De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

George de Kam.  Definitie woonservicegebied: ◦ Wijk/dorp (5.000 tot 10.000 inwoners) ◦ Gecoördineerd dienstenaanbod wonen, welzijn en zorg, t/m onplanbare.

Verwante presentaties


Presentatie over: "George de Kam.  Definitie woonservicegebied: ◦ Wijk/dorp (5.000 tot 10.000 inwoners) ◦ Gecoördineerd dienstenaanbod wonen, welzijn en zorg, t/m onplanbare."— Transcript van de presentatie:

1 George de Kam

2  Definitie woonservicegebied: ◦ Wijk/dorp (5.000 tot inwoners) ◦ Gecoördineerd dienstenaanbod wonen, welzijn en zorg, t/m onplanbare 24-uurszorg en aanpassingen aan de woning ◦ Kwetsbare bewoners kunnen langer zelfstandig blijven wonen in hun eigen woning en/of woonomgeving  langer deelnemen aan vertrouwde samenleving ◦ Verhuizen naar zorgwoning binnen het woonservicegebied mogelijk  Doel woonservicegebieden: zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen te midden van anderen, zodat een levensloop bestendige leefomgeving ontstaat 2

3 3

4  Ondersteunende website  Bijvoorbeeld nterventie/details?id=214 Seniorensoos Andromeda in Eindhoven nterventie/details?id=214 4

5  Narratieve methode, ontwikkeld door HAN ◦ Vraaggesprekken (n=36 per proeftuin) ◦ Betekenis verhalen ouderen ◦ Constructie vraagpatronen (wat ouderen eisen, willen, nodig hebben, bijdragen) ◦ Onderkennen vraagpatronen met respondenten en betrokkenen (transdisciplinair met perspectief bewoner, professional, beleid en lokale netwerken)  Referentiegebieden voor narratieve methode  Beuningen (vgl Didam) en Wolfskuil Nijmegen (vgl Berflo Es Hengelo  Vraaggesprekken (n= 36) 5

6 1. Bilgaard, Leeuwarden 2. Krakeel, Hoogeveen 3. Berflo Es, Hengelo 4. Meulenvelden, Didam 5. Rond de Regenboog, Dronten 6. Dorp West, De Bilt 7. Zeevang, De Verbinding 8. Middelburg Noord-Oost 9. Hoge Vucht, Breda 10. Helden-Panningen Vergelijkingsgebieden  Kern Beuningen  Wolfskuil, Nijmegen 6

7  Projectleiding: Gemeente Leeuwarden  Wonen veel ouderen  Woningen en voorzieningen op orde  ‘Omkeer 2.0’ ◦ Vergroten deelname inwoners aan de samenleving ◦ Mogelijkheden thuistechnologie onderzoeken ◦ Efficiëntere inzet vrijwillige hulp ◦ Aanbodverschillende diensten in ontmoetingscentrum Ludingawaard 7

8  Projectleiding: Gemeente Hengelo  Herindeling Berflo Es ◦ bezoekbare woningen (in ontwikkeling) ◦ woonomgeving zonder barrières (in ontwikkeling) ◦ integraal wijkteam (al actief) 8

9  Projectleiding: woningcorporatie Laris  Fysieke aanpak  Woon-, ontmoetings- en zorgcentrum De Meulenvelden 9

10  Projectleiding: Coloriet (aanbieder diensten wonen, welzijn en zorg)  Woonzorgcentrum De Regenboog en activiteitencentrum De Meerpaal vormen het centrum  Diensten aan huis aanbieden en woningen aanpassen 10

11  Projectleiding: Gemeente De Bilt  Alle diensten op het gebied van zorg en welzijn afgestemd: samenwerkingsverband ‘MENS’ ◦ Servicecentrum in buurthuis het Hoekie ◦ Wijkzorgteam de Bilthuijsen ◦ Ouderenadviseur Wonen Welzijn Zorg ◦ Wijkdiensten 11

12  Projectleiding: 4 gemeenten ◦ Zeevang, Graft-De Rijp, Schermer en Beemster  Dekkend netwerk van wonen, zorg en welzijn ◦ Zorg op afroep ◦ Dorpssteunpunten ◦ Mantelzorgwonen 12

13  Projectleiding: Gemeente Middelburg  Dekkend stelsel van woonservicegebieden hele gemeente  Noordoost ◦ Bouw van levensloopbestendige woningen  Hof van Buren  Boven nieuw winkelcentrum ◦ Facilitas: diensten voor ouderen om langer zelfstandig te wonen  Onderhoud tuin, schoonmaakwerk, etc. 13

14  Projectleiding: Gemeente Breda  Gemeentelijk programma ‘Geschikt wonen voor iedereen’  Wijkrestaurant Raffy en Vuchterhage, lunchservice Rietveldhuis en boodschappenbus 14

15  Projectleiding: gemeente Peel en Maas  Project 'Leven in het dorp‘ ◦ Blijvend Thuis ◦ Dorpsdokter ◦ Mantelzorg tv ◦ Dialoog in het dorp  10 jaar actieve samenwerking  Veel steun van de bevolking  Elk dorp heeft eigen voorzieningen, die breed worden gedragen 15

16  ‘kwetsbaarheid bij ouderen is een proces van het opeenstapelen van lichamelijke, psychische en/of sociale tekorten in het functioneren dat de kans vergroot op negatieve gezondheidsuitkomsten’ (functiebeperkingen, opname, overlijden) (SCP rapport Kwetsbare ouderen (2011) p 11) 16

17 17 Ouderen profielen (2) Kwetsbaarheid  Complexiteit  Vitaal Begin chronische aandoeningen, maar verder geen beperkingen. Multidomein problematiek Klachen in lichamelijk, psychisch, mobiliteit en cognitie. Ervaren soms te weinig aandacht. Extreem kwetsbaar Ervaren ernstige klachten in verschillende domeinen, Somber en gespannen Moeite met ouder worden, passief en onzeker. Wel eens psychosociale klachten en last van geheugen. Chronische aandoeningen, maar redden zich prima. Lichamelijke en mobiliteit problemen Chronische aandoeningen en kunnen zich niet meer zelfstandig redden.

18 18

19 19

20 Woonservicegebied : Hoge Vucht, Breda Dichtheid 70-plussers & Voorzieningen op peil Bronnen: •BAG •OpenStreetMap •VROM •GBA DIdam •Verschillende websites: oa Telefoongids/TomTom/Google •Onderzoek Effectmeting Proeftuienen WSG •Water uit Top10NL2009 (Id: urn:nbn:nl:ui:13-fft-twq). Copyright 2007 Topografische Dienst Kadaster, verkregen via DANS. Kaart gemaakt met KansenVerkenner © Object Vision, in het kader van het onderzoek Effectmeting 10 proeftuinen woonservicegebieden, Nationaal Programma Ouderenzorg. 20

21  Zelfbepaling en zelfredzaamheid  Optimisme en realisme  Sociale kanten van welbevinden meer van belang dan fysieke  Openbare ruimte  Ondersteuning door buren en nabije verwanten  Eigen bijdragen  Wederkerigheid 21

22 Wil zo lang mogelijk thuis blijven wonen, in mijn eigen huis, te midden van mijn eigen sociale netwerk en in mijn eigen wijk, zoals het altijd is geweest; Wil door anderen worden ondersteund in dit streven, hetzij door persoonlijke hulp, hetzij door aanpassingen in mijn omgeving (woning en wijk), hetzij door keuzes geboden te worden in het vorm geven aan mijn leven; Ben in het licht van al mijn beperkingen en toenemende lichamelijke en geestelijke ongemakken tegelijk realistisch en optimistisch over de mogelijkheden die mij nog resten in het zicht van de haven; Verwacht dat mijn omgeving zorgt voor een basisniveau van toegankelijke (medische) zorg en ondersteuning op het moment dat ik aangeef die nodig te hebben; 22

23 “Ik, thuiswonende oudere …(1) “ 1. Wil zo lang mogelijk thuis blijven wonen, in mijn eigen huis, temidden van mijn eigen sociale netwerk en in mijn eigen wijk, zoals het altijd is geweest; 2. Wil door anderen worden ondersteund in dit streven, hetzij door persoonlijke hulp, hetzij door aanpassingen in mijn omgeving (woning en wijk), hetzij door keuzes geboden te worden in het vorm geven aan mijn leven; Ik probeer zo zelfstandig mogelijk te wonen, want anders wordt het alleen maar hopeloos. Meulenvelden, Didam als hij dan op een gegeven moment niet goed meer trappen kan lopen door zijn heupen, nou dan nemen wij een traplift, klaar uit. Omdat we toch wel zelfstandig willen wonen. Kijk, kan het niet meer omdat je in een andere zorginstelling moet wonen, weet ik veel wat voor zorg, naar je toestand. Ja dan houdt het op natuurlijk. Maar zolang het zo gaat willen we graag zo zelfstandig blijven wonen. De Verbinding, Zeevang Ja de goede hulp van de buren is dus de reden dat ik zelfstandig kan blijven. Berflo Es, Hengelo De kinderen die bellen instanties op, waar ze zijn moeten en wie er voor aan te schrijven. Omdat ze zelf ook in diverse diensten de weg weten. Nou en dan eh, begint het balletje vanzelf te rollen. En dan krijg je van maatschappelijk werk hier en van we hebben oudere adviseuze en via die, ja via de gemeente dat je aan alle materiaal hulpmiddelen Meulenvelden, Didam [nou dat is dus fijn, dat dus de hele buurt voor u klaar staat] RA: ja [als het nodig is] RB: in geval van nood ja [ja, ja]. Meulenvelden, Didam 23

24 Manifest 3. Ben in het licht van al mijn beperkingen en toenemende lichamelijke en geestelijke ongemakken tegelijk realistisch en optimistisch over de mogelijkheden die mij nog resten in het zicht van de haven; 4. Verwacht dat mijn omgeving zorgt voor een basisniveau van toegankelijke (medische) zorg en ondersteuning op het moment dat ik aangeef die nodig te hebben; Maar goed, dat ik niet meer dingen kan doen die ik kon toen ik 40 was is natuurlijk ook wel duidelijke zaak. Maar daar moet je ook gewoon vrede hebben, dat moet je accepteren. De Verbinding, Zeevang ik ben tevreden, dus ik heb echt geen klachten. Je moet het zelf zoeken. Niemand komt bij je, je moet het zelf doen. En ik heb altijd, ik heb nooit gewerkt, ook toen ik kinderen had, ik heb altijd vrijwilligerswerk gedaan, dus dan leer je vanzelf mensen kennen. Niemand komt je halen, echt niet.” Helden Panningen je moet wel proberen zo lang mogelijk zelfstandig te wonen. Kijk als het op een gegeven moment helemaal niet meer gaat dan heb je geen keus, dan moet je ergens naartoe. Je weet nooit wat er gebeurt want je hebt gauw iets op een gegeven moment. Zo zit hier nog gezond en zo heb je een probleem. Zoals mijn vrouw zei zat in de stoel waar u nu zit en op een gegeven moment zit ze me aan te kijken ik zeg wat doe jij nou? Ze keek me glazig aan in een keer ik zei blijven rustig zitten en gaan dan bel je de spoedlijn van de huisdokter dan was om 17:30 's middags en die komt gelijk. En hij ziet gelijk dat het mis is kijk en dan gaat het heel snel. Ja dat zijn positieve dingen ja huisdokter apotheek de voorzieningen dat is gewoon positief. Hoge Vucht, Breda Ja, dingen te ondernemen. Anders roest een mens vast hè. Helden Panningen Dan zeg ik toch net wat ik aan gaf euh hier een dat je niet voor alle kleine dingen naar het ziekenhuis moet. Zoals ze hebben hier dus wel een prikpost dat is er dus wel hier in het Berflo Hoes. Berflo Es, Hengelo 24

25 Wil van betekenis zijn voor mensen in mijn omgeving en niet slechts een last vanuit volledige afhankelijkheid; Heb een eigen identiteit als bewoner van deze wijk of dit dorp en wens daarin erkend en herkend te worden; Maak gebruik van de oplossingen die mij worden geboden als ik ze nuttig vind en verzin anders mijn eigen oplossingen; Wens dat organisaties en beroepskrachten die mij ondersteunen aansluiten bij mijn leefwereld in plaats van dat ze mij dwingen me te voegen in hun systemen.” 25

26 5. Wil van betekenis zijn voor mensen in mijn omgeving en niet slechts een last vanuit volledige afhankelijkheid; 6. Heb een eigen identiteit als bewoner van deze wijk of dit dorp en wens daarin erkend en herkend te worden; …vanavond hebben we weer vergadering van de club en dan moet ik daar. Ja ik doe dat gewoon koffiezetten voor die mensen, nou klaar. Vind ik leuk werk, volgende week ook. De Verbinding, Zeevang “Maar ja, toen heb ik het ook aangeboden. Ik zeg, “ik wil het gazon bijhouden”, en dat vindt ie ook wel fijn. Hij kan ook helemaal niks meer. Dus dat vindt ie dan fijn en voor mij is het eigenlijk een kleine moeite. Helden Panningen Op een gegeven moment valt die weg en die weg en dan denk je he verdorie er blijft niets leuks meer over. En dan worden die huisjes leeg gehaald en dan komen er andere mensen in… Niet dat ze slechter zijn maar ja die maken niet zo gauw contact ons. Hoge Vucht, Breda wij zijn van oorspronkelijk dorpsmensen dus.. niet dat we altijd in het dorp gewoond hebben maarre we zijn dr geboren en opgegroeid dus…, wij kennen dat! zal ik maar zeggen. Meulenvelden, Didam Kijk dat was toen anders. [ja, dat is euh] toen was het sociale verkeer tussen de mensen onderling wat sterker. Het noaberschap zoals men dat wel zegt. Berflo Es, Hengelo Manifest 26

27 7. Maak gebruik van de oplossingen die mij worden geboden als ik ze nuttig vind en verzin anders mijn eigen oplossingen.” Komt iemand van ciz ik wilde een traplift op boven heb ik geen wc i k moet wel s nacht moet ik naar beneden wc en kan ik moeilijk en en afgewezen.. ik was nog te goed en ik moest boven een po-stoel neer zetten daar heb ik me wel aan geërgerd maar achteraf mag ik niet ergeren want je neemt wel geld van de gemeenschap …… mag je niet zo maar gebruiken. Meulenvelden, Didam Hier staat, de strijkplank zet ik daar neer, ja en de krant of een boek ligt hier, dus iedere keer als ik één of twee dingen heb gestreken heb ga ik weer even zitten. Ja, ik pas me-eigen maar aan, da leer je toch wel hoor. Referentiegebied Beuningen Ik ben de baas over mijn eigen leven. En ik laat me niets aanpraten. Ik eh gebruik de rollator, maar als de therapeut zegt ja die moet je altijd gebruiken, dan zeg ik ik gebruik hem als ik vind dat dat nodig i s. Berflo Es, Hengelo Manifest 27

28  Behoefte aan eigen regie; Zelf grenzen aan durven geven  Groot belang van mobiliteit en bezig blijven  Belang van structuur en regelmaat, betekenisvolle daginvulling  Zelf medische zorg weten te vinden, maar ook drempels daarin  Belang huisarts, vertrouwen, sturend, ook bejegeningsproblemen, vaste thuiszorgkracht  Vraagverlegenheid in informele circuit  In het algemeen tevreden over formele zorg  Soms kritiek op ingewikkeldheid, niet transparant  Nabijheid huisarts en apotheek 28

29  Zelfstandig wonen  Gezondheid en welbevinden  Informele en formele zorg en ondersteuning 29

30  Indicatie: Aantal ouderen van 80+ dat in 2008 zelfstandig woonde in procent van aantal ouderen van 75+ dat vijf jaar eerder zelfstandig woonde  Verschil deels verklaard door overlijden  Ander deel: verhuizen naar intramuraal  DAT KUNT U ZELF MET GBA VOLGEN! 30

31 31

32 32

33  Verhouding tussen aantal AWBZ-gebruikers 85+ (2010) en aantal bedden in zorgwoningen, verzorgings- en verpleeghuizen (2008) (NL = 0,23)  Alle woonservicegebieden behalve Helden en Breda gelijk of beter dan NL gemiddelde  Alle woonservicegebieden behalve Zeevang gelijk of hoger dan hun vergelijkingsgebieden 33

34 34

35 35

36 36

37 37

38  Overweegt u wel eens te verhuizen (naar een meer aangepaste etc woonvorm)?  Vaker als met partner, minder vaak als fitter, gelukkiger  Invloed van gelukkig zijn sterker in Hoogeveen en Zeevang, minder in Leeuwarden en Helden-Panningen > arrangement. 38

39  Invloed van zelfstandig kunnen functioneren binnen en buitenshuis, en kwetsbaarheid  Na controle: geen verschil tussen woonservicegebieden en controlegebieden 39

40  Wel invloed:  Tevredenheid over woningaanpassingen  Beperkingen  Zelfstandig binnen kunnen functioneren (sterker effect in Didam en Zeevang, minder sterk in Dronten en Hengelo)  Overwegen te verhuizen  Veilig voelen  Tevredenheid woonomgeving (sterker effect in Didam, minder in Dronten en Helden-Panningen)  Geen invloed:  Mate van aanpassingen aan de woning  Kwetsbaarheid  Verkeersveiligheid  Bereikbaarheid van voorzieningen en diensten  Zelfstandig buiten kunnen functioneren 40

41  Aanwijzingen dat langer zelfstandig wonen en meer extramuraal in woonservicegebieden  Geschiktheid/aanpassingen basis voorwaarde  Tevredenheid met woonsituatie vooral beïnvloed door wisselwerking persoonlijke kenmerken / belemmeringen en kwaliteiten woning > focus in beleid op micro-niveau  NL stelsel werkt goed: niet afhankelijk van inkomen, huur/koop, hebben van een partner 41

42  Gezondheid  Kwetsbaarheid  Welbevinden 42

43 43

44  Ouderen in woonservicegebieden minder gezondheidsproblemen dan in controlegebieden > effect van selectie  Tussen woonservicegebieden grote verschillen: in Dronten ouderen zich vaker zelfstandig redden, in Leeuwarden en Breda minder vaak, daar ook vaker meer dan 4 medicijnen, in Zeevang minder vaak  In Leeuwarden, Breda en Helden-Panningen hebben ouderen meer dan gemiddeld gezondheidsproblemen > arrangementen? 44

45  In woonservicegebieden ouderen minder kwetsbaar dan zowel intramuraal als extramuraal wonende ouderen in controlegebieden > effect van selectie  Bij onderlinge vergelijking woonservicegebieden (zonder selectie): meest kwetsbaar in Breda en Leeuwarden, minst kwetsbaar in Zeevang en Dronten  Idem na selectie en correctie voor het hebben van een partner: Breda meest, minst in Hengelo, Zeevang, Didam 45

46  Er is geen verschil in welbevinden tussen de woonservicegebieden en controlegebieden  Belangrijke invloed van het hebben van een partner (hoger) en van kwetsbaarheid (lager)  Wel neemt welbevinden minder snel af in woonservicegebieden dan daarbuiten bij het toenemen van kwetsbaarheid  Verschillen tussen proeftuinen: invloed van kwetsbaarheid (sterkst), daarnaast hebben van een partner en het inkomen  De Bilt het laagst, lager dan Leeuwarden, Didam, Breda en Helden-Panningen  Factoren: sociale steun, tevredenheid over zorg en ondersteuning, mate van informele zorg (negatieve invloed), coping 46

47  Bij ouderen in woonservicegebieden nemen problemen minder sterk toe als de beperkingen toenemen  Invloed van factoren: beperkingen, partner, tevredenheid met zorg en ondersteuning  Vergelijking proeftuinen onderling: bovendien invloed stedelijkheid (minder psychische problemen) en financiële situatie; meeste in Didam en Breda, minst in Hoogeveen en Hengelo 47

48  Ouderen kunnen in woonservicegebieden beter omgaan met gezondheid en ziekte  Factoren die invloed hebben op coping zijn beperkingen, tevredenheid over zorg en ondersteuning, en kwetsbaarheid (niet partner of sociale steun)  Bovendien in woonservicegebied dempend effect op invloed van toenemende beperkingen en kwetsbaarheid op afnemen van coping.  Geen verschillen gevonden tussen proeftuinen onderling 48

49  Geen duidelijke verschillen tussen woonservicegebieden en controlegebieden  Buiten woonservicegebieden gaat kwaliteit van het contact met andere mensen iets sneller achteruit als beperkingen toenemen  Invloed van sociale steun, aantal contacten en kwetsbaarheid  Vergelijking van proeftuinen onderling: Breda, Hengelo, De Bilt meest tevreden.  Invloed op kwaliteit van contacten van: psychische beperkingen, hoeveelheid contacten, inkomen, kwetsbaarheid, ervaren sociale steun, verbondenheid met de buurt 49

50 50

51 51

52  Ouderen in woonservicegebieden vinden (ook na correctie voor kwetsbaarheid) domein ‘plezierig wonen’ vaker belangrijk, maar tevredenheid hierover verschilt niet.  Variabele ‘tevredenheid woonomgeving’ samengesteld uit tevredenheid over woning, woonomgeving en verbondenheid met de buurt.  Invloed van tevredenheid over contacten, hoeveelheid activiteiten, verkeersveiligheid  Hoogst in Middelburg en Didam, laagst in Hoogeveen en Leeuwarden  Effect van sociale veiligheid verschilt per locatie: tevredenheid daalt het snelst bij afname sociale veiligheid in Middelburg, De Bilt en Zeevang. 52

53  Mantelzorg  Vrijwilligers  Thuiszorg  Huisarts  Specialist  Ziekenhuisopname 53

54  GGD-Oost (Didam en Hengelo) geen verschil gebruik mantelzorg tussen woonservicegebieden en vergelijkingsgebieden  Factoren: gezondheid, belemmeringen, en hoe hoger inkomen hoe minder mantelzorg  Inkomenseffect: bij hoger inkomen minder mantelzorg voor persoonlijke verzorging, verpleegkundige hulp, begeleiding en administratie. 54

55  Geen verschil tussen de woonservicegebieden op totaal niveau, wel in soort inzet  Invloed kwetsbaarheid en financiële situatie (hoe hoger inkomen, hoe minder informele zorg, met name in huishoudelijke hulp, persoonlijke verzorging, gezelschap, administratie en klusjes in huis) 55

56 56

57 57

58 58

59 59

60  Geen verschillen woonservicegebieden in intensiteit huishoudelijke hulp, verzorging, verpleging t.o.v vergelijkingsgebieden  Geen verschillen thuiszorg (per oudere) woonservicegebieden en controlegebieden  Bij vergelijking Didam en Hengelo met vergelijkingsgebieden: aanwijzing in Didam dat minder thuiszorg als informeel meer of beter ondersteund (‘informele substitutie- impuls’) 60

61  Latente variabele uit gebruik verpleegkundige van thuiszorg (10%), diensten huishoudelijke hulp (ongeveer 75%) en hebt u thuiszorg (20%)  Invloed van kwetsbaarheid, beperkingen en het gebruik van informele zorg (hoe meer informeel, hoe meer thuiszorg), hebben van een partner (minder thuiszorg), en minder thuiszorg naarmate woning is aangepast  Hoogste scores in Breda en Dronten, laagste in Zeevang en Hoogeveen.  Woonservicegebieden verschillen in de mate waarin mate van informele zorg effect heeft op het krijgen van thuiszorg: sterkst in Dronten, zwakst in Hoogeveen 61

62 62

63 63

64  Geen afwijkend huisartsen gebruik na controle voor andere variabelen  Invloed van kwetsbaarheid, beperkingen en het hebben van een partner (dan meer huisartsgebruik)  Verschillen tussen proeftuinen, maar deze niet te verklaren uit aanwezigheid of nabijheid huisarts of gezondheidscentrum, advisering of wijkverpleegkundige 64

65  Geen verschil woonservicegebieden  Wel effect stedelijkheid (hoger gebruik)  Invloed van beperkingen enige factor bij 1 specialist  Invloed van beperkingen, kwetsbaarheid en hebben partner bij bezoek meerdere specialisten  In controle gebieden meer ziekenhuisopnamen dan in woonservicegebieden, geen verschil tussen de woonservicegebieden onderling; invloed van beperkingen 65

66  Geen verschil in gebruik psychosociale zorg tussen woonservicegebieden en controlegebieden  Effect van beperkingen en kwetsbaarheid  Mogelijk effect van aanwezigheid van dit type zorg op snellere toename gebruik bij meer beperkingen 66

67  Wel verschil tussen locaties, maar niet toe te schrijven aan al dan niet woonservicegebied ten opzichte van controlegebieden  Invloed van kwetsbaarheid, beperkingen, partner en ervaringen met zorgverleners  Licht verschil tussen proeftuinen in de mate waarin kwetsbaarheid tevredenheid beïnvloedt. (minste invloed in Hoogeveen, Hengelo en Helden-Panningen > maar sterk verschillende arrangementen 67

68  Ouderen in woonservicegebieden ongeveer even gezond als elders  Van ‘langer zelfstandig wonen’ naar ‘zo volwaardig mogelijk zelfstandig wonen’  Woonservicegebieden sluiten aan bij wensen van ouderen (zelfstandig, vertrouwd, nabij, netwerk, wederkerigheid, zekerheid, toegankelijk, advies, adequate zorg en ondersteuning..  Groot belang van geschiktheid woningen  Belangrijk in te zetten op alle aspecten van kwetsbaarheid  Enkele effecten kwantitatief aantoonbaar… 68

69  Aangetoonde effecten: ◦ Langer zelfstandig wonen ◦ Meer extramuraal wonen ◦ Minder ziekenhuisopname ◦ Aanpassen woningen heeft effect op (minder) thuiszorg ◦ Beter omgaan met ziekte en gezondheid (coping) ◦..’dempende werking’ 69

70 ◦ ‘ dempende werking’ op achteruitgang welbevinden bij het toenemen van beperkingen, te weten: • Minder effect toenemende beperkingen op toename psychische problemen • Problemen met coping stijgen minder snel bij toenemende kwetsbaarheid en bij toenemende (stemming / geheugen) beperkingen • Bij toenemende kwetsbaarheid neemt welbevinden minder snel af • Sociale relaties blijven beter bij toenemen van beperkingen 70

71  Dempend effect is sterker bij netwerk / brede infrastructuur die zowel formele als informele zorg en ondersteuning omvat, waarin oudere ‘gekend’ wordt  Bij toenemende beperkingen gaan toename informele en formele zorg en ondersteuning min of meer gelijk op > geen substitutie  Bij ouderen met beter inkomen minder informele zorg  In woonservicegebieden niet meer thuiszorg (p.p.)  In woonservicegebieden geen afwijkingen in gebruik huisartsen of specialisten, wel minder ziekenhuisopnames  Geen aantoonbaar effect van specifieke organisatie van de zorg (wijkzorgteam, afstemming met eerstelijn) op tevredenheid met zorg 71

72  Over doelmatigheid moeilijk uitspraken te doen  Meer extramuraal: € 20 tot € 80 per oudere 70+;  Maximaal € 30 effect woningaanpassing op thuiszorg  Rond € 10 wegens minder ziekenhuisopname  Verschil investeren en incasseren… 72

73  WSG ‘werkt’ als verzekering. Waarbij een basispakket van adequate thuiszorg verlangd wordt…keuzemogelijkheden in voorzieningen die ouderen belangrijk vinden  Geen algemeen recept voor arrangementen  Aandacht voor veiligheid en nabijheid voorzieningen  Meer respect en waardering voor eigen kracht, inbreng, wederkerigheid van ouderen  Bezinning op bekendheid en gebruik aanbod welzijn en diensten  Belang van vraag gestuurd lokaal implementatie / ontwikkelingstraject  Implementatie vraagt om lange adem en gunstige beleidsomgeving 73

74  Blijvende aandacht voor aanpassen woningen  Versterk kernkwaliteit van woonservicegebieden: netwerk van ouderen met sociale omgeving, vrijwilligers en professionals  Reflecteer op samenwerking gemeente en andere betrokken partijen  Financiële schotten zo veel mogelijk doorbreken, actieve rol zorgkantoor wenselijk  Verbeter bekendheid en gebruik voorzieningen  Aandacht voor plaats en rol van ouderen in wijkvernieuwing, maatregelen voor veiligheidsbeleving 74

75  Deze rollator was van mijn 82 jarige moeder en ik kan me niet herinneren dat ze er ooit achter heeft gelopen. 75

76  Thuiswonen en oud worden als regel  Woningen aangepast/geschikt  ‘verhuizen kost bedstro’ > maar ook diversiteit in aanbod  Toename kwetsbaarheid vertragen  Aansluiten autonomie, zelfredzaamheid en eigen initiatief  Samenspel informeel en formeel zorg/ondersteuning > nabijheid, gekend zijn  Voorzieningen nabij, op maat en naar wens 76

77  Voor welbevinden en gezondheid ouderen  Voor effectief gemeentelijk beleid  Om systeemwijzigingen te accomoderen  Om partners te vinden 77

78  Woningvoorraad in beeld  Voorzieningen en verbindingen in kaart vanuit perspectief van de ouderen  Informatie over woonsituatie en verhuisgedrag ouderen  Gebiedsspecifiek zorggebruik en zorgkosten  Bestaande initiatieven en organisaties  Netwerk alerte professionals  Bestaand gebruik steunpunten en adviseurs  Ontwikkeling en gebruik intramurale voorzieningen 78

79  Koppelen bestaande statistische bronnen  Actief op zoek naar bestaande initiatieven van ouderen en aanzetten voor nieuwe > nieuwe sociale kaart  Evalueer recente initiatieven samen met de ouderen en professionals  Gebruik bestaande vragenlijsten voor analyseren woonwensen, kwetsbaarheid, gebruik informele zorg > aanknopingspunten voor beleid  Praat met ouderen over dagelijks leven > vraagpatronen en handelingsperspectieven  Maak het onderzoek onderdeel van de oplossing  Laat je inspireren door ervaringen van anderen 79

80 Contactpersoon: George de Kam


Download ppt "George de Kam.  Definitie woonservicegebied: ◦ Wijk/dorp (5.000 tot 10.000 inwoners) ◦ Gecoördineerd dienstenaanbod wonen, welzijn en zorg, t/m onplanbare."

Verwante presentaties


Ads door Google