De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Bloedgassen Respiratie en zuur-base evenwicht Dr. R. de Sévaux, dr. G. Vervoort Afd. nierziekten.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Bloedgassen Respiratie en zuur-base evenwicht Dr. R. de Sévaux, dr. G. Vervoort Afd. nierziekten."— Transcript van de presentatie:

1 Bloedgassen Respiratie en zuur-base evenwicht Dr. R. de Sévaux, dr. G. Vervoort Afd. nierziekten

2 Inleiding Bloedgasanalyse: indicaties Achterliggende (patho)fysiologie Long Nier Stoornissen Respiratoir Metabool Mengstoornissen Voorbeelden bloedgassen

3 Bloedgasanalyse Informatie mbt ventilatie pO 2 = kPa pCO 2 = 5,3 kPa SO 2 > 95% Informatie mbt zuur-base evenwicht pH = 7,35-7,45 Bicarbonaat = mmol/l Base Excess = 0

4 Bloedgasanalyse Bloedgasanalyse: pO 2 : zuurstofspanning: voldoende O 2 in bloed? pH: zuurgraad: adequaat? pCO 2 : kooldioxide spanning: adequaat? Bicarbonaat: adequaat? Geeft informatie over Respiratie Metabole situatie = zuur-base status

5 Terminologie Zuur-Base status pH<7.35: acidemie pH>7.45: alkalemie pH : normale pH (“normocidemie”) Acidose: proces wat leidt tot een acidemie Alkalose: proces wat leidt tot een alkalemie Respiratoir: betreffende de ademhaling Respiratoire acidose en alkalose Metabool: “niet betreffende de ademhaling” Metabole acidose en alkalose

6 Zuur-Base balans: Algemeen pH, pCO 2 en bicarbonaat zijn afhankelijk van elkaar: Henderson-Hasselbach vergelijking: pH= log [HCO3 - ] / 0,03*pCO2 H + + HCO 3 - ↔ H 2 CO 3 ↔ H 2 O + CO 2

7 Zuur-Base balans: Algemeen Normale stofwisseling genereert zuur: mmol/dag CO 2 (= H 2 CO 3 ) = 10 mmol per minuut mmol/dag niet-vluchtig anorganisch zuur H 3 PO 4, H 2 SO 4, org. Zuren pH 7,6 is levensbedreigend

8 Respiratie: Klinische problemen bij ventilatie: Te lage pO2: hypoxie Te hoge pCO2: hypoventilatie Te lage pCO2: hyperventilatie

9 Respiratie: oorzaken hypoxie Ademt te weinig Hypoventilatie: pO2 daalt, pCO2 stijgt Ademt goed, maar bloed onvoldoende geoxygeneerd pO2 daalt, pCO2 normaal tot verlaagd Diffusiestoornis (fibrose, interst ontsteking, …) Shunting in long (longembolie, atelectase,…)

10 Respiratie: analyse Analyse respiratoire stoornis bloedgas: Is er hypoxie? Wat doet respiratie: pCO 2, pH Bereken Alveolaire-Arteriële gradiënt Adequate compensatie?

11

12 Bereken de A-a gradiënt Uitgangspunt: Palv (O 2 ) = Pinsp (O 2 ) – Palv (CO 2 ) Probleem: Palv(O 2) en Palv(CO 2) niet te meten -> Benaderen: PAlv (CO 2 ) = PArt (CO 2 ) voor 1 O2: 1,25 CO2 rekenen Pinsp O2 = 150 mmHg Palv (O 2 ) = PInsp (O2) – 1,25 PArt (CO 2 ), in mmHg Normale PAlv(O 2 ) = 150 – 1,25x40 = 100 mmHg (13 kPa)

13 Bereken de A-a gradiënt Normale Palv(O 2 ) = 150 – 1,25x40 = 100 mmHg Alv-Art gradient = PAlv(O 2 ) – PArt (O 2 ) En: Palv (O 2 ) = PInsp (O 2 ) – 1,25 PArt (CO 2 ) Dus: Alv-Art gradiënt = Pinsp (O 2 ) -1,25 PArt(CO 2 ) – PArt(O 2 ) Praktisch: PInspir (O 2 ) = 150 mmHg PArt voor CO 2 en O 2 uit bloedgasbepaling Normale gradiënt mmHg

14 A-a gradiënt Normale Alv-art gradiënt Verminderde stimulus ademhalingscentra intoxicaties, hersenletsel Verminderde functie AH spieren Neuromusculaire aandoeningen Verhoogde Alv-art gradiënt: transport verminderd Restrictief longlijden Obstructief longlijden Hypoxie (longembolie, CO, metHb,…) NB Vaak ventilatie-perfusie mismatch

15 Respiratie: Zuur-Base balans CO 2 + H 2 O + ↔ H 2 CO 3 ↔H + + HCO 3 - Stijging pCO2: generatie H+ als pCO2 stijgt daalt pH: respiratoire acidose Daling pCO2: daling H+ als pCO2 daalt, stijgt pH: respiratoire alkalose Regulatie ademhaling via chemoreceptoren bloedbaan (reageren op verandering in pH) en via lage pO 2

16 Normale situatie: pH= 7,35-7,45 pH= -log[H+] ofwel [H+] = 10 -pH Als pH= 7,4 dan [H+ ] = 40 nmol/L = mmol/l (!) Als pH= 6,9-7,8 dan [H+ ] = nmol/L Dus: heel weinig vrij H + in bloed Kleine toename vrij H + heeft grote gevolgen voor pH Grote verandering pH = levensbedreigend (6,8-7,6) Zuur-Base balans: Metabool

17 Productie anorganisch zuur = 100 mmol per dag! Urine pH= 5-8, [H+] = mmol/l Absolute noodzaak: Buffersystemen in bloed Systeem voor zuurexcretie nier Zuur-Base balans: Metabool

18 Buffersystemen Buffersysteem: Binding van vrijkomend H +, waardoor relatief weinig verandering van pH/zuurgraad optreedt Belangrijkste buffersystemen: H + + HCO 3 - ↔H 2 CO 3 ↔H 2 O + CO 2 PO H +   HPO 4 2-, H 2 PO 4 -, (H 3 PO 4 ) SO H +   HSO 4 -, (H 2 SO 4 ) Hemoglobine Bot

19 Buffersystemen Efficiënt systeem bij toevoegen H + : H + + HCO 3 - ↔ H 2 CO 3 ↔ H 2 O + CO 2 CO 2 uitademen HCO 3 - regenereren in nier -> Grote capaciteit! H + + HPO 4 2- ↔ H 2 PO 4 - en H + + NH 3 ↔ NH 4 + H 2 PO 4 - uitplassen Geen regeneratie Kleinere capaciteit

20 De nier en zuur/base regulatie Lichaam produceert 100 mmol H + Anorganisch zuur Renaal te klaren Filtreert 180 l x 40 nmol/l H + = 7200 nmol H + = 0, mmol H + Nier filtreert bicarbonaat 180*24 mmol = 4320 mmol

21 De nier en zuur/base regulatie Nier moet H+ uitscheiden 100 mmol anorg zuur Nier moet geen bicarbonaat uitscheiden!  Terugresorberen: 180x24 mmol = 4320 mmol

22 Bicarbonaat reabsorptie via H+ excretie H+ excretie als titreerbaar zuur = HPO4 -> H2PO4 = Bicarbonaat genereren H+ excretie als Ammonium (NH4+) = Bicarbonaat genereren

23 Analyse zuur/base verstoringen

24 Bij de beoordeling van de Zuur-Base status zijn van belang: pH = Zuurgraad P a CO 2 = Koolzuurspanning van het bloed Bicarbonaat (HCO 3 - ) Anion gap Voor verdere analyse, mn bij metabole acidose, zijn van belang: Δ anion gap/Δ bicarbonaat Urine anion en osmol gap Beoordeling Zuur-Base status

25 Beoordeling van de zuur-base status Primaire stoornis: Metabole zuur - base verstoringen: HCO 3 - Respiratoire zuur - base verstoringen: pCO 2 Compensatiemechanismen probeer pH te normaliseren: Laag HCO 3 -> verlaag pCO 2 (hyperventileren) Hoog pCO 2 -> verhoog HCO 3 Mengstoornissen

26 Beoordeling zuur-base status: 5-stappenplan Stap 1: Beoordeel Acidemie (pH 7.45) Stap 2: Primaire stoornis: Beoordeel pH, pCO 2 en HCO 3 - zuur + hoge pCO 2 : respiratoire acidose zuur + lage HCO 3 - : metabole acidose alkalisch + lage pCO 2 : respiratoire alkalose alkalisch + hoge HCO 3 - : metabole alkalose

27 [H+]pHpCO2Bic Met Acidose↑↓↓ Met Alkalose↓↑↑ Resp Acidose↑↓↑ Resp Alkalose↓↑↓ Zuur / Base evenwicht: primaire stoornis

28 Zuur-base status: Regelmechanismen pH = log [HCO 3 - ] / 0.03*pCO 2 Metabole acidose: pCO 2 daalt (hyperventilatie) Metabole alkalose: pCO 2 stijgt (hypoventilatie) Respiratoire acidose: nier houdt HCO 3 - vast Respiratoire alkalose: nier scheidt HCO 3 - uit Compensatie nooit volledig

29 [H+]pHpCO2Bic Met Acidose↑↓Daalt (“compensatie”) ↓ (primaire stoornis) Met Alkalose↓↑Stijgt (“compensatie”) ↑ (primaire stoornis) Resp Acidose↑↓↑ (primaire stoornis) Stijgt (“compensatie”) Resp Alkalose↓↑↓ (primaire stoornis) Daalt (“compensatie”) Beoordeling zuur-base status 5-stappenplan: Regelmechanismen (“compensatie”)

30 Zuur-base status: Compensatie (Boston rules) Renale compensatie respiratoire stoornis: Bij stijging van de pCO2 met 10 mmHg: Stijgt het bicarbonaat acuut met 1 mmol/l Stijgt het bicarbonaat op den duur met 3,5 mmol/l Bij daling van de pCO 2 met 10 mmHg: Daalt het bicarbonaat acuut met 2 mmol/l Daalt het bicarbonaat op den duur met 4 mmol/l pH = log [HCO 3 - ] / 0.03*pCO 2

31 Zuur-base status: Compensatie Respiratoire compensatie metabole stoornis: Bij stijging van de bicarbonaat met 1 mmol/l: Stijgt de pCO 2 met 0,6 mmHg Bij daling van de bicarbonaat met 1 mmol/l: Daalt de pCO 2 met 1,2 mmHg pH = log [HCO 3 - ] / 0.03*pCO 2

32 Boston rules Stap 1 Stap 2

33 Beoordeling van de zuur-base status: 5-stappenplan STAP 3: bepaal de anion-gap (Na-(Cl+bicarbonaat)) bij een verhoogde anion-gap is er een metabole acidose STAP 4: gebruik het zuur-basenomogram of de “rekenregels” (Boston-rules) STAP 5: bij metabole acidose: Bereken ratio: delta anion gap / delta bicarbonaat indien ratio < 1 dan is er sprake van een bijkomende normale anion gap metabole acidose indien ratio >2 dan is er sprake van een bijkomende metabole alkalose “ STAP 6” : bij metabole acidose: bepaal aanvullend de urine anion gap, urine en plasma osmol gap, urine pH en serum kalium

34 Op zoek naar een onbekend, toegevoegd zuur = Op zoek naar H + X - Principe: Som positieve ionen = som negatieve ionen (Na + + K + + Ca ++ + Mg ++ + H + ) = (Cl - + Bic - + HSO HPO Alb - + X - ) Analyse metabole acidose: Anion Gap

35 (Na + + K + + Ca ++ + Mg ++ + H + ) = (Cl - + Bic - + HSO HPO Alb - + X - ) Rekenvoorbeeld: Pos ionen = = 148 Neg ionen = ? + ? + ? + ? = ? Kort: (Na + ) = (Cl - + Bic - + Alb - + X - ) Na +, Cl - en Bic - kan je meten Lading albumine en X - niet te meten: er resteert “gap” Anion Gap = Na – (Cl+Bic) Anion Gap = 140 – (108+24) = 8 mmol/l Analyse metabole acidose: Anion Gap

36 mmol/l De anion gap is het verschil (mmol/l) tussen het positief geladen deeltje Na + en de negatief geladen deeltjes Cl - en HCO3 -

37 Anion Gap = 8-12 mmol/l (afhankelijk van lab) Anion Gap = Albumine - + X - Vraag: Hoeveel X - is er? Oplossing: Bepaal albumine, schat lading van albumine Lading van albumine ~ 2,5 mmol / 10 gram albumine Alb = 40 gr/l: lading = 10 mmol/l Alb = 30 gr/l: lading = 7,5 mmol/l Alb = 20 gr/l: lading = 5 mmol/l Alb = 10 gr/l: lading = 2,5 mmol/l Anion Gap – lading van albumine = X - : Nu weet je of er echt X - is! Analyse metabole acidose: anion gap

38 Metabole acidose: indelen nav Anion gap High anion gap acidose (er is nieuw zuur (H + X - )) Lactaat-acidose Keto-acidose (diabetes of alcohol of vasten) Zuurretentie bij nierinsufficiëntie Intoxicaties (methanol, ethyleenglycol, salicylaat, oxyproline) Normal anion gap acidose (er is géén nieuw zuur) Anion gap = normaal, dus daling Bicarb geeft stijging Chloor Diarrhee Renale tubulaire acidose (RTA) Bicarbonaat verlies urine Onvermogen uitscheiden H +

39 Metabole acidose: indelen nav Anion gap High anion gap acidose (er is nieuw zuur (H + X - ) vs Normal anion gap acidose (er is géén nieuw zuur)

40 Metabole acidose: DD High Anion gap High anion gap acidose (GOLDMARK) Glycols (ethyleenglycol, propyleenglycol) Oxyprolinezuur (afbraak paracetamol) L-lactate (lactaat=melkzuur) D-lactate Methanol (mierezuur) Aspirin (acetylsalicylzuur) Renal failure (fosforzuur, zwavelzuur) Ketoacidosis (boterzuur, acetoazijnzuur)

41 Valkuil: de mengstoornissen Bij één patiënt kunnen er meerdere stoornissen bestaan: COPD = chronische resp acidose met metabole compensatie = hoog pCO2, hoog bicarb, lage pH R/ diuretica: metabole alkalose erbij Krijgt sepsis erbij: acute metabole acidose Chronische decompensatio cordis Krijgt diuretica: chronische metabole alkalose Krijgt sepsis erbij: acute metabole acidose  Hoe haal je dat nu weer uit elkaar? Bij metabole acidose: Delta anion gap / delta bicarbonaat

42 Delta Anion Gap / Delta Bicarbonaat Delta Anion Gap = berekende AG – normale AG (8-10) Delta bicarbonaat = 24 - gemeten Bicarbonaat Elektroneutraliteit: als de anion-gap stijgt, moet het bicarbonaat evenveel dalen. Is het bicarbonaat hoger dan verwacht, dan is er bijkomende metabole alkalose Is het bicarbonaat lager, dan is er bijkomende (normale AG) metabole acidose. Wanneer Delta/Delta gebruiken? als tot nog toe geen metabole alkalose werd gevonden, of als de combinatie van een hoge én normale anion-gap metabole acidose wordt vermoed.

43 Zuur-base stoornissen: de praktijk Dr. G. Vervoort, dr. R. de Sévaux Dept. of General Internal medicine and Nephrology

44 Analyse zuur/base verstoringen

45 NOMOGRAM = Rekenregels in figuur Bij een gegeven pH en pCO 2 of HCO 3 - hoort een vaste derde waarde. Waarde in één van de gearceerde delen: waarschijnlijk enkelvoudige stoornis. Waarde tussen de gearceerde gebieden: meervoudige stoornis. In het “normale gebied” (N): - vaak geen stoornis - of…meervoudige stoornis!

46 Bloedgasanalyse: normaalwaarden pO kPa of mmHg pH7.35 – 7.45 pCO kPa of mmHg Bicarbonaat22-26 mmol/l “Base Excess”

47 Analyse 1: gebruik nomogram pH = 7,40 pCO2 = 40 mm Hg Bic = 24 mmol/l

48 Nomogram: pH en pCO2 pH = 7,40 pCO2 = 40 mm Hg Bic = 24 mmol/l

49 Nomogram: check Bicarbonaat pH = 7,40 pCO2 = 40 mm Hg Bic = 24 mmol/l Dus: klopt!

50 Analyse 2: gebruik nomogram pH = 7,20 pCO2 = 23 mmHg Bic = 9 mmol/l

51 Analyse 2: gebruik nomogram pH = 7,20 pCO2 = 23 mmHg Bic = 9 mmol/l Dus: Klopt!

52 Casuïstiek

53 Casus 1: Bij een patiente wordt op de MediumCare een bloedgasanalyse gedaan met de volgende uitslagen: pO2 10kPa; pCO2 5,5 kPa, pH 7,36 en bicarbonaat 12 mmol/l. Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A.Geen, eerder labfout. B.Mengstoornis. C.Metabole acidose. D.Respiratoire acidose

54 6 Bij een patiente wordt op de MediumCare een bloedgasanalyse gedaan met de volgende uitslagen: pO2 10kPa; pCO2 5,5 kPa, pH 7,36 en bicarbonaat 12 mmol/l.

55 6 Bij een patiente wordt op de MediumCare een bloedgasanalyse gedaan met de volgende uitslagen: pO2 10kPa; pCO2 5,5 kPa, pH 7,36 en bicarbonaat 12 mmol/l. Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A.Geen, eerder labfout. B.Mengstoornis. C.Metabole acidose. D.Respiratoire acidose

56 Casus 2: Een dialysepatiënt besluit op vakantie te gaan maar kan vanwege de reis enkele dagen niet dialyseren. Eenmaal op zijn vakantiedialyseadres is hij kortademig. Bloedgasanalyse laat het volgende zien: pCO2 3,0 kPa, pH 7,2, bicarbonaat 8 mmol/l Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A.Metabole acidose. B.Respiratoire acidose. C.Gecombineerde metabole en respiratoire acidose 9

57 Een dialysepatiënt besluit op vakantie te gaan maar kan vanwege de reis enkele dagen niet dialyseren. Eenmaal op zijn vakantiedialyseadres is hij kortademig. Bloedgasanalyse laat het volgende zien: pCO2 3,0 kPa, pH 7,2, bicarbonaat 8 mmol/l Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A.Metabole acidose. B.Respiratoire acidose. C.Gecombineerde metabole en respiratoire acidose 9

58 Casus 2b: Patiënt heeft vlak voor de terugreis koorts en is opnieuw kortademig. Bloedonderzoek laat het volgende zien: pH 7,4, natrium 138 mmol/l, kalium 5,6 mmol/l, chloor 90 mmol/l, albumine 30 g/l, bicarbonaat 14 mmol/l. Wat zal, gegeven deze bloeduitslagen de PCO 2 (kPa) zijn? A.± 3 kPa. B.± 5 kPa. C.± 9 kPa. 10

59 Patiënt heeft vlak voor de terugreis koorts en is opnieuw kortademig. Bloedonderzoek laat het volgende zien: pH 7,4, natrium 138 mmol/l, kalium 5,6 mmol/l, chloor 90 mmol/l, albumine 30 g/l, bicarbonaat 14 mmol/l. Wat zal, gegeven deze bloeduitslagen De PCO 2 (kPa) zijn? A.± 3 kPa. B.± 5 kPa. C.± 9 kPa. 10

60 Patiënt heeft vlak voor de terugreis koorts en is opnieuw kortademig. Bloedonderzoek laat het volgende zien: pH 7,4, natrium 138 mmol/l, kalium 5,6 mmol/l, chloor 90 mmol/l, albumine 30 g/l, bicarbonaat 14 mmol/l. Wat zal, gegeven deze bloeduitslagen De PCO 2 (kPa) zijn? A.± 3 kPa. B.± 5 kPa. C.± 9 kPa. 10

61 Patiënt heeft vlak voor de terugreis koorts en is opnieuw kortademig. Bloedonderzoek: pH 7,4, natrium 138 mmol/l, kalium 5,6 mmol/l, chloor 90 mmol/l, albumine 30 g/l, bicarbonaat 14 mmol/l. Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A.Metabole acidose en resp. alkalose. B.Metabole acidose en metabole alkalose. C.Metabole acidose, resp. alkalose en metabole alkalose. 10

62 Patiënt heeft vlak voor de terugreis koorts en is opnieuw kortademig. Bloedonderzoek: pH 7,4, natrium 138 mmol/l, kalium 5,6 mmol/l, chloor 90 mmol/l, albumine 30 g/l, bicarbonaat 14 mmol/l. Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? pH is normaal (7,40) pCO 2 is laag (3,0 kPa = 23 mmHg): hyperventileert. Primaire respiratoire alkalose? Compensatie metabole acidose? Beiden? Bic is laag (14 mmol/l) Metabole acidose? Compensatie respiratoire alkalose? 10

63 Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? pH is normaal (7,40) pCO 2 is laag (3,0 kPa = 23 mmHg) Primaire resp alkalose? Respiratoire alkalose als compensatie metabole acidose? Bic = 14 mmol/l Compensatie = 12 mmHg per 10 mmol bicarbonaat Je verwacht pCO 2 = = 28 mmHg, maar pCO 2 = 23 mmHg: -> Bijkomende primaire respiratoire alkalose Bic is laag (14 mmol/l) Anion gap = 138 – (90+14) = 34 mmol/l (wv 7,5 mmol albumine) Dus: High AG metabole acidose Delta AG/Delta Bic = 34/14, maw >2 Dus: bijkomende metabole alkalose 10

64 Patiënt heeft vlak voor de terugreis koorts en is opnieuw kortademig. Bloedonderzoek: pH 7,4, natrium 138 mmol/l, kalium 5,6 mmol/l, chloor 90 mmol/l, albumine 30 g/l, bicarbonaat 14 mmol/l. Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A.Metabole acidose en resp. alkalose. B.Metabole acidose en metabole alkalose. C.Metabole acidose, resp. alkalose en metabole alkalose. 10

65 Patiënt heeft vlak voor de terugreis koorts en is opnieuw kortademig. Bloedonderzoek: pH 7,4, natrium 138 mmol/l, kalium 5,6 mmol/l, chloor 90 mmol/l, albumine 30 g/l, bicarbonaat 14 mmol/l. Metabole acidose, high anion gap: GOLDMARK nagaan Metabole alkalose: wijst op bicarbonaat > 24 voor ontstaan acidose. Oorzaak: braken, fout dialyse,… Respiratoire alkalose: deels primair (bijv sepsis), deels als reactie op met acidose 10

66 Casus 3: 48-jarige vrouw, recent niertransplantatie Metabole acidose ten gevolge van een renale tubulaire acidose bij ciclosporinegebruik. Bloedonderzoek: serumnatrium 138 mmol/l en bicarbonaat van 13 mmol/l. Wat is naar verwachting het serumchloorgehalte? 18

67 Casus 3: 48-jarige vrouw, recent een niertransplantatie. Metabole acidose ten gevolge van een renale tubulaire acidose bij ciclosporinegebruik. Bloedonderzoek: serumnatrium 138 mmol/l en bicarbonaat 13 mmol/l. Wat is naar verwachting het serumchloorgehalte?: Je verwacht een Normal anion gap acidose. AG = Na –(Chl+bic) AG = 138 – Chl – 13 Normale AG = 8-11, stel 10 mmol/l 10 = 138 – Chl – 13 Dus: Chl = 115 mmol/l 18

68 Casus 4: Een jonge vrouw heeft vanwege depressieve klachten een grote hoeveelheid antivries ingenomen. Ze is hypernerveus. Eenmaal op de SEH wordt een bloedgasanalyse verricht en laat de volgende uitslagen zien: pH 7,36, pO2 18 kPa, pCO2 2,2 kPa, bicarbonaat 9 mmol/l Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A.Een respiratoir gecompenseerde metabole acidose. B.Een metabole acidose. C.Een gecombineerde metabole acidose en een respiratoire alkalose.

69 18 Casus 4: Een jonge vrouw heeft vanwege depressieve klachten een grote hoeveelheid antivries ingenomen. Ze is hypernerveus. Bloedgasanalyse: pH 7,36, pO2 18 kPa, pCO2 2,2 kPa, bicarbonaat 9 mmol/l Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A.Een respiratoir gecompenseerde metabole acidose. B.Een metabole acidose. C.Een gecombineerde metabole acidose en een respiratoire alkalose.

70 18 Casus 4: Een jonge vrouw heeft vanwege depressieve klachten een grote hoeveelheid antivries ingenomen. Ze is hypernerveus. Eenmaal op de SEH wordt een bloedgasanalyse verricht en laat de volgende uitslagen zien: pH 7,36, pO2 18 kPa, pCO2 2,2 kPa, bicarbonaat 9 mmol/l Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? -pH is normaal: CAVE mengstoornis! -pCO2 is sterk verlaagd, meer dan voor compensatie gebruikelijk -Bic is sterk verlaagd, veel meer dan zou kunnen voor geisoleerde resp alkalose

71 Casus 5: Een mevrouw van 18 jaar wordt opgenomen in het ziekenhuis. Zij is mager (44kg), bekend met een anorexia nervosa en heeft veelvuldig gebraakt. Zij heeft een pH=7,52 een PCO 2 =6,8 kPa, en een plasma bicarbonaat van 42 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire alkalose. C. gecombineerde metabole en respiratoire alkalose.

72 Casus 5: Een mevrouw van 18 jaar wordt opgenomen in het ziekenhuis. Zij is mager (44kg), bekend met een anorexia nervosa en heeft veelvuldig gebraakt. Zij heeft een pH=7,52 een PCO 2 =6,8 kPa, en een plasma bicarbonaat van 42 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire alkalose. C. gecombineerde metabole en respiratoire alkalose. Rekenregel: Bic + 18 mmol/l, dus pCO2 = *0,6 = 50 mm (6,8 kPa) Dus enkelvoudige stoornis

73 Casus 5 Een mevrouw van 18 jaar wordt opgenomen in het ziekenhuis. Zij is mager (44kg), bekend met een anorexia nervosa en heeft veelvuldig gebraakt. Zij heeft een pH=7,52 een PCO 2 =6,8 kPa, en een plasma bicarbonaat van 42 mmol/L. Overige laboratoriumuitslagen laten het volgende zien: Na mmol/l, K + 1,9 mmol/l, Cl - 84 mmol/l, Mg ++ 0,65 mmol/l, fosfaat 0,25 mmol/l, ureum 0,7 mmol/l, kreatinine 38 µmol/l, glucose 5,3 mmol/l, albumine 50 g/l, hemoglobine 9,0 mmol/l. Vraag: Wat is hier de berekende anion-gap? A.7 meq/l. B.14 meq/l. C.21 meq/l.

74 Casus 5 Een mevrouw van 18 jaar wordt opgenomen in het ziekenhuis. Zij is mager (44kg), bekend met een anorexia nervosa en heeft veelvuldig gebraakt. Zij heeft een pH=7,52 een PCO 2 =6,8 kPa, en een plasma bicarbonaat van 42 mmol/L. Overige lab: Na mmol/l, K + 1,9 mmol/l, Cl - 84 mmol/l, Mg ++ 0,65 mmol/l, fosfaat 0,25 mmol/l, ureum 0,7 mmol/l, kreatinine 38 µmol/l, glucose 5,3 mmol/l, albumine 50 g/l, hemoglobine 9,0 mmol/l. Vraag: Wat is hier de berekende anion-gap? AG = Na – (Cl+Bic) AG = 140 – (84+42) = = 14 mmol/l Correctie voor albumine: Lading albumine = 5*2,5 mmol/l per 10 gr albumine, dus 12,5 AG = Lading Albumine + Lading X - X - = 1,5 mmol = binnen marge, geen belangrijke hoeveelheid ongemeten anion

75 Casus 6: VG: Type 2 diabetes mellitus. SEH in verband met koorts, braken, buikpijn en hypotensie. Al behandeld met fysiologisch zout en bicarbonaat. Aanvullend laboratoriumonderzoek: Na mmol/l, K mmol/l, Cl - 90 mmol/l, bicarbonaat 24.0 mmol/l, glucose 12 mmol/l. Bloedgasanalyse pH 7.40, pO kPa, pCO2 5.4 kPa. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A.Geen zuur-base stoornis. B.Metabole acidose. C.Gecombineerde metabole acidose en metabole alkalose.

76 Casus 6: VG: Type 2 diabetes mellitus. SEH in verband met koorts, braken, buikpijn en hypotensie. Al behandeld met fysiologisch zout en bicarbonaat. Aanvullend laboratoriumonderzoek: Na mmol/l, K mmol/l, Cl - 90 mmol/l, bicarbonaat 24.0 mmol/l, glucose 12 mmol/l. Bloedgasanalyse pH 7.40, pO kPa, pCO2 5.4 kPa. pH normaal pCO2 normaal Bic normaal -> Klaar?

77 Casus 6: VG: Type 2 diabetes mellitus. SEH in verband met koorts, braken, buikpijn en hypotensie. Al behandeld met fysiologisch zout en bicarbonaat. Aanvullend laboratoriumonderzoek: Na mmol/l, K mmol/l, Cl - 90 mmol/l, bicarbonaat 24.0 mmol/l, glucose 12 mmol/l. Bloedgasanalyse pH 7.40, pO kPa, pCO2 5.4 kPa. pH normaal pCO2 normaal Bic normaal MAAR Anion gap: 144 – (90+24) = 30 mmol/l! DUS high anion gap met acidose Delta AG/Delta Bic = / 0, dus >>2 DUS bijkomende met alkalose Toevallig komt alles uit op “ normaal” !

78 Casus R1: 68 jarige man wordt opgenomen ivm exacerbatie COPD. Bloedgasanalyse: pH=7,22 PCO 2 =9,5 kPa, bicarbonaat van 27 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire alkalose. D. Gecombineerde respiratoire acidose En metabole acidose

79 Casus R1: 68 jarige man wordt opgenomen ivm exacerbatie COPD. Bloedgasanalyse: pH=7,22 PCO 2 =9,5 kPa, bicarbonaat van 27 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? pH = laag: acidose pCO2 = hoog: respiratoir

80 Casus R1: 68 jarige man wordt opgenomen ivm exacerbatie COPD. Bloedgasanalyse: pH=7,22 PCO 2 =9,5 kPa, bicarbonaat van 27 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. respiratoire acidose plus metabole alkalose Rekenregel pCO2 9,5 kPa = 68 mmHg Bic moet bij acuut + 3 mmol (=27) Dus Enkelvoudige Respiratoire acidose met metabole compensatie

81 Casus R2: 68 jarige man, bekend hartfalen, wordt opgenomen ivm exacerbatie COPD. Bloedgasanalyse: pH=7,44 PCO 2 =7,3 kPa, bicarbonaat 36 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en resp alkalose

82 Casus R2: 68 jarige man, bekend hartfalen, wordt opgenomen ivm exacerbatie COPD. Bloedgasanalyse: pH=7,42 PCO 2 =7,3 kPa, bicarbonaat 32 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en resp alkalose

83 Casus R2: 68 jarige man, bekend hartfalen, wordt opgenomen ivm exacerbatie COPD. Bloedgasanalyse: pH=7,44 PCO 2 =7,3 kPa, bicarbonaat 36 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? pH normaal (!) pCO2 hoog: resp acidose Bic (te) hoog: met alkalose Past bij exacerbatie COPD met tevoren diureticagebruik pH is nu normaal pH is hoger geweest (Met Alk) Door stijgend pCO2 daalt pH

84 Casus R3: 68 jarige man, bekend hartfalen, chronisch diureticagebruik. Bloedgasanalyse: pH=7,55 PCO 2 =5,5 kPa, bicarbonaat 38 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire alkalose. D. Gecombineerde metabole acidose en resp alkalose

85 Casus R3: 68 jarige man, bekend hartfalen, chronisch diureticagebruik. Bloedgasanalyse: pH=7,55 PCO 2 =5,5 kPa, bicarbonaat 38 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire alkalose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire alkalose. D. Gecombineerde metabole acidose en respiratoire alkalose

86 Casus R3: 68 jarige man, bekend hartfalen, chronisch diureticagebruik. Bloedgasanalyse: pH=7,55 PCO 2 =5,5 kPa, bicarbonaat 38 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire alkalose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire alkalose. D. Gecombineerde metabole acidose en resp alkalose

87 Casus R4: 68 jarige man, bekend hartfalen, chronisch diureticagebruik, acute hypoxie. Bloedgasanalyse: pH=7,60 PCO 2 =4,5 kPa, bicarbonaat 30 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire alkalose. D. Gecombineerde metabole acidose en respir alkalose

88 Casus R4: 68 jarige man, bekend hartfalen, chronisch diureticagebruik, acute hypoxie. Bloedgasanalyse: pH=7,60 PCO 2 =4,5 kPa, bicarbonaat 33 mmol/L. Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire alkalose. D. Gecombineerde metabole acidose en respir alkalose

89 Casus R5: 65 jarige man, roker, diuretica Bloedgasanalyse: pH=7,48 PCO 2 =51 mmHg (7 kPa), bicarbonaat 36 mmol/l pO2 73 mmHg (10 kPa) Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en respir alkalose

90 Casus R5: 65 jarige man, roker, diuretica Bloedgasanalyse: pH=7,48 PCO 2 =51 mmHg (7 kPa), bicarbonaat 38 mmol/l pO2 73 mmHg (10 kPa) Vraag 1: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en respir alkalose Vraag 2: is er longlijden?

91 Casus R5: 65 jarige man, roker, diuretica Bloedgasanalyse: pH=7,48 PCO 2 =51 mmHg (7 kPa), bicarbonaat 38 mmol/l pO2 73 mmHg (10 kPa) Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en respir alkalose Vraag 2: is er longlijden? A-a gradient = ,25*51 = 13 Dus: Nee!

92 Casus R6: 65 jarige man, roker, exacerbatie COPD sinds 2 dagen Bloedgasanalyse: pH=7,25 PCO 2 =70 mmHg (9,4 kPa), bicarbonaat 30 mmol/l pO2 30 mmHg (4 kPa) Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. Acute respiratoire acidose C. gecombineerde acute en chronische respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en acute respir acidose

93 Casus R6: 65 jarige man, roker, exacerbatie COPD sinds 2 dagen Bloedgasanalyse: pH=7,25 PCO 2 =70 mmHg (9,4 kPa), bicarbonaat 30 mmol/l pO2 30 mmHg (4 kPa) Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. Acute respiratoire acidose C. gecombineerde acute en chronische respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en acute respir acidose

94 Casus R6: 65 jarige man, roker, exacerbatie COPD sinds 2 dagen Bloedgasanalyse: pH=7,25 PCO 2 =70 mmHg (9,4 kPa), bicarbonaat 30 mmol/l pO2 30 mmHg (4 kPa) Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. Acute respiratoire acidose C. gecombineerde acute en chronische respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en acute respir acidose Is er longlijden? A-a = 150-1,25*70 – 30 = 33 Dus: Ja

95 Casus R7: 65 jarige man, roker, exacerbatie COPD Bloedgasanalyse: pH=7,10 PCO 2 =67 mmHg (9,0 kPa), bicarbonaat 20 mmol/l pO2 30 mmHg (4 kPa) Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en respir acidose

96 Casus R7: 65 jarige man, roker, exacerbatie COPD Bloedgasanalyse: pH=7,10 PCO 2 =67 mmHg (9,0 kPa), bicarbonaat 20 mmol/l pO2 30 mmHg (4 kPa) Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en respir acidose

97 Casus R7: 65 jarige man, roker, exacerbatie COPD Bloedgasanalyse: pH=7,10 PCO 2 =67 mmHg (9,0 kPa), bicarbonaat 20 mmol/l pO2 30 mmHg (4 kPa) Na 130 Chl 95 Alb 20 Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en respir acidose Vraag: Reden metabole acidose?

98 Casus R7: 65 jarige man, roker, exacerbatie COPD Bloedgasanalyse: pH=7,10 PCO 2 =67 mmHg (9,0 kPa), bicarbonaat 20 mmol/l pO2 30 mmHg (4 kPa) Na 130 Chl 95 Alb 20 Vraag: Van welke zuur-base stoornis is hier sprake? A. metabole alkalose. B. respiratoire acidose C. gecombineerde metabole alkalose en respiratoire acidose. D. Gecombineerde metabole acidose en respir acidose Vraag: Reden metabole acidose? AG = 130 – (90+20) = 20 mmol/l = high Alb = 5 mmol/l X- = 15 mmol/l

99 Belangrijk Ga iedere keer de vaste punten gestructureerd langs Bedenk wat patiënt hoort te hebben: COPD: hoog pCO2, lage pH, wat hoog Bic Dec cordis: hoog bicarb, hoge pH, wat hoge pCO 2 Diabeet met hartfalen en ketoacidose: mengbeeld met alkalose en met acidose COPD met dec cordis en sepsis: mengbeeld van met. alkalose, resp acidose en (lactaat)acidose

100 Vragen?

101 Oorzaken stoornissen Respiratoire alkalose Respiratoire acidose Metabole acidose Metabole alkalose

102 Oorzaken Respiratoire Alkalose Chronische hypoxemie Longziekten Cerebraal Beademing

103 Oorzaken Respiratoire Acidose Cerebraal Ademhalingsspieren en borstwand Obstructie Verminderde gaswisseling alveolaire capillairen

104 Oorzaken Metabole Acidose High Anion Gap: Toegevoegd zuur HX Goldmark Normal anion gap Diarree met verlies bicarbonaat Renale tubulaire acidose Nierinsufficiëntie Overmaat chloorintake Salmiak (NH 4 Cl!), TPV, infusen

105 Oorzaken Metabole alkalose Verlies van HCl GE verlies: Maaghevel, Braken Renaal verlies: diuretica, hyperaldosterisme Vasthouden van bicarbonaat Teveel toedienen Volume contractie

106 De nier: HCO 3 - -reabsorptie Proximale tubulus Resorptie gefiltreerd HCO3 - =(180 L x 24 mmol/l) Verzamelbuis (intercalaire cel type α) Resorptie rest HCO3 -

107 De nier: H + excretie, HCO 3 – “generatie” O.a. NH 3, HPO 4 - als buffer!! Buffer: HPO H + → H 2 PO 4 -

108 De nier: H + excretie (NH 4 + / NH 3 )

109 Noodzaak: Bescherming tegen pH-veranderingen! Voorkómen van acidose & alkalose Mechanismen: Chemische buffering: HCO H + H 2 CO 3 (sec) Uitscheiding vluchtig zuur CO 2 via de longen (min) Uitscheiding niet-vluchtig zuur/base via de nier (uren) Regeneratie bicarbonaat in nier (uren) Zuur-Base balans

110 Metabole stoornis: Metabole acidose: te veel zuur of te weinig base Metabole alkalose: te weinig zuur of teveel base Beoordeling Zuur-Base status


Download ppt "Bloedgassen Respiratie en zuur-base evenwicht Dr. R. de Sévaux, dr. G. Vervoort Afd. nierziekten."

Verwante presentaties


Ads door Google