sluiten als er procedures zijn –Vennootschap bestaat enkel nog passief – kan niet meer actief optreden

46 6. Gevolgen van de sluiting van de vereffening en de publicatie ervan •Gevolgen Rechtsbekwaamheid Vennootschap –Als Verweerder –Wegens haar passieve rechtspersoonlijkheid kunnen schuldeisers gedurende vijf jaar vorderingen instellen tegen de vereffenaar als orgaan van de verdwenen vennootschap dus tegen de verdwenen rechtspersoon zelf –Vennootschap kan zich in de persoon van haar vereffenaar tegen verweren –Geen zin de vereffening dicht te gooien om aan een procedure te ontsnappen

47 6. Gevolgen van de sluiting van de vereffening en de publicatie ervan •Gevolgen Schuldeisers Vennootschap •In principe doet sluiting geen afbreuk aan de rechten van schuldeisers •In praktijk hebben Schuldeisers geen doeltreffend middel tegen de vennootschap

48 6. Gevolgen van de sluiting van de vereffening en de publicatie ervan •Gevolgen Schuldeisers Vennootschap •Vordering tegen de vereffenaar als zodanig – passieve rechtspersoonlijkheid •Niet nuttig •Het vermogen is als verdeeld zodat er niets over blijft voor schuldeisers •In principe hebben schuldeisers geen vorderingsrecht op aandeelhouders

49 6. Gevolgen van de sluiting van de vereffening en de publicatie ervan •Gevolgen Schuldeisers Vennootschap •Daarom is het beter een vordering tegen de vereffenaar in te stellen wegens persoonlijke fout –Bv een vordering vergeten –Gesloten met een lopende procedure – …. •Deze vordering verjaart na vijf jaar vanaf: –De betreffende verrichting –Of indien ze met opzet verborgen is gehouden vanaf de ontdekking ervan

50 6. Gevolgen van de sluiting van de vereffening en de publicatie ervan •Nietigverklaring van de Sluiting •$$$$$$$

51 7. Deficitaire vereffening •Mogelijkheid geopend door Cass 22 maart 162 •De aanwezigheid van onbetaalde schulden staat de afsluiting van de vereffening niet in de weg •Behoudens ingeval van bedrog •Dus de vereffening kan gesloten worden vooraleer alle schulden zijn afbetaald maar er moet een regeling getroffen worden voor de niet aangezuiverde schulden (afwezigheid bedrog)

52 7. Deficitaire vereffening •Kan een vennootschap in vereffening failliet worden verklaard? •Een vereffening sluit een faillissement niet uit •Kijken naar de faillissementsvoorwaarden (art.2 Faill.W.) –Handelaar zijn –Duurzame wijze opgehouden hebben te betalen (staking van betaling) –Krediet moet geschokt zijn (wankel krediet)

53 7. Deficitaire vereffening •Handelaar zijn •Voor de rechtbank van Koophandel te Brussel (2 april 1991) werd de stelling verdedigd dat : –Een vennootschap in vereffening enkel nog bestaat voor haar vereffening –Aangezien door het vereffeningsbesluit het handelsdoel van de vennootschap verloren gaat –Kan de vennootschap na het verstijken van een termijn van zes maanden vanaf haar invereffingstelling niet meer failliet kan verklaard worden

54 7. Deficitaire vereffening •Handelaar zijn •Cassatie (17 juni 1994) einde aan de controverse: –Een ontbonden en in vereffening gestelde vennootschap –behoudt de door haar statuten bepaalde hoedanigheid van handelaar –tot zij volledig vereffend is;

55 7. Deficitaire vereffening •Handelaar zijn •Verder lezen we in het arrest dat: –De vennootschap in vereffening •Die haar eisbare schulden niet kan betalen •Of op korte niet zal kunnen voldoen –En aan wie haar schuldeisers weigeren : •een uitstel van betaling te geven •Of een vermindering van hun schuldvordering toe te staan –En die geen nieuw krediet kan krijgen –In staat van faillissement is

56 7. Deficitaire vereffening •Staking van Betaling –Een vennootschap in vereffening –Die op korte termijn –Haar eisbare schulden –Niet kan voldoen –Opmerking •Schulden worden niet onmiddellijk opeisbaar als gevolg van de invereffingstelling

57 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Cass 1994 •Mogelijkheid om in geval van deficitaire vereffening •Een uitstel van betaling te krijgen •Een vermindering van schuldvordering te vragen •Om de vereffening verder te zetten •Bij weigering van dit uitstel of nieuw krediet •Moet de vereffenaar de boeken neerleggen

58 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Wanneer moet je de boeken neerleggen? –Binnen de maand na de staking van betaling (art. 9 Faill. W.) •Wat als de vereffenaar dit niet doet? –Mogelijke aansprakelijkheid voor de aangroei van het passief –Vanaf het tijdstip dat hij aangifte van het faillissement had moeten doen –Strafrechtelijk gesanctioneerd

59 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Samenvattend: •Een deficitaire vereffening is enkel mogelijk als de schuldeisers met een opeisbare vordering daarmee instemmen •Het wankelen van het krediet kan blijken uit: –SE eist betaling van zijn schuld –SE dagvaardt in faillissement •Wat bij stilzwijgen van SE –Voorzichtigheid bij vereffenaar –Kan als stilzwijgend akkoord beschouwd worden om de deficitaire vereffening verder te zetten –ALS –De vereffenaar de SE correct en volledig heeft ingelicht

60 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Verdere evolutie in de rechtspraak – Cass. 6 maart 2003 •Samenvatting criteria om het wankelen van het krediet te beoordelen •De feitenrechter kan aan de hand van de concrete feitelijke elementen vaststellen dat

61 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Een voldoende meerderheid van de SE haar vertrouwen in de vereffenaar behoudt als de vereffening : –niet frauduleus is; –Zich in goede omstandigheden afspeelt –Tot voldoening van de SE of een betekenisvolle meerderheid onder hen –Dat hun instemming niet werd bekomen op basis van onvolledige of onjuiste informatie –Zodat het krediet niet geschokt is –Dat de wijze van vereffening verder niet van aard is om het krediet te schokken bij haar SE –De SE gelijk behandeld worden –Geen constructies worden opgezet die de rechten van de SE kunnen schenden

62 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Wat leren we hieruit? –Betekenisvolle meerderheid van SE –Informeren SE (op de hoogte houden) –Geen bedrog

63 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Verdere evolutie Cassatie rechtspraak (Cass. 14 januari 2005) •Faillissementsvoorwaarden van een vennootschap in vereffening behoeven een specifieke beoordeling •Die afwijkt van een vennootschap in going concern •Een feitenrechter kan dus de voorwaarden van : –Staking van betalen –Wankelen van krediet •Anders invullen bij een vennootschap in vereffening dan gebruikelijk

64 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Verdere evolutie Cassatie rechtspraak (Cass. 14 januari 2005) •Faillissementsvoorwaarden van een vennootschap in vereffening behoeven een specifieke beoordeling •Die afwijkt van een vennootschap in going concern •Een feitenrechter kan dus de voorwaarden van : –Staking van betalen –Wankelen van krediet •Anders invullen bij een vennootschap in vereffening dan gebruikelijk

65 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Wat zegt dit arrest ? •Is in staat van faillissement de vennootschap : –Die haar eisbare schulden niet betaalt –Waarvan vaststaat dat zij haar schulden op korte termijn niet zal kunnen voldoen –Aan wie haar haar SE weigeren uitstel van betaling of vermindering van hun schuldvordering toe te staan –Die geen nieuw krediet krijgt

66 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet –Feit dat dat SE of een significant deel ervan –Het vertrouwen behoudt in de vereffenaar en de vereffening –Kan een element zijn waarop de feitenrechter oordeelt –Dat de vennootschap in vereffening nog haar krediet behoudt –En DUS niet in staat van faillissement is

67 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Belangenafweging – Rechtsmisbruik •In principe kan iedere SE (ook de kleinste) •Als zijn opeisbare schuldvordering niet integraal betaald wordt •En hij geen uitstel van betaling wenst toe te staan •Geen misbruik maken van de faillissementsprocedure (vb rechtspraak) –Vordering tot faillietverklaring kan afgewezen worden op basis van rechtsmisbruik als: •Vereffening vermoedelijk wordt afgesloten met batig saldo •Vordering werd ingesteld door SE die onbelangrijk is in het geheel van de SE zelfs als er een tekort zal zijn

68 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Belangenafweging – Rechtsmisbruik •Rechtbank zal oog hebben voor het algemeen belang –Vereffenaar zal moeten aantonen dat voordeel van het faillissement tgo vereffening disproportioneel klein is –Wat zou dat voordeel kunnen zijn: •Toename van het actief via diverse vorderingen: –Ongedaan maken van bepaalde transacties gedurende Verdachte periode –Aansprakelijkheidsvorderingen –oprichtersaansprakelijkheid –Kennlijke grove fout –Faillissement kan geweigerd worden wegens rechtsmisbruik •Vordering op basis van een onrechtmatig doel –Druk uitoefenen op vennootschap om eerst betaald te worden –Verwijdering van vereffenaar vragen die geen verwijt treft

69 7. Deficitaire vereffening •Wankelen van krediet •Belangenafweging – Rechtsmisbruik •Wettelijke bescherming belangen SE – Art. 12 Fail W.) –Staking van betaling in principe max 6 maanden voor het faillissementsvonnis –Uitzondering vennootschap in vereffening (al dan niet afgesloten) –Aanwijzingen bestaan dat de vereffening bewerkstelligd werd om de SE nadeel te berokkenen –DAN kan het tijdstip van staking van betaling geplaatst worden op de dag van het ontbindingsbesluit

70 8. Eendagsvereffening Expliciete bepaling •Nieuw art. 184 § 5 W. Venn. : ‘Onverminderd art. 181 W.Venn. zijn een ontbinding en vereffening in één akte slechts mogelijk mits de naleving van de volgende (cumulatieve) voorwaarden: •Er is geen vereffenaar aangeduid •Er zijn geen passiva luidens de staat van activa en passiva •Alle aandeelhouders of vennoten zijn op de algemene vergadering aanwezig of geldig vertegenwoordigd en alle besluiten worden genomen met eenparigheid van stemmen

71 8. Eendagsvereffening •Een ontbinding en vereffening in één akte –Gaat om vrijwillige ontbinding (niet gerechtelijke of van rechtswege) –Vereffening dient te worden begrepen als het sluiten van de vereffening De ontbinding (i.e. aanvang van de vereffening) en sluiting van een vereffening worden in 1 akte vastgesteld •Bij NV/ BVBA / Comm VA / CVBA : authentieke (notariële) akte vereist –Besluit tot ontbinding moet krachtens art. 66 W.Venn. in notariële akte worden vastgesteld –Besluit tot het sluiten van de vereffening kan zowel via onderhandse akte als authentieke akte

72 8. Eendagsvereffening Historiek •Voor W. 2006: –Algemeen aanvaarde praktijk om vennootschap te ontbinden en vereffenen in 1 dag (of minstens in één dag). De activa en passiva werden dan overgenomen door quasi enige vennoot –In de praktijk rees wel de vraag of dit mogelijk was vermits er een termijn van 1 maand diende te zitten tussen de neerlegging van de rekeningen en stukken. •RS/RL beantwoorden dit positief op voorwaarde: –Alle vennoten gaan eenparig akkoord en doen individueel afstand van termijn van 1 maand –Er is geen commissaris en de vennoten doen afstand van hun controlerecht –Indien er wel een commissaris is, dient deze afstand te doen van de termijn van 1 maand (de controle wordt op voorhand of op de vergadering verricht) –De vereffening is afgerond doordat zij “op voorhand wordt gedaan” of doordat de enige aandeelhouder alle activa en passiva overneemt.

73 8. Eendagsvereffening Historiek •Na W. 2006: –Invoering nieuwe vereisten: bevestiging benoeming vereffenaar, goedkeuring van het verdelingsplan, … –Deel van de RL meende dat eendagsvereffening niet langer mogelijk was •Omwille van de bijkomende vereisten •Omwille van het feit dat de vereffening niet alleen ter bescherming van de vennoten diende maar ook ter bescherming van de belangen van derden. –Vereffening slechts mogelijk na de homologatie en goedkeuring verdelingsplan –Fameuze omzendbrief Onkelinx van 14 november 2006: eendagsvereffening = mogelijk indien

74 8. Eendagsvereffening Historiek •Na W. 2006: –Fameuze omzendbrief Onkelinx van 14 november 2006: eendagsvereffening = mogelijk indien: •Indien geen vereffenaar wordt benoemd •De vennootschap geen schulden meer heeft •Het besluit wordt genomen met eenparigheid van stemmen van alle vennoten •Alle overblijvende activa worden overgenomen door de aandeelhouders –In de praktijk rezen toch bezwaren: •Verzwaring van de aansprakelijkheid van de bestuurders/zaakvoerders •Vond moeilijk uitwerking omdat er bijna altijd nog passiva aanwezig zijn –Werd in de praktijk maar weinig toegepast •Anders: Kh. Gent, 12 december 2006, T.R.V. 2008/3, 211

75 8. Eendagsvereffening •Na W. 2012: –Mogelijkheid om te ontbinden en vereffenen nu expliciet vermeld in art. 184 § 5 W.Venn. •Cumulatieve voorwaarden = aan deze uit de omzendbrief –Procedure •Voorbereidende documenten moeten worden opgesteld: verslag van de RvB/zaakvoerders, staat van activa en passiva die niet meer dan 3 maand oud is/ verslag commissaris •Er mag geen vereffenaar worden benoemd •Er moet een eenparige beslissing van de vennoten worden genomen in een notariële akte •De overname van de restende activa moet gebeuren door de vennoot/vennoten •Er is geen omstandige staat vereist betreffende het verloop van de vereffening •Geen verdelingsplan vereist (noch rechterlijke goedkeuring) •De neerlegging en publicatie dient te gebeuren in overeenstemming met art. 195 W.Venn.

76 8. Eendagsvereffening Theorie vs. Praktijk •Vereiste van eenparigheid –In groepsvennootschappen: wellicht geen probleem  het grootste gedeelte of alle aandelen worden meestal aangehouden door een moedervennootschap –In kleine, meer besloten vennootschappen, met een beperkt aantal vennoten die het eens zijn, zal dit ook geen probleem vormen. –In grotere NV’s met een diffuus aandeelhouderschap is het evenwel ver van zeker dat dergelijke eenparigheid zal worden bereikt •Eendagsvereffening is hier dan ook niet aangewezen.

77 8. Eendagsvereffening Theorie vs. Praktijk •Vereiste van afwezigheid van passiva –Het begrip passiva van art. 184 § 5, 2° W.Venn. = ongelukkig gekozen •Cf. ‘Passiva’ onder KB 30 januari 2001 tot uitvoering W.Venn. (art. 88.) •Balans: totaal activa = totaal passiva •  Passiva in de zin van art. 184 § 5, 2° W.Venn. moet, ons inziens, enkel worden opgevat als schulden

78 8. Eendagsvereffening Theorie vs. Praktijk •Afwezigheid van schulden –Wat met de kosten m.b.t. de ontbinding? –Wat met latente schulden? –Is kwijtschelding van schulden mogelijk?  fiscale consequenties •Wanneer men zou bepalen dat de activa/passiva worden overgenomen door enige vennoot/moedervennootschap, is hiervoor de toestemming van schuldeisers nodig?

79 8. Eendagsvereffening Theorie vs. Praktijk •Verzwaring van de aansprakelijkheid van de bestuurders/zaakvoerders –Soms meent men dat er sprake is van aansprakelijkheid wegens uitholling van het maatschappelijk doel  overtreding van de W/statuten –Aansprakelijkheid in hoedanigheid van vereffenaar: indien geen vereffenaar werd benoemd worden bestuurders/zaakvoerders als vereffenaars beschouwd ten aanzien van derden.

80 9. Conclusie •Wet van 2006 was grote stap voorwaarts: meer toezicht, meer bescherming –Maar er bestonden enkele onduidelijkheden •Wet van 2012 stuurt bij en heldert enkel van die onduidelijkheden op –MAAR nog steeds openstaande issues: •Er bestaat geen procedure tot indiening en verificatie van de schuldvorderingen (zoals dit wel bestaat in een faillissement) •Het verdelingsplan moet niet worden gecontroleerd door een deskundige (commissaris, bedrijfsrevisor) •Bij het afsluiten van de vereffening is geen aanwezigheidsquorum/bijzondere meerderheid vereist + kan in onderhandse akte •Er bestaat geen wettelijke regeling inzake de heropening van de vereffening of het gevolg van vergeten activa/passiva

81 ii. Wet verslaggeving bij fusies en splitsingen

82 •Wet van 8 januari 2012 tot wijziging van het Wetboek van Vennootschappen ingevolge Richtlijn 2009/109/EC wat verslaggevings- en documentatieplicht in geval van fusies en splitsingen betreft (B.S. 18 januari 2012) •Doel van bekendmaking- verslaggevingsplicht: bescherming aandeelhouders en andere belanghebbenden •Maar met de W. 8 januari 2012 = versoepeling van deze bekendmaking en verslaggeving versoepeld

83 ii. Wet verslaggeving bij fusies en splitsingen •Bekendmaking van een fusie- of splitsingsvoorstel –Principe: bestuursorgaan van betrokken vennootschappen verplicht om fusie- of splitsingsvoorstel op te stellen. –Bekendmaking = vereenvoudigd  mogelijk om: •Volledige voorstel bekend te maken in de bijlagen tot het B.S (vroeger), of; •Mededeling in bijlagen B.S. die een hyperlink bevat naar de website van de betrokken vennootschap –Neerlegging + bekendmaking 6 weken voor AVA •Onduidelijkheid over aanvang termijn 6 weken

84 ii. Wet verslaggeving bij fusies en splitsingen •Tussentijdse inlichtingen en terbeschikkingstelling van stukken –Principe: bestuursorgaan van betrokken vennootschappen verplicht om fusie- of splitsingsvoorstel op te stellen waarin: •de stand van het vermogen van de te fuseren of splitsen vennootschappen wordt uiteengezet,en; •waarin de wenselijkheid van de fusie of splitsing vanuit juridisch en economisch oogpunt, de voorwaarden en de modaliteiten, alsook de gevolgen van de fusie of splitsing worden toegelicht en verantwoord –Bij fusies = fusieverslag niet langer vereist indien instemming van alle aandeelhouders (bij elke bij de fusie betrokken vennootschap) –Verduidelijking voor wat betreft het controleverslag bij inbreng in natura

85 ii. Wet verslaggeving bij fusies en splitsingen •Tussentijdse inlichtingen en terbeschikkingstelling van stukken –Principe: de bestuursorganen van elke bij fusie/splitsing betrokken vennootschappen op de hoogte stellen van elke belangrijke wijziging die zich in de activa en passiva van het vermogen heeft voorgedaan tussen de datum van opstelling van fusie/splitsingsvoorstel en datum van algemene vergadering die tot fusie/splitsing beslist –Vereenvoudiging: verplichting geldt niet langer in kader van fusie indien alle aandeelhouders van elke bij fusie betrokken vennootschap hiermee hebben ingestemd.

86 ii. Wet verslaggeving bij fusies en splitsingen •Tussentijdse inlichtingen en terbeschikkingstelling van stukken –Principe: bij fusie of splitsingen moeten tussentijdse cijfers worden opgemaakt indien de laatste jaarrekening betrekking heeft op een boekjaar dat meer dan zes maanden voor de datum van het fusie- of splitsingsvoorstel afgesloten werd. –Vereenvoudiging: verplichting geldt niet meer op voorwaarde dat: •De vennootschap een halfjaarlijks financieel verslag opstelt •Alle vennoten die bij de fusie betrokken zijn, daarmee hebben ingestemd –Regeling geldt ook voor splitsingen door oprichting wanneer de aandelen van elk van de nieuwe vennootschappen worden uitgegeven aan vennoten van de gesplitste vennootschap evenredig aan hun rechten in het kapitaal van deze vennootschap

87 ii. Wet verslaggeving bij fusies en splitsingen •Tussentijdse inlichtingen en terbeschikkingstelling van stukken –Stukken die in kader van fusie/splitsing ter beschikking worden gesteld van de vennoten: voortaan per elektronische post •Voorwaarde: individuele, uitdrukkelijke, toestemming

88 ii. Wet verslaggeving bij fusies en splitsingen •Goedkeuring van een fusie niet steeds meer vereist –Wanneer een NV minstens 90% van alle aandelen in de overgenomen NV houdt, is de goedkeuring van de fusie door de algemene vergadering van de overnemende vennootschap niet vereist voor zover: •de bekendmaking van het fusievoorstel voor de overnemende vennootschap gebeurt uiterlijk zes weken voor de datum van de algemene vergadering van de overgenomen vennootschap die over het fusievoorstel moeten besluiten •Iedere aandeelhouder van de overnemende vennootschap het recht heeft om ten minste 1 maand voor de bekendmaking kennis kan nemen van de stukken op de zetel van de vennootschap.

89 iii. Wet geconsolideerde jaarrekening

90 •Wet van 22 maart 2012 tot wijziging van het Wetboek van Vennootschappen en de wet van 17 juli 1975 met betrekking tot de boekhouding van de ondernemingen (B.S. 12 april 2012) –Wijziging van art. 110 W.Venn.: toevoeging van een tweede lid ‘Een moederonderneming die alleen maar dochterondernemingen heeft die, gelet op de beoordeling van het geconsolideerd vermogen, de geconsolideerde financiële positie of het geconsolideerd resultaat, individueel of tezamen, slechts van te verwaarlozen betekenis zijn, wordt vrijgesteld van de verplichting voorzien in het eerste lid’

91 iii. Wet geconsolideerde jaarrekening •Het begrip ‘te verwaarlozen betekenis’ wordt toegelicht in een advies van het CBN –Van geen betekenis •i.e. niet materieel •Het begrip materieel wordt gebruikt in de (in de context van jaarrekeningen) internationaal algemeen aanvaarde betekenis van het woord, volgens dewelke informatie materieel is indien het weglaten of onjuist weergeven daarvan een invloed zou kunnen hebben op de economische beslissingen die gebruikers op basis van een jaarrekening nemen.

92 iv) Actuele rechtspraak: enkele topics

93 •Statutaire en wettelijke specialiteit (art. 14, 4° KBO) •Ontslag ad nutum •Miskenning van de alarmbelprocedure •Ontbinding van de vennootschap •Actia pauliana

94 Statutaire en wettelijke specialiteit •De 14, 4°KBO – Wet: –‘Indien de handels- of ambachtsonderneming wel in deze hoedanigheid is ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen, maar haar vordering gebaseerd is op een activiteit waarvoor de onderneming op de datum van de inleiding van de vordering niet is ingeschreven of die giet valt onder het maatschappelijk doel waarvoor de onderneming op deze datum is ingeschreven, is de vordering van die onderneming eveneens onontvankelijk. De onontvankelijkheid is evenwel gedekt, indien de onontvankelijkheid niet voor elke andere exceptie of verweermiddel wordt ingeroepen.’

95 Art. 14, 4° W.KBO •Concreet : –Rechtsvorderingen van handels- / ambachtsondernemingen die gebaseerd zijn op activiteiten waarvoor geen inschrijving werd genomen in de KBO op het ogenblik van de onontvankelijkheid –Aan de hand van NACEBEL-codes: –Voorbeelden: •Verkoop van ‘citizin band’ materiaal (zendapparatuur e.d.;) wordt niet gedekt door de inschrijving ‘fotoatelier, import, export, groothandel in foto- en filmmateriaal (Brussel 6 januari 1981, J.T. 1981, 429) •Een managementvennootschap kan zonder aangepaste inschrijving in het handelsregister geen vordering instellen m.b.t. handelsactiviteiten (Voorz. Kh. Gent 21 mei 2002, TGR 2001, 296) •Een handelsagent dient een afzonderlijke inschrijving te nemen teneinde prestaties inzake marketing te kunnen aanrekenen aan de principaal (Gent 7 januari 2009, TGR 2009, 181)

96 Art. 14,4° W.KBO –Rechtsvorderingen van handels- / ambachtsondernemingen: onontvankelijk indien: •Vordering gebaseerd is op een activiteit die niet valt onder het maatschappelijk doel waarvoor de onderneming is ingeschreven op het ogenblik van het inleiden van de vordering –Occasionele handelsactiviteit •Vb. een groothandel in diepvriesgroenten, die een boekhoudkundig afgeschreven vrachtwagen verkoopt aan een derde •Strikte lezing W. KBO zou impliceren dat een vordering tot betaling van de verkochte vrachtwagen onontvankelijk zou moeten worden verklaard (tenzij voorafgaandelijke inschrijving in KBO) •RL meent dat dit te ver gaat en stelt dat art. 14, 4 de lid W. KBO niet kan worden toegepast indien het gaat om een eenmalige en toevallige activiteit die voortvloeit uit een hoofdactiviteit.

97 Art. 14,4° W.KBO –Correcte inschrijving door onderaannemer •Vb. In bouwsector komt het vaak voor dat de bouwheer zich verbindt tot uitvoering van alle werken, inclusief deze uitgevoerd door haar onderaannemers. –Meestal niet zo dat de hoofdaannemer eveneens voor alle activiteiten van zijn onderaannemers in de KBO is ingeschreven •Vraag: moet art. 14, 4° W.KBO worden toegepast indien de hoofdaannemer een vordering instelt die gebaseerd is op de activiteiten die de facto door onderaannemer worden uitgeoefend? –HvB Antwerpen 11 mei 1993: Ja –HvB Gent 25 januari 2011: Nee

98 Art. 14,4° W.KBO –Regularisatie? •Tijdens het geding is een regularisatie van de gebrekkige inschrijving in KBO niet mogelijk –Uitzondering: procedure m.b.t. een stakingsvordering wegens niet-correcte inschrijving in de KBO, zoals bepaald in art. 4,1° WMPC •In de rechtsleer wordt algemeen aanvaard dat een partij na de regularisatie opnieuw dezelfde vordering kan instellen. –Kh. Luik 31 maart 1983, J.T. 1984, : een partij kan haar vordering opnieuw instellen nadat zij in een eerdere procedure werd afgewezen bij gebrek aan inschrijving. –Contra: Kh. Veurne 9 maart 1994, TRV 1995, 203 : herdaging na regularisatie is niet mogelijk. •Conclusie: steeds voldoende aandacht besteden aan de inschrijving in de KBO.

99 Ontslag ad nutum Bestaat er een hoor en/of motiveringsplicht bij ad nutum ontslag? HvB Brussel, 7 december 2010, DAOR, 2011, 91. –Feiten: •Bestuurder werd ontslagen (2 algemene vergaderingen) •Ontslag werd betwist op grond van rechtsmisbruik wegens: –i) geen bijeenroeping AVA door RvB –ii) vermeend recht om gehoord te worden –iii) foutieve gedraging door de vennootschap •Bestuurder eist ,08 uit hoofde van –i) vergoeding wegens ontijdig ontslag –ii) gederfde forfaitaire beloning

100 Ontslag ad nutum HvB Brussel, 7 december 2010, DAOR, 2011, 91. –Rechtsvragen: •Bijeenroeping door RvB vereist opdat de ABA geldig zou zijn? •Hoor of motiveringsplicht bij ontslag bestuurder? •Omstandigheden waarin het ontslag zijn gebeurd, is foutief/schadelijk –Eerste aanleg: •Vordering gedeeltelijk gegrond  vennootschap wordt veroordeeld tot EUR –HvB Brussel: •AVA is rechtsgeldig zonder bijeenroeping door RvB indien –i) alle aandeelhouders aanwezig of vertegenwoordigd zijn (was in casu het geval) –ii) er geen bezwaren zijn tegen de afwezigheid van een formele bijeenroeping

101 Ontslag ad nutum HvB Brussel, 7 december 2010, DAOR, 2011, 91. –HvB Brussel (vervolg) •Art. 518 § 3 W.Venn.: de herroeping ad nutum kan te allen tijde  er bestaat geen hoor of motivatieplicht •AVA heeft wel algemene plicht om zich correct te gedragen, indien ontslag gebeurt in omstandigheden die fout uitmaken: aansprakelijkheid van de vennootschap voor die schade.

102 Ontslag ad nutum In heersende rechtspraak/rechtsleer is het erover eens: geen motiveringsplicht Over hoorplicht is meer discussie: –Geen algemeen rechtsbeginsel inzake hoorplicht, maar –Bestuurder heeft in principe de plicht om op de AVA aanwezig te zijn (omwille van de uitoefening van het vraagrecht) –Indien een bestuurder niet wordt opgeroepen is dit een vormelijke onregelmatigheid waarvan de nietigheid kan worden gevraagd indien de bestuurder kan aantonen dat zijn aanwezigheid de besluitvorming mogelijks zou kunnen beïnvloed hebben. –Rechten van verdediging moeilijk te verzoenen met het ad nutum principe.

103 Miskenning van de alarmbelprocedure –Principe: •Netto-actief daalt tot onder de helft van het maatschappelijk kapitaal wegens geleden verlies (art. 332/431/633 W.Venn.) •Algemene vergadering = bijeenkomen binnen 2 maanden na vaststelling verlies •Agendapunten: –Ontbinding van de vennootschap (ook al stelt de RvB voor om niet te ontbinden –Eventuele andere aangekondigde maatregelen –Hiertoe wordt gestemd volgens regels statutenwijziging •Bestuur stelt herstelmaatregelen voor in bijzonder verslag –Ontbreken verslag: nietigheid beslissing AVA

104 Miskenning van de alarmbelprocedure HvB Gent 17 maart 2008, R.W – 12, 183 –Feiten : •NV wordt op 20 maart 2003 veroordeelt tot betaling van ) van ,83 euro wegens onbetaalde facturen daterend tussen 15 juli 2002 en 31 januari 2003 •NV wordt in april 2003 failliet verklaard •SE stelt dat in boekjaren 2001 en 2002 het netto-actief onder de helft van het maatschappelijk kapitaal was gedaald •SE stelt dat alarmbelprocedure niet/niet correct is toegepast  SE vordert de hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurders voor de door hem geleden schade

105 Miskenning van de alarmbelprocedure HvB Gent 17 maart 2008, R.W – 12, 183 –Rechtsvragen: •Worden bestuurders vermoed hoofdelijk aansprakelijk te zijn bij toepassing van de alarmbelprocedure gelet op de lichtzinnigheid van de voorgestelde beslissingen? •Geldt er een periodieke verplichting om de alarmbelprocedure te volgen?

106 Miskenning van de alarmbelprocedure HvB Gent 17 maart 2008, R.W – 12, 183 –Oordeel HvB Gent (1) •Uit notulen blijkt dat alarmbelprocedure weldegelijk werd nageleefd •De opportuniteit van de voorgestelde maatregelen moet niet worden onderzocht –Discretionaire bevoegdheid van de RvB •Beweerde lichtzinnigheid van voorgestelde maatregelen: speelt geen rol in de discussie in het kader van de discussie van de bestuurdersaansprakelijkheid op grond van art. 633 W.Venn. (2) •Er is geen periodieke verplichting om de alarmbelprocedure te volgen

107 Miskenning van de alarmbelprocedure HvB Bergen 22 maart 2010, JLMB 2011, 178 –Feiten •Alarmbelprocedure was nooit toegepast •Bestuurder probeerde zich aan zijn aansprakelijkheid te onttrekken: stelde dat hij geen bijzondere info ontving, dat hij vertrouwde op zijn boekhouder en dat hij steeds te goeder trouw had gehandeld –Oordeel HvB Bergen •Argumentatie bestuurder is geen grond voor verweer •Bevestiging bestaan RS: –Een bestuurder heeft de taak om actief deel te nemen aan het bestuur van de vennootschap en kan zich niet beroepen op zijn eigen passiviteit (Antwerpen 20 december 2001, R.W , 708) –Iemand die een determinerende rol speelt binnen de vennootschap moet over de nodige kennis beschikken om zijn mandaat naar behoren uit te oefenen. Het feit dat hij daar niet over beschikt doet geen afbreuk aan zijn bestuurdersaansprakelijkheid (Luik 8 mei 2003, DAOR 2003, 70)

108 Ontbinding van de vennootschap Art. 333/432/634 W.Venn. –Principe: •Wanneer het netto-actief gedaald is tot onder EUR (BVBA/CVBA) of EUR (NV) dan kan iedere belanghebbende de ontbinding van de vennootschap vorderen •Wie is belanghebbende? –Een schuldeiser –Een aandeelhouder (eventueel minderheidsaandeelhouder) –Het openbaar ministerie –Een concurrent?? –Een medecontractant??

109 Ontbinding van de vennootschap Gent 28 juni 2010, T.R.V. 2011, 288. –Feiten: •Uit de jaarrekening van 2008 van een BVBA bleek dat het netto-actief van die BVBA gedaald was tot onder de EUR •Een concurrent van die BVBA vordert de ontbinding –Rechtstreekse concurrent: beide vennootschappen installeerden telecominstallaties voor Belgacom bij mensen thuis  rechtstreekse concurrenten –Vraag: is een concurrent een belanghebbende in de zin van art. 333/432/634 W.Venn.?

110 Ontbinding van de vennootschap Gent 28 juni 2010, T.R.V. 2011, 288. –Eerste aanleg: •Rb v Kh. stelde in een tussenvonnis vast dat er inderdaad was voldaan aan de voorwaarden van art. 333 W.Venn. maar kende een regularisatietermijn toe •Uiteindelijk werd de vennootschap bij vonnis van 11 maart 2008 toch ontbonden verklaard.  concurrent = belanghebbende in zin van art. 333 W.Venn. –Hoger beroep: •HvB Gent volgt de uitspraak van eerste rechter en stelt uitdrukkelijk dat een concurrent een belanghebbende is in de zin van art. 333 W.Venn. –Wel kende de rechtbank opnieuw een regularisatietermijn toe •Het uitoefenen van het recht maakt geen rechtsmisbruik uit

111 Ontbinding van de vennootschap Brussel 20 januari 2009, T.R.V. 2011, 289 (met noot) –Feiten: •‘Bob Software’ en ‘Winbooks’ zijn twee naamloze vennootschappen die elk actief zijn in de markt van de boekhoudsoftware •‘Winbooks’ had een negatief eigen vermogen maar had net twee grote contracten binnengehaald •Bob Software dagvaardt Winbooks in ontbinding –Juridisch vragen: •Is een concurrent een belanghebbende in de zin van 634 W.Venn.? •Kan een vordering tot ontbinding rechtsmisbruik uitmaken?

112 Ontbinding van de vennootschap Brussel 20 januari 2009, T.R.V. 2011, 289 (met noot) –Eerste aanleg: •Toestand van Winbooks was geregulariseerd op het ogenblik van de uitspraak  vordering was ongegrond •Bob Software werd veroordeeld tot de kosten van het geding. –Hoger beroep : •Bob Software gaat in beroep en eist dat hier dat Winbooks wordt veroordeeld tot de kosten voor de vordering tot ontbinding (in eerste aanleg) •Winbooks stelt dat haar economische toestand zeer goed was op het ogenblik van het instellen van de vordering en dat Bob Software haar recht om de ontbinding te vorderen heeft misbruikt.

113 Ontbinding van de vennootschap Brussel 20 januari 2009, T.R.V. 2011, 289 (met noot) –Eerste aanleg: •Toestand van Winbooks was geregulariseerd op het ogenblik van de uitspraak  vordering was ongegrond •Bob Software werd veroordeeld tot de kosten van het geding. –Hoger beroep : •Bob Software gaat in beroep en eist dat hier dat Winbooks wordt veroordeeld tot de kosten voor de vordering tot ontbinding (in eerste aanleg) •Winbooks stelt dat haar economische toestand zeer goed was op het ogenblik van het instellen van de vordering en dat Bob Software haar recht om de ontbinding te vorderen heeft misbruikt.

114 Ontbinding van de vennootschap Brussel 20 januari 2009, T.R.V. 2011, 289 (met noot) –HvB stelt : •2 voorwaarden om een vordering tot ontbinding in te stellen op grond van art. 634 W.Venn. –i) de eiser moet een belanghebbende zijn –ii) de verwerende NV moet een netto-actief hebben dat gedaald is onder de EUR •i) HvB: concurrent is belanghebbende (baseert zich hiervoor op voorbereidende werken)  belang = het aankaarten van een schending van de vennootschapswet •ii) netto-actief was gedaald op ogenblik instellen vordering  Bob Software had recht om vordering in te stellen

115 Ontbinding van de vennootschap Brussel 20 januari 2009, T.R.V. 2011, 289 (met noot) Vraag of instellen van dit recht een rechtsmisbruik uitmaakt? –HvB : •Het feit dat de economische situatie van Winbooks goed was, doet niets ter zake •Ratio van art. 634 W.Venn. is het respect voor de regels omtrent de integriteit van het minimumkapitaal, zelfs indien vennootschap economisch leefbaar is.  Vordering tot veroordeling wegens rechtsmisbruik is ongegrond

116 Ontbinding van de vennootschap Gent 28 juni 2010, TBH 2012, 60, met noot Vraag of een medecontractant als een belanghebbende kan worden beschouwd in de zin van art. 333/432/634 W.Venn –Feiten: •Twee partijen hadden een handelshuur met als voorwerp de huur van een onroerend goed waarin een horecazaak werd uitgebaat. •De huurder was een BVBA •De statutaire zaakvoerder van de BVBA had zich als medehuurder en als hoofdelijk borg verboden •Gegeven moment: vraag naar huurhernieuwing maar nu zonder dat de statutaire zaakvoerder zich nog borg zou stellen

117 Ontbinding van de vennootschap Gent 28 juni 2010, TBH 2012, 60, met noot –Feiten (vervolg): •Verhuurders weigeren –Reden: BVBA alleen lijkt hen geen stabiele handelspartner •Huurder spant een procedure aan tegen de weigering van de verhuurders •Op 31 december 2007 is het eigen vermogen van de BVBA gedaald tot onder de EUR •Op 10 maart 2009 vorderen de Verhuurders de ontbinding van de vennootschap op basis van art. 333 W.Venn. –Op dat moment = geen huurachterstallen –Procedure inzake de weigering tot huurhernieuwing = in beroep •Op 2 april 2009: BVBA voert kapitaalverhoging door en de toestand wordt geregulariseerd

118 Ontbinding van de vennootschap Gent 28 juni 2010, TBH 2012, 60, met noot –Juridisch: •Is een medecontractant een belanghebbende in de zin van art. 333 W.Venn.? –Eerste aanleg: •De verhuurders erkennen de regularisatie maar menen dat de gerechtskosten ten laste van de huurder vallen •Rb v Kh oordeelde dat de vordering van de verhuurders onontvankelijk was omdat de verhuurders geen belanghebbende waren in de zin van art. 333 W.Venn. –Hoger beroep: •Gaat niet akkoord met de stelling van de eerste rechter •Vordering van de verhuurders in eerste aanleg werd ten onrechte afgewezen

119 Ontbinding van de vennootschap Gent 28 juni 2010, TBH 2012, 60, met noot –Hoger beroep: •Hof stelt de verhuurders een contractuele relatie hebben met de BVBA en bijgevolg een rechtstreeks belang hebben bij de financiële toestand van de huurder. •Hof vervolgt: belang = ruimer dan het tijdig en correct betalen van de huurgelden; het belang is tevens de vrees om gedurende 9 jaar met een insolvabele huurder te zitten. Het Hof besluit dat wanneer een partij binnen het kader van een contractuele relatie op redelijke gronden vreest om te moeten verder handelen met een medecontractant die een vermogenstoestand heeft die volgens de jaarrekening laat vrezen dat hij zijn verbintenissen niet zal kunnen naleven, deze partij een belanghebbende is in de zin van art. 333 W.Venn. Eis van de verhuurders werd gegrond verklaard en de huurder diende de gedingkosten in beide aanleg te betalen

120 Ontbinding van de vennootschap Gent 28 juni 2010, TBH 2012, 60, met noot –In de bijhorende noot stelt de auteur (De Cordt) dat de rechtbank in beginsel niet moet nagaan of: •De vennootschap rendabel is, •De vennootschap heeft opgehouden te betalen •Het krediet geschokt is –Enige wat telt is het netto-actief

121 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren •De pauliaanse vordering geniet fiscale belangstelling •Drie recente arresten waar vrienden en familie onder 1 hoedje spelen om de invorderingsmogelijkheden van de fiscus te beperken •Aangevallen door fiscus met de pauliaanse vordering

122 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren •Wat houdt de pauliaanse vordering in ? –Volgens het burgerlijk wetboek (art BW) –Kunnen SE opkomen tegen handelingen van hun schuldenaar –Die verricht zijn met bedrieglijke benadeling van hun rechten –Doel is de handelingen van de schuldenaar niet tegenstelbaar te doen verklaren tgo SE

123 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren •Fiscus kan ook de Pauliaanse vordering instellen •Drie voorbeelden –Afstand onverdeeld eigendomsaandeel aan vriendin –Levenslange verhuur aan zoon en schoonvader –Verkoop aan dochter

124 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren •Afstand onverdeeld eigendomsaandeel aan vriendin –Feiten •2 natuurlijke personen (A en B) kopen samen een woning in 2001 •Twee jaar later (2003) doet A afstand van zijn onverdeelde helft in de woning –Waarde EUR •Geen betaling in contanten –Wel overname lening »Volgens afrekening EUR openstaand » minder dan afgesproken prijs

125 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren •Afstand onverdeeld eigendomsaandeel aan vriendin –Fiscus voelt zich bedrogen •A heeft belangrijke fiscale schulden –BTW –PB •Fiscus kan geen uitvoerende maatregelen meer treffen tegen woning wegens afstand onverdeelde delen •Fiscus vordering om deze afstand niet tegenstelbaar aan haar te laten verklaren

126 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren •Afstand onverdeeld eigendomsaandeel aan vriendin •Hof van Beroep in Antwerpen •Hof herneemt de 4 basis principe van de pauliaanse vordering: –Anterioriteitsvoorwaarde »Fiscus moet vordering hebben voor de aangevochten handeling –SE moet benadeeld zijn »Verarming of benadeling in verhaalmogelijkheden –Bedrog in hoofde SN –Derde moet medeplichtig zijn

127 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Anterioriteitsvoorwaarde –Voldaan als schuldvordering fiscus dateert voor de betwiste handeling ( 6 augustus 2003) –Zonder dat vereist is : •Opeisbaar •Vaststaand •Erkend is door rechter

128 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Anterioriteitsvoorwaarde –PB •Bestaan inkomstenbelasting – jaarlijkse Financiewet •Materiele belastingschuld moet geformaliseerd worden via inkohiering •Geen invloed op het bestaan of omvang van de materiele belastingschuld •Enkel gevolg voor de eisbaarheid

129 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Anterioriteitsvoorwaarde –PB •Inkomsten voor de jaren 2000 en 2001 •Feiten waardoor de fiscale schulden zijn ontstaan dateren dus voor de afstand (2003) –DUS :Voldaan aan de anterioriteitsvoorwaarde

130 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Anterioriteitsvoorwaarde –BTW •Schuld in beginsel opeisbaar op het ogenblik van de levering •Uit het dossier blijkt dat het gaat om leveringen van A in de periode •A systematisch te laat met zijn aangiften •Geen overeenstemming tussen wat client van A opgaf als kosten en aftrekbare BTW en •wat A als opbrengsten en verschuldigde BTW had opgegeven

131 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Anterioriteitsvoorwaarde –BTW •Schuld in beginsel opeisbaar op het ogenblik van de levering •Uit het dossier blijkt dat het gaat om leveringen van A in de periode •A systematisch te laat met zijn aangiften •Geen overeenstemming tussen wat cliënt van A opgaf als kosten en aftrekbare BTW en •wat A als opbrengsten en verschuldigde BTW had opgegeven

132 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Anterioriteitsvoorwaarde –BTW •HOF : oorzaak van de BTW vordering ligt ook voor augustus 2003 •DUS : Anterioriteitsvoorwaarde is voldaan

133 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Verarming schuldenaar (2 de voorwaarde) –Is er verarming? •Minstens EUR minder betaald dan overeengekomen ( – ) •Vermogen van A is dus minstens met dit bedrag verminderd volgens het Hof

134 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Verarming schuldenaar (2 de voorwaarde) –Is er verarming? •Bovendien zegt het Hof: –De benadeling bestond reeds door de loutere afstand van zijn aandeel –Door deze afstand worden de verhaalmogelijkheden van de fiscus verminderd of bemoeilijkt »Onmogelijkheid beslag of hypotheek •Dus: aan de 2 de voorwaarde is ook voldaan

135 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Verarming schuldenaar (2 de voorwaarde) –Is er verarming? •Bovendien zegt het Hof: –De benadeling bestond reeds door de loutere afstand van zijn aandeel –Door deze afstand worden de verhaalmogelijkheden van de fiscus verminderd of bemoeilijkt »Onmogelijkheid beslag of hypotheek •Dus aan de 2 de voorwaarde is ook voldaan

136 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Bedrog (3 de voorwaarde) –Is er bedrog in hoofde van A? •Hof vindt dat notie bedrog ruim mag geïnterpreteerd worden •Het is voldoende dat A wist dat hij zich verarmde of zijn insolvabiliteit vergrootte en zo nadeel aan zijn schuldeisers berokkende •Hoe bewijs je dat? –Vaststellen dat de handeling abnormaal was –SN gehandeld heeft in de wetenschap dat de SE benadeeld zouden worden

137 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Bedrog (3 de voorwaarde) –Is er bedrog in hoofde van A? •Hof vindt dit bewezen om volgende redenen: –Abnormale handeling – geen gewone verkoop »Koopsom van werd niet contant betaald »Overname hyp lening van A (restbedrag nog ) »Vermogens A en B zijn vermengd »De overdracht vond plaats op het moment van een grondige fiscale controle »Nadat een bericht van wijziging was gestuurd –DUS alles wijst duidelijk op Bedrog

138 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Derde Medeplichtigheid (4 de voorwaarde) –Is B medeplichtig? –Bewezen volgens het Hof als •De handeling voor de bevoordeelde derde een “abnormaal karakter had” •Derde heeft gehandeld in de wetenschap dat fiscus (SE) benadeeld zou zijn

139 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Derde Medeplichtigheid (4 de voorwaarde) –Dit wordt volgens Hof concreet bewezen aan de hand van volgende feiten: •B (derde) was reeds geruime tijd vriendin van A •A & B werkten ook op professioneel vlak samen •Duidelijke vermenging tussen de vermogens van A en B •Aanzienlijke transacties op rekening van B met gelden die van A blijken te komen

140 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Derde Medeplichtigheid (4 de voorwaarde) –Uit dit alles en de chronologie van de feiten en het feit dat B maar EUR ten laste neemt ipv lijdt het Hof de derdemedeplchtigheid af –AFSTAND is NIET TEGENSTELBAAR FISCUS

141 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Levenslange verhuur aan zoon en schoondochter –Feiten •Successierechten – Vader “vergeet” bepaalde activa aan te geven in successie aangifte in 1988 •In 2005 tussenarrest en in 2006 veroordeelt tot betaling van bijkomende successierechten •Administratie tracht die rechten in te vorderen

142 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren •Woning aangekocht in 1989 •Levenslange huur aan zoon en schoondochter •Betaling eenmalig bedrag van EUR •Huur opgemaakt kort na het tussenarrest van het Hof te Brussel –Levenslange huur maakt uitvoerend beslag zo goed als onmogelijk

143 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Hof van Bergen doorloopt de vier gekende punten –Anterioriteit •Dwangbevel 1994 •Vooraf aan huurovereenkomst van 2005

144 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Heeft de fiscus nadeel geleden? •Kan geen belasting invorderen •Levenslange huur maakt woning quasi onverkoopbaar –Bedrog in hoofde van SN? •Ruime invulling nl. eerder een “geestesgesteldheid” –Nagaan of er abnormale handeling voorligt –Wat de intentie van de SN was •Levenslange huur aan uw kinderen geven is geen gangbare handeling •Tijdstip van de handeling (na tussenarrest) maakt de transactie al helemaal abnormaal

145 Pauliaanse Vordering Doorprikken constructies om onvermogen te organiseren –Medeplichtigheid zoon •Nauwe familiebanden •Zoon kon geen lening aantonen waarmee hij de eenmalige huursom van EUR mee heeft betaald •Vader kon geen bewijs voorleggen dat hij die som effectief ontvangen had •Zoon zou “erkend” hebben dat hij in de woning mocht verblijven zonder huur te betalen

146 v. De VOF in vogelvlucht

147 De VOF •Algemeen: –Oudste vennootschapsvorm –Weinig genormeerd en grote organisatievrijheid •Definitie en kenmerken: –Art. 201 W.Venn.: VOF is een vennootschap die wordt aangegaan tussen hoofdelijk aansprakelijke vennoten en die burgerlijke of handelsactiviteiten tot doel heeft.

148 VOF: kenmerken •VOF = personenvennootschap  –Participatie kan slechts worden overgedragen na toestemming van overige vennoten (ongeacht aan wie) –Wegvallen van een vennoot heeft de ontbinding tot gevolg –Nietige toetredingsverbintenis van één van de vennoten = nietigheid van het vennootschapscontract = nietigheid van het vennootschapscontract –Beslissingen in een VOF moeten met eenparigheid van stemmen worden genomen –Vennoten van een VOF mogen elkaar in beginsel geen concurrentie aandoen –Geen wettelijk geregelde organieke vertegenwoordiging (  vennoten besturen zelf) •Bovenstaande gevolgen = niet absoluut en kunnen statutair worden afgezwakt

149 Oprichting •Voorbereiding van de oprichting –Promotoren (i.e. de oprichters van de toekomstige vennootschap) kunnen verbintenissen voor de vennootschap in oprichting •Kunnen binnen de grenzen van art. 60 W.Venn. worden overgenomen door de vennootschap. –Afzwakking –Geen verplichting om een financieel plan op te stellen

150 Materiële oprichtingsvereisten •Algemeen: –1108 B.W. (toestemming, bekwaamheid, voorwerp, oorzaak) –Gemeenschappelijk fonds –Winstoogmerk –Wil om samen te werken •Oprichters en inbreng –Minstens 2 vennoten (NP of RP)  eenhoofdig = nietig –Inbreng (art. 1 W.Venn.): W.Venn. bevat geen voorschriften over de wijze waarop inbreng dient te gebeuren –Wel inbreng – geen maatschappelijk kapitaal •Hoeft niet waardeerbaar te zijn •Niet op bijzondere rekening gestort (gewoon in kas) •Kan opgericht worden door loutere inbreng van nijverheid •Bij inbreng in natura = geen revisoraal verslag vereist

151 Formele oprichtingsvereisten •Oprichtingsakte –Art. 66 W.Venn. = via geschrift •Authentiek •Onderhands (1325 BW) –Geen vermelding van wat minimaal in oprichtingsakte moet, maar kan wel afgeleid worden uit wat in uittreksel voor publicatie moet (art. 69 W.Venn.) •Rechtsvorm en de naam •Aanduiding van de zetel van de vennootschap •Duur van de vennootschap (tenzij zij voor onbepaalde duur is aangegaan) •Opgave van de identiteit van de hoofdelijk aansprakelijke vennoten (i.e. alle vennoten) •Opgave van de vennoten die hun inbreng nog niet volledig hebben volgestort (+ bedrag) •Samenstelling van het maatschappelijk vermogen •Begin en einde boekjaar •Bepalingen aanleggen reserves, verdeling winst, verdeling liquidatiesaldo •Wie vennootschap kan besturen en omvang bevoegdheden

152 Formele oprichtingsvereisten •Oprichtingsakte –Moet vreemd genoeg niet worden vermeld: •Doel van vennootschap (lijkt evenwel aangewezen om dit te doen) •Plaats/dag/uur jaarvergadering •Openbaarmakingsformaliteiten –Oprichtingsakte moet niet worden neergelegd/openbaar gemaakt –Enkel uittreksel neerleggen en publiceren •VOF krijgt rechtspersoonlijkheid vanaf de neerlegging van de oprichtingsakte

153 Bestuur en vertegenwoordiging •Suppletieve regeling: –Geen specifieke bepalingen omtrent bestuur en vertegenwoordiging in W.Venn. –Grote vrijheid: •Één of meerdere bestuurders •Al dan niet statutair •Geen regeling: het principe van de beherende vennoot •Aanstelling zaakvoerder(s) –Grote vrijheid •Vennoot/derde/NP/RP •Procedure inzake benoeming –Aanstelling zaakvoerder impliceert dat vennoten worden uitgesloten van het bestuur van de vennootschap. Maar: •Wel nog advies •Vennoten steeds gerechtigd om de vennootschap te vertegenwoordigen wanneer zij gezamenlijk optreden

154 Bestuur en vertegenwoordiging •Ontslag – Statutaire zaakvoerder-vennoot •eenparigheid van stemmen (inclusief stem vennoot) / wettige redenen •Dient voor de rechtbank gevorderd te worden •Behoudens andersluidend beding, leidt dit tot de ontbinding van de vennootschap (let dus op verblijvingsbedingen) •Vrijwillige ontslag moet instemming krijgen van medevennoten – Statutair zaakvoerder niet-vennoot: •Gewone lasthebber  kan steeds worden ontslagen •Houdt wel statutenwijziging in, dus eenparigheid (kan wel van worden afgeweken) •Vrijwillig ontslag mogelijk mits het ontslag ‘tijdig’ wordt gegeven –Niet statutaire zaakvoerder : •Steeds ad nutum afzetbaar

155 Bestuur en vertegenwoordiging •Bevoegdheden zaakvoerders – Enige zaakvoerder •Kan alle handelingen stellen die nodig of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het maatschappelijk doel –Daden van beheer en beschikking –Kan statutair van worden afgeweken •Prokura leer is niet van toepassing •Omvang kan worden beperkt in de statuten –Publicatie om tegenwerpelijk te zijn aan derden –Meerdere zaakvoerders •Beginsel elk afzonderlijk bevoegd om de vennootschap te verbinden •Andersluidende statutaire regeling mogelijk (e.g. meerhandtekeningclausules) •Handelen als college moet uitdrukkelijk worden bepaald •Bevoegdheidsbeperkingen: tegenwerpelijk indien in de statuten gepubliceerd

156 Bestuur en vertegenwoordiging •Aansprakelijkheid van de zaakvoerders –Relatie zaakvoerder / VOF : lastgeving •Zaakvoerders kunnen op basis van algemene regels inzake lastgeving worden aangesproken voor tekortkomingen in hun mandaat •Vordering wordt ingesteld door vennootschap of door elk van de vennoten in verhouding tot hun respectievelijke deel –Statutaire afwijking mogelijk : bepalen dat vordering slechts door meerderheid van vennoten kan worden ingesteld •Aansprakelijkheidsvorderingen kunnen worden ingesteld gedurende periode van 5 jaar –Termijn begint te lopen vanaf het ogenblik waarop handeling werd gesteld of ontdekt (indien zij verborgen werd gehouden)

157 Vennoten en algemene vergadering •Hoedanigheid vennoot –Zowel NP als RP (al dan niet met beperkte aansprakelijkheid) –Toetredende vennoot wordt automatisch geacht handelaar te zijn •Nodige handelingsbekwaamheid om handel te drijven (e.g. geen advocaten in commerciële VOF) •Huwelijkscontract openbaar maken (uittreksel op de Rb v Kh) –Faillissement van VOF = automatisch faillissement vennoten VOF –Moeten in principe zelf geen inschrijving doen in KBO •Ten persoonlijke titel een afzonderlijke handelsboekhouding voeren

158 Vennoten en algemene vergadering •Hoofdelijke aansprakelijkheid –Art. 204: vennoten in een VOF zijn hoofdelijk en onbeperkt aansprakelijk voor de verbintenissen die zijn aangegaan door de vennootschap •Ongeacht commercieel of burgerlijk doel •Openbare orde: niet statutair uitsluiten –Elk van de vennoten persoonlijk gehouden voor geheel van de schulden van de vennootschap. –Voorwaarden: •Schulden van de vennootschap (uit verbintenissen, quasi-verbintenissen, OD) •Slechts gehouden wanneer vennootschap zelf werd veroordeeld (wel mogelijk in 1 vonnis) –Intern kan andere regeling worden afgesproken •Indien geen regeling: medevennoten slechts aanspreken tot respectievelijke aandeel

159 Vennoten en algemene vergadering •Uittreding en uitsluiting –Uittreding •Vennoten in VOF van onbepaalde duur hebben steeds recht om uit te treden •Opzegging moet worden gegeven aan vennootschap (niet aan vennoten afzonderlijk) •Geen vormvereisten (art. 43 W.Venn.) – kan dus ook mondeling •Geen motivatie •Wel te goeder trouw en tijdig –Krachtens art. 44 W.Venn. zal de opzegging niet te goeder trouw zijn wanneer de vennoot opzegt om zich persoonlijk winst toe te eigenen die de vennoten zich hadden voorgenomen gemeenschappelijk te genieten. •Uittredende vennoot heef recht op netto-aandeel in het vennootschapsvermogen (scheidingsaandeel kan statutair worden beperkt) •Zonder verblijvingsbeding zal de uittreding leiden tot de ontbinding van de vennootschap •Is VOF van bepaalde duur dan mag de uittreding door de vennoten worden uitgesloten in de statuten.

160 Vennoten en algemene vergadering •Uittreding en uitsluiting –Uitsluiting •Vennoten in VOF kunnen worden uitgesloten op grond van statutaire bepaling –Steeds duidelijk omschrijven van clausules •Discretionaire uitsluiting is niet mogelijk •Zorgen voor verblijvingsbeding –Niet strikt noodzakelijk: beslissing tot uitsluiting impliceert immers dat de overige vennoten de vennootschap wensen verder te zetten. •Geldigheid van statutaire uitsluitingsclausules worden soeverein door rechter beoordeeld. •Uitsluiting moet gebeuren met respect voor rechten van verdediging (hoorplicht??) •Recht op een scheidingsaandeel (kan eventueel wel door statutair boetebeding worden beperkt, maar leeuwenbeding!!!)

161 Overdracht van aandelen •Principes –Unanieme instemming van overige vennoten (behoudens afwijking in de statuten) •Zowel aan andere vennoot als derden •Zonder toestemming = overdracht niet tegenwerpelijk aan de VOF –Vennootschap moet overeenkomstig art B.W. in kennis worden gesteld –Bekendmaking overeenkomstig art. 74 W.Venn. •Gehoudenheid tot schulden bij overdracht –Geen eensgezindheid in de RL •Derden kunnen wel gehouden zijn voor schulden van voor hun toetreding –Lijkt ons de correcte stelling vermits art. 204 W.Venn. verwijst naar ‘alle verbintenissen’ •Derden kunnen niet gehouden zijn voor schulden van voor hun toetreding –Uitgetreden vennoot kan vanaf publicatie niet langer worden aangesproken –Mogelijkheid voor vrijwaringsbedingen tussen de partijen af te spreken

162 Faillissement van de VOF •Principes –Hoedanigheid van vennoot in VOF leidt ertoe dat hij als handelaar wordt beschouwd –HvC  faillissement VOF zal tevens leiden tot faillissement vennoten –Geen automatisme (door rechtbank uitgesproken) •Vennoten hebben er bijgevolg alle belang bij om de schulden van vennootschap te betalen –Vennoot die schuld betaalt, heeft recht om gedeelte daarvan terug te vorderen van medevennoten •Faillissement van vennoten leidt niet noodzakelijk tot faillissement van VOF –Behoudens verblijvingsbeding zal dit wel meestal tot ontbinding van de vennootschap leiden

163 Algemene vergadering •Principes –Geen wettelijk ingestelde vergadering –Beslissingen moeten eenparig door vennoten worden genomen •Hiervan kan statutair worden afgeweken •Ook voor statutenwijziging kan worden afgeweken maar dan enkel voor niet essentiële bestanddelen •Essentiële bestanddelen vereisen steeds unanimiteit (essentieel is een wijziging van het doel en de aard van de V.O.F. dermate essentieel dat zij een unanieme beslissing van de vennoten vergen) –Vennoten hebben volheid van bevoegdheid •Kunnen dus bindende instructies geven aan zaakvoerder –Vennoten kunnen gezamenlijk optreden namens vennootschap (ook wanneer 1 of meer niet statutaire zaakvoerders zijn aangeduid). –Minstens 1x per jaar samenkomen om rekening van vennootschap goed te keuren

164 Kapitaal •Principes –W.Venn. bevat geen bepalingen omtrent kapitaalstructuur van de VOF –Kan volledig worden geregeld in statuten –Wel: •Moet er steeds een inbreng gebeuren (mag puur een inbreng in nijverheid zijn) •Mogen bepaalde vennoten niet geheel worden uitgesloten van winst of verlies –Bij gebrek aan regeling geldt art. 30 W.Venn. •Elke vennoot deelt overeenkomstig zijn aandeel in winst of verlies •VOF heeft rechtspersoonlijkheid  afzonderlijk vermogen –Maatschappelijk tegoed = preferentieel executieobject voor SE •Geen verplichting om jaarrekening openbaar te maken

165 Vragen

166 Contactgegevens Dirk Beeckman Questa Advocaten Desguinlei Antwerpen Tel: Mathias Baert Questa Advocaten Desguinlei Antwerpen Tel:


Download ppt "LEGAL UPDATE 2012 Dirk Beeckman Mathias Baert INLEIDING i.De vereffening van vennootschappen na de wetten van 19 en 22 maart 2012 ii.De Wet verslaggeving."

Verwante presentaties


Ads door Google