De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Dag 3 Jan Tibo directeur VZW Sporen Lieve Nevens staf VZW Sporen

Verwante presentaties


Presentatie over: "Dag 3 Jan Tibo directeur VZW Sporen Lieve Nevens staf VZW Sporen"— Transcript van de presentatie:

1 Dag 3 Jan Tibo directeur VZW Sporen Lieve Nevens staf VZW Sporen

2 OPWARMER Wat heb je de voorbije weken gedaan vanuit deze training waar je fier op bent ? Oefening per 2 : elkaar bevragen met oplossingsgerichte vragen. Eerst effe voordoen : Jan bevraagt Lieve. Dan in duo’s : 2 maal 10 minuten, en dan in grote groep delen : wat was het sterkste dat je hebt gehoord dat je collega heeft gedaan ?

3 Gebruik oplossingsgerichte vragen
Detailvragen(zowel bij wat er goed loopt als bij wat er onveilig is) Schaalvragen Wondervragen Relatievragen Uitzonderingsvragen Complimenten Vragen met focus op veiligheid Vragen zonder oordeel

4 Wat zijn onze zorgen Wat gaat er goed Wat moet er gebeuren
Schade in het verleden: (wat is er gebeurt waar we ons zorgen over maken betreffende deze of andere kinderen in de zorg van deze ouders) Toekomstig gevaar: (waar maken we ons zorgen over dat in de toekomst met deze kinderen kan gebeuren in de zorg van deze ouders) Complicerende factoren: (Wat maakt het creëren van veiligheid voor kinderen en werken met deze familie gecompliceerder) Maatschappelijke noodzaak (Wat wil de verwijzende instantie zien dat deze ouders doen in het zorgen voor de kinderen en over welke periode om zeker te zijn dat er voldoende veiligheid is voor de kinderen zodat de casus gesloten kan worden.) Doelen van het veiligheidsnetwerk gericht op veiligheid voor de kinderen: (Wat denkt het veriligheidsnetwerk dat zij moeten doen in het zorgen voor de kinderen, zodat de kinderen veilig zijn en de casus gesloten kan worden) Wat moet er gebeuren: (Wat denken de hulpverleners en het netwerk dat de volgende stap is in het werken naar het behalen van deze doelen) Veiligheidsschaal: Op een schaal van 0 tot 10, waar 10 betekent iedereen weet dat de kinderen veilig genoeg zijn zodat de organisatie de casus kan sluiten en 0 betekent dat de situatie zo slecht is voor de kinderen dat zij niet langer thuis kunnen wonen, waar plaatsen we de situatie? Wat is er gebeurd? Aan de hand van de volgend slides uitleggen hoe de 3kolommen doorheen de hele begeleiding een werkinstrument zijn en hoe je ze horizontaal gebruikt.

5 Wat zijn onze zorgen Wat gaat er goed Wat moet er gebeuren
Schade in het verleden: (wat is er gebeurd waar we ons zorgen over maken betreffende deze of andere kinderen in de zorg van deze ouders) Toekomstig gevaar: (waar maken we ons zorgen over dat in de toekomst met deze kinderen kan gebeuren in de zorg van deze ouders) Complicerende factoren: (Wat maakt het creëren van veiligheid voor kinderen en werken met deze familie gecompliceerder) Maatschappelijke noodzaak (Wat wil de verwijzende instantie zien dat deze ouders doen in het zorgen voor de kinderen en over welke periode om zeker te zijn dat er voldoende veiligheid is voor de kinderen zodat de casus gesloten kan worden.) Doelen van het veiligheidsnetwerk gericht op veiligheid voor de kinderen: (Wat denkt het veriligheidsnetwerk dat zij moeten doen in het zorgen voor de kinderen, zodat de kinderen veilig zijn en de casus gesloten kan worden) Wat moet er gebeuren: (Wat denken de hulpverleners en het netwerk dat de volgende stap is in het werken naar het behalen van deze doelen) Veiligheidsschaal: Op een schaal van 0 tot 10, waar 10 betekent iedereen weet dat de kinderen veilig genoeg zijn zodat de organisatie de casus kan sluiten en 0 betekent dat de situatie zo slecht is voor de kinderen dat zij niet langer thuis kunnen wonen, waar plaatsen we de situatie? Waar zijn we bang voor? *gebaseerd op het framework ontwikkeld door Turnell en Edwards, vertaling

6 Wat zijn onze zorgen Wat gaat er goed Wat moet er gebeuren
Schade in het verleden: (wat is er gebeurd waar we ons zorgen over maken betreffende deze of andere kinderen in de zorg van deze ouders) Toekomstig gevaar: (waar maken we ons zorgen over dat in de toekomst met deze kinderen kan gebeuren in de zorg van deze ouders) Complicerende factoren: (Wat maakt het creëren van veiligheid voor kinderen en werken met deze familie gecompliceerder) Maatschappelijke noodzaak (Wat wil de verwijzende instantie zien dat deze ouders doen in het zorgen voor de kinderen en over welke periode om zeker te zijn dat er voldoende veiligheid is voor de kinderen zodat de casus gesloten kan worden.) Doelen van het veiligheidsnetwerk gericht op veiligheid voor de kinderen: (Wat denkt het veriligheidsnetwerk dat zij moeten doen in het zorgen voor de kinderen, zodat de kinderen veilig zijn en de casus gesloten kan worden) Wat moet er gebeuren: (Wat denken de hulpverleners en het netwerk dat de volgende stap is in het werken naar het behalen van deze doelen) Veiligheidsschaal: Op een schaal van 0 tot 10, waar 10 betekent iedereen weet dat de kinderen veilig genoeg zijn zodat de organisatie de casus kan sluiten en 0 betekent dat de situatie zo slecht is voor de kinderen dat zij niet langer thuis kunnen wonen, waar plaatsen we de situatie? Danger statement *gebaseerd op het framework ontwikkeld door Turnell en Edwards, vertaling

7 Statement betreffende krachten en bestaande veiligheid
Wat zijn onze zorgen Wat gaat er goed Wat moet er gebeuren Schade in het verleden: (wat is er gebeurd waar we ons zorgen over maken betreffende deze of andere kinderen in de zorg van deze ouders) Toekomstig gevaar: (waar maken we ons zorgen over dat in de toekomst met deze kinderen kan gebeuren in de zorg van deze ouders) Complicerende factoren: (Wat maakt het creëren van veiligheid voor kinderen en werken met deze familie gecompliceerder) Doelen van de instelling gericht op veiligheid: (Wat wil de organisatie zien dat deze ouders doen in het zorgen voor de kinderen en over welke periode om zeker te zijn dat er voldoende veiligheid is voor de kinderen zodat de casus gesloten kan worden.) Doelen van het gezin gericht op veiligheid: (Wat denkt de familie dat zij moeten doen in het zorgen voor de kinderen, zodat de kinderen veilig zijn en de organisatie de casus wil sluiten) Wat moet er gebeuren: (Wat denken de organisatie en de familie dat de volgende stap is in het werken naar het behalen van deze doelen) Veiligheidsschaal: Op een schaal van 0 tot 10, waar 10 betekent iedereen weet dat de kinderen veilig genoeg zijn zodat de organisatie de casus kan sluiten en 0 betekent dat de situatie zo slecht is voor de kinderen dat zij niet langer thuis kunnen wonen, waar plaatsen we de situatie? Statement betreffende krachten en bestaande veiligheid E.S.C

8 Veiligheidsschaal Wat zijn onze zorgen Wat gaat er goed
Wat moet er gebeuren Schade in het verleden: (wat is er gebeurd waar we ons zorgen over maken betreffende deze of andere kinderen in de zorg van deze ouders) Toekomstig gevaar: (waar maken we ons zorgen over dat in de toekomst met deze kinderen kan gebeuren in de zorg van deze ouders) Complicerende factoren: (Wat maakt het creëren van veiligheid voor kinderen en werken met deze familie gecompliceerder) Doelen van de instelling gericht op veiligheid: (Wat wil de organisatie zien dat deze ouders doen in het zorgen voor de kinderen en over welke periode om zeker te zijn dat er voldoende veiligheid is voor de kinderen zodat de casus gesloten kan worden.) Doelen van het gezin gericht op veiligheid: (Wat denkt de familie dat zij moeten doen in het zorgen voor de kinderen, zodat de kinderen veilig zijn en de organisatie de casus wil sluiten) Wat moet er gebeuren: (Wat denken de organisatie en de familie dat de volgende stap is in het werken naar het behalen van deze doelen) Veiligheidsschaal: Op een schaal van 0 tot 10, waar 10 betekent iedereen weet dat de kinderen veilig genoeg zijn zodat de organisatie de casus kan sluiten en 0 betekent dat de situatie zo slecht is voor de kinderen dat zij niet langer thuis kunnen wonen, waar plaatsen we de situatie? Veiligheidsschaal

9 Wat zijn onze zorgen Wat gaat er goed Wat moet er gebeuren
Schade in het verleden: (wat is er gebeurd waar we ons zorgen over maken betreffende deze of andere kinderen in de zorg van deze ouders) Toekomstig gevaar: (waar maken we ons zorgen over dat in de toekomst met deze kinderen kan gebeuren in de zorg van deze ouders) Complicerende factoren: (Wat maakt het creëren van veiligheid voor kinderen en werken met deze familie gecompliceerder) Maatschappelijke noodzaak (Wat wil de verwijzende instantie zien dat deze ouders doen in het zorgen voor de kinderen en over welke periode om zeker te zijn dat er voldoende veiligheid is voor de kinderen zodat de casus gesloten kan worden.) Doelen van het veiligheidsnetwerk gericht op veiligheid voor de kinderen: (Wat denkt het veriligheidsnetwerk dat zij moeten doen in het zorgen voor de kinderen, zodat de kinderen veilig zijn en de casus gesloten kan worden) Wat moet er gebeuren: (Wat denken de hulpverleners en het netwerk dat de volgende stap is in het werken naar het behalen van deze doelen) Veiligheidsschaal: Op een schaal van 0 tot 10, waar 10 betekent iedereen weet dat de kinderen veilig genoeg zijn zodat de organisatie de casus kan sluiten en 0 betekent dat de situatie zo slecht is voor de kinderen dat zij niet langer thuis kunnen wonen, waar plaatsen we de situatie? Veiligheidsdoelen verwijzer Danger statement Veiligheidsdoelen van de familie Aan de hand van volgende slides uitleggen hoe de 3kolommen een werkinstrument zijn doorheen de hele begeleiding en hoe je ze horizontaal gebruikt.

10 Veiligheidsplan Wat zijn onze zorgen Wat gaat er goed
Wat moet er gebeuren Schade in het verleden: (wat is er gebeurd waar we ons zorgen over maken betreffende deze of andere kinderen in de zorg van deze ouders) Toekomstig gevaar: (waar maken we ons zorgen over dat in de toekomst met deze kinderen kan gebeuren in de zorg van deze ouders) Complicerende factoren: (Wat maakt het creëren van veiligheid voor kinderen en werken met deze familie gecompliceerder) Maatschappelijke noodzaak (Wat wil de verwijzende instantie zien dat deze ouders doen in het zorgen voor de kinderen en over welke periode om zeker te zijn dat er voldoende veiligheid is voor de kinderen zodat de casus gesloten kan worden.) Doelen van het veiligheidsnetwerk gericht op veiligheid voor de kinderen: (Wat denkt het veriligheidsnetwerk dat zij moeten doen in het zorgen voor de kinderen, zodat de kinderen veilig zijn en de casus gesloten kan worden) Wat moet er gebeuren: (Wat denken de hulpverleners en het netwerk dat de volgende stap is in het werken naar het behalen van deze doelen) Veiligheidsschaal: Op een schaal van 0 tot 10, waar 10 betekent iedereen weet dat de kinderen veilig genoeg zijn zodat de organisatie de casus kan sluiten en 0 betekent dat de situatie zo slecht is voor de kinderen dat zij niet langer thuis kunnen wonen, waar plaatsen we de situatie? Veiligheidsdoelen verwijzer Danger statement Veiligheidsdoelen van de familie Veiligheidsplan

11 Wat zijn onze zorgen Wat gaat er goed Wat moet er gebeuren
Schade in het verleden: (wat is er gebeurd waar we ons zorgen over maken betreffende deze of andere kinderen in de zorg van deze ouders) Toekomstig gevaar: (waar maken we ons zorgen over dat in de toekomst met deze kinderen kan gebeuren in de zorg van deze ouders) Complicerende factoren: (Wat maakt het creëren van veiligheid voor kinderen en werken met deze familie gecompliceerder) Doelen van de instelling gericht op veiligheid: (Wat wil de organisatie zien dat deze ouders doen in het zorgen voor de kinderen en over welke periode om zeker te zijn dat er voldoende veiligheid is voor de kinderen zodat de casus gesloten kan worden.) Doelen van het gezin gericht op veiligheid: (Wat denkt de familie dat zij moeten doen in het zorgen voor de kinderen, zodat de kinderen veilig zijn en de organisatie de casus wil sluiten) Wat moet er gebeuren: (Wat denken de organisatie en de familie dat de volgende stap is in het werken naar het behalen van deze doelen) Veiligheidsschaal: Op een schaal van 0 tot 10, waar 10 betekent iedereen weet dat de kinderen veilig genoeg zijn zodat de organisatie de casus kan sluiten en 0 betekent dat de situatie zo slecht is voor de kinderen dat zij niet langer thuis kunnen wonen, waar plaatsen we de situatie? Oefening : voor eigen casus, op a3 3kolommen maken en de dangerstatement invullen die ze vorige keer gemaakt hebben Volgende stap naar veiligheid *gebaseerd op het framework ontwikkeld door Turnell en Edwards, vertaling

12 3. Waar zijn we op een schaal van 0 tot 10
1.Waar zijn we bezorgd over? 4.Wat moet er gebeuren? 2.Wat gaat er goed? Wat is er gebeurd -aanleiding tot ingrijpen -1e, ergste, laatste -wie heeft wat geconstateerd -gebeurtenis in het verleden Bestaande krachten -bereidheid, vermogen en vertrouwen in verandering -hulpbronnen Doelen van de aanmelder; -Wat wil de aanmelder zien om de zaak te kunnen sluiten Doelen van het gezin -Welke veranderingen hebben de gezinsleden zelf voor ogen Wat is er nu al aan veiligheid -uitzonderingen; vb van gedragingen van ouders waarbij het gelukt is niet te slaan, knijpen, etc -huidig gedrag van anderen uit het netwerk Waar zijn we bang voor -ontwikkelingsbedreiging -toekomstgericht Direct noodzakelijk; -Wat moet onmiddellijk gebeuren om de veiligheid van het kind te garanderen Complicerende factoren -wat maakt het lastig om veranderingen in gang te zetten Toelichten wat er in 2de kolom komt, verschil tussen bestaande krachten en veiligheidsverhogende factoren. Ieder voor zich de tweede kolom invullen voor zijn casus waar ze vorige keer de dangerstatement voor gemaakt hebben. 3. Waar zijn we op een schaal van 0 tot 10 Waarbij 0 betekent het gaat zo slecht met het kind dat direct ingrijpen noodzakelijk is en 10 betekent dat er zoveel veiligheid is dat de casus afgesloten kan worden

13 Tweede kolom Welke vragen helpen om de bestaande krachten en veiligheid van een gezin en netwerk in beeld in te krijgen ? Op flap verzamelen van voorbeeldvragen om de tweede kolom in te vullen. Nadien in duo’s, andere dan hierjuist en liefst met iemand die casus niet kent, elkaar bevragen om 2de kolom meer in te vullen, inspiratie : vragen op flap Groep : hoe was het om deze oefening te doen ? Wat leverde het op ?

14 Pauze

15 ‘ SIGNAALLIJST’

16 Oefening: doel formulering
1 iemand benoemt een goed voornemen, bv gezonder eten, meer bewegen, mijn werk anders plannen etc. De ander bevraagt vriendelijk, maar vasthoudend naar de details van dit goede voornemen. De derde persoon noteert de goede interventies Durf de regie in handen te nemen, durf beleefd te onderbreken en hou de focus op doel! Vraag gerust heel concreet door op kleine details. Je gaat door tot je een duidelijke en concrete omschrijving van het doel hebt en een eerste stap die je collega gaat zetten. Bevraag ook het vertrouwen en de haalbaarheid E.S.C

17 Helpende vragen Hoe belangrijk is het voor jou om dat roepen te veranderen? Wat zal er anders zijn als je dat lukt? Wat zouden je kinderen zeggen dat er anders zou zijn? Wanneer is het al eens gelukt om iets anders te doen als je boos werd? Hoe reageerde men toen? Hoe zou je het ideaal willen Is het ooit al zo geweest Als je kon dromen…. E.S.C

18 Haalbaarheid bevragen
Wat ga je precies doen? (denk klein) Wat is je belangrijkste reden om te veranderen? Wanneer ga je dit doen? Hoe ga je dit doen? (details) Is het haalbaar? Wie zal het opmerken dat je het doet? Wat voor verschil zou het maken denk je? Op een schaal van 0-10, als 10 is het hoogste en 0 is het laagste, hoe zeker ben je van jezelf dat je dit gaat doen? E.S.C

19 Was het erg dat er zoveel vragen werden gesteld?
nabespreking: Was het erg dat er zoveel vragen werden gesteld? Is je voornemen sterker geworden? Zo ja, welke vraag was het meest nuttig? Wat zet zo’n bevraging in gang ? Hoeveel mensen hebben nu een concreter doel dan vooraf ? Wie heeft er vertrouwen in dat hij of zij ook echt aan de slag gaat met zijn eerste stapje ? Wie gelooft meer in de haalbaarheid dan voordien ? E.S.C

20 Formulering doelen Duidelijk gedrag dat de ouders anders zullen doen in de verzorging van hun kinderen om het toekomstige gevaar aan te pakken Hoe duidelijker het doel, hoe meer gefocust uw PLAN Een spiegelbeeld van de dangerstatement

21 Safety Specific: meetbaar, specifiek Achievable: bereikbaar, haalbaar
Family: betrekken in acties Endorsed: onderschreven door officiele instantie die instaat voor bescherming van kinderren Timescale: gedemonstreerd gedurende een specifieke periode om vertrouwen op te bouwen dat de veiligheid zal voortduren Youth: de kinderen begrijpen de doelen en hebben inspraak Analoog aan smart. Oefening : formuleer een doel gelinkt aan je dangerstatement.

22 Voorbeeld van positieve reframing en mogelijk veiligheidsplan
Kernzorg: De consulent, voogd X en Veroniek zijn bezorgd dat als Y. nadenkt over haar verleden, zij zich opsluit, gaat krassen, helemaal niks meer zegt met als gevolg dat zij ernstig gewond zou raken of zelf een zelfmoordpoging zou ondernemen ( zoals toen zij in 2012 shampoo en WC producten gedronken had of toen zij in 2011 dreigde om uit het raam te springen). Veiligheidsdoel: Het lukt Y. om zich goed te blijven voelen als ze nadenkt over haar verleden Wat werkt er al? (uit tweede kolom) Y. zegt dat het haar helpt om te bellen naar S. (haar vriend), om te spreken met Veroniek en om te spreken met haar therapeut. Y. gaat 2x per week dansen, dit vindt zij een uitlaatklep. Y. wil samen met vriendin G. naar de Kerk gaan in het weekend, ze vindt veel steun aan God. Y. zegt ook dat het haar helpt om naar muziek te luisteren, dan voelt ze zich beter.

23

24 Veiligheidscirkels in het kader van een veiligheidsnetwerk
Praat over de nood van een veiligheidsnetwerk Er is een veiligheidsnetwerk nodig om een veiligheidsplan te maken Belicht dit onmiddellijk, van bij je eerste gesprek Vraag door naar betekenisvolle anderen De binnenste cirkel Geef aandacht aan wat mensen al hebben gedaan om toekomstige veiligheid in te bouwen en geef hierover complimenten waar mogelijk De middelste cirkel Wie weet er al een beetje over? De buitenste cirkel Wie weet er niets?

25


Download ppt "Dag 3 Jan Tibo directeur VZW Sporen Lieve Nevens staf VZW Sporen"

Verwante presentaties


Ads door Google