De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Zorgnetwerk, mei 2013.  Er is meer mantelzorg in Duitsland, NL regering wil dat ook  Duitsland is veel meer vergrijsd dan Nederland en toch is de zorg.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Zorgnetwerk, mei 2013.  Er is meer mantelzorg in Duitsland, NL regering wil dat ook  Duitsland is veel meer vergrijsd dan Nederland en toch is de zorg."— Transcript van de presentatie:

1 Zorgnetwerk, mei 2013

2  Er is meer mantelzorg in Duitsland, NL regering wil dat ook  Duitsland is veel meer vergrijsd dan Nederland en toch is de zorg goedkoper.  Hoe is de financiering van zorg in Duitsland geregeld in vergelijking met Nederland?  Wat komt er op ons af als het gaat om ontwikkelingen in de zorg, zowel nationaal als internationaal?

3  1. NL zorg in internationaal perspectief  2. Regeringsbeleid  3. Langdurige zorg in Duitsland  4. Wat kunnen wij leren van Duitsland?  5. Ouderenzorgkostenstijging is verzekeringsprobleem  6. Verzorgingsstaat afbouwen is zeer pijnlijk  7. Conclusies

4

5  OESO 2011: NL uitgaven curatieve zorg is OESO gemiddelde  Maar NL uitgaven langdurige zorg zijn 2 maal zo hoog!  NL is koploper na Zweden  NL en Zweden kennen geïnstitutionaliseerde zorg  Betekent niet dat NL te duur of stelsel slecht  NL is voorbeeld voor andere landen  Betaalbaarheid is probleem zegt EC 2009

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20  2012 budget medische zorg €36 miljard. Meer helft is voor verpleging,  financiering: private ziektekostenverzekering, kapitaaldekkingstelsel, geld reserveren voor uitkeringsrechten in bepaald jaar, minder gevoelig vergrijzing  Lange termijn zorg is omslagstelsel, kosten worden betaald uit lopende premieontvangsten, gevoelig voor vergrijzing  Langdurige zorg 2012 €26 miljard

21

22  Gemeenten: zorg aan huis, huishoudelijke hulp alleen vergoed bij laag inkomen  Zorgverzekeraars: medische zorg, verpleging, langdurige geestelijke zorg  Rijksoverheid: langdurige zorg De zwaardere zorg voor ouderen/gehandicapten in instellingen. Blijft vergoed uit de AWBZ. Cliënten wel hogere eigen bijdrage

23  mensen met een beperking ondersteuning kunnen krijgen.  Het kan gaan om ouderen, gehandicapten of mensen met psychische problemen.  bijvoorbeeld huishoudelijke hulp of een rolstoel.  zo veel mogelijk zelfstandig blijven wonen. Gemeenten voeren de WMO uit.  2015 Begeleiding en persoonlijke verzorging van AWBZ naar WMO

24  Meer geld voor persoonsgebonden budget  Vanaf 2013 is er extra geld voor het persoonsgebonden budget (pgb) vanuit de AWBZ. Daardoor komen meer mensen in aanmerking voor een pgb dan in  Heeft u een AWBZ-indicatie voor persoonlijke verzorging of verpleging? Dan kunt u in aanmerking komen voor een pgb.  Heeft u een AWBZ-indicatie voor begeleiding? Dan kunt u alleen bij een indicatie van 10 uur of meer per week een pgb krijgen.

25  Het kabinet wil dat mensen langer zorg thuis kunnen krijgen.  Op die manier blijft de zorg betaalbaar en kunnen mensen langer over hun eigen leven blijven beslissen.  Daarom krijgen meer mensen in 2013 een indicatie voor zorg thuis. Dit heet ook wel extramurale zorg.

26  Mensen die in 2012 nog in aanmerking zouden zijn gekomen voor een licht zorgzwaartepakket en een indicatie voor zorg in een instelling (intramuraal), krijgen in 2013 een indicatie voor zorg thuis. Had u op 1 januari 2013 een indicatie voor zorg met verblijf? Dan behoudt u uw recht op zorg in een instelling.  Het kabinet wil dat op termijn ook zwaardere vormen van zorg thuis worden geleverd.

27  De ingezette transitie van extramurale begeleiding vanuit de AWBZ naar de WMO wordt doorgezet.  Gemeenten worden vanaf 2015 verantwoordelijk voor ondersteuning, begeleiding en verzorging.  De aanspraak op dagbesteding wordt vanaf 2014 geschrapt.  Begeleiding en ondersteuning vanuit de WMO is er nog voor mensen die het écht nodig hebben.  De overheveling van extramurale begeleiding en verzorging vanuit de AWBZ naar de WMO gaat gepaard met een korting van 25%

28  Vanaf 2013 vervallen de aanspraken voor ZZP 1 en 2.  Er zijn plannen voor het extramuraliseren van de lichte ZZP 's 1 t/m 3.  Het gaat om mensen die gebruik maken van aanleunwoningen bij een verzorgingshuis of een beschermde woonomgeving met een lichte ondersteuningsvraag.  Per 2016 wordt de aanspraak op ZZP-4 geschrapt.

29  De helft van de bezuinigingen op de thuiszorg wordt teruggedraaid. Niet 25 % maar 60 % overeind  Een jaar uitstel voor de bezuinigingen op de dagbesteding, persoonlijke verzorging en de thuishulp.  De bezuiniging om verstandelijk gehandicapten meer thuis te laten wonen gaat niet door.

30  Oppositie: "Door zo fors te bezuinigen op thuiszorg, het persoonsgebonden budget en dagbesteding belast je mantelzorgers enorm en jaag je mensen die zorg nodig hebben juist de instelling in”

31  noodzakelijke hervorming van de langdurige zorg door kostenexplosie.  AWBZ terug naar de kern, zodat we deze zorg ook in de toekomst kunnen bieden.  Lichtere zorg en ondersteuning, zoals de begeleiding en de persoonlijke verzorging, naar gemeenten  Meer kijken wat mensen zelf kunnen regelen, voordat ondersteuning overheid  Mensen blijven langer thuis wonen, in plaats van naar een instelling te moeten verhuizen.

32  Kwetsbare ouderen en gehandicapten blijven recht hebben op een plaatsje in een zorginstelling  Dus regeerakoord (AWBZ) om te vormen tot een nieuwe landelijke voorziening. In die opzet bepaalde de gemeente of iemand hulp kreeg, maar die hulp blijft nu een verzekerd recht

33  Verder is er, onder zeer strikte voorwaarden, recht op een persoonsgebonden budget (pgb) waarmee mensen zelf hun zorg kunnen regelen. Daarnaast wordt de thuisverpleging zo geregeld dat mensen niet alleen de medische, maar ook de niet-medische hulp kunnen krijgen van dezelfde hulpverlener. En ter vervanging van diverse regelingen die elkaar overlapten komt er in 2014 een vangnet (700 miljoen euro) om maatwerk te kunnen leveren bij inkomenssteun.

34  De opbouw versus de afbouw van de verzorgingsstaat;  -Het sociale weefsel dat kapot is doordat de staat alles heeft georganiseerd;  -Nederlandse versus het Duitse systeem;  -Nu: AWBZ / PGB gewenning, toekomst: Spaarsystemen voor kinderen;  -Duitse systeem uitleggen aan Nederlanders;  -Financiering en organisatie van de toekomstige zorg;

35

36

37

38

39  DTSL % ,4 %  Frankrijk ,5 % ,2 %  EU gem ,3 % ,4 %  NL ,5 % ,1 %

40

41  NL, Zweden kent individueel recht op zorg  Dtsl, Oost., Italië, Frankrijk: verantwoordelijkheid en keuze bij mensen zelf:  Tegoedbon of budget, moet zelf aanvullen  Lokale overheid vangnet minder draagkrachtigen

42  Nu werkt 15,1 % beroepsbevolking in zorg, 1,3 miljoen mensen  Komende 20 jaar: werknemers extra nodig  Vanwege groei langdurige zorg, arbeidsaanbod <  Spanning arbeidsmarkt leidt looninflatie

43  Private bijdrage in vorm eigen bijdrage, eigen risico en aanvullende zorgverzekeringen zijn in NL lager dan rest  Om langdurige zorg betaalbaar te houden kan NL leren van DTSL

44

45  In DTSL is bevolking verder vergrijsd maar kosten lager  Kosten aanzienlijk lager  Sociale verzekering voor langdurige zorg  Kosten beperkt doordat thuiszorg gestimuleerd wordt  Groter beroep eigen verantwoordelijkheid door hogere eigen betalingen

46

47

48

49

50

51

52

53  AWBZ kent 5 soorten zorg:  1. persoonlijke verzorging  2. verpleging  3. begeleiding  4. verblijf verpleeghuis of verzorgingshuis  5. hulp om te genezen

54  personen thuiszorg uit AWBZ of WMO  246.ooo personen in intra-murale AWBZ instelling  86 % van personen in verpleeg/verzorgingshuizen ouder dan 75 jaar  Rest intramurale zorg verblijft in instellingen van gehandicapten of jeugdzorg, of geestelijke gezondheidszorg

55  Zorg zonder verblijf komt in zorg in natura of PGB  Op PGB is al eigen bijdrage <  1998 invoering pgb mensen, in mensen!  AWBZ premie is 12,15 % bruto inkomen exclusief rijksbijdrage

56  Twee soorten eigen bijdragen  Lage bijdrage voor zorg zonder verblijf en voor intramurale zorg als 1 van de partners in eigen woning achterblijft  Hoge bijdrage voor andere intra-murale zorg  Lage bijdrage is 2011 minimaal 145 euro en maximaal 764 euro per maand  Hoge bijdrage is maximaal 2094 euro per maand

57  Kent sinds 1995 een sociale verzekering voor langdurige zorg: Pflegeversicherung  Voor die tijd waren langdurig zieken voor kosten verpleging en verzorging aangewezen op bijstand  Anders dan NL: Duitse zelfstandigen niet rechtswege verzekerd, moeten private verzekering afsluiten  DTSL soberder NL

58

59

60  Financiering net als NL via het bruto inkomen  Premie hangt af van hebben kinderen  2008 premie huishoudens zonder kinderen 1,9 % en met 2,2 %  Aanspraken minder ruim dan in NL:  Vergoeding verpleging en verzorging maar niet voor huisvesting, activering en begeleiding  2007: 2,25 miljoen (van 82 miljoen) hierop aangewezen

61  Mensen hebben in DTSL recht op langdurige zorg:  Als assistentie nodig is bij essentiële taken zoals lopen, huishouden, voeding en verzorging  Indicatie vooral gericht lichamelijk functioneren  Psychische problemen slechts beperkt recht op vergoeding

62  Drie zorgzwaarte categorieën voor extra en intramuraal:  Categorie 1: 1 x dag hulp nodig  Categorie 2: 3 x dag hulp nodig  Categorie 3: elk uur hulp nodig  Intramurale gehandicapten krijgen ook Pflegeversicherung

63  Men kan opteren voor 3 soorten zorg:  1. intramurale zorg  2. tegoedbonnen  3. uitbetaling geld in vorm mantelzorgkostenforfait

64  Van intramurale zorg in Duitse verpleeg- of verzorgingshuizen wordt 75 % van verplegings- en verzorgingskosten vergoed  Dus forse eigen bijdrage!  Omdat wonen en zorg gescheiden zijn, betaalt iemand in verpleeg/verzorg. Huis daarbovenop nog 600 euro voor kost en inwoning  Minvermogenden krijgen bijstand

65  Tegoedbonnen of mantelzorgkostenforfait  Tegoedbonnen: 2010: 450 euro voor niveau 1, 1100 euro niveau 2, 1550 euro niveau 3  Tegoedbon inleveren Agentschap ambulante zorg dat verplegers en verzorgers contracteert  Mantelzorgkostenforfait is 50 % lager dan tegoedbon. Geen verantwoording nodig  Combinatie tegoedbon en forfait mogelijk indien tegoedbonnen niet zijn opgemaakt

66  Gevolg 2006 slechts 30 % Duitse geïndiceerden kiest voor verzorg./verpl. Huis  40 % kiest mantelzorgkostenforfait, betekent dat in regel ouderen in familieverband worden opgevangen  Overige 30 % ontvangt langdurige zorg thuis via Agentschap of combinatie  Revalidatie wordt gedekt Pflegeversicherung maar alleen nachtverpleging, prikkel thuiszorg

67  Langdurige zorg in DTSL: zo lang mogelijk thuis blijven wonen  DTSL: sterke prikkels tot thuiszorg en familie  Kans dat ouderen in verpl.verzorg. huis verblijft is 58 % kleiner dan in NL!  Ook vrijheid besteding mantelzorgkostenforfait bevordert (ondanks afslag 50 %) opvang familieverband

68  Opvang familieverband ook bevordert door:  1. gratis scholingsaanbod mantelzorg familieleden en andere informele zorgverleners  2. in DTSL makkelijker woningaanpassingen gericht op zelfstandig wonen ouderen  3. DTSL scheidt wonen en zorg, kan men beter aansluiten bij woonwensen zorgaanvragers. Ouderen langer thuis

69  Van Rijn vraagt zich af of huishoudelijke hulp wel onder ziektekosten valt en of huishoudelijke hulp niet door de kinderen betaald kan worden. Aanleiding voor het gesprek zijn de hervormingen in de AWBZ, waaronder de forse bezuinigingen in de thuiszorg van 75 procent op de huishoudelijke hulp en 25 procent op begeleiding.

70  Kamerleden Keijzer en Van Dijk stellen in het artikel dat gemeenten in de keukentafelgesprekken best mogen vragen wat kinderen eventueel financieel kunnen bijdragen, maar dat meebetalen nooit verplicht mag worden. 'De gemeente mag ernaar kijken en dat gebeurt al, maar als de kinderen meebetalen aan de zorg voor hun ouders dan op vrijwillige basis', zegt Keijzer. ' We willen geen verplichting zoals in Duitsland. Daar moeten de kinderen hun loonstrookje laten zien.

71

72  DTSL leert ons: hogere eigen bijdrage en eigen regie leidt tot houdbaarder zorg  Misschien kinderen naar inkomen verplicht laten meebetalen  In ieder geval slaagt DTSL er beter in dan NL om ouderen zo lang mogelijk thuis te laten wonen  Er is echter ook nog een andere oplossing…

73

74  15 % gehandicaptenzorg  15 % chronische en psychiatrische patienten  70 % zorg voor ouderen  Wij richten ons hier op de ouderenzorg

75  1. solidariteit tussen generaties: is de zorg voor ouderen op te brengen door jongeren? Of moeten ouderen deel zelf betalen?  2. vraag naar optimale verzekering ouderenzorg  3. uitvoering van de verzekering

76  Te simpel: kosten moeten < dus iedereen betaalt zelf  Verzekering levert welvaartwinst op, mensen zijn risicoavers  Zonder verzekering worden mensen onnodig gedwongen om te sparen  Kritisch kijken wat wel/niet verzekerd moet worden en in welke mate

77  Verzekering hoeft maar partieel te zijn met name voor hogere inkomens:  1. Moral hazard, onnodig gebruik afremmen  2. verband gezondheid en waarde geld  A. geld is minder waard bij slechte gezondheid  B. bij ouder worden fysiek mentaal < dus optimaal om minder te consumeren, zodat geld vrijkomt voor verzorging en verpleging

78  Indien ouderenzorg naar zorgverzekeraars:  Voordeel langdurige zorg en ziekte bij 1 uitvoerder  1. Probleem: langdurige zorg past niet bij kortlopende verzekeringscontracten  2. Probleem: verzekeringsbenadering past niet bij karakter van een voorziening die de ouderenzorg nu kenmerkt

79  Moet zorg collectief worden verzekerd?  Leidt groei collectieve verzekering tot ongewenste herverdelingseffecten?  Dat is dus subtieler dan de constatering dat de zorg een te groot beslag legt op collectieve lasten en dus kosten <

80  Is toekomstige modale tweeverdiener in 2040 bereid om 36 of zelfs 47 % van inkomen aan zorgpremies te betalen?  Nu geeft gemiddeld gezin 23 % aan ziekte plus langdurige zorg

81

82

83

84  Rijk consumeert minder maar betaalt meer  Rijk doet minder beroep collectief gefinancierde zorg  Premies ziektekosten ZVW en AWBZ zijn inkomensafhankelijk  Rijk betaalt 1700 euro meer dan zij ontvangen  Arm betaalt 1100 minder dan zij ontvangen  Langdurige zorg: Rijk – 1200 en arm  Beide betalen mee gehandicaptenzorg

85  Lasten van modale tweeverdiener stijgen dan van 12 % tot 24 %  Dit kan men niet zomaar neerleggen bij de hogere inkomens omdat zij weinig van de stijging profiteren  Premies zijn leeftijdneutraal, dus worden stijgende kosten betaald door jongeren

86  Zorgkosten > leiden tot premies > en belastingen > daardoor zal econ. groei <  Vraagstuk inkomenssolidariteit  Oplossing: premies voor iedere groep moeten overeenkomen met profijt  Probleem blijft dat met zorgkosten > de premie voor de lage inkomens onbetaalbaar wordt  Verzekeringsprobleem!

87  Moral hazard: meer dan optimaal gebruik van zorg en minder aandacht preventie  Geen keuzevrijheid en differentiatie in keuze verzekeringspakketten tussen inkomensgroepen  Uniforme zorg: te royaal voor armen en te karig voor rijken  Indien we dit niet aanpassen, zullen lage inkomens steeds meer gecompenseerd worden en dat gaat ten koste econ. groei

88

89  2000 beleidsomslag  Wegwerken wachtlijsten  Verbeteren kwaliteit zorg  Invoering PGB’s  Verruiming indicaties

90

91  Rijk is gezonder dan arm  Rijk doen aan opting out, collectieve zorg is minder interessant voor hen  Vrouwen hebben lager levensloopinkomen en leven langer

92

93  Je kunt vergrijzingsprobleem en economische groei probleem oplossen met andere financiering  AWBZ leeftijdsspecifieke premies gecorrigeerd voor profijt  Zorguitgaven niet meer herverdelingsinstrument  Sparen is geen alternatief, voor grote schades levert verzekeren welvaartswinst op  Einde uniforme zorg

94  AWBZ leeftijdsspecifieke premies gecorrigeerd voor profijt lukt politiek misschien niet  Eigen risico is al inkomensafhankelijk  Kinderen moeten misschien toch gaan betalen voor ouders, zoals in DTSL  Deels kapitaalgedekt verzekeren voor langdurige zorg is een alternatief om te overwegen

95

96  Verzorgingsstaat heeft geleid tot individualisering en verzwakking familiebanden  Het sociale weefsel is aangetast  Veel kinderen zullen duiken, 500 euro per maand voor ouders zijn zij niet gewend  Populistische partijen houden mythe in stand dat zorg bij ongewijzigd beleid betaalbaar blijft

97  Lukt het politiek om premies leeftijdsafhankelijk te maken?  Lukt het politiek om eigen bijdrage >  Lukt het de politiek om pakket <  Lukt het de politiek om kinderen aan te slaan voor hun ouders? Maar ze betalen al veel  Lukt het om meer ouderen thuis te verzorgen?  Als het mislukt gaan de zwakkeren het gelag betalen

98

99  1. Rijk betaalt arm en jong betaalt oud, dat wordt door vergrijzing en stijgende zorgkosten onhoudbaar  2. Uniforme zorg: te royaal voor armen en te karig voor rijken  3. er moet iets gebeuren

100  1. AWBZ leeftijdsspecifieke premies gecorrigeerd voor profijt  Dus keuzevrijheid en differentiatie in keuze verzekeringspakketten tussen inkomensgroepen  Maar dat is einde uniforme zorg  2. Deels kapitaalgedekt verzekeren  3. misschien ook kindbijdrage  4. bedrijfsvoering AWBZ en WMO kan echt beter

101  zal staat premie armen subsidiëren ten koste van econ. groei en dan betalen uiteindelijk de zwakkeren de rekening!  Denk ook aan het Japanse scenario van tien jaar nauwelijks groei  Een betaalbare zorg is de meest sociale politiek die er bestaat!!!


Download ppt "Zorgnetwerk, mei 2013.  Er is meer mantelzorg in Duitsland, NL regering wil dat ook  Duitsland is veel meer vergrijsd dan Nederland en toch is de zorg."

Verwante presentaties


Ads door Google