De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Elektriciteit. Symbolen elektriciteit Teken een schakelschema met 1 lampje.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Elektriciteit. Symbolen elektriciteit Teken een schakelschema met 1 lampje."— Transcript van de presentatie:

1

2 Elektriciteit.

3 Symbolen elektriciteit

4 Teken een schakelschema met 1 lampje

5

6 Teken 2 lampjes in serie.

7

8 Teken twee lampjes die parallel staan.

9

10 Teken een stroomschema met een lampje en een ampère meter

11 A

12 Teken een stroomschema met een lampje en een voltmeter

13 Teken een stroomschema met een lampje en een voltmeter. V

14 De wet van Ohm U=spanning I= stroomsterkte R=weerstand u I X R

15 Voorbeeld 1 Een koelkast wordt aangesloten op een spanning van 230 volt. De stroomsterkte is 5 a. Bereken de weerstand van de koelkast.

16 Voorbeeld 1 Een koelkast wordt aangesloten op een spanning van 230 volt. De stroomsterkte is 5 a. Bereken de weerstand van de koelkast. U=I x R R=U:I R= 230:5 R=46 Ω

17 Voorbeeld 2 Op een lampje staat 0,6 v/ 0,25 a. Bereken de weerstand van het lampje

18 Voorbeeld 2 Op een lampje staat 0,6 v/ 0,25 a. Bereken de weerstand van het lampje U=I x R R =U:I R=0,6 :0,25 R= 2,4 Ω

19 Vervangingsweerstand bij een serieschakeling Rv =R1 +R2

20 Voorbeeld 1 Twee weerstanden staan in serie. Weerstand 1 is 10 ohm en weerstand 2 is 15 ohm. De spanning is 110 volt. Bereken de stroomsterkte. Rv =R1 +R2 Rv= Rv=25 Ω I=U:Rv I=110 :25 I=4,4 A

21 Voorbeeld 2 Twee weerstanden staan in serie. Weerstand 1 is 30 ohm en weerstand 2 is 15 ohm. De stroomsterkte is 2 A. Bereken de spanning. Rv =R1 +R2 Rv= Rv=45 Ω U = I x Rv U = 2 x 45 U = 90 V


Download ppt "Elektriciteit. Symbolen elektriciteit Teken een schakelschema met 1 lampje."

Verwante presentaties


Ads door Google