De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Kinderen/jongeren en motivatie: Wil je of moet je leren en de regels volgen? Prof. Dr. Maarten Vansteenkiste Universiteit Gent Contactadres:

Verwante presentaties


Presentatie over: "Kinderen/jongeren en motivatie: Wil je of moet je leren en de regels volgen? Prof. Dr. Maarten Vansteenkiste Universiteit Gent Contactadres:"— Transcript van de presentatie:

1 Kinderen/jongeren en motivatie: Wil je of moet je leren en de regels volgen? Prof. Dr. Maarten Vansteenkiste Universiteit Gent Contactadres:

2 Overzicht 1.“Waarom we doen wat we doen” 3. Hoe kan je een motiverende omgeving “creëren”?  Illustratie 1: Wat is motiverende taal?  Illustratie 2: Resulteert autonomieondersteuning niet in grenzeloze vrijheid?  Illustratie 3: Moet (ouderlijk) verbieden verboden worden?  Illustratie 4: Hoe kinderen stimuleren om hun huiswerk te maken?  Illustratie 5: Hoe de kennis van kinderen op een motiverende wijze toetsen?  Illustratie 6: Welke opvoedingsstijl hebben perfectionistische ouders? 2. De motor van groei: De rol van psychologische behoeftebevrediging

3 DEEL I “Waarom we doen wat we doen”: Waarom leren kinderen/jongeren? Waarom respecteren ze afspraken?

4 TAAK VAN DE MOTIVATIEPSYCHOLOOG Motivatie < movere = beweging  Welke factoren doen kinderen/jongeren bewegen?  De vraag naar drijfveer, reden of motief van gedrag  Heeft de aard van deze drijfveren een impact op - Beleving van les? Toegewijdheid? - Intrinsieke plezier? - Faalangst voor examen? Prestaties? - Afhaken vs. blijven? - Naleven van gemaakte afspraken?

5

6 Parabel “In een kleine zuidelijke stad opende een Joodse kleermaker zijn winkel in de hoofdstraat. De lokale clan was daar niet mee ingenomen. Het publiek bleef weg omdat een groep straatjongens de hele dag voor de ingang ‘jood, jood, jood’ naar hem riep. De kleermaker sliep de eerste nacht slecht, maar besloot er de volgende dag wat aan te doen. Hij stapte op de jongens af en beloofde ze dat ze iedere dag dat ze ‘jood, jood’ zouden roepen van hem een dubbeltje kregen. Hij voegde de daad bij het woord en betaalde de jongens. Tevreden over de beloning stonden de jongens de volgende dag weer voor de winkeldeur en riepen ze ‘jood, jood’. Glimlachend kwam de winkeluitbater naar buiten en betaalde de jongens een kwartje. ‘Een dubbeltje is te veel; ik kan jullie alleen maar een kwartje betalen’. De jongens liepen toch nog tevreden weg, want een kwartje is tenslotte toch een kwartje. De dag daarna stonden de jongens terug te schelden en ditmaal gaf de kleermaker ieder een cent. ‘Maar’, zeiden de jongens, ‘twee dagen geleden kregen we nog een dubbeltje en gisteren een kwartje. Dat is niet rechtvaardig.’ ‘Neem het of ga ervandoor, want dit is alles wat jullie krijgen’, zei hij. ‘Denk maar niet dat we je voor zo’n rottige cent nog langer ‘jood, jood’ zullen noemen’, zeiden de jongens. ‘Dan doen jullie dat maar niet’. En dat deden ze dan ook niet meer. “

7 Oefening 1: Plaats types motivatie samen

8 ItemsNaam Motivatietype 1 Motivatietype 2 Motivatietype 3 Motivatietype 4 Probeer om de -Items twee aan twee samen te plaatsen -Een label te verzinnen voor het type motivatie dat beide items beogen te meten Vansteenkiste, M., Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2008). Self-determination theory and the explanatory role of psychological needs in human well-being. In L. Bruni, F. Comim, & M. Pugno (Eds.), Capabilities and happiness. Oxford, UK: Oxford University Press.

9 WAAROM WE DOEN WAT WE DOEN Autonome Motivatie Gecontroleerde Motivatie Verplichting, druk, stress Intrinsieke Motivatie Extrinsieke motivatie Welwillend, psychologisch vrij Plezier passie, interesse Persoonlijke relevantie, betekenisvol Straf, beloning, verwachting Schaamte, schuld, zelf-waaarde “Moeten” “Willen”

10 Geboeidheid, interesse, plezier Persoonlijke relevantie, zinvol Straf, beloning, verwachting Schaamte, schuld, zelfwaarde  Waarom maak je jouw huiswerk? ‘omdat ik pas dan naar de scouts mag’ ‘omdat ik hoor te bewijzen dat ik slim ben’ ‘omdat ik het belangrijk vind om het zelf te proberen’ ‘omdat ik de stof boeiend vind’  Waarom volg je de regels thuis of op school? ‘omdat ik anders gestraft word’ ‘omdat ik me anders schuldig zou voelen’ ‘omdat ik inzie en begrijp dat deze nodig zijn’ ‘omdat ik ze interessant vind’ Vansteenkiste, M., Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2008). Self-determination theory and the explanatory role of psychological needs in human well-being. In L. Bruni, F. Comim, & M. Pugno (Eds.), Capabilities and happiness. Oxford, UK: Oxford University Press.

11 WAAROM WE DOEN WAT WE DOEN “Willen” vs. “moeten” = kwaliteit of soort motivatie  amotivatie = gebrek aan motivatie = hulpeloosheid omwille van gebrekkig zelfvertrouwen vb. niet bekwaam om taak uit te voeren

12 WAAROM WE DOEN WAT WE DOEN Autonome Motivatie Gecontroleerde Motivatie Verplichting, druk, stressWelwillend, psychologisch vrij “Moeten” “Willen” Futloos, ontmoediging, faalangst Amotivatie “Niet kunnen”

13 Geboeidheid, interesse, plezier Persoonlijke relevantie, zinvol Straf, beloning, verwachting Schaamte, schuld, zelfwaarde  Waar kunnen Kim Clijsters en Justine Henin volgens jullie worden geplaatst? Futloos, ontmoediging faalangst

14 Speelt de kwaliteit van de motivatie een rol? Willen versus moeten

15 Effecten van “Willen” en “Moeten” “Willen” “Moeten” Concentratie Tijdsbeheer Prestaties Actief Klasgedrag.24**.22**.41**.21** -.39** -.37** Vansteenkiste, M., Zhou, M., Lens, W., & Soenens, B. (2005). Experiences of autonomy and control among Chinese learners: Vitalizing or immobilizing? Journal of Educational Psychology, 97,

16 Hupeloosheid Externe druk & verplichting Persoonlijk zinvol & relevant Schuld & schaamte Plezier & interesse Volhouden Tijdstip 2 Volhouden Tijdstip Volharding in functie van verschillende types motivatie Pelletier, L. G., Fortier, M. S., Vallerand, R. J., & Briere, N. M. (2001). Associations among perceived autonomy support, forms of self-regulation, and persistence: A prospective study. Motivation and Emotion, 25,

17 Is meer gemotiveerd zijn steeds beter?

18  4 combinaties zijn dus mogelijjk! Autonome motivatie HoogLaag Gecontroleerde motivatie Hoog Hoog gemotiveerd Zwakke kwaliteit LaagGoede kwaliteit Laag gemotiveerd

19 Steekproefkenmerken -Representatieve Belgische steekproef van werknemers: N = Geslacht: 52.4% mannelijk -Leeftijd ‣ < 30 jaar: 24.6% ‣ jaar: 25.6% ‣ jaar: 28.4% ‣ > 50 jaar: 21.4% -Opleidingniveau: ‣ Lager onderwijs: 5.5% ‣ Middelbaar onderwijs: 55% ‣ Hogeschool: 24.8% ‣ Universiteitsniveau: 14.7% Van den Broeck, A., Vansteenkiste, M., Lens, W., Van Coillie, H. (in progress). Examining employees’ motivational profiles: Does quality or quantity of motivation matter? Manuscript in preparation.

20 Zwakke kwaliteit Lage kwantiteit Hoge kwantiteit Goede kwaliteit Van den Broeck, A., Vansteenkiste, M., Lens, W., Van Coillie, H. (in progress). Examining employees’ motivational profiles: Does quality or quantity of motivation matter? Manuscript in preparation.

21 Zwakke kwaliteit (21%) Lage kwantiteit (11%) Hoge kwantiteit (27%) Goede kwaliteit (41%) Van den Broeck, A., Vansteenkiste, M., Lens, W., Van Coillie, H. (in progress). Examining employees’ motivational profiles: Does quality or quantity of motivation matter? Manuscript in preparation.

22 Is being more strongly motivated a Is meer gemotiveerd zijn steeds beter? Twee relevant vergelijkingen: 1)Goede kwaliteit vs. zwakke kwaliteit = evenwaardig in hoeveelheid, maar verschillend in kwaliteit 2)Goede kwaliteit vs. hoge kwantiteit = verschillend in hoeveelheid én in kwaliteit van motivatie Van den Broeck, A., Vansteenkiste, M., Lens, W., Van Coillie, H. (in progress). Examining employees’ motivational profiles: Does quality or quantity of motivation matter? Manuscript in preparation.

23 Organisationele betrokkenheid in functie van het motivationele profiel Vergelijking 2 Van den Broeck, A., Vansteenkiste, M., Lens, W., Van Coillie, H. (in progress). Examining employees’ motivational profiles: Does quality or quantity of motivation matter? Manuscript in preparation.

24 Productiviteit in functie van het motivationele profiel Vergelijking 2 Vergelijking 1 Van den Broeck, A., Vansteenkiste, M., Lens, W., Van Coillie, H. (in progress). Examining employees’ motivational profiles: Does quality or quantity of motivation matter? Manuscript in preparation.

25 Zijn sterk gemotiveerde leerlingen de beste leerlingen?

26 “Types” Leerlingen: Motivational Profielen (Vansteenkiste, Soenens, et al., in druk) 28% 27% 18% Blauw = Willen Groen = Moeten

27

28

29 Motivationele trends in het secundair onderwijs: Welke verschuivingen zijn er waarneembaar?

30 1ste2de3de4de5de6deF-value Willen2.94AB2.91AB2.73A2.72A2.94AB2.98B4.13*** Plezier 2.19AB 2.20Ab1.97A1.98A2.31B2.29B5.04*** Zinvolheid Ns Moeten3.00AB3.09A2.99AB2.81BC2.79BC2.73C6.75*** Interne druk Ns Externe druk3.08AB3.21B3.11AB2.90BC2.80C2.75C8.58*** Hulpeloosheid Ns Gemiddelde verschilen motivatiescores per leerjaar

31 Gemiddelde verschilen “Plezier” per leerjaar

32 Gemiddelde verschilen “Externe druk” per leerjaar

33 DEEL II De motor van groei: De rol van psychologische behoeftebevrediging

34 Welke behoeftes zouden volgens jullie aan de volgende kenmerken voldoen? Psychologisch AangeborenFundamenteel Universeel Vansteenkiste, M., Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2008). Self-determination theory and the explanatory role of psychological needs in human well-being. In L. Bruni, F. Comim, & M. Pugno (Eds.), Capabilities and happiness. Oxford, UK: Oxford University Press.

35 Basisbehoeftes Behoefte aan autonomie A -Initiator zijn van eigen acties -Zelf aan basis liggen van gedrag Behoefte aan competentie C -Gedrag tot een goed einde kunnen brengen -Controle hebben over uitkomst gedrag Behoefte aan verbondenheid B -Geliefd worden door anderen -Goede, close relaties hebben Vansteenkiste, M., Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2008). Self-determination theory and the explanatory role of psychological needs in human well-being. In L. Bruni, F. Comim, & M. Pugno (Eds.), Capabilities and happiness. Oxford, UK: Oxford University Press.

36 Willen vs. moeten Welzijn Prestaties & persistentie Sociaal Functioneren Schematisch overzicht Autonomie Competentie Relationele verbondenheid

37 DEEL III Hoe kan je een motiverende leeromgeving creëren? of Wat is de brandstof voor de motor? of Hoe de ouder of leerkracht als een “coach” optreden?

38 Behoeftefrustrerende thuis- en school- omgeving Behoeftebevredigende thuis- en school- omgeving Omgeving die positief inspeelt op de drie basisbehoeftes Omgeving die negatief inspeelt op de drie basisbehoeftes

39 Autonomie VerBondenheid Competentie Autonomie- ondesteunende vs. controlerende context Warme vs. kille & verwaarlozende context Structurerende vs. Chaotische context

40 Illustratiegebonden presentatie

41 I. Autonomie-ondersteunende vs. controlerende context

42 •Autonomie-ondersteunende context = context waarin kinderen het gevoel hebben zelf aan de basis te liggen van hun leerproces •Controlerende context = context waarin kinderen worden verplicht om op een bepaalde manier te denken en handelen = eigen “agenda” kost wat kost doordrukken

43 Autonomie-ondersteunende context bevat volgende componenten • Aanbieden van keuze & inspraak • Empathie • Geloofwaardige en zinvolle uitleg • Autonomieondersteunend taalgebruik

44 Illustratie 1: Wat is een motiverend taalgebruik?

45 Probeer zoveel mogelijk autonomie-ondersteunende in plaats van controlerende taal te hanteren - Probeer “moeten” & “verwachten” te vervangen door “kunnen” & “willen” = autoritair & bevelend optreden vb. schoolreglement vb. “Ik verwacht dat je eerst je huiswerk maakt” vs. inspraak laten over wanneer huiswerk gemaakt kan worden” Vb. “Je zou het beter zo eens proberen op te lossen” of “je kan het zo eens proberen op te lossen” Motiverende taal

46 -Probeer om te vermijden om schuld- of schaamte-inducerende taal te hanteren vb. “Je hebt me ontgoocheld” “Ik had beter verwacht van jou” “Jullie zouden zich moeten schamen voor jullie gedrag” “Het wordt nu toch eens tijd dat je zelfstandig leert werken” Motiverende taal

47 Maakt het gebruik van schuldinductie vs. kunnen & willen een verschil ?

48 Procedure • Deelnemers: 80 5 de & 6 de studiejaar obese kindeneren (11-12 year) (adjusted BMI > 182%) • Taak: tekst lezen over klavertje vier (30 min.) • Setting: real-life setting = tijdens normale klasuren Instructies

49 Intern controlerend - dwingend Autonomie- ondersteuend 1)Leren -Oppervlakkig -Diepgaand 2) Fruit eten - Korte termijn - Lange termijn 3) Frisdrank - Korte termijn - Lange termijn

50 Voorbeeld: Veld-experiment “Deze tekst die we je vragen te lezen, vertelt je iets meer over eetgewoontes die je kan aanleren. Door iedere dag een stukje uit elk blaadje van het klavertje vier te eten, kan je proberen om wat op je voeding te letten. Onderzoekers zeggen immers dat kinderen die iedere dag een stuk uit elk blaadje van het klavertje vier eten vaak denken dat hun gezondheid, als ze jaar oud zijn, beter zal zijn; kinderen denken ook vaak dat ze dan fitter zullen blijven. Bovendien denken vele kinderen dat ze op die manier ook actiever zullen blijven. Om zich beter te voelen over hun gezondheid en conditie volgen vele kinderen dan het klavertje vier door bijvoorbeeld fruit, yoghurt en groeten te eten in plaats van te snoepen of frisdrank (bvb. cola, fanta, ice-tea enz.) te drinken. Vele kinderen volgen dus het klavertje vier omdat ze zich schuldig zouden voelen indien ze ziek en ongezond zouden worden door hun eigen schuld, of niet langer fit en actief blijven door hun eigen fout. Het is dus voor je eigen goed dat we je vragen om deze tekst over het klavertje vier aandachtig te lezen.”

51 “De tekst die we je vragen te lezen, vertelt iets je meer over de eetgewoontes die je kan aanleren. Onderzoekers zeggen dat kinderen aandacht kunnen besteden aan hun voeding door bijvoorbeeld iedere dag één stukje uit elk blaadje van het klavertje vier te eten. Op die manier blijf je later, als je jaar oud bent, immers kerngezond en fit. Bovendien kan je op die manier ook actief en in goede conditie blijven (je kan bijvoorbeeld lang blijven bewegen en sporten). Kerngezond en actief blijven kunnen voor jou goede redenen zijn om te proberen om het klavertje vier na te leven door bijvoorbeeld fruit, yoghurt en groeten te eten in plaats van te snoepen of frisdrank (bvb. cola, fanta, ice-tea, enz.) te drinken. Omdat je erdoor gezond blijft, kan je dus proberen om het klavertje vier dagelijks op te volgen. Maar ook als je actief en fit wil blijven, zodat je lang kan blijven doorgaan als je moet bewegen en sporten, kan je ook beslissen om het klavertje vier te volgen. Omwille van deze reden kan het dus belangrijk zijn om deze tekst over het klavertje vier aandachtig te lezen.

52

53 ZDT: Internalizatieproces

54 pag ZDT: Internalizatieproces

55 “Het wordt nu toch eens tijd dat je zelfstandig leert werken!” Is zelfstandig werken altijd een keuze?

56 Gecontroleerd (onder druk) Autonoom (zelfgewild) AfhankelijkheidZelfstandigheid “Het wordt nu toch eens tijd dat je zelfstandig leert werken!” Noot: Autonome motivatie of “willen” is niet hetzelfde als zelfstandigheid of afhankelijkheid  Zelfstandigheid = zelfstandig werk kunnen uitvoeren, zonder directe hulp/advies van anderen

57 Zelfstandig vs. samen wonen bij opkomende volwassenen: Een kwestie van keuze of verplichting? Kins, E., Beyers, W., Soenens, B., & Vansteenkiste, M. (in press). Patterns of home leaving and subjective well-being in emerging adulthood; The role of motivational processes and parental autonomy support. Developmental Psychology.

58 Autonome Motivatie Tevredenheid met woonsituatie Levenstevre- denheid.40***.17* SWLS SVS CES-D Gecontroleerde Motivatie -.12 Samen wonen vs. zelfstandig wonen ***.22*** Kins, E., Beyers, W., Soenens, B., & Vansteenkiste, M. (in press). Patterns of home leaving and subjective well-being in emerging adulthood; The role of motivational processes and parental autonomy support. Developmental Psychology.

59 Illustratie 2: Resulteert autonomieondersteuning niet in grenzeloze vrijheid?

60 Structurende vs. chaotische context

61 •Structurerende context = de mate waarin kinderen een houvast wordt geboden, zodat ze weten wat van hen verwacht wordt en ze zich competent voelen om een bepaald studieresultaat neer te zetten. •Chaotische context = een onduidelijk en onvoorspelbare leeromgeving, waarin ouders & leerkrachten zich kritisch uitlaten

62 Nuance: Autonomie-ondersteuning is niet gelijk aan een laissez-faire mentaliteit = gebrek aan structuur & regels vb. gebrek aan regels & afspraken Controlerend Autonomie- ondersteunend Gebrek aan structuur = chaos Structuur = houvast

63 Illustratie 2 •Sample: 6-7 jaar oude kinderen •Taak: Schilderen •Experimenteel design: Regels worden op informationele vs. controlerende wijze geïntroduceerd  Regels = bieden houvast & structuur  Subjectieve betekenis van regels verschilt in beide condities! Koestner, R., Ryan, R. M., Bernieri, F., & Holt, K. (1984). Setting limits on children's behavior: The differential effects of controlling versus informational styles on children's intrinsic motivation and creativity. Journal of Personality, 54,

64 “Vooraleer je begint wil ik je even vertellen hoe we hier in de klas schilderen. Ik besef dat het soms plezant is om gewoon de borstels en verf te laten rondslingeren, maar hier proberen we het schildermateriaal en de klas proper te houden voor de andere die het willen gebruiken. Je kan schilderen op de kleinere tekening, maar liever niet op de rand er rond. Ook het schildermateriaal proberen we proper te houden. We vragen je dus om de borstels uit te wassen en af te drogen vooraleer je een ander kleur gebruikt. Ik besef dat sommige kinderen het niet leuk vinden om heel de tijd proper te moeten werken, maar je kan nu proberen om proper te zijn.” Instructies: Autonomie-ondersteuning

65 “Vooraleer je begint wil ik je een aantal dingen vertellen die je zult moeten doen. Er bestaan hier regels over de manier waarop je schildert. Je moet het schildermateriaal proper houden. Je kan enkel op deze kleinere tekening schilderen. Het is verboden om te morsen op de grotere tekening. Je moet je borstel uitspoelen en uitdrogen vooraleer je een nieuwe kleur gebruikt, zodat de verschillende kleuren niet gemengd geraken. In het algemeen wil ik dat je gedraagt als een flinke jongen/meisje. Maak geen rotzooi van de schildertekeningen.” Instructies: Dwingend / Controlerend

66 Afhankelijke variabelen -Intrinsieke motivatie: gedragsmeting -Kwaliteit tekening: a)technische kwaliteit (b.v., uitdrukking van mening, netheid, symmetrie, organisatie, etc.) b)Aantal kleuren

67 Koestner, R., Ryan, R. M., Bernieri, F., & Holt, K. (1984). Setting limits on children's behavior: The differential effects of controlling versus informational styles on children's intrinsic motivation and creativity. Journal of Personality, 54,

68

69

70 Illustratie 3: Moet (ouderlijk) verbieden verboden worden?

71 Verbod = manier om structuur aan te brengen en gedrag te begrenzen vb. verbod omtrent kledij, snoepen, liegen, met je mond vol eten praten, met bepaalde vriendjes omgaan, anderen slaan etc. Controlerend Autonomie- ondersteunend Gebrek aan verbod = chaos Verbieden = vorm van houvast & structuur Vansteenkiste, M., Wuyts, D., Vosch, S., & Soenens, B. (2009). Moet ouderlijk verbieden verboden worden? Het effect van stijl en domein van verbieden. Manuscript voorgelegd ter publicatie.

72 « Moet ouderlijk verbieden verboden worden? » of « Hoe nuttig is het om een verbod in te voeren? »  Twee vragen zijn relevant: 1.Hoe introduceer je het verbod? 2.Welk soort verbod introduceer je? Vansteenkiste, M., Wuyts, D., Vosch, S., & Soenens, B. (2009). Moet ouderlijk verbieden verboden worden? Het effect van stijl en domein van verbieden. Manuscript voorgelegd ter publicatie.

73 Controlerend Extern controlerend: druk van buitenaf - dreigen met straf - afnemen van privileges - fysiek slaan - materieel belonen - verplichtende taal Intern controlerend: druk van binnenuit - schuldinductie - schaamte-inductie - angst-inductie - respect opeisen - voorwaardelijke aandacht Autonomie- ondersteunend Vrijheid van binnenuit - empathie - voorzien van een zinvolle uitleg - keuze aanmoedigen - positieve feedback Vraag 1: Hoe introduceer je een verbod?

74 Morele Domein Conventionele Domein Persoonlijke Domein - Fysieke & psychische welzijn van anderen (vb. niet slaan) - Rechtvaardigheid & fairheid (vb. beloftes nakomen) - Tafeletiquette - Familiegewoontes (vb. moederdag vieren) - Regels mbt rollen - Keuze van vrienden, kledij & kapsel - Gezondheid - Voorzichtigheid Prudentiële Domein Vraag 2:Welk soort verbod introduceer je? Vansteenkiste, M., Wuyts, D., Vosch, S., & Soenens, B. (2009). Moet ouderlijk verbieden verboden worden? Het effect van stijl en domein van verbieden. Manuscript voorgelegd ter publicatie.

75 Mate van verbieden Autonomie- ondersteunend verbieden Controlerend verbieden Moreel Aanvaarding Verzet.19*.10.27** -.31** -.39**.14* Vriendschap Aanvaarding Verzet **.25** -.29** -.32**.23**

76 Praktische implicaties

77 Tip 1: Probeer preventief te werken  Belang van pro-actief opvoeden = actief aanbrengen van waarden & normen ipv bij overtreding  Warm & geborgen nest, waarbij je als ouder tijd deelt met kinderen en hen toelaat zichzelf te zijn, waardoor ze jouw waarden & normen sneller accepteren

78 Tip 2: Het stellen van grenzen is noodzakelijk = aangeven wat wenselijk en niet wenselijk is  Permissief klimaat = risico voor probleemgedrag  Misschien meer dan vroeger worden zaken verboden uit angst en bezorgdheid voor het onbekende Vb. Internet, gaming, drugs etc.  vertrouwen in de spontane groeitendens van je kind = proces van vallen & opstaan, waarbij je niet perfect dient te zijn

79 Tip 3: Als je grenzen stelt en verwachtingen duidelijk maakt, probeer het dan niet in overdreven mate te doen  Hoe meer regels, hoe meer druk, die het spontaan functioneren beknotten  Een arsenaal aan regels gaat vaak gepaard met het opstellen van een breed gamma aan straffen & beloningen = op een controlerende wijze toezicht houden

80 Tip 4: Als je grenzen stelt en verwachtingen duidelijk maakt, pas dan op welk terrein je jou begeeft!  Afhankelijk van wat je verbiedt, zal je als meer of minder bemoeizuchtig overkomen  Naarmate jongeren ouder worden vallen ook meer zaken binnen het private domein vb. Vrienden, kapsel, etc.

81 Tip 5: Als je grenzen stelt en verwachtingen duidelijk maakt, probeer dan een controlerende stijl te vermijden  « Ik had het je nog zo gezegd dat je dit niet mocht doen »; « Wanneer ga je nu eens respect vertonen voor je vader? »; « Wie denk je wel dat je bent? »  Autoritair opleggen van externe gevolgen bij het overtreden van verbod  Onredelijk straffen  Navolging van verbod afdwingen met een straf- en beloningssysteem => Tijdelijk naleven van regels! vb. Op scoutskamp veel snoepen ipv fruit eten

82 Tip 6: Als je grenzen stelt en verwachtingen duidelijk maakt, probeer dan een autonomie-ondersteunende stijl te hanteren  Rebels gedrag = gemotiveerd gedrag  Begrip vertonen voor het waarom voor het overtreden van het verbod  Consequenties bij het overtreden apriori vastleggen in samenspraak met jongere + consequent optreden!  Zinvolle uitleg proberen te geven voor verbod, zodat begrip toeneemt

83 Illustratie 4: Hoe kinderen motiveren voor hun huiswerk?

84 Tip 1: Probeer begaan te zijn met het je kind Tip 2: Verschil tussen frequentie van betrokkenheid & wijze van betrokkenheid  Te hoge frequentie van toezicht houden kan bemoeizuchtig overkomen < indicatie van achterdocht of controledwang vb. « En, is je huiswerk al klaar? »  Betrokkenheid kan verschillende vormen aannemen a) oprechte interesse in het soort huiswerk  resultaatgericht bevragen van huiswerk vb. « Welk soort huiswerk kreeg je vandaag? » of « Was het interessant? » b) Koppelen van aandacht en beloningen aan huiswerk  Impliciet boodschap: huiswerk = vervelend

85 Tip 3: Probeer preventief te werken: samen afspraken vastleggen rond huiswerk => via inspraak komen tot een aantal afspraken rond:  timing vb. Ouders dringen aan om het onmiddellijk te doen vanuit ‘ontspanning na inspanning’-credo  spreiding vb. In het begin van het WE alles in één keer vs. gespreid over het WE => « dan ben je er van af »  Impliciet boodschap: huiswerk = vervelend en moet snel af zijn

86 Tip 4: Naarmate kinderen ouder worden, worden ze zelfstandiger en wensen ze geen hulp meer  Wordt eerder als bemoeizuchtig i.p.v. behulpzaam ervaren  Schoolwerk wordt meer en meer een persoonlijk thema

87 Illustratie 5: Hoe de kennis van kinderen op een motiverende wijze toetsen?

88 1.Evaluatie ondermijnt plezier in de activiteit vs. geen evaluatie  Gemiddeld gezien wordt evaluatie als controlerend ervaren 2.Wijze waarop evaluatie wordt aangebracht: a)Controlerend b)Autonomie-ondersteunend Harackiewicz, J. M., Abrahams, S., & Wageman, R. (1987). Performance evaluation and intrinsic motivation – The effects of evaluative focus, rewards, and achievement orientation. Journal of Personality and Social Psychology, 53,

89 ControlerendAutonomie-ondersteunend ‘dit is een test; het is de bedoeling dat je toont hoeveel je er van kent’  Evaluerende focus ‘ik ben enkel benieuwd om te weten wat je er van kent, zodat ik sommige stukken misschien beter opnieuw kan uitleggen’  Niet- evaluerende focus ‘te zien wie het beste scoort’  sociale norm is referentiepunt ‘te zien of je materie onder de knie hebt’ of ‘of je vooruitgang hebt gemaakt’  eigen functioneren is referentiepunt ‘zij die het beste scoren krijgen hiervoor een beloning’ Geen toevoeging van beloningen aan goed presteren Effect: Lokt -Sociale vergelijking uit -Testangst & interne spanning uit  autonomie-ondermijnend Effect: Lokt - Intra-individuele vergelijking uit - Focus is taak beheersen  Meer autonomie-bevredigend

90 Situering: 1)Aangekondigde toetsen brengen structuur & duidelijkheid 2)Onaangekondigde toetsen zullen eerder gezien worden als controlerend => gebrek aan vertrouwen om op te letten en spontaan te studeren Controlerend Autonomie- ondersteunend Gebrek aan structuur = onaangekondigde toets Structuur = aangekondigde toets X

91 Vraag: Kan een onaangekondigde toets dan niet op een autonomieondersteunende wijze worden aangebracht? Jawel! Indien -leerlingen zelf in het begin van het schooljaar kiezen voor een dergelijke aanpak -er een goede verantwoording wordt voor geboden, zodat leerlingen het principe volledig kunnen onderschrijven

92 Illustratie 5: Welke opvoedingsstijl hanteren perfectionistische ouders?

93 Ouderlijk Maladaptief Perfectionisme Ouderlijke Adaptief Perfectionisme Maladaptief Perfectionisme Dochters Adaptief Perfectionisme Dochters Psychologische Controle.39*** /.75***.24* /.18*.26*** /.27***

94 Relevante literatuur Nederlandstalige literatuur Sierens, E., Soenens, B., Vansteenkiste, M., Luyckx, K., & Goossens, L. (2006). Een conceptuele en empirische analyse van leerkrachtstijlen vanuit theorieën over ouderlijke opvoedingsstijlen en de zelf- determinatietheorie. Pedagogische Studieën, 83, Vansteenkiste, M., Soenens, B., Sierens, E., & Lens, W. (2005). Hoe kunnen we leren en presteren bevorderen? Een autonomie- ondersteunend versus controlerend schoolklimaat. Caleidoscoop, 17, Vansteenkiste, M., Sierens, E., Soenens, B., & Lens, W. (2007). Willen, moeten en structuur: Over het bevorderen van een optimaal leerproces. Begeleid Zelfstandig Leren, 37, 1-27.


Download ppt "Kinderen/jongeren en motivatie: Wil je of moet je leren en de regels volgen? Prof. Dr. Maarten Vansteenkiste Universiteit Gent Contactadres:"

Verwante presentaties


Ads door Google