De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 51 Stralingsbescherming deskundigheidsniveau 5 Frits Pleiter.

Verwante presentaties


Presentatie over: "27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 51 Stralingsbescherming deskundigheidsniveau 5 Frits Pleiter."— Transcript van de presentatie:

1 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 51 Stralingsbescherming deskundigheidsniveau 5 Frits Pleiter

2 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 52 Oefenvragen  Atoom- en kernfysica Atoom- en kernfysica  Bronnen en toestellen Bronnen en toestellen  Wisselwerking afscherming Wisselwerking afscherming  Detectie Detectie  Grootheden en eenheden Grootheden en eenheden  Radiobiologie Radiobiologie  Risico van straling Risico van straling  Wet- en regelgeving Wet- en regelgeving  Dosisberekeningen Dosisberekeningen  Open bronnen Open bronnen  Radioactief afval Radioactief afval

3 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 53 Atoom- en kernfysica 1Uit welke deeltjes is de atoomkern opgebouwd? protonen en neutronen 2Een koperatoom bevat 29 protonen. Uit hoeveel elektronen bestaat de elektronenwolk van het neutrale koperatoom? 29 3Wat wordt bedoeld met excitatie? Wat wordt bedoeld met ionisatie? excitatie = elektron naar hogere energietoestand brengen ionisatie = elektron verwijderen uit atoom

4 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 54 Atoom- en kernfysica 4Wat zijn isotopen? atomen met gelijke Z en verschillende N 5Wat zijn isomeren? atomen met gelijke Z en gelijke N 6Wat kun je zeggen van het Z-getal van waterstof ( 1 H), zwaar waterstof ( 2 H) en tritium ( 3 H)? allen dezelfde Z

5 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 55 Atoom- en kernfysica 7Wat kun je zeggen van het N-getal van waterstof ( 1 H), zwaar waterstof ( 2 H) en tritium ( 3 H)? allen verschillende N (nl. 0, 1 en 2) 8Wat is de eenheid van activiteit? bequerel (Bq) 9Hoeveel desintegraties per seconde (dps) is 1 Bq? 1 dps

6 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 56 Atoom- en kernfysica 10Zou je 1 kBq een sterke of een zwakke bron noemen? zwak 11Zou je 1 GBq een sterke of een zwakke bron noemen? sterk 12De beginactiviteit is 100 MBq. De halveringstijd bedraagt 24 uur. Hoe groot is de activiteit na 1 dag? 100 / 2 = 50 MBq(1 dag = 24 uur)

7 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 57 Atoom- en kernfysica 13En hoe groot is de activiteit na 5 dagen? Hoeveel procent van de oorspronkelijke activiteit is dit? 100 / 32 = 3 MBq(2 5 = 32) 14Hoe groot is de halveringstijd? 25 seconden ongeveer 3%

8 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 58 Atoom- en kernfysica 15Hoe veranderen Z, N en het massagetal A bij  - -verval?  Z = +1,  N = -1,  A = 0 16Hoe veranderen Z, N en het massagetal A bij  + -verval?  Z = -1,  N = +1,  A = 0 17Hoe veranderen Z, N en het massagetal A bij elektronvangst?  Z = -1,  N = +1,  A = 0

9 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 59 Atoom- en kernfysica 18Hoe veranderen Z, N en het massagetal A bij  -verval?  Z = -2,  N = -2,  A = -4 19Hoe veranderen Z, N en het massagetal A bij  -verval?  Z = 0,  N = 0,  A = 0 20Hoe veranderen Z, N en het massagetal A bij interne conversie?  Z = 0,  N = 0,  A = 0

10 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 510 Atoom- en kernfysica 21Welke secundaire processen treden op na elektronvangst? emissie van röntgen-fotonen en van Auger-elektronen 22Welke secundaire processen treden op na interne conversie? emissie van röntgen-fotonen en van Auger-elektronen 23Welk secundair proces treedt op na  + -verval? emissie van annihilatie-straling(511 keV)

11 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 511 Atoom- en kernfysica 24De desintegratie-energie bedraagt 1000 keV. Kan  + -verval plaatsvinden? nee 25Benoem de vervalprocessen.  - -verval elektronvangst  + -verval  -verval  -verval

12 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 512 Atoom- en kernfysica 26Kan een kern zowel  - -verval als  + -verval vertonen? ja 27Wat is annihilatie? e + + e -  2 fotonen van elk 511 keV

13 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 513 Bronnen en toestellen 1Ingekapselde bronnen leveren wel of geen risico van inwendige besmetting? wel 2Ingekapselde bronnen leveren wel of geen risico van uitwendige bestraling? wel 3Er is wel of geen vergunning nodig voor het in bezit hebben van een ingekapselde bron? wel

14 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 514 Bronnen en toestellen 4Gebruik van een ingekapselde bron is wel of niet beperkt tot een radionuclidenlaboratorium? niet 5Het nemen van veegproeven aan een ingekapselde bron is wel of niet zinloos? niet: de bron kan lek zijn 6Een röntgenbuis produceert remstraling, of annihilatiestraling, of beide, of geen van beide? remstraling

15 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 515 Bronnen en toestellen 7Een röntgenbuis produceert remstraling, of karakteristieke straling, of beide, of geen van beide? beide 8De maximale energie van remstraling hangt wel of niet af van de anodespanning? wel 9De maximale energie van remstraling hangt wel of niet af van de anodestroom? niet

16 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 516 Bronnen en toestellen 10De maximale energie van remstraling hangt wel of niet af van het kathodemateriaal? niet 11De maximale energie van remstraling hangt wel of niet af van het anodemateriaal? niet 12De maximale energie van remstraling hangt wel of niet af van de filtering? niet

17 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 517 Bronnen en toestellen 13De energie van karakteristieke straling hangt wel of niet af van de anodespanning? niet 14De energie van karakteristieke straling hangt wel of niet af van de anodestroom? niet 15De energie van karakteristieke straling hangt wel of niet af van het kathodemateriaal? niet

18 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 518 Bronnen en toestellen 16De energie van karakteristieke straling hangt wel of niet af van het anodemateriaal? wel 17De energie van karakteristieke straling hangt wel of niet af van de filtering? niet 18De intensiteit van remstraling hangt wel of niet af van de anodespanning? wel

19 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 519 Bronnen en toestellen 19De intensiteit van remstraling hangt wel of niet af van de anodestroom? wel 20De intensiteit van remstraling hangt wel of niet af van het kathodemateriaal? niet 21De intensiteit van remstraling hangt wel of niet af van het anodemateriaal? wel

20 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 520 Bronnen en toestellen 22De intensiteit van remstraling hangt wel of niet af van het filtering? wel 23De intensiteit van karakteristieke straling hangt wel of niet af van de anodespanning? wel 24De intensiteit van karakteristieke straling hangt wel of niet af van de anodestroom? wel

21 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 521 Bronnen en toestellen 25De intensiteit van karakteristieke straling hangt wel of niet af van het kathodemateriaal? niet 26De intensiteit van karakteristieke straling hangt wel of niet af van het anodemateriaal? wel 27De intensiteit van karakteristieke straling hangt wel of niet af van het filtering? wel

22 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 522 Bronnen en toestellen 28Neutronen kan men goed afschermen met of water, of paraffine, of beton, of alle drie? alle drie 29Neutronen kan men goed afschermen met of paraffine, of lood, of beide, of geen van beide? paraffine

23 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 523 Wisselwerking en afscherming 1De dracht van 5 MeV  -deeltjes in lucht bedraagt ongeveer 0,3 mm 3 mm 3 cm 3 m 3 cm 2De dracht van 1 MeV  -deeltjes in lucht bedraagt ongeveer 0,4 mm 4 mm 4 cm 4 m

24 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 524 Wisselwerking en afscherming 3De dracht van 5 MeV  -deeltjes in weefsel bedraagt ongeveer 3  m 30  m 0,3 mm 3 mm 3 cm / 1000 = 30 µm want dichtheid van weefsel is 1000 keer groter dan die van lucht 4De dracht van 1 MeV  -deeltjes in weefsel bedraagt ongeveer 0,4 mm 4 mm 4 cm 4 m 4 m / 1000 = 4 mm want dichtheid van weefsel is 1000 keer groter dan die van lucht

25 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 525 Wisselwerking en afscherming 5Wat is foto-effect? ionisatie tgv. absorptie van een foton 6Wat is Compton-effect? verstrooiing van een foton aan een elektron 7Wat is paarvorming?   e + + e -

26 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 526 Wisselwerking en afscherming 8Welke secundaire processen treden op na foto-effect? emissie van röntgen-fotonen en van Auger-elektronen 9Welk secundair proces treedt op bij paarvorming? emissie van annihilatiestraling(511 keV) 10Hoe zou je  -straling afschermen? geen afscherming nodig(dracht te klein)

27 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 527 Wisselwerking en afscherming 11Hoe zou je  - -straling afschermen? perspex(lage Z ivm. remstraling) 12Hoe zou je  + -straling afschermen? perspex + lood(vanwege 511 keV annihilatiestraling) 13Hoe zou je  -straling afschermen? lood (of beton)

28 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 528 Wisselwerking en afscherming 14Hoe zou je Auger-elektronen afschermen? geen afscherming nodig(dracht te klein) 15De maximale dracht van de  -straling van 32 P in water bedraagt 0,8 cm. Hoe groot is de maximale dracht in lucht? ongeveer 1000  0,8 cm = 800 cm = 8 m

29 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 529 Wisselwerking en afscherming 16Hoe groot is de halveringsdikte van lood voor  -straling van 131 I 137 Cs 60 Co 123 Sb 24 Na 0,2 cm 0,6 cm 1,3 cm 1,7 cm 17Waarom zit er een knik in de transmissiekromme van 131 I? omdat  -fotonen van verschillende energieën worden uitgezonden (284 keV, 364 keV en 637 keV)

30 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 530 Wisselwerking en afscherming 18De halveringsdikte voor  -straling bedraagt 1 cm. Hoe dik moet de afscherming zijn om het stralingsniveau tot 3% van de oorspronkelijke waarde te reduceren? 5  1 = 5 cm(3% = 1 / 2 5 ) 19De lineïeke verzwakkingscoëfficiënt voor  -straling bedraagt 1 cm -1. Hoe dik moet de afscherming zijn om het stralingsniveau tot 3% van de oorspronkelijke waarde te reduceren? 5  (0,7 / 1) = 3,5 cm(d ½ = 0,7 / µ)

31 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 531 Wisselwerking en afscherming 20Bij afscherming van  -straling met beton speelt de dosisopbouw- factor een grotere of een kleinere rol dan bij afscherming met lood? grotere rol

32 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 532 Detectie 1Een gasgevulde detector werkt als ionisatiekamer bij relatief lage of relatief hoge spanning? relatief lage spanning 2Een gasgevulde detector werkt als proportionele telbuis bij relatief lage of relatief hoge spanning? geen van beide, nl. in het tussengebied 3Een gasgevulde detector werkt als Geiger-Müllerbuis bij relatief lage of relatief hoge spanning? relatief hoge spanning

33 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 533 Detectie 4Een gasgevulde ionisatiekamer is wel of niet geschikt om de energieverdeling van straling te meten? niet geschikt(signaalgrootte te klein) 5Een proportionele telbuis is wel of niet geschikt om de energie- verdeling van straling te meten? wel geschikt 6Een Geiger-Müllerbuis is wel of niet geschikt om de energie- verdeling van straling te meten? niet geschikt(signalen allemaal even groot)

34 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 534 Detectie 7Welk materiaal is beter geschikt om  -straling te detecteren: Si (Z=14) of Ge (Z=32)? Ge(vanwege groter foto-effect) 8Welk materiaal is beter geschikt om  -straling te detecteren: Si (Z=14) of Ge (Z=32)? Si(gering foto-effect, dus minder gevoelig voor  -straling uit achter- grond) 9Rekent men een Ge-detector tot de scintillatiedetectoren of tot de ionisatiekamers? ionisatiekamer

35 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 535 Detectie 10Rekent men een TLD tot de scintillatiedetectoren of tot de ionisatiekamers? scintillatiedetector 11Waarom moet het materiaal voor een scintillatiedetector transparant zijn? scintillatielicht moet uit het detectiemateriaal kunnen ontsnappen om de lichtgevoelige laag van de fotoversterkerbuis te bereiken 12Een scintillatiedetector is wel of niet geschikt om de energieverdeling van straling te meten? wel geschikt

36 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 536 Detectie 13Een bron met een activiteit van 400 kBq geeft aanleiding tot een teltempo van 100 telpulsen per seconde (tps). Wat is het telrendement? 100 / 400 × 10 3 = 0,025% 14Welk type detector zou je gebruiken voor identificatie van laag- energetische (20 keV)  -straling? proportionele telbuis of NaI(Tl) met dun venster 15Welk type detector zou je gebruiken voor identificatie van hoog- energetische (2 MeV)  -straling? NaI(Tl) of Ge-detector

37 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 537 Detectie 16Welk type detector zou je gebruiken voor identificatie van laag- energetische (20 keV)  -straling? vloeistofscintillatieteller, proportionele telbuis of plastic scintillator 17Welk type detector zoudt U gebruiken voor identificatie van hoog- energetische (2 MeV)  -straling? vloeistofscintillatieteller, plastic scintillator of Si-detector 18Welk detectortype wordt zeer veel gebruikt als dosistempometer? Geiger-Müllerbuis

38 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 538 Detectie 19Welk detectortype is uitermate geschikt als besmettingsmonitor voor zachte (20 keV)  -straling? proportionele telbuis met groot oppervlak of NaI(Tl) met dun venster 20Welk detectortype is uitermate geschikt als besmettingsmonitor voor harde (2 MeV)  -straling? NaI(Tl) of Ge-detector in combinatie met veegproef 21Welk detectortype is uitermate geschikt als besmettingsmonitor voor zachte (100 keV)  -straling? Geiger-Müllerbuis met dun venster (niet voor tritium) of vloeistofscintillatie- teller in combinatie met veegproef

39 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 539 Detectie 22Welk detectortype is geschikt als besmettingmonitor voor harde (1 MeV)  -straling? Geiger-Müllerbuis of proportionele telbuis met dun venster of vloeistof- scintillatieteller in combinatie met veegproef 23Welke grootheid wordt gewoonlijk met een TLD gemeten? equivalente dosis

40 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 540 Grootheden en eenheden 1Welke is de eenheid van activiteit? Wat is het bijbehorende symbool? bequerel 2Welke is de eenheid van exposie? Wat is het bijbehorende symbool? Bq röntgen R

41 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 541 Grootheden en eenheden 3Welke is de eenheid van dosis? Wat is het bijbehorende symbool? gray 4Welke is de eenheid van equivalente orgaandosis? Wat is het bijbehorende symbool? Gy sievert Sv

42 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 542 Grootheden en eenheden 5Welke is de eenheid van effectieve dosis? Wat is het bijbehorende symbool? sievert 6Welke is de eenheid van effectieve volgdosis? Wat is het bijbehorende symbool? Sv sievert Sv

43 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 543 Grootheden en eenheden 7Welke grootheid wordt uitgedrukt in becquerel (Bq)? Wat is het bijbehorende symbool? activiteit 8Welke grootheid wordt uitgedrukt in röntgen (R)? Wat is het bijbehorende symbool? A exposie X

44 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 544 Grootheden en eenheden 9Welke grootheid wordt uitgedrukt in gray (Gy)? Wat is het bijbehorende symbool? dosis 10Welke grootheid wordt uitgedrukt in sievert (Sv)? Wat is het bijbehorende symbool? D equivalente orgaandosis, effectieve dosis en effectieve volgdosis H T, E en E(50)

45 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 545 Grootheden en eenheden 11De stralingsweegfactor voor  -straling bedraagt De stralingsweegfactor voor  -straling bedraagt

46 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 546 Grootheden en eenheden 13De stralingsweegfactor voor  -straling bedraagt Hoe groot is de equivalente orgaandosis, als de dosis 1 mGy bedraagt en de stralingsweegfactor w R = 20 is? 20  1 = 20 mSv

47 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 547 Grootheden en eenheden 15De orgaanweegfactor voor de schildklier is w T = 0,05. De dosis op de schildklier is 2 Gy. Hoe groot is de effectieve dosis? 0,05  2 = 0,10 Sv = 100 mSv 16Is dit veel of weinig? veel 17Zou je 1 Sv een grote of een kleine effectieve dosis noemen? zeer grote dosis(50 keer de jaarlimiet!)

48 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 548 Grootheden en eenheden 18Zou je 1 µSv/uur een hoog of een laag equivalent dosistempo noemen? laag equivalent dosistempo(maximaal 2 mSv per werkjaar) 19Een grote waarde van e(50) betekent een grote of een kleine radiotoxiciteit? grote radiotoxiciteit 20De grootte van de effectieve dosiscoëfficiënt hangt wel of niet af van het radionuclide? wel

49 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 549 Grootheden en eenheden 21De grootte van de effectieve dosiscoëfficiënt hangt wel of niet af van de chemische samenstelling van de radioactieve stof? wel 22De grootte van de effectieve dosiscoëfficiënt hangt wel of niet af van de besmettingsroute? wel

50 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 550 Radiobiologie 1Ioniserende straling veroorzaakt vooral schade door directe breuk van moleculen in de cel of door ionisatie van watermoleculen? ionisatie van watermoleculen 2Welke zijn in het algemeen de meest stralingsgevoelige cellen? cellen die snel delen 3Welke zijn in het algemeen de minst stralingsgevoelige cellen? cellen die niet meer delen

51 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 551 Radiobiologie 4Wat gebeurt er als de ongeboren vrucht gedurende de eerste week van de zwangerschap bestraald wordt? òf er gebeurt niets òf de vrucht sterft af 5Kunnen misvormingen optreden als de ongeboren vrucht gedurende de eerste week van de zwangerschap bestraald wordt? nee 6Kunnen misvormingen optreden als de ongeboren vrucht gedurende de tweede maand van de zwangerschap bestraald wordt? ja, want dan worden de organen gevormd

52 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 552 Radiobiologie 7Kunnen misvormingen optreden als de ongeboren vrucht gedurende de tweede helft van de zwangerschap bestraald wordt? nee, want dan is de organogenese voltooid 8Wat kan er gebeuren als de ongeboren vrucht gedurende de tweede helft van de zwangerschap bestraald wordt? groeiachterstand 9Is er bij kansgebonden effecten sprake van een drempeldosis? nee 10Hangt de ernst van kansgebonden effecten af van de dosis?

53 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 553 Radiobiologie 11Is er bij schadelijke weefselreacties sprake van een drempeldosis? ja 12 Hangt de ernst van schadelijke weefselreacties af van de dosis? ja 13Is leukemie is een kansgebonden effect of een schadelijke weefselreactie? stochastich effect schadelijke weefselreactie 14Is staar is een kansgebonden effect of een schadelijke weefselreactie?

54 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 554 Radiobiologie 15Bij bestraling van het totale lichaam sterft ongeveer de helft van het aantal bestraalde personen bij een effectieve dosis van 0,4 Sv 4 Sv 40 Sv 4 Sv 16Na bestraling van het gehele lichaam met een dosis van 4 Sv loopt de mens 50% kans te overlijden aan het beenmergsyndroom darmsyndroom hersensyndroom beenmergsyndroom

55 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 555 Radiobiologie 17Na bestraling van het gehele lichaam met een dosis van 10 Sv loopt de mens 50% kans te overlijden aan het beenmergsyndroom darmsyndroom hersensyndroom darmsyndroom of, bij genezing daarvan, beenmergsyndroom 18Na bestraling van het gehele lichaam met een dosis van 50 Sv of meer overlijdt de mens aan het beenmergsyndroom darmsyndroom hersensyndroom

56 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 556 Radiobiologie 19Hoe groot is het overlijdensrisico tengevolge van een kansgebonden effect na blootstelling aan ioniserende straling? 5% per sievert

57 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 557 Risico van straling 1Wat bedoelt men met: Het risicogetal voor straling bedraagt 0,05 per sievert? bij blootstelling van een miljoen mensen aan 1 Sv zullen er gemiddeld 0,05  = overlijden 2De natuurlijke stralingsbelasting in Nederland bedraagt ongeveer 2 µSv per jaar 20 µSv per jaar 2 mSv per jaar 20 mSv per jaar 2 mSv per jaar

58 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 558 Risico van straling 3De wettelijke dosislimiet voor blootgestelde werknemers bedraagt 2 µSv per jaar 20 µSv per jaar 2 mSv per jaar 20 mSv per jaar 4De wettelijke dosislimiet voor gewone werknemers bedraagt 0 mSv per jaar 0,1 mSv per jaar 1 mSv per jaar 20 mSv per jaar 1 mSv per jaar

59 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 559 Risico van straling 5Regelmatige blootstelling aan de wettelijke limiet van 20 mSv per jaar brengt een relatief hoog of een relatief laag beroepsrisico met zich mee? relatief (zeer) hoog beroepsrisico 6Het risicogetal voor straling bedraagt 0,05 per Sv. De natuurlijke stralingsbelasting bedraagt 2 mSv per jaar. De Nederlandse bevolking telt 17 miljoen mensen. Hoeveel mensen zullen er per jaar omkomen als gevolg van straling?  0,002  0,05 = 1700 (per jaar sterven er mensen aan kanker!)

60 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 560 Risico van straling 7Wat is er mis met het verhaal bij deze foto en waarom? het jongetje is minstens 4 jaar en was ten tijde van het ongeval in Tsjernobyl al geboren de misvormingen moeten dus een andere oorzaak hebben

61 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 561 Wet- en regelgeving 1De ICRP is een onafhankelijke commissie van deskundigen adviesorgaan van de Nederlandse regering adviesorgaan van de Amerikaanse overheid adviesorgaan van de EG een onafhankelijke commissie van deskundigen 2Bij de uitvoering van radiologische werkzaamheden moet men rekening houden met de wettelijke dosislimieten het ALARA-principe het rechtvaardigingsbeginsel al deze richtlijnen met al deze richtlijnen

62 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 562 Wet- en regelgeving 3Het ALARA-principe houdt in dat men streeft naar een zo laag mogelijke effectieve dosis effectieve dosis van 0 mSv per jaar effectieve dosis van maximaal 2 mSv per jaar effectieve dosis van maximaal 20 mSv per jaar zo laag mogelijke dosis(als redelijkerwijs mogelijk is) 4De wettelijke limiet voor de effectieve dosis van een blootgestelde werknemer bedraagt 2  Sv per jaar 20  Sv per jaar 2 mSv per jaar 20 mSv per jaar

63 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 563 Wet- en regelgeving 5Voor de ooglens van een blootgestelde werknemer geldt een wettelijke jaarlimiet van 2 mSv 20 mSv 150 mSv 500 mSv 150 mSv per jaar 6Voor handen, voeten en huid van een blootgestelde werknemer geldt een wettelijke jaarlimiet van 2 mSv 20 mSv 150 mSv 500 mSv 500 mSv per jaar

64 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 564 Wet- en regelgeving 7De orgaanweegfactor voor de gonaden is 0,20. De maximaal toegestane equivalente gonadendosis bedraagt 4 mSv 20 mSv 100 mSv 500 mSv 20 / 0,20 = 100 mSv per jaar 8Bij de uitvoering van radiologische werkzaamheden dient men rekening te houden met de KEW de ARBO-wet de Wet Milieubeheer alle drie met alle drie

65 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 565 Wet- en regelgeving 9Het Besluit Vervoer Splijtstoffen, Ertsen en Radioactieve Stoffen is een aanbeveling van de ICRP een uitvoeringsbesluit van de KEW een uitvoeringsbesluit van de ARBO-wet geen van deze drie uitvoeringsbesluit van de KEW 10Het Besluit Stralingsbescherming is een aanbeveling van de ICRP een uitvoeringsbesluit van de KEW een uitvoeringsbesluit van de ARBO-wet geen van deze drie uitvoeringsbesluit van de KEW

66 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 566 Wet- en regelgeving 11Is er een KEW-vergunning nodig als de activiteitsconcentratie wel maar de activiteit niet kleiner is dan de vrijstellingsgrens? nee 12Is er een KEW-vergunning nodig als de activiteitsconcentratie niet maar de activiteit wel kleiner is dan de vrijstellingsgrens? nee 13Om zonder vergunning te mogen werken moeten zowel de activiteitsconcentratie als de activiteit kleiner zijn dan de vrijstellingsgrenzen. Is deze uitspraak juist? nee: het is een òf-òf-regeling

67 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 567 Wet- en regelgeving 14Een blootgestelde werknemer in categorie A mag beroepshalve nooit een effectieve jaardosis ontvangen die groter is dan 1 mSv 2 mSv 6 mSv 20 mSv 15Een blootgestelde werknemer in categorie B mag beroepshalve maximaal een effectieve jaardosis ontvangen van 1 mSv 2 mSv 6 mSv 20 mSv 6 mSv

68 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 568 Wet- en regelgeving 16Een gewone werknemer mag beroepshalve maximaal een effectieve jaardosis ontvangen van 0 mSv 0,1 mSv 1 mSv 2 mSv 1 mSv 17Een ruimte waarin de effectieve jaardosis groter kan zijn dan 1 mSv maar kleiner is dan 6 mSv, heet gecontroleerde zone of bewaakte zone? bewaakte zone

69 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 569 Wet- en regelgeving 18Een ruimte waarin de te ontvangen effectieve jaardosis groter kan zijn dan 6 mSv heet gecontroleerde zone of bewaakte zone? gecontroleerde zone de volgende drie vragen zijn alleen voor niveau 5A

70 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 570 Wet- en regelgeving 20Is een röntgentoestel voor therapeutisch gebruik vergunnings- plichtig? ja 21Is een röntgentoestel voor onderwijsdoeleinden vergunningsplichtig? ja 19Is een röntgentoestel met een buisspanning van meer dan 100 kV vergunningsplichtig? ja

71 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 571 Dosisberekeningen 1Hoeveel werkuren telt een standaard werkdag? 8 uur 2Hoeveel werkuren telt een standaard werkweek? 5  8 = 40 uur 3Hoeveel werkuren telt een standaard werkjaar? 50  40 = 2000 uur

72 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 572 Dosisberekeningen 4Men kan de dosis verkleinen door sneller of door langzamer te werken? door sneller te werken 5Men kan de dosis verkleinen door de werkafstand te vergroten of te verkleinen? door de werkafstand te vergroten 6Men kan de dosis verkleinen door meer of door minder afscherming aan te brengen? door meer afscherming aan te brengen

73 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 573 Dosisberekeningen 7Men kan het dosistempo verkleinen door sneller of door langzamer te werken? maakt geen verschil 8Men kan het dosistempo verkleinen door de werkafstand te vergroten of te verkleinen? door de werkafstand te vergroten 9Men kan het dosistempo verkleinen door meer of door minder afscherming aan te brengen? door meer afscherming aan te brengen

74 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 574 Dosisberekeningen 10Het dosistempo bedraagt 2 mGy per uur. In een standaard werkweek ontvangt men een dosis van 16 mGy 16 mSv 80 mGy 80 mSv 40  2 = 80 mGy 11Het dosistempo op 1 m bedraagt 1 mGy per uur. Het dosistempo op 10 cm is 0,01 mGy per uur 0,1 mGy per uur 10 mGy per uur 100 mGy per uur (100 / 10) 2 × 1 = 100 mGy per uur

75 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 575 Dosisberekeningen 12Om de dosis te beperken kan men twee keer zo snel werken of de werkafstand verdubbelen. Wat is de beste keuze? Waarom? werkafstand verdubbelen 13Om de dosis te beperken kan men vier keer zo snel werken of de werkafstand verdubbelen. Wat is de beste keuze? Waarom? kwadratenwet werkafstand verdubbelen haastige spoed is zelden goed

76 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 576 Dosisberekeningen 14De bronconstante van 60 Co bedraagt  = 3,6  Gy m 2 Bq -1 h -1. Welke dosis ontvangt men in 1 uur op 1 m van een bron van 40 MBq? 3,5 ×  40 × 10 6 / 1 2 = 14 × 10 ‑ 6 Sv = 14 µGy 15En welke dosis ontvangt men in 1 standaard werkjaar? 2000  14 = 28 × 10 3 µSv = 28 mGy 16Volgens de locale vergunning moet een versneller automatisch afslaan zodra het equivalent dosistempo in de experimenteerhal 1 µSv/h bedraagt. Welke effectieve dosis kunnen de werknemers in de hal maximaal per jaar ontvangen? 2000  1 = 2000  Sv = 2 mSv

77 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 577 Dosisberekeningen 17Een  -bron geeft een veel grotere of een veel kleinere huiddosis dan een  -bron van dezelfde activiteit op dezelfde afstand en in dezelfde tijd? veel grotere huiddosis de volgende vier vragen zijn alleen voor niveau 5B 18Ligt het grootste risico van inwendige besmetting in de eenmalige opname van een grote activiteit of in de meermalige opname van een kleine activiteit? meermalige opname van een kleine activiteit

78 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 578 Dosisberekeningen 19Een vat slib dat verontreinigd is met een hoeveelheid radioactiviteit ter grootte van 10 keer de vrijgavegrens levert wel of niet een direct risico van inwendige besmetting? geen direct risico(het is onmogelijk om een vat slib oraal in te nemen) 20Inslikken van activiteit is wel of niet riskanter dan inademen? niet zonder meer te zeggen: hangt af van het radionuclide en chemische samenstelling 21Het is wel of geen bakerpraatje dat radioactieve stoffen door huid en handschoenen kunnen dringen? geen bakerpraatje

79 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 579 Open bronnen de volgende zeven vragen alleen voor niveau 5B 1De inrichtingseisen gesteld aan een B-laboratorium zijn strenger of minder streng dan die gesteld aan een C-laboratorium? strenger 2De maximaal te hanteren activiteit is in een B-laboratorium in het algemeen groter of kleiner dan die in een C-laboratorium? groter

80 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 580 Open bronnen 3De maximaal te hanteren activiteit is in een D-laboratorium in het algemeen groter of kleiner dan die in een C-laboratorium? kleiner 4Eisen gesteld in een lokale vergunning gaan wel of niet vóór eisen gesteld in de Richtlijn Radionuclidelaboratoria? de strengste eis is bepalend

81 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 581 Open bronnen 5Men wil op tafel in een C-laboratorium 50 MBq pipetteren. Is dit toegestaan? ja (p = -1, q = 2, r = 0) 6Men wil in een zuurkast die voldoet aan de norm NEN-EN in een B-laboratorium 50 MBq indampen. Is dit toegestaan? ja (p = -4, q = 3, r = 2) 7Men wil in een gesloten handschoenenkast in een B-laboratorium een kwartsbuisje met 500 MBq poedervormig materiaal breken en het poeder overbrengen in een bekerglas. Is dit toegestaan? ja (p = -4, q = 3, r = 3) effectieve dosiscoëfficiënt is e(50) inh = 2,9 × Sv/Bq zie ook p,q,r-tabel

82 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 582 Open bronnen pvorm van stof / werkzaamheden -4gas poeders mengen of malen vloeistof tegen kookpunt spattende bewerkingen -3vluchtige nucliden ( 3 H-damp, jodium) poeders in gesloten systeem centrifugeren, vortexen -2eenvoudige bewerking (RIA) labeling niet vluchtige stof bewerking in gesloten systeem (elutie Tc) meten aan gesloten ampul pipetteren niet vluchtige stof opslag in laboratorium qlaboratorium 0buiten laboratorium 1D-laboratorium 2C-laboratorium 3B-laboratorium rlokale ventilatie 0buiten zuurkast, op tafel 1zuurkast (niet NEN-EN 14175) 2zuurkast (wel NEN-EN 14175) air-flow isolator (veiligheidsklasse II) 3air-flow isolator (veiligheidsklasse III) glove box terug

83 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 583 Radioactief afval de volgende elf vragen alleen voor niveau 5B: 1Een oppervlak is radioactief besmet als de besmetting groter is dan 1 Bq/cm 2 4 Bq/cm 2 4 Bq/m Bq/m 2 4 Bq/cm 2 (volgens de Richtlijn Radionuclidenlaboratoria) 2Moet afval behandeld worden als radioactief afval als de activiteitsconcentratie kleiner is dan de vrijgavegrens? nee

84 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 584 Radioactief afval 3Moet afval behandeld worden als radioactief afval als de activiteit kleiner is dan de vrijgavegrens? nee 4Om afval als bedrijfsafval te mogen afvoeren moeten de activiteits- concentratie en de activiteit beide kleiner zijn dan de vrijgavegrens. Is deze uitspraak juist? nee: het is een òf-òf-regeling

85 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 585 Radioactief afval 5Radioactief afval moet worden afgevoerd als bedrijfsafval als gevaarlijk bedrijfsafval via de chemische afvalverwerking via de COVRA? via de COVRA 6Stickers met het opschrift "radioactieve stoffen" horen thuis in de prullebak in de blauwe milieubox bij het gevaarlijk bedrijfsafval bij het radioactief afval

86 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 586 Radioactief afval 7Mogen voorwerpen waarvan het oppervlak besmet is met minder dan 4 Bq/cm 2 bij het bedrijfsafval worden gelegd? ja 8Mag de inhoud van een telpotje in het algemeen via het riool worden geloosd? nee: geen chemisch afval via riool 9Mag de inhoud van een telpotje in het algemeen als chemisch afval worden afgevoerd? nee: als de activiteitsconcentratie èn de activiteit beide groter zijn dan de vrijgavegrens, is afvoer via COVRA verplicht

87 27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 587 Radioactief afval 10De kosten van afvoer en verwerking van radioactief afval rijzen wel of niet de pan uit? wel 11Afvoer van 1 vat (100 l) vast radioactief afval kost ongeveer € 10 € 100 € 1000 € ongeveer € 1000


Download ppt "27/05/2016stralingsbescherming deskundigheidsniveau 51 Stralingsbescherming deskundigheidsniveau 5 Frits Pleiter."

Verwante presentaties


Ads door Google